Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

32 Overige inkomensbescherming

Zorgdragen voor adequate bescherming zonder activerende voorwaarden tegen de financiële risico’s bij inkomensverlies.

Omschrijving van de samenhang in het beleid

Om bepaalde personen inkomensbescherming op minimumniveau te bieden. SZW creëert de voorwaarden voor de toekenning van een uitkering of toeslag en SVB, gemeenten en UWV zijn verantwoordelijk voor de uitvoering hiervan.

Verantwoordelijkheid

De Minister is verantwoordelijk voor:

• de vaststelling van het niveau van de uitkering of toeslag op grond van de Algemene nabestaandenwet (Anw), Algemene ouderdomswet (AOW), Toeslagenwet (TW) en de Wet werk en bijstand (WWB);

• de vormgeving van het stelsel van wet- en regelgeving;

• sturing en toezicht op een rechtmatige, doelmatige en doeltreffende uitvoering door de SVB en het UWV;

• toezicht op een rechtmatige uitvoering door gemeenten.

Succesfactoren

Behalen van deze doelstelling hangt af van:

• de effectieve uitvoering van de wetten door de uitvoeringsorganen SVB, UWV en gemeenten;

• de hoogte van het nalevingsniveau van wet- en regelgeving door gerechtigden.

Effectgegevens

Behalen van deze doelstelling heeft als effect dat:

• in Nederland inkomensbescherming op sociaal minimum niveau wordt geboden.

Tabel budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 32.1: Begrotingsuitgaven artikel 32 (x € 1 000):
Artikelonderdeel2005200620072008200920102011
Verplichtingen345 065356 389325 567302 281291 145280 527272 407
Uitgaven345 065356 389325 567302 281291 145280 527272 407
        
Programmauitgaven344 388355 605324 752302 281291 145280 527272 407
Waarvan juridisch verplicht  100%100%100%100%100%
Operationele doelstelling 3       
Toeslagenwetuitkeringslasten332 830344 700314 074292 718282 460272 391264 833
Toeslagenwetuitvoeringskosten11 55810 90510 6789 5638 6858 1367 574
        
Apparaatsuitgaven6777848150000
Apparaatsuitgaven6777848150000
        
Ontvangsten8 655000000

Toelichting:

Toeslagenwet en novelle

De wijziging van het wetsvoorstel overgangsrecht Toeslagenwet voorziet in een aanpassing van het overgangsrecht voor toeslaggerechtigden binnen de EU, EER en Zwitserland. In het wetsvoorstel is een afbouw van de toeslag geregeld met ingang van 1 juni 2006. Door middel van de novelle is het tijdstip van de eerste afbouwdatum van het wetsvoorstel uitgesteld naar een jaar na inwerkingtreding van het wetsvoorstel en de novelle. Streefdatum van de inwerkingtreding is 1 januari 2007 (Kamerstukken II, 2005/2006, 30 664).

Tabel 32.2: Premie-uitgaven artikel 32 (x € 1 000)
Artikelonderdeel2005200620072008200920102011
Totaal uitgaven25 134 25925 906 52327 008 20727 927 00528 896 51529 868 09031 182 430
        
Programmauitgaven25 134 25925 906 52327 008 20727 927 00528 896 51529 868 09031 182 430
Operationele doelstelling 1       
ANW uitkeringslasten1 367 7551 321 7851 264 4621 234 7181 201 0911 160 6171 121 664
ANW uitvoeringskosten32 33431 93433 82831 95526 60020 24418 132
ANW tegemoetkoming015 66821 21920 35019 38718 40017 225
Nominaal0029 31054 51774 67793 946111 452
Operationele doelstelling 2       
AOWuitkeringslasten23 369 23224 130 88824 465 05424 872 03125 37199725 855 31526 609 021
AOWuitvoeringskosten112 955111 348126 834125 752113 09697 59996 935
AOWtegemoetkoming251 983294 900428 983438 635450 142461 715477 923
Nominaal00638 5171 149 0471 639 5252 160 2542 730 078

Toelichting:

Algemene nabestaandenwet

Met het oog op de koopkrachtontwikkeling van Anw-gerechtigden is met ingang van 2006 een Anw-tegemoetkoming ingevoerd van bijna € 116 bruto per jaar. De tegemoetkoming wordt naast de Anw-uitkering voor nabestaanden, halfwezen en wezen uitgekeerd door de SVB. Voor de structurele grondslag van de tegemoetkoming wordt de Anw per 1 januari 2007 gewijzigd (Kamerstukken II, 2005/2006, 30 667). Voor 2006 is de Anw-tegemoetkoming vastgelegd in een tijdelijke regeling (Stcrt. 2006, nr. 129). Als koopkrachtmaatregel wordt de Anw-tegemoetkoming vanaf 2007 met € 48 per jaar verhoogd.

De Anw uitvoeringskosten laten voor de jaren 2007 en 2008 een stijging zien ten opzichte van 2006 als gevolg van de investering in SVB Tien. Vanaf 2009, wanneer de verwachte baten van SVB Tien effectueren, dalen de kosten tot onder het niveau van 2006.

Algemene ouderdomswet

Vanwege een toenemende vergrijzing – het aantal ouderen dat een beroep doet op de AOW wordt steeds groter – neemt het aantal gerechtigden toe. Dit leidt tot een verhoging van de AOW uitvoeringskosten. Ook de kosten van het programma SVB Tien hebben in 2007 en verdere jaren een invloed op de stijgende uitvoeringskosten van de AOW. Vanaf 2009 ontstaan er baten als gevolg van het programma SVB Tien, dit zal effecten hebben op de uitvoeringskosten.


Als gevolg van de uitspraak van het Hof van Justitie te Luxemburg met betrekking tot de socialeverzekeringspositie van in het buitenland wonende personen met een langlopende uitkering, is per 1 januari 2006 nieuwe wet- en regelgeving in werking getreden ( Staatsblad 2005, nr. 718, Staatsblad 2005, nr. 720 en Staatsblad 2005, nr. 721).


Bij brief van 17 februari 2006 (Kamerstukken II, 2005–2006, 17 050, nr. 320) heeft de Staatssecretaris toegezegd om in de AOW een bepaling op te nemen waarin wordt bepaald dat indien twee AOW-gerechtigden een gezamenlijke huishouding gaan voeren vanwege een zorgbehoefte van een van de AOW-gerechtigden, zij beiden het AOW-ongehuwdenpensioen behouden. Het ligt in de planning de wetswijziging per 1 januari 2007 in werking te laten treden (Kamerstukken II, 2005/2006, 30 666).


Voor de structurele tegemoetkoming voor AOW-gerechtigden die per 1 januari 2006 wordt uitbetaald, heeft een aanpassing van de AOW plaatsgevonden ( Staatsblad 2005, nr. 713). Als koopkrachtmaatregel wordt de AOW-tegemoetkoming met € 48 per jaar verhoogd.

Grafiek Budgetflexibiliteit per Operationele doelstelling 2007



kst99344_2_12.gif

Operationele doelstelling 1: Zorgdragen dat een aanvulling tot inkomen op minimumniveau wordt verstrekt aan alleenstaande nabestaanden, wezen of halfwezen voor wie het niet mogelijk is om zelfstandig in hun levensonderhoud te voorzien.

Motivering

Om personen die geconfronteerd zijn met het overlijden van een partner of ouders en die vanwege leeftijd, de zorg voor een jong kind, of arbeidsongeschiktheid niet (volledig) een eigen inkomen kunnen verwerven, te voorzien van een minimuminkomen.

Instrumenten

• Nabestaandenuitkering (plus eventueel een halfwezenuitkering) aan alleenstaande; nabestaanden op grond van de Anw;

• Wezenuitkering op grond van de Anw aan volle wezen;

• Bijdrage aan uitvoeringskosten SVB.

Activiteiten

Activiteiten SZW

• Opstellen en onderhouden beleid, wet- en regelgeving;

• Aanpassen tweemaal per jaar van het niveau van uitkeringen aan minimumloonontwikkeling;

• Aansturen van en toezicht houden op SVB.

Activiteiten SVB

• Beoordelen nieuwe aanvragen;

• Verstrekken van uitkeringen;

• Verwerken van mutatiemeldingen;

• Handhaven van wet- en regelgeving.

Doelgroepen

• Alleenstaande nabestaanden, wezen en halfwezen.

Indicatoren

• Het beoogd maatschappelijk effect van handhaving is dat onnodig gebruik van uitkeringen wordt tegengegaan en misbruik wordt voorkomen. De nalevingsindicatoren maken inzichtelijk in hoeverre de belangrijkste verplichtingen worden nagekomen. De nalevingsniveaus komen uit de zogenaamde Porosz-onderzoeken. Het laatste onderzoek dateert uit 2004, voor het jaar 2005 zijn geen cijfers beschikbaar.

 Realisatie 2004
Nalevingsniveau van het melden van het voeren van een gezamenlijke huishouding97%–100%
Nalevingsniveau van opgave van inkomen en wijzigingen daarvan97%–100%

Bronnen: Porosz


Kengetallen
 Realisatie 2005Raming 2006Raming 2007
Volume   
Volume: Ingang recht voor 1 juli 1996494337
w.v. nabestaande + halfwezenuitkering332
w.v. nabestaande uitkering454035
Volume: Ingang recht na 1 juli 1996656769
w.v. nabestaande + halfwezenuitkering91010
w.v. alleen nabestaandenuitkering444545
w.v. alleen halfwezenuitkering121313
Wezenuitkering (* 1000 personen)111
Totaal volume uitkeringsjaren116111107
Totaal aantal uitkeringsgerechtigden (* 1000 personen)141135130
Handhaving   
Bekendheid met regels samenwonen89%
Bekendheid met regels inkomen92%
Aantal onderzochte fraudesignalen948
Totaal schadebedrag fraude (x € 1 mln)4,1
Afdoeningspercentage strafrechtelijk (alle wetten)98%

Bron: SVB jaarverslag, bewerking door SZW

Operationele doelstelling 2: Zorgdragen dat een minimuminkomen wordt verstrekt aan personen van 65 jaar en ouder.

Motivering

Om personen die de leeftijd van 65 jaar hebben bereikt inkomensbescherming te bieden.

Instrumenten

• Ouderdomspensioen op grond van de AOW aan personen van 65 jaar en ouder;

• AOW-toeslag ten behoeve van de partner jonger dan 65 jaar aan personen die een AOW-uitkering ontvangen;

• Aanvullende uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (Wwb) indien een gekorte AOW-uitkering wordt verstrekt in verband met niet-verzekerde jaren en afwezigheid van toereikende eigen middelen;

• Bijdrage uitvoeringskosten aan SVB.

Activiteiten

Activiteiten SZW

• Opstellen en onderhouden beleid, wet- en regelgeving;

• Aanpassen tweemaal per jaar van het niveau van de uitkeringen aan minimumloonontwikkeling;

• Aansturen van en toezicht houden op SVB.

Activiteiten SVB

• Beoordelen recht op AOW;

• Verstrekken van uitkeringen;

• Verwerken van mutatiemeldingen;

• Handhaven van wet- en regelgeving.

Activiteiten gemeenten

• Beoordelen recht op aanvullende bijstand;

• Verstrekken aanvullende bijstand.

Doelgroepen

• Personen van 65 jaar en ouder.

Indicatoren

• Het beoogd maatschappelijk effect van handhaving is dat onnodig gebruik van uitkeringen wordt tegengegaan en misbruik wordt voorkomen. De nalevingsindicatoren maken inzichtelijk in hoeverre de belangrijkste verplichtingen worden nagekomen. De nalevingsniveaus komen uit de zogenaamde Porosz-onderzoeken. Het laatste onderzoek dateert uit 2004, voor het jaar 2005 zijn geen cijfers beschikbaar.

 Realisatie 2004
Nalevingsniveau van het melden van gewijzigde samenlevingsvormen95%–100%

Bronnen: Porosz


Kengetallen
 Realisatie 2005Raming 2006Raming 2007
Volume uitkeringsjaren:   
90% uitkering (alleenstaande met kind)0,20,20,2
70% uitkering (totaal)972977981
w.v. partner < 65 jaar666
50% uitkering (totaal)1 3681 4011 433
w.v. partner < 65 jaar210217223
Totaal volume uitkeringsjaren (90%+70%+50%)2 3402 3792 414
Volume (x 1000 personen)2 5262 5782 629
Korting op de AOW-uitkering i.v.m. niet-verzekerde jaren:   
Aantal personen met korting (% van totaal)15%16%16%
Gemiddeld kortingspercentage50%50%50%
Handhaving   
Bekendheid met regels samenwonen85%
Bekendheid met regels inkomen77%
Aantal onderzochte fraudesignalen2018
Totaal schadebedrag fraude (x € 1 mln)4,1
Afdoeningspercentage strafrechtelijk (alle wetten)97%

Bron: SVB jaarverslag, bewerking door SZW

Operationele doelstelling 3: Zorgdragen dat een aanvulling tot inkomen op minimumniveau wordt verstrekt aan zieke, arbeidsongeschikte en werkloze werknemers.

Motivering

Om personen die een uitkering op grond van de WW, ZW, WAO, Wajong, WAMIL of loondoorbetaling in het tweede ziektejaar ontvangen, te voorzien van een minimuminkomen.

Instrumenten

• Toeslag op grond van de Toeslagenwet (TW);

• Bijdrage uitvoeringskosten aan UWV.

Activiteiten

Activiteiten SZW

• Opstellen en onderhouden beleid, wet- en regelgeving;

• Aanpassen tweemaal per jaar van het niveau van uitkeringen aan minimumloonontwikkeling;

• Aansturen van en toezicht houden op UWV.

Activiteiten UWV

• Beoordelen van recht, hoogte en duur TW;

• Verstrekken van uitkeringen.

Doelgroepen

• Personen die een loondervingsuitkering of loondoorbetaling ontvangen, volgens de definitie van de TW en per dag een inkomen hebben dat lager is dan het relevante sociaal minimum.

Indicatoren

• Output/outcome zijn in beginsel wel meetbaar maar in verhouding tot de uitgaven en/of administratieve lasten relatief kostbaar en tijdrovend. Recht op een toeslag uit hoofde van de TW is slechts aan de orde bovenop een ander uitkeringsrecht. Output/outcome wordt gemeten bij de regeling waar de TW op aanvult (ZW, WW, WAO, WAZ, WAJONG, WAMIL).

Kengetallen

Kengetallen
 Realisatie 2005Raming 2006Raming 2007
Gemiddeld jaarvolume TW (* 1000 uitkeringsjaren)1139384
Gemiddelde toeslag (x € 1)2 9513 4593 502
Handhaving   
Aantal fysieke controles376
Totaal schadebedrag (x € 1 mln)2,1
Afdoeningspercentage95,5%

Bron: UWV Fondsennota en UWV Jaarverslag


Vanaf 1 januari 2006 geldt voor de Wamil-, WAO-, WAZ- en Wajong-gerechtigden de tweede maximeringsbepaling in de TW niet meer. De tweede maximeringsbepaling houdt in dat de toeslag niet meer dan 30% (voor gehuwden), 27% (voor een alleenstaande met kind) of 21% (voor alleenstaanden) van het minimumloon mag bedragen. Als gevolg van het schrappen van deze maximering is in de regel een aanvullend beroep op de IOAW of IOAZ niet meer nodig. Het schrappen van de tweede maximeringsbepaling leidt tot een stijging van de gemiddelde toeslag ten opzichte van 2005.

Overzicht beleidsdoorlichtingen en effectonderzoeken

Overzicht onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van beleid:
Soort onderzoekOnderwerp onderzoekAD/ODA. StartB. AfgerondVindplaats
BeleidsdoorlichtingGeen   
Effecten onderzoek ex postGeen   
Overig evaluatieonderzoekGeen