Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
RijksbegrotingOverzichtVoorbereidingUitvoeringVerantwoording
2006
  • Download PDF

3.5 Zorg

Veel van de hervormingen in de gezondheidszorg gaan in 2006 van plan naar uitvoering. De zorginstellingen, verzekeraars en burgers krijgen de gelegenheid de veranderingen te verwerken en zich zorgvuldig voor te bereiden.

Doelstellingen op het terrein van de zorg

• Bewerkstelligen dat elke burger binnen een redelijke termijn zorg ontvangt met waarborging van betaalbaarheid voor overheid en burger, kwaliteit en toegankelijkheid;

• Bevorderen en beschermen van de gezondheid van de burger in de Nederlandse samenleving;

• Bewerkstelligen van een samenhangend jeugdbeleid.

Doelmatige, kwalitatief hoogwaardige, toegankelijke zorg

De herziening van de gezondheidszorg, die nodig is voor een houdbaar stelsel op de lange termijn, is al in 2005 overgegaan van plan naar uitvoering. De overheid informeert de burger uitgebreid over het nieuwe zorgstelsel. In de Zorgverzekeringswet is gekozen voor één verzekering voor geneeskundige zorg voor iedereen. Het onderscheid tussen particulier en ziekenfonds verdwijnt. Zo ontstaat een eenvoudiger systeem. Alle meerderjarigen betalen een vaste (nominale) premie van ongeveer 1 100 euro per jaar. Daarnaast wordt een inkomensafhankelijke bijdrage geheven, die werkgevers volledig vergoeden. Voor mensen zonder werkgever die geen tegemoetkoming ontvangen voor de inkomensafhankelijke bijdrage, zoals zelfstandigen en 65-plussers met een aanvullend pensioen, wordt een verlaagd tarief voor de inkomensafhankelijke bijdrage ingesteld. Afhankelijk van het huishoudinkomen kan een beroep worden gedaan op de Zorgtoeslag. Dat is een tegemoetkoming die beschikbaar wordt gesteld om eventuele negatieve inkomenseffecten te compenseren. Verzekeraars hebben een acceptatieplicht voor het verzekerde basispakket, waardoor risicoselectie naar leeftijd of aandoening niet kan plaatsvinden. Het nieuwe stelsel maakt het mogelijk dat de burger meer keuzen heeft in verzekeringen en in zorg. De website www.kiesbeter.nl geeft informatie over de kwaliteit van de verzekeraars en de zorgaanbieders op basis waarvan de burger een bewuste keuze kan maken.


Met de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) worden gemeenten verantwoordelijk voor maatschappelijke ondersteuning. Het ministerie van VWS geeft de kaders aan waarbinnen elke gemeente haar eigen beleid kan maken. Dat beleid moet afgestemd zijn op de wensen en samenstelling van de inwoners. Het kabinet wil de verzekering op basis van de Algemene wet bijzondere ziektekosten (AWBZ) terugbrengen tot waar hij voor was bedoeld: een wet voor niet op genezing gerichte, langdurige zorg. Dat betekent dat alle op genezing gerichte geestelijke gezondheidszorg (GGZ-zorg) wordt ondergebracht in de Zorgverzekeringswet.


De zorgaanbieders zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van de zorg en de overheid houdt toezicht. Het veld gaat normen voor verantwoorde zorg ontwikkelen en zal daarop door de Inspectie van de Gezondheidzorg worden getoetst. De transparantie over de prestaties wordt onder meer vergroot via het programma «Sneller Beter», waarmee zorgaanbieders goede werkmethoden uitwisselen en slimmere oplossingen bedenken. De digitale informatievoorziening voor de burgers wordt verder uitgebreid. In 2006 wordt bovendien het zogeheten elektronische medicatiedossier ingevoerd en wordt toegewerkt naar een integraal elektronisch patiëntendossier.

Gezondheid

Gezond gedrag is een investering in een gezonde toekomst. De burger is zelf verantwoordelijk en zal dus in de eerste plaats zelf actief moeten werken aan het behoud en de verbetering van de eigen gezondheid. Burgers mogen ook aangesproken worden op keuzes in hun gedrag die bekende gevolgen hebben voor hun eigen gezondheid, hun omgeving en voor de gezondheidszorg. Het terugdringen van roken wordt voortgezet. In 2004 rookte 28 procent van de bevolking. De doelstelling van daling naar 25 procent rokers in 2007 ligt binnen bereik. Daarnaast heeft de overheid een taak in de bescherming van de gezondheid van burgers. Zo worden kinderen op tijd ingeënt en zijn er voldoende middelen tegen infectieziekten beschikbaar. Het kabinet strijdt tegen diabetes en overgewicht door de gemaakte afspraken uit het convenant met enkele maatschappelijke organisaties uit te voeren.

Samenhangende jeugdzorg

In 2006 gaat het kabinet verder met de verbetering van de jeugdzorg. De relatie met de aanpak jeugdcriminaliteit en probleemjongeren (zie paragraaf 3.4) is daarbij sterk. Het kabinet wil plaatsing in een gesloten inrichting op civielrechtelijke titel mogelijk maken. Dat betekent dat jongeren waarvoor dat onwenselijk wordt gevonden, niet meer in een justitiële jeugdinrichting terechtkomen.


Het kabinet trekt vanaf 2006 structureel 60 miljoen euro uit voor verbeteringen in het jeugdbeleid. Hiervan is 40 miljoen euro bestemd voor extra kosten doordat het aantal uithuisplaatsingen in de jeugdzorg is gestegen. Als gevolg van een aantal recente incidenten worden kinderen namelijk sneller uit huis geplaatst en is de druk op de jeugdbescherming en de jeugdzorg toegenomen. De overige 20 miljoen euro wordt besteed aan verbeteracties in het kader van de Operatie Jong. Hierbij gaat het om integratie van allochtone jongeren door sport, de aanpak en dekkende nazorg van criminele risicojongeren en een kwaliteitsimpuls voor de zorgadviesteams op de scholen.

Ten slotte stelt het kabinet eenmalig 25 miljoen euro beschikbaar voor de invoering van een elektronisch kinddossier. Doel hiervan is dat de beschikbare informatie over kinderen in het dossier wordt opgeslagen en toegankelijk is voor alle relevante instanties in de jeugdketen.


Ook naar aanleiding van een aantal recente incidenten is besloten het Deltaplan Gezinsvoogdij landelijk in te voeren, daarvoor wordt met ingang van 2006 middelen vrijgemaakt oplopend tot 16 miljoen euro per jaar vanaf 2008. Doel van het plan is om de kwaliteit van de gezinsvoogdij te verbeteren door een systematischere manier van werken. Ook wordt de werkdruk van gezinsvoogden verlaagd.