Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

25 Voedselkwaliteit en Diergezondheid

Algemene beleidsdoelstelling

Een kwalitatief hoogwaardig voedselaanbod en consumptiepatroon en een hoog gezondheidsniveau van de Nederlandse veestapel.

Omschrijving

Deze doelstelling richt zich zowel op de productie als consumptie van voedsel. Dierhouders, producenten en consumenten hebben hierin een eigen verantwoordelijkheid. Dierhouders en producenten van voedsel zijn primair verantwoordelijk voor het waarborgen van de diergezondheid en voedselveiligheid. Consumenten hebben een eigen verantwoordelijkheid om op een zorgvuldige en veilige manier met voedsel om te gaan. LNV heeft als taak om – veelal in internationaal en Europees verband – eisen en voorwaarden te stellen waarbinnen partijen hun verantwoordelijkheid kunnen invullen en LNV controleert op transparante en consequente wijze. Zo worden de gezondheidseffecten van voedselrisico’s beheerst, en blijft het vertrouwen in voedsel behouden.

Procentuele verdeling uitgaven 2007 over operationele doelstellingen en apparaat Voedselkwaliteit en diergezondheid



kst99343_2_09.gif

Verantwoordelijkheid LNV

In internationaal en Europees verband worden normen gesteld aan de voedselkwaliteit en diergezondheid. LNV draagt namens Nederland bij aan het totstandkomen van deze normen. Binnen de internationale kaders:

• stelt LNV eisen en voorwaarden waarbinnen de voedselproductie kan plaatsvinden en controleert op transparante en consequente wijze;

• stelt LNV eisen en voorwaarden aan de preventie, early warning en effectieve bestrijding van dierziekten;

• zorgt LNV dat de consument in staat wordt gesteld om een geïnformeerde keuze te kunnen maken ten aanzien van voedselkwaliteit.


LNV is op de beleidsterreinen voedselkwaliteit en diergezondheid verantwoordelijk voor het bieden van de (wettelijke) kaders waarbinnen producenten en consumenten elk hun verantwoordelijkheid kunnen invullen. LNV is ook verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van wettelijke kaders.

Op het gebied van voedselveiligheid deelt LNV de verantwoordelijkheid met VWS. LNV is verantwoordelijk voor de vleeskeuring en voor de goedkeuring van de hygiënecodes voor bedrijven in de primaire productie.

Op het gebied van diergezondheid is LNV in geval van een uitbraak van een besmettelijke dierziekte verantwoordelijk voor een zo snel en effectief mogelijke bestrijding van de ziekte.

Succesfactoren

Het behalen van deze doelstelling hangt af van:

• de naleving van het normenkader ten aanzien van voedselveiligheid, kwaliteit, handel en diergezondheid;

• bewustzijn en bereidheid van de consumenten, producenten en retail tot een verantwoorde productie, behandeling, aankoop en bereiding van voedsel;

• de mogelijkheid om aangifteplichtige dierziekten buiten Nederland te houden.

Maatschappelijk effect

Het behalen van deze doelstelling heeft als beoogde maatschappelijke effecten dat:

• vertrouwen van consumenten, EU en handelspartners in in Nederland geproduceerd voedsel wordt behouden;

• dieren gezond zijn en blijven en de kosten van uitbraken van dierziekten worden beperkt.

IndicatorReferentiewaardePeil datumRaming 2007StreefwaardePlanningBron
Het vertrouwen van consumenten in voedsel3,120043,1Behoud consumenten-vertrouwenVWA-monitor voedselveiligheid
Aantal bedrijven besmet met een aangifteplichtige dierziekte60200500VWA

De VWA meet jaarlijks het vertrouwen van consumenten in voedsel. Dit wordt uitgedrukt in een waarde op de schaal 1–5 (hoe hoger de waarde hoe hoger het vertrouwen).


Omdat een zo klein mogelijk aantal (0) uitbraken van aangifteplichtige ziekten een permanent geldende doelstelling is, is voor deze streefwaarde geen einddatum opgenomen in de kolom «Planning». Dat zich desondanks besmettingen voordoen is onvermijdelijk; zo was er bijvoorbeeld in 2005 sprake van 37 bedrijven waarop scrapie werd geconstateerd en 12 gevallen van Psittacose. De aantallen betreffen bedrijven die onderzocht zijn naar aanleiding van een klinische verdenking en positief bevonden dieren uit de reguliere monitoringsprogramma’s (bijv. BSE en TSE).


De omvang van de kosten en gevolgschade bij een uitbraak van een dierziekte wordt per uitbraak geëvalueerd. Daarom zijn hiervoor geen jaarlijkse raming en streefwaarde opgenomen.

Verwijzing

• Nota voedselveiligheid ( TK 2004–2005, 26 991, nr. 115 en 119).

Budgettaire gevolgen van beleid

Bedragen x € 1 000
25 Voedselkwaliteit en diergezondheid2005200620072008200920102011
Verplichtingen109 978124 47375 84770 93370 64170 64068 013
– waarvan garanties       
Uitgaven110 856124 47375 84770 93370 64170 64068 013
Programma-uitgaven55 73572 13131 71830 91830 71930 71928 110
– waarvan juridisch verplicht  14 14512 64512 64512 64512 645
        
25.11 Bevorderen van kwalitatief hoogwaardig voedselaanbod en consumptiepatroon27 93255 07710 54212 14211 84211 84211 840
– Risicomanagement1 9041 6303 4463 9463 6463 6463 645
– Voedselveiligheid7 9221 7792 0002 5002 5002 5002 500
– Consument, transparantie en ketenomkering854 1984 4265 0265 0265 0265 025
– Destructie17 93447 000     
– Biotechnologie8740240240240240240
– Overig (erkenning BSElaboratoria) 430430430430430430
        
25.12 Handhaven diergezondheidsniveau27 80317 05421 17618 77618 87718 87716 270
– Preventieve diergezondheid448105200200200200200
– I&R4 7155 4194 5002 9002 9002 9002 900
– Monitoring, early warning en bewaking9 5463 2245 1915 1915 1925 1925 190
– Handhaving veterinaire veiligheid1 224230685685685685680
– Crisisorganisatie en -management3 6914 6606 3006 3006 3006 3006 300
– Overig (BSE, BTW-varkenspest, Vogelpest (AI), schikking fokverbod KVP, overig)8 1793 416     
– AI-Vaccinonderzoek  4 3003 5003 6003 6001 000
        
Apparaatsuitgaven55 12152 34244 12940 01539 92239 92139 903
U25.21 Apparaat7 4296 7396 7186 7056 5496 5496 545
U25.22 baten-lastendiensten47 69245 60337 41133 31033 37333 37233 358
ONTVANGSTEN15 29540 85414 7705 9706 0706 0703 470

Toelichting op de programma-uitgaven:

De uitgavenraming in 2006 zijn incidenteel hoog omdat € 32 mln is toegevoegd voor Destructie.

In de ontvangstenraming 2006 wordt uitgegaan van € 24 mln EU-ontvangsten AI 2003.

Uit het FES wordt € 15 mln beschikbaar gesteld voor AI-vaccinontwikkeling. Van dit bedrag wordt € 5 mln als een renteloze lening versterkt die vanaf 2011, met € 1 mln per jaar aan het FES wordt terugbetaald.

Grafiek Budgetflexibiliteit



kst99343_2_10.gif

Toelichting op de apparaatsuitgaven

Raming 2007
Ambtelijk Personeel Directie Voedselkwaliteit en Diergezondheid5 173
Ambtelijk Personeel RDA125
Materieel1 141
Overig apparaat528
Bijdrage aan VWA22 050
VWA BTW-compensatie5 220
Bijdrage aan AID8 326
Bijdrage aan DR1 566
Totaal apparaatsuitgaven44 129

De BTW-compensatie houdt verband met de overdracht roosvleeskeuringen naar het bedrijfsleven.

Toelichting op de ontvangsten

Raming 2007
EU-bijdrage AI0
Uitvoering I&R varkens2 040
Overdracht roodvleeskeuring en BTW compensatie8 000
AI-Vaccinontwikkeling4 300
Overig430
Totaal14 770

Overzicht onderzoek naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid van beleid

 Onderzoek onderwerpAD of ODA. start B. afgerondVindplaats
BeleidsdoorlichtingVoedselkwaliteitDiergezondheid25A. 2007 B. 2007 
     
Effectenonderzoek ex postVoedselveiligheid25.11A. 2006 B. 2007 
 Diergezondheid25.12A. 2006 B. 2007 
Overig evaluatieonderzoek    

25.11 Bevorderen van kwalitatief hoogwaardig voedselaanbod en consumptiepatroon

Motivatie

Het voedselkwaliteitsbeleid richt zich op het brede spectrum aan waarden dat verbonden is met de productie en consumptie van voedsel. Het Rijk wil niet alleen een hoog voedselveiligheidsniveau handhaven, maar ook bevorderen dat andere kwaliteitsaspecten worden geïntegreerd in de voedselkolom. Producenten en handelaren worden aangezet tot de productie en afzet/levering van kwalitatief hoogwaardige producten, daarbij strevend naar verhoging van het nalevingsniveau van de ketenpartijen. Consumenten, inclusief de jeugd, worden gestimuleerd om, op basis van een adequate informatievoorziening, een bewuste en – vanuit kwaliteitsperspectief bezien – verantwoorde keuze te maken bij de samenstelling van het voedselpakket. Daarbij wil het Rijk de consument ook bewust maken van het belang van een zorgvuldige voedselbehandeling en -bereiding. Uiteindelijk doel is het voedingspatroon bij consument én jeugd te verbeteren en de gezondheidseffecten als gevolg van voedselrisico’s te beheersen.

Instrumenten

• Wet- en regelgeving (meest Europese wet- en regelgeving op het gebied van voedsel- en diervoederveiligheid en diergeneesmiddelen, Destructiewet, Kaderwet Diervoeders, Diergeneesmiddelenwet, Landbouwwet, Wet uitvoering Diergeneeskunde, hygiënecodes op het gebied van traceerbaarheid, Regeling vleeskeuring en HACCP, Gezondheids- en welzijnswet voor Dieren).

• Overleg/coördinatie/diplomatie (internationale samenwerking, interdepartementaal overleg crisismanagement en terrorismebestrijding).

• Inspecties/controle (controle en handhaving van wet- en regelgeving door AID en VWA, keuring dierlijke (bij)producten, inclusief de Beleidsagenda hormonen en de Kaderwet diervoeders).

• Voorlichting, communicatie en educatie (voorlichting over biotechnologie en I&R).


• Risicomanagement: implementeren en uitvoeren van bovengenoemde Europese regelgeving voor de veiligheid van diervoeders en voedingsmiddelen van plantaardige en dierlijke oorsprong; onderzoek en monitoring zoönosen en TSE’s; bepaling beleidsstandpunt inzake antibioticumresistentie; bijdrage aan scrapiefokkerijprogramma en aan het COKZ.

• Voedselveiligheid: uitvoeren van pilotprojecten en onderzoek t.b.v. de ontwikkeling van toezicht op controle in de diervoedersector; uitvoering van de pilots alternatieve verwerking slachtafvallen; versterking internationale samenwerking door middel van capacitybuilding, verlenen van technische assistentie en ondersteuning exportcertificering.

• Consument, transparantie en ketenomkering: subsidies aan het Voedingscentrum Nederland (€ 3,6 mln. basis- en projectsubsidie) en de Consumentenbond; voorlichting, communicatie en educatie; openbaarmaking van controlegegevens uit de pilotprojecten, uitvoeren van bijbehorende evaluatie en aanzet geven tot een definitieve vormgeving van openbaarmaking van controlegegevens; introductie smaaklessen op basisscholen; verzorgen van themabijeenkomsten Consumentenplatform; onderzoek naar risico’s en kansen bij nanotechnolgie en verbreding van de afweging t.a.v. voedselveiligheidsmaatregelen ten opzichte van andere voedselkwaliteitswaarden.

• Destructie: subsidie (overheidsbijdrage) op destructie t.b.v. transport en verwerking kadavers.

• Crisismanagement en -organisatie, inclusief oefeningen en beleidsstrategie chemisch, biologisch, radiologisch en nucleair (CBRN) terrorisme.

Verwijzing

• Nota «Veilig voedsel voor iedereen; een gezamenlijke verantwoordelijkheid» (TK 2004–2005, 26 991, nr. 115) Brief «verantwoordelijkheidsverdeling tussen VWS en LNV voor voedselveiligheid» ( TK 2004–2005, 26 991, nr. 119).

• Brief «Uitvoering destructiewetgeving» ( TK 2005–2006, 27 495, nr. 32).

• Brief «Openbaarmaking controlegegevens Voedsel en Waren Autoriteit» ( TK 2005–2006, 26 991, nr. 138).

• Jaarverslag van de Voedsel en Waren Autoriteit over het jaar 2005.

Meetbare gegevens bij de Operationele doelstellingen

IndicatorReferentiewaardePeildatumRaming 2007StreefwaardePlanningBron
Aantal positief bevonden dieren uit monitoring BSE32005blijvend laag02008VWA
Aantal positief bevonden bedrijven uit monitoring scrapie37200515–35*5–25*2008VWA
Productie van voedsel cf. Hygiëne-verordeningen, conform nalevingsniveau van X%geen200485%90%2008VWA/AID
Nalevingsniveau aanmelden kadavers gemiddeld over sectoren rund, varken, schaap/geit75–99%**200495%95%2008AID
Vastgelegde toezichts-arrangementen op basis van toezicht op controle***020052VD
Aantal projecten ikv capacitybuilding22005452007VD
Beschikbare actuele beleidsstrategie t.a.v. CBRN-terrorismeactueel2005geactualiseerdactueel houdenpermanentVD
Aantal basisscholen met smaaklessen beperkt aantal20055005002007VD/DK

* Op basis van te verwachten EU besluitvorming zal de monitoringintensiteit met ingang van 2007 mogelijk met een factor 2.5 toenemen, hetgeen van invloed zal zijn op het aantal positief bevonden bedrijven.

** verschilt per sector

*** omdat het instrument «toezicht op controle» zich nog in de fase van pilotprojecten bevindt, is het momenteel niet mogelijk om streefwaarden vast te stellen na 2007.

25.12 Handhaven diergezondheidsniveau

Motivatie

Het diergezondheidsbeleid is gericht op het voorkomen van uitbraken van aangifteplichtige dierziekten. Indien zich desondanks toch een uitbraak voordoet, zijn de inspanningen van LNV erop gericht dat de gevolgen van een uitbraak van een dierziekte beperkt blijven. In dat geval staan centraal het behoud van de gezondheid van de dierpopulatie en de bescherming van de volksgezondheid tegen risico’s die verband houden met dierziekten. Daarbij wordt rekening gehouden met de intrinsieke (eigen) waarde van het dier en worden verstoringen van de (inter)nationale handel zo veel mogelijk voorkomen.

Instrumenten

• Wet- en regelgeving (Europese wet- en regelgeving op het gebied van diergezondheid en dierziektebestrijding, Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren).

• Overleg/coördinatie/diplomatie (beïnvloeding van het Europese dierziektebeleid, beleidsdraaiboeken dierziektecrises, productie en beheer van vaccinvoorraden).

• Inspecties/controle (controle en handhaving van wet- en regelgeving door AID en VWA).

• Nederlandse inzet voor aanpassing Europees non-vaccinatiebeleid.


• Preventieve diergezondheid: voorlichting en communicatie over bestrijding en preventie, inclusief de hobbydierhouderij; project informatie- en toezichtsnetwerk.

• Identificatie en registratie: implementatie en voorlichting nieuwe EU regelgeving m.b.t. I&R schapen en geiten, inclusief nieuwbouw centrale database I&R schapen en geiten, continuering I&RVL varkens.

• Monitoring, early warning en bewaking: onderzoek en monitoring van dierziekten als scrapie, en BSE.

• Handhaving veterinaire veiligheid: door middel van het uitvoeren van bewakingsprogramma’s brucellose, leukose, brucella, KVP, MKZ, AI, etc.

• Crisisorganisatie en -management: bijdrage aan crisisorganisatie dierziekte en voedselveiligheid; organisatie van paraatheidoefeningen; onderzoek en stimulatie vaccinproductie en voorraadbeheer vaccins; opstellen en actualiseren van beleidsdraaiboeken.

• AI-vaccinontwikkeling: een vierjarig onderzoek voor het ontwikkelen van kansrijke kandidaatvaccins, diagnostische testen en vaccinatiestrategieën voor toepassing op gehouden pluimvee. Dit onderzoek wordt gefinancierd uit het FES.

Verwijzing

• Begroting Diergezondheidsfonds 2007.

• Brief over wijziging «Convenant financiering bestrijding besmettelijke dierziekten LNV-PVV-PPE-PZ» (TK 2004–2005, 29 800 F, nr. 6).

• Brief over preventiebeleid dierziekten schapensector, elektronische identificatie schapen- en geitensector en scrapie-aanpak ( TK 2004–2005, 29 683 en 29 800 XIV, nr. 3).

Meetbare gegevens bij operationele doelstellingen

IndicatorReferentiewaardePeil datumRaming 2007StreefwaardePlanningBron
Early warning bestrijdingsplichtige ziekten: aantal dagen tussen besmetting (vermeerderd met de ziekteafhankelijke incubatieperiode) en ontdekking202005842010evaluatie
Vaccinbanken22006332008VD
Aantal beleidsdraaiboeken voor bestrijdingsplichtige ziekten en voedselkwaliteit5200513162008VD
Controles I&R rund5%20065%5%permanentAID
Controles I&R schapen en geiten3%20063%3%permanentAID