Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

3.4. Commando luchtstrijdkrachten – beleidsartikel 23

3.4.1. Algemene doelstelling

Operationeel gerede lucht- en grondgebonden expeditionaire capaciteit voor nationale en internationale operaties.

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Voor de lucht- en grondgebonden expeditionaire capaciteit van de krijgsmacht, dient het Commando luchtstrijdkrachten eenheden operationeel gereed te stellen en te houden. Luchtstrijdkrachten zijn zowel voor expeditionaire als voor nationale taken inzetbaar.


De veranderingen in de veiligheidssituatie in de afgelopen decennia hebben geleid tot een verschuiving van een territoriaal georiënteerde verdediging tot het uitvoeren van luchtoperaties op grote afstand. De primaire inspanning van de luchtstrijdkrachten richt zich, behalve op de veiligheid in de lucht via het verkrijgen van luchtoverwicht, op het ondersteunen en beïnvloeden van operaties op het land en op zee en het op die wijze tot stand brengen van vrijheid van handelen voor eigen en andere eenheden (joint/combined). Deze operaties kunnen gedurende langere tijd, waar ook ter wereld, worden volgehouden. Met de luchttransportvloot ondersteunt het Commando luchtstrijdkrachten operaties die overal op de wereld kunnen worden uitgevoerd. Grond-luchtgeleide wapeneenheden bieden bescherming tegen vijandelijke luchtaanvallen op eigen eenheden en die van coalitiepartners. Eenheden van de helikoptervloot bieden ondersteuning door onder andere tactisch transport, verkenning en vuursteun.


Het Commando luchtstrijdkrachten is in staat om operaties uit te voeren in alle delen van het geweldsspectrum. Daaronder vallen ook nationale operaties, zoals de bescherming van het nationale luchtruim, brandbestrijding en andere manieren van ondersteuning van civiele autoriteiten.

Verantwoordelijkheid

De minister is verantwoordelijk voor het vaststellen van de mate van gereedheid, de omvang en de samenstelling van het Commando luchtstrijdkrachten.

Succesfactoren

Het behalen van de algemene doelstelling hangt af van het beschikken over voldoende opgeleid, geoefend en gemotiveerd personeel, voldoende materieel dat voldoet aan alle operationele vereisten en de mogelijkheden hiermee realistisch op te leiden en te oefenen. De personele vulling wordt mede bepaald door niet-beïnvloedbare factoren zoals de demografische ontwikkeling en de economische situatie. Het kunnen beschikken over het gewenste materieel wordt mede bepaald door niet-beïnvloedbare factoren zoals de stand van de techniek en de mogelijkheden en beperkingen van de industrie. De geoefendheid van lucht- en grondgebonden eenheden is afhankelijk van de beschikbaarheid van voldoende oefen- en trainingsmogelijkheden in binnen- en buitenland waarbij zowel intern, met andere operationele commando’s (joint) als met buitenlandse eenheden (combined) wordt getraind.

Budgettaire gevolgen van het beleid

De financiële middelen die het Commando luchtstrijdkrachten ter beschikking staan voor de realisatie van de operationele doelstellingen zijn in de volgende tabel opgenomen.

Bedragen x € 1 000
 2005200620072008200920102011
Verplichtingen608 856671 245600 846549 501548 867622 657548 596
Uitgaven       
Programmauitgaven       
waarvan juridisch verplicht per 31-12-2006  490 924475 318449 619439 088427 855
Commando LSK449 662541 211520 155521 848500 802497 280493 258
Kustwacht voor de Nederlandse Antillen en Aruba1 35415 30415 048    
Totaal programmauitgaven501 016556 515535 203521 848500 802497 280493 258
Apparaatsuitgaven       
Staf Commando LSK139 983105 38695 73067 70389 26589 48089 480
Bijdragen aan baten-lastendiensten11 62811 83011 83011 83011 83011 83011 830
Totaal apparaatsuitgaven151 611117 216107 56079 533101 095101 310101 310
Totaal uitgaven652 627673 731642 763601 381601 897598 590594 568
Totaal ontvangsten26 83414 1718 6718 6718 6718 6718 671

Operationele doelstellingen

Operationele doelstelling 1:

Operationeel gerede expeditionaire eenheden voor geplande internationale en nationale inzet.

Motivatie

Operationeel gereedgestelde eenheden worden ingezet voor internationale en nationale operaties om op die manier bij te dragen aan de uitvoering van de drie hoofdtaken van Defensie.

Instrumenten

Dit zijn de organieke eenheden uit de tabel met operationele doelstellingen voor de luchtstrijdkrachten.

Operationele doelstelling 2:

Het beschikbaar hebben van operationeel gerede expeditionaire luchtstrijdkrachten.

Motivatie

Om met luchtstrijdkrachten direct te kunnen bijdragen aan de drie hoofdtaken van Defensie zijn eenheden van de luchtstrijdkrachten operationeel gereed. Deze eenheden zijn personeelsgereed, materieelgereed en geoefend.

Instrumenten

Dit zijn de organieke eenheden uit de tabel met operationele doelstellingen voor de luchtstrijdkrachten.

Operationele doelstelling 3:

Voortzettingsvermogen van eenheden van de luchtstrijdkrachten.

Motivatie

Om de expeditionaire eenheden gereed te houden is een groter aantal middelen noodzakelijk dan direct operationeel nodig is. Hierdoor is het mogelijk om te recupereren, gepland onderhoud uit te voeren en personeelsleden opleidingen te laten volgen. Tevens wordt hiermee het voortzettingsvermogen bij expeditionair optreden gegarandeerd.

Instrumenten

Dit zijn de organieke eenheden uit de tabel met operationele doelstellingen voor de luchtstrijdkrachten.

Operationele doelstelling 1, 2 en 3 Commando luchtstrijdkrachten 2007
   Totaal aantal operationeel gerede eenheden 
      
GroepOrganieke eenheidTotaal aantal eenhedenGeplande inzet OD1Operationeel gereed OD2Voortzettingsvermogen OD3
JachtvliegtuigenSquadron5½ 
GevechtshelikoptersSquadron12/53/5 
TransporthelikoptersSquadron2½½1
SAR-helikoptersSquadron1 1 
Luchttransport en tankersSquadron1 ½½
Geleide WapensFire Platoon4 4 
Air Operations Control StationSquadron1 1 
Overige eenhedenOGRV-pelotons312 

Voor de jachtvliegen en gevechtshelikopters is de operationele doelstelling 3 belegd in de squadrons en om die reden niet afzonderlijk zichtbaar in de tabel.

Internationale inzet

Jachtvliegtuigen. Zes F-16 jachtvliegtuigen worden ingezet voor de ISAF-operatie in Afghanistan. Tevens is in de eerste helft van 2007 de inzet van F-16’s gepland in de EU Battle Group. In de tweede helft van 2007 is de inzet van twaalf F-16’s voorzien voor NRF 9.


Gevechtshelikopters. Zes Apache-gevechtshelikopters worden ingezet voor de operatie ISAF in Afghanistan.


Transporthelikopters. Vijf Cougar-transporthelikopters worden ingezet in ISAF in Afghanistan.


Object Grondverdediging (OGRV)-pelotons. Inzet van OGRV-pelotons in de tweede helft van 2007 voor NRF en EU Battle Group.

Nationale inzet

Jachtvliegtuigen. Het leveren van twee Quick Reaction Alert (QRA) F-16’s ter bewaking van het Nederlandse luchtruim.


Vliegtuigen. Ondersteuning met F-16’s en Apache-helikopters met inzet van specifieke sensoren op verzoek van het ministerie van Justitie.


Transporthelikopters. Ondersteuning met helikopters voor ziekentransport van de Waddeneilanden, calamiteitenbestrijding, brandbestrijding en algemene militaire bijstand.


Luchttransport. Ondersteuning met luchttransport in het kader van ontwikkelingssamenwerking en de vreemdelingendienst. Tevens ondersteuning bij het vervoer van leden van het Koninklijk Huis en de regering.


Luchtverkenning. Leveren van luchtverkenningscapaciteit met twee Fokker-60 MPA’s voor de Kustwacht voor de Nederlandse Antillen en Aruba.


Geleide wapens. Tot medio 2007 ondersteuning van douane en justitie met radarsystemen van de geleide wapens.


AOCS Nieuw Milligen. Back-up faciliteit voor Schiphol Radar door het Air Operation Control Station (OCS) Nieuw Milligen.


Personeel. Personele ondersteuning in het kader van het convenant Civiel-Militaire Bestuursafspraken (CMBA). Hiervoor kunnen alle eenheden van het CLSK worden ingezet.

Overzicht onderzoek naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het beleid
Soort onderzoekOnderwerpStartAfgerond
BeleidsevaluatieOperationele doelstellingen van het Commando LSKFebruari 2007September 2007