Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

11. BIJLAGE PROGRAMMA FILEVERMINDERING


In de beleidsagenda (pagina 8) en bij beleidsartikel 34 is het «Programma Filevermindering» genoemd als belangrijk onderdeel in de filebestrijding voor de komende jaren. In deze bijlage wordt dit programma, conform toezeggingen, nader gespecificeerd.


Met het oog op de extra opgaven waarvoor de vertraging in het aanlegprogramma van wegen en het groot onderhoud ons plaatsen, heeft de minister van Verkeer en Waterstaat in februari 2006 een oproep gedaan aan alle medewerkers van haar departement om ideeën aan te dragen die op korte termijn kunnen bijdragen aan het verminderen van de filehinder. Daarnaast is met andere overheden, belanghebbenden en deskundigen een aantal onderwerpen verder uitgediept; hieruit zijn nog meer goede voorstellen voortgekomen. Na een beoordeling door externe deskundigen resulteert het onderstaande pakket van maatregelen. De verwachte effecten zijn gebaseerd op expert judgement en (inter-)nationale deskundigheid en ervaring. Een uitgebreide evaluatie zal moeten uitwijzen of de ingeschatte effecten ook daadwerkelijk worden behaald.


Het gaat nu dus om nieuwe impulsen en creatieve ideeën die op korte termijn uitvoerbaar zijn, naast alle plannen voor doorstroming tijdens het groot onderhoud waaraan Rijkswaterstaat al werkt.


Hierna volgt een korte beschrijving van de voorstellen in drie clusters: (1) aanpak van de reguliere files, (2) bevorderen doorstroming bij incidentele files en (3) het bieden van alternatieven. Voor het gehele pakket van maatregelen is een totaalbudget beschikbaar van € 135 mln, onderverdeeld in € 60 mln aanpak reguliere files, € 35 mln bevordering doorstroming bij incidentele files en € 40 mln voor het bieden van alternatieven. Afhankelijk van doel en uitvoering worden de afzonderlijke projecten op het meest geëigende begrotingsartikel verantwoord.

Aanpak reguliere files

Filerijden, file mijden (2007/2008)

Aan het rijexamen wordt een onderdeel toegevoegd met als doel om beginnende bestuurders rijgedrag aan te leren dat een gunstig effect heeft op een vlotte en veilige doorstroming van het wegverkeer. Hierdoor kan (extra) filevorming worden voorkomen. Aan bod komen onder andere het gebruik van spitsstroken en invoegen op snelheid. Ook zal een massamediale campagne worden gestart om alle automobilisten te informeren over gewenst rijgedrag in en rond files.

Verwacht effect op lange termijn (2008–2012): 0,4% vermindering filezwaarte (landsbreed).

Aangepaste bebording bij knooppunten hoofdwegennet (2007)

Op diverse wegvakken wordt de bebording aangepast met als doel het verkeer rustiger en veiliger van strook te laten wisselen en onnodige weefbewegingen te voorkomen. Dit kan door eerder te laten voor sorteren, of juist door weggebruikers op dezelfde strook te laten doorrijden. Deze maatregelen verbeteren de benutting van de rijbaan en verkleinen de kans op filevorming.

Verwacht effect: tot 5% meer capaciteit ter plekke.

Revisies bij op- en afritten (2007)

Problemen bij op- en afritten kunnen de veiligheid en doorstroming van het verkeer op de hoofdrijbaan verminderen. Op tientallen locaties worden maatregelen genomen om deze problemen tegen te gaan:

Doorgetrokken streep links: Als voorkómen wordt dat voertuigen ter hoogte van een aansluiting onnodig van rijstrook wisselen, blijven hiaten op de meest rechter rijstrook in stand en het kan verkeer van de toerit gemakkelijker invoegen. Hiertoe wordt plaatselijk een doorgetrokken streep aangebracht tussen rijstroken.

Verlengde invoegstrook: Door het verlengen van de invoegstrook wordt het voor vrachtverkeer mogelijk om op snelheid in te voegen. Het rustiger verkeersbeeld dat hierdoor ontstaat kan de doorstroming bevorderen.

Fileventiel: Bij file wordt het afslaand verkeer toegestaan met een lage snelheid over de vluchtstrook langs de file te rijden en zo ongehinderd de afrit te bereiken, of zich op te stellen op de vluchtstrook als er een file is op de afrit (afritbuffer). Door toepassing van deze maatregel slaat congestie van uitvoegend verkeer minder snel terug op het doorgaande verkeer, en omgekeerd.

Verwacht effect is sterk afhankelijk van plaatselijke situatie: doorgetrokken streep of verlengde invoegstrook tot 2% meer capaciteit ter plekke; fileventiel / afritbuffer tot 50% meer capaciteit op het moment dat er file staat en de rijstrook geblokkeerd wordt.

Filewaarschuwingsbord op Onderliggend wegennet (2007)

Hierbij gaat het om plaatsing van dynamische borden langs het onderliggend wegennet op locaties die naar rijkswegen leiden. Deze borden geven aan of er een file op de rijksweg staat, zodat weggebruikers bij filemelding een alternatieve route kunnen kiezen.

Verwacht effect: tot 2,5% minder capaciteitsverlies bij filevorming op de hoofdweg.

Deze maatregel zal alleen worden toegepast op plaatsen waar het onderliggend wegennet in de regel voldoende restcapaciteit biedt om uitwijkend verkeer op te vangen. Mutatis mutandis geldt dit ook voor andere hier gepresenteerde maatregelen.

Groene golfteam (2007/2008)

Een team van verkeerskundigen wordt opgeleid om op verzoek van wegbeheerders de verkeersregelinstallaties op doorgaande wegen te helpen afstellen voor een verbeterde doorstroming. Niet alleen groene golven maar ook lokale optimalisaties zullen worden toegepast. In veel gevallen zijn deze installaties slechts éénmalig ingeregeld, terwijl verkeerspatronen mettertijd zijn veranderd: deze actie is gericht op het wegwerken van daardoor ontstane inefficiënties.

Verwacht effect: gemiddeld 10% minder tijdverlies voor weggebruikers bij aangepaste installaties (ca. 1000 VRI’s in 2 jaar).

Voorrangs-«Haarlemmermeer» (2007/2008)

Op locaties waar terugslagfiles op het hoofdwegennet ontstaan door wachtrijen op de afrit, kan de voorrangssituatie op de onderliggende «Haarlemmermeer»-type kruisingen worden gewijzigd. Door verkeer op de kruisende weg voorrang te laten verlenen aan het verkeer dat van de afrit komt, kan filevorming op het hoofdwegennet worden tegengegaan.

Verwacht effect: tot 2,5% meer capaciteit per aangepakte aansluiting.

UV-filter (2007/2008)

Op plaatsen waar veel vrachtverkeer rijdt dan wel afslaat, wordt een aparte uitvoegstrook voor vrachtverkeer aangelegd. Doordat het vrachtverkeer eerder uitvoegt dan het overige verkeer is het voor personenauto’s gemakkelijker de uitvoegstrook te bereiken. Het rustiger verkeersbeeld dat hierdoor ontstaat verkleint de kans op files.

Verwacht effect: tot 2% meer capaciteit op de afrit.

Fileverwachting op DRIP+ (2007)

Dynamische routeinformatiepanelen presenteren de fileverwachting voor de korte termijn (krimp of toename), opdat de (beleefde) hinder afneemt. Ook kan middels het systeem een verkeersalarm worden afgegeven (bijv. voor de volgende dag).

Verwacht effect: regionaal 1% minder voertuigen de weg op bij slecht weer.

Doorstroming A10/gecoördineerd regelen (2007)

Toeritdosering is het beheersen van de verkeersstroom op een oprit naar de hoofdrijbaan van een autosnelweg. Bij gecoördineerde toeritdosering bepaalt een centrale bedieningseenheid voor de aan elkaar gekoppelde toeritten hoeveel verkeer op een bepaald tijdstip mag worden doorgelaten, afhankelijk van de actuele situatie. Dit project heeft als doel via deze maatregel de reistijd van de weggebruiker op netwerkniveau (dus zeker niet alleen op de snelweg!) te verbeteren te beginnen met de Ring Amsterdam (A10).

Verwacht effect: regionaal ca. 10% minder voertuigverliesuren (ring + hoofdwegennet + aansluitingen)

Voorstudie benuttingsmaatregelen in knooppunten (2007)

Door (kleine) infrastructurele aanpassing kan de capaciteit van diverse knooppunten worden vergroot. Bekeken zal worden welke knooppunten hiervoor in aanmerking komen, op welke wijze en tegen welke kosten.

Verwacht effect (na uitvoering benuttingsmaatregel): 5 tot 10% capaciteitswinst in aangepakt knooppunt.

Bevorderen doorstroming bij incidentele files

Mobiel expertteam voor verkeerscentrales (2007/2008)

Een mobiel team van verkeersdeskundigen biedt ondersteuning aan de regionale verkeerscentrales met als doel het verkeersmanagement op een hoger plan te tillen. De experts ondersteunen onder andere bij de ontwikkeling en implementatie van draaiboeken, die van toepassing zullen zijn bij minder gebruikelijke maar wel extreem filegevoelige situaties zoals evenementen en grote ongevallen.

Verwacht effect: betere doorstroming bij afwijkende situaties.

Verplaatsbare barrier (2007/2008)

Bij wegwerkzaamheden wordt een snel verplaatsbare barrier toegepast om de richtingen te scheiden of het werk af te schermen. Door verplaatsing wordt in korte tijd extra capaciteit in een richting gecreëerd.

Verwacht effect: sterk afhankelijk van situatie, ter plekke kan congestie sterk worden gereduceerd.

Bergers pilot (2007)

In de huidige situatie bestaan er onvoldoende prikkels om bergers te stimuleren om met zo kort mogelijke aanrijtijden op een incidentlocatie te arriveren. Dit project op de ruit Rotterdam houdt in dat bergers middels een bonus/malussysteem geprikkeld gaan worden de aanrijtijden te bekorten. Hiermee kan de blokkade voor het overige verkeer sneller worden opgeheven en de file worden bekort. De controle op het nakomen van de afspraken vindt plaats met «tracking & tracing»-technologie.

Verwacht effect: tot 15% minder capaciteitsverlies bij ongeval.

Extra camera’s voor incident-management (2007)

Incident management is het geheel aan organisatorische maatregelen dat er op gericht is incidenten zo snel mogelijk af te handelen om de er uit voortvloeiende files en stremmingen te verminderen. Op de Ruit Rotterdam worden 100 extra camera’s geplaatst, opdat Rijkswaterstaat zich in voorkomende gevallen snel een goed beeld kan vormen en eerder passende maatregelen kan nemen.

Verwacht effect: tot 5% minder capaciteitsverlies bij ongeval.

Blikschade? Doorrijden naar P-plaats (2007)

Weggebruikers blijven bij materiële schade veelal wachten op de politie alvorens hun voertuigen van de ongevalsplek te halen. In dit project worden maatregelen voorbereid en uitgevoerd om de weggebruikers te stimuleren bij blikschade het voertuig snel van de rijbaan te halen en verzekeringszaken op een parkeerplaats of bij een tankstation af te handelen.

Verwacht effect: tot 7% minder capaciteitsverlies bij incidenten met kleine schades.

Stimuleren Antikantelsysteem (2007)

Een elektronisch stabiliteitssysteem grijpt in bij kritieke situaties en verkleint daarmee de kans dat een vrachtwagen kantelt, met alle gevolgen van dien voor de veiligheid en doorstroming van het verkeer. Dit project houdt in een pilot om de aanschaf van antikantelsystemen te stimuleren, te beginnen met bovengemiddeld kantelgevoelige voertuigen en voertuigen met een gevaarlijke lading.

Verwacht effect: 60% van de kantelongevallen kan worden voorkómen door AKS, navenant minder filevorming door deze oorzaak (N.B. betreft een pilot, niet alle relevante vrachtwagens worden direct met het systeem uitgerust)

In de rij, uit de file (2007) pilot

Hierbij gaat het er om te onderzoeken wat het effect op de doorstroming is, wanneer bij ongevallen het verkeer per rijstrook mag passeren in plaats van dat het verkeer moet ritsen. De afwikkeling is dan vergelijkbaar met het afrijden van een veerpont. Een politieagent of weginspecteur dient het verkeer hiervoor te regelen. Een modelsimulatie gaat aan een proef vooraf.

Vaste uitwijkroutes (2007/2008)

Voor relatief zwakke schakels van het hoofdwegennet worden uitwijkroutes over het onderliggend wegennet afgesproken en met vaste bebording aangegeven, zodat bij incidenten direct een alternatief voorhanden is. Dit is positief voor zowel de doorstroming van het wegennet als de betrouwbaarheid van reistijden.

Verwacht effect: toename van de reistijdbetrouwbaarheid (afvlakking van piekwachttijden bij ongevallen).

Hoogtemeldingen vóór de laatste uitwijkmogelijkheid (2007/2008)

Door niet alleen detectie van voertuighoogtes vlak voor een tunnel toe te passen, maar ook vóór de laatste uitwijkmogelijkheid, kan onnodige afsluiting van tunnels op het hoofdwegennet worden voorkomen. De te hoge voertuigen worden dan al rijdende uit het verkeer gehaald en leveren geen hinder voor het overige verkeer op.

Verwacht effect: tot een keer per dag wordt een onnodige tunnelafsluiting voorkomen (file van 15 minuten).

Het bieden van alternatieven

Verplaatsbare stations gecombineerd met P+R (2007–2009)

Met een provisorische P+R-stationsvoorziening wordt in de praktijk een mogelijke locatie uitgeprobeerd, in plaats van een (duur) definitief station te openen na een zware afwegingsprocedure. Een goed gekozen P+R-locatie kan de reistijd van en naar steden sterk bekorten.

Verwacht effect: 0,7% minder autoverkeer in de spits op parallel (hoofd-)wegennet.

Probeerkaart OV (2007)

Een verhuizing of een andere baan zijn beide gelegenheden waarbij een werknemer op zoek gaat naar een nieuwe handigste woon-werk verplaatsing. Deze situaties kunnen aanleiding zijn gewoontegedrag te doorbreken en bieden daardoor een kans om ander mobiliteitsgedrag te stimuleren. Door mensen laagdrempelig kennis te laten maken met het OV via een proefabonnement zal uiteindelijk een deel ervoor kiezen om blijvend gebruik te maken van het OV.

Verwacht effect: max. 5% van de deelnemers blijft langdurig van het OV gebruik maken.

Voorbeeldfunctie VenW (2007)

Het doel van dit project is om telewerken, flexwerken en televergaderen binnen de eigen organisatie te stimuleren en te realiseren.

Verwacht effect: 1% minder autoverkeer in de spits op A12 Den Haag + lokale effecten

Stimuleren mobility card (2007)

De mobility card moet (lease)autorijders een gemakkelijke manier verschaffen om ook gebruik te maken van andere vervoersmodaliteiten zonder dat dit nadelige consequenties heeft voor henzelf of voor hun werkgever. Dit door het aanbieden van een eenduidige pas die «gratis» (voor de gebruiker) openbaar vervoer mogelijk maakt.

Fietshoofdwegen (2007)

Door verhoging van de kwaliteit van bestaande doorgaande fietsroutes, wordt beoogd het autoverkeer op korte afstanden te verminderen. Het gaat met name om routes parallel aan dagelijkse filetrajecten. In samenwerking met de Fietsersbond en het Fietsberaad stimuleert VenW de beheerders (veelal verschillende regionale overheden per route) om gezamenlijk actie te ondernemen, zoals wegwerken van onderhoudsachterstand, verbeteren van de indeling of verhogen van de prioriteit bij kruisingen.

Verwacht effect: tot 4% minder autoverkeer in de spits op parallele (hoofd-)wegennet, behalve in winter.

Bij de bus achterop (2007)

Op zwaarbelaste snelwegtrajecten gaat in de spitsen een frequente pendelbusdienst rijden waarop forensen hun fiets kunnen meenemen. Waar mogelijk wordt de bus in de gelegenheid gesteld om langs files te rijden. Gebruikers arriveren snel en gemakkelijk op hun bestemming, en de snelweg wordt ontlast.

Verwacht effect: 5% minder autoverkeer in de spits op relevante corridors.

Vrije dag? Dan een filevrije dag! (2007)

In dit project worden sociaal-recreatieve reizigers verleid de spits te mijden, met als bedoeling het totale spitsverkeer terug te dringen. Hiertoe wordt een internet-portal opgezet met reistijdvoorspellingen (zie volgende item) en bieden publiekstrekkers (zoals recreatieparken) de reizigers arrangementen aan. Een bijbehorende mediacampagne heeft als doel de reizigers hiervan bewust te maken.

Verwacht effect: 1% minder autoverkeer in de spits.

Website vergelijkbaar met Antwerken.be (2008)

Goede verkeersinformatie kan leiden tot verminderde beleving van hinder. Ook past een deel van de spitsreizigers het reisgedrag op basis van deze informatie aan. Door het opzetten van een website waarop alle informatie voor de weggebruiker is samengebracht, kan hierin worden voorzien. Een belangrijke impuls daaraan geeft de reistijdvoorspeller die via de website kan worden geraadpleegd.

Verwacht effect: tot 1% van spitsreizigers past reisgedrag aan (tijdstip, route, vervoerwijze).

Prijs voor beste initiatief om files te doen verminderen (jaarlijks vanaf 2007)

Hierbij gaat het om een prijs die het Ministerie van Verkeer en Waterstaat uitlooft aan een partij die bijzonder heeft bijgedragen aan filevermindering. De overheid schrijft niet voor hoe dat dan moet, maar beoogt marktinitiatieven in het algemeen te stimuleren en de maatschappelijke betrokkenheid te vergroten.