Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

3.2. Commando zeestrijdkrachten – beleidsartikel 21

3.2.1. Algemene doelstelling

Operationeel gerede maritieme expeditionaire capaciteit voor nationale en internationale operaties.

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Voor de maritieme capaciteit van de krijgsmacht dient het Commando zeestrijdkrachten maritieme eenheden operationeel gereed te stellen en te houden. Zeestrijdkrachten zijn zowel expeditionair als voor nationale taken inzetbaar. De taken en opdrachten van de zeestrijdkrachten zijn in de volgende categorieën ondergebracht: veiligheid op zee, veiligheid vanuit zee en nationale maritieme taken. «Veiligheid op zee» betreft de beheersing van (delen van) de zee en het vermogen de ander het gebruik van de zee te ontzeggen. Ook interdictie- (verbods-) en blokkadeoperaties vallen binnen deze categorie. «Veiligheid vanuit zee» omvat die maritieme en amfibische operaties die erop gericht zijn om operaties op het land te initiëren, te leiden en te ondersteunen.


De verandering in de veiligheidssituatie heeft de afgelopen decennia geleid tot een verschuiving van maritieme operaties op de open zee naar maritieme en amfibische operaties in de kustwateren, inclusief de beveiliging van verkeersroutes en -knooppunten. De maritieme inspanning richt zich nu primair op de bescherming van legitiem gebruik van de zee en het veilig stellen van de zee als uitvalsbasis voor militaire operaties en vervolgens de ondersteuning van land- of luchtoperaties. Vanuit zee worden doelen bestreden en eenheden aan land gezet. De benodigde maritieme expeditionaire capaciteit, bestaande uit vloot- en marinierseenheden, wordt daartoe in een maritieme taakgroep met een op de specifieke taak en inzetscenario toegesneden samenstelling bijeengebracht.


De maritieme capaciteit kan ook taken uitvoeren in het lage deel van het geweldsspectrum, zoals kustwacht, bestrijding van piraterij/smokkelorganisaties, maritieme presentie en surveillance en het verlenen van humanitaire hulp.


De operationele eenheden van het Commando zeestrijdkrachten kunnen overal ter wereld, gedurende langere tijd, zelfstandig missies uitvoeren. Maritieme eenheden zijn, doordat het vereiste materieel en voorraden worden meegevoerd, in hoge mate logistiek onafhankelijk van het gebied waarin zij opereren en kennen hierdoor een grote strategische en tactische mobiliteit.

Verantwoordelijkheid

De minister is verantwoordelijk voor het vaststellen van de mate van gereedheid, de omvang en de samenstelling van het Commando zeestrijdkrachten.

Succesfactoren

Het behalen van de algemene doelstelling hangt af van het hebben van voldoende opgeleid, geoefend en gemotiveerd personeel, voldoende materieel dat voldoet aan alle operationele vereisten en de mogelijkheden hier realistisch mee op te leiden en te oefenen. De personele vulling wordt mede bepaald door niet-beïnvloedbare factoren als demografische ontwikkeling en economische situatie. Het kunnen beschikken over het gewenste materieel wordt mede bepaald door niet-beïnvloedbare factoren, zoals de stand van de techniek en de mogelijkheden/beperkingen van de industrie. De geoefendheid van maritieme eenheden is afhankelijk van voldoende oefen- en trainingsmogelijkheden in binnen- en buitenland waarbij zowel intern, met andere operationele commando’s (joint) als met buitenlandse eenheden (combined) wordt geoefend.

Budgettaire gevolgen van het beleid

De financiële middelen die het Commando zeestrijdkrachten ter beschikking staan voor de realisatie van de operationele doelstellingen zijn in de volgende tabel opgenomen.

Bedragen x € 1 000
 2005200620072008200920102011
Verplichtingen503 909654 511600 070569 169565 873564 429563 858
Uitgaven       
Programmauitgaven       
Waarvan juridisch verplicht per 31-12-2006  533 756494 621481 219467 256455 502
Commando ZSK Nederland502 214556 814511 324481 588477 696476 642476 117
Kustwacht Nederland4 6075 6185 3265 2005 2555 1695 165
Commando ZSK Carib54 12555 68355 25555 02655 54355 07855 091
Kustwacht voor de Nederlandse Antillen en Aruba11 5706 9686 9686 2366 2366 2366 236
Totaal programmauitgaven572 516625 083578 873548 050544 730543 125542 609
Apparaatsuitgaven       
Staf Commando ZSK24 73423 53416 18816 17716 13816 19016 135
Bijdragen aan baten-lastendiensten13 3139 7979 7979 7979 7979 7979 797
Totaal apparaatsuitgaven38 04733 33125 98525 97425 93525 98725 932
Totaal uitgaven610 563658 414604 858574 024570 665569 112568 541
Totaal ontvangsten36 62522 77522 30922 30923 88722 30922 309

Operationele doelstellingen

Operationele doelstelling 1:

Operationeel gerede maritieme expeditionaire eenheden voor geplande internationale en nationale inzet.

Motivatie

Operationeel gereedgestelde eenheden worden ingezet voor internationale en nationale operaties om zo bij te dragen aan de uitvoering van de drie hoofdtaken van Defensie.

Instrumenten

Dit zijn de organieke eenheden uit de tabel met operationele doelstellingen voor de zeestrijdkrachten.

Operationele doelstelling 2:

Beschikbare operationeel gerede maritieme expeditionaire eenheden.

Motivatie

Om met maritieme eenheden direct te kunnen bijdragen aan de drie hoofdtaken van Defensie, is een gedeelte van de maritieme eenheden operationeel gereed. Deze eenheden zijn personeelsgereed, materieelgereed en geoefend.

Instrumenten

Dit zijn de organieke eenheden uit de tabel met operationele doelstellingen voor de zeestrijdkrachten.

Operationele doelstelling 3:

Voortzettingsvermogen bij de maritieme eenheden.

Motivatie

Om een aantal operationeel gerede maritieme eenheden gereed te hebben en in aflossing te kunnen voorzien, is een groter aantal eenheden noodzakelijk. Hierdoor is het mogelijk om gepland groot onderhoud te kunnen uitvoeren en personeel opleidingen te laten volgen. Eenheden die uit onderhoud komen, doorlopen een opwerkprogramma tot het niveau van «operationeel gereed» is bereikt.

Instrumenten

Dit zijn de organieke eenheden uit de tabel met operationele doelstellingen (OD) voor de zeestrijdkrachten.

Operationele doelstelling 1, 2 en 3 Commando zeestrijdkrachten 2007
   Totaal aantal operationeel gerede eenheden 
      
GroepOrganieke eenheidTotaal aantal eenhedenGeplande inzet OD1Operationeel gereed OD2Voortzettingsvermogen OD3
StafNLMARFOR11  
Schepen en onderzee-Fregatten9225
botenBevoorradingsschepen2 11
 Landing Platform Docks2 1*1
 Onderzeeboten4 22
 Ondersteuningsvaartuig1 1 
 Mijnenbestrijdingsvaar- tuigen10136
 Hydrografische opnemingsvaartuigen2 11
 Ondersteuningsvaartuig CARIB1 1 
Maritieme helikoptersVluchteenheden (boord)62 4
 Walbemanningen7 7 
 Helikopters14257
Korps MariniersMariniersbataljons2 1**1
 Ondersteunende mariniersbataljons3 3** 
 Unit Interventie Mariniers1 1 
 Marinierspelotons Caribisch gebied6 6 
Overige eenhedenDuik- en Demonteergroep1 1 

* Eenheid is tweede helft van het jaar operationeel gereed in verband met onderhoud.

** Eenheden zijn alleen laatste vier maanden van het jaar operationeel gereed vanwege de introductie van nieuw materieel.

Internationale inzet

Staf. NLMARFOR wordt gedurende de tweede helft van 2007 ingezet voor NRF-9 als Deputy Maritime Component Commander onder de Commander United Kingdom Maritime Force.


Fregatten. Een fregat wordt als stationsschip ingezet in de Nederlandse Antillen en Aruba. Een tweede fregat wordt gedurende de tweede helft van 2007 ingezet voor NRF-9 in de Standing NATO Response Force Maritime Group 1.


Vluchteenheden (boord) inclusief helikopter. Eén vluchteenheid wordt ingezet aan boord van het stationsschip in de Nederlandse Antillen en Aruba en één vluchteenheid wordt ingezet aan boord van het fregat in de Standing NATO Response Force Maritime Group 1.


Mijnenbestrijdingsvaartuigen. Een mijnenjager wordt ingezet in de Standing NATO Response Force Mine Counter Measures Group 1.

Nationale inzet

Personeel. Personele ondersteuning in het kader van het convenant Civiel-Militaire Bestuursafspraken (CMBA). Hiervoor kunnen alle eenheden van het CZSK worden ingezet.


Mijnenbestrijdingsvaartuigen en ondersteuningsvaartuig Hr.Ms. Mercuur. Deze eenheden ondersteunen de Kustwacht Nederland gedurende 140 vaardagen per jaar. Deze dagen zijn bestemd voor visserij-inspecties door de Algemene Inspectie Dienst. Daarnaast voeren de eenheden ook secundaire taken uit, zoals verkeerscontroles in verkeersscheidingsstelsels en milieucontroles.


Helikopters. Eén helikopter verzorgt SAR-ondersteuning en patiëntenvervoer voor medische noodgevallen. Helikopters staan tevens ter beschikking aan de Kustwacht Nederland gedurende 230 vlieguren per jaar.


Unit Interventie Mariniers (UIM). Mariniers van de UIM zijn op afroep beschikbaar voor anti-terreurbestrijding.


Duik- en Demonteergroep (DDG). De DDG is inzetbaar voor het ruimen van explosieven, maar staat ook ter beschikking voor duikassistentie, duikmedische assistentie en justitiële bijstand.