Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

1. LEESWIJZER

Opzet begroting 2007 gelijk aan begroting 2006

De opzet van de begroting 2006 is ingrijpend gewijzigd om tegemoet te komen aan de conclusies in het Eindrapport VBTB-evaluatie: Lessen uit de praktijk (Kamerstukken II, 2004/2005, 29 949, nr. 1). De begroting is meer politiek en compact gemaakt. Deze lijn is doorgezet in de Begroting 2007. Evenals de vorige begroting zijn bijbehorende beleidsstukken via de internetsite www.rijksbegroting. nl te raadplegen.

Opbouw begroting

De begroting van SZW is opgebouwd uit de volgende hoofdstukken:

2. Beleidsagenda

In de beleidsagenda wordt aandacht besteed aan de hoofdlijnen van het beleid van SZW. Daarbij wordt in het bijzonder ingegaan op de prioriteiten voor het begrotingsjaar 2007.

3. Beleidsartikelen

De belangrijkste beleidsdoelstellingen van SZW zijn in afzonderlijke beleidsartikelen opgenomen. De begroting van SZW bestaat uit 15 beleidsartikelen.

Een beleidsartikel begint met de paragraaf Algemene doelstelling, vervolgens komt de paragraaf Budgettaire gevolgen van beleid. In de derde paragraaf worden de Operationele doelstellingen gepresenteerd. Afgesloten wordt met het Overzicht beleidsdoorlichtingen en effectonderzoeken.

4. De niet-beleidsartikelen

De artikelen 97 (Aflopende regelingen), 98 (Algemeen) en 99 (Nominaal en onvoorzien) zijn de niet-beleidsartikelen. Dit gaat om middelen op de begroting van SZW die niet rechtstreeks aan een doelstelling gekoppeld kunnen worden of omdat het om een technisch administratieve voorziening gaat (onvoorzien, loonbijstelling).

5. De bedrijfsvoering

In dit hoofdstuk wordt aandacht besteed aan specifieke bedrijfsvoeringsthema’s.

6. Diensten die een baten-lastenstelsel voeren

Het ministerie heeft twee baten-lastendiensten: het Agentschap SZW en de Inspectie Werk en Inkomen. Van deze twee baten-lastendiensten is een technische paragraaf opgenomen die bestaat uit een meerjarige begroting en een kasstroomoverzicht met daarbij een bondige toelichting.

7. Verdiepingshoofdstuk

In dit hoofdstuk is de financieel-administratieve opbouw van de beschikbare verplichtingenbedragen, de kasuitgaven en de ontvangsten ten opzichte van de stand ontwerp-begroting 2006 per artikel weergegeven. De belangrijkste mutaties worden kort toegelicht.

8. t/m 15. Bijlagen

De ontwerp-begroting 2007 bevat acht bijlagen.

Afwijkingen van de Rijksbegrotingsvoorschriften

Toedeling van de apparaatsuitgaven

Het ministerie van SZW heeft in deze begroting de apparaatsuitgaven zoveel mogelijk aan de verschillende beleidsartikelen toegerekend. Toerekening van middelen (personeel en materieel) vindt jaarlijks plaats op basis van een herziene, globale toedeling van de personeelsinzet naar de verschillende beleidsartikelen. Deze verdeelsleutel zal ook in het departementaal jaarverslag 2007 gehanteerd worden. Voor 2008 en volgende jaren zijn bij de beleidsartikelen nog geen apparaatsuitgaven geraamd.


De toegerekende apparaatsuitgaven worden niet afzonderlijk bij de beleidsartikelen toegelicht. In artikel 98 «Algemeen» is een integraal overzicht van de inzet van personeel en materieel opgenomen inclusief de verdeling van de personeelsinzet over de verschillende beleidsartikelen en de niet-beleidsartikelen. Dit staat gelijk aan de verdeelsleutel.

Effectinformatie

Met de motie van het lid Douma c.s. (Kamerstukken II 2004/2005, 29 949, nr. 11) heeft de Kamer aangegeven dat de beleidsdoelen in de begroting geformuleerd moeten worden in termen van te realiseren effecten (outcome) en/of in daarvan afgeleide prestatiegegevens. Daarvan kan alleen worden afgeweken als een motivering wordt gegeven volgens het principe «pas toe of leg uit» («comply or explain»).

De algemene lijn is dat in de begroting van SZW, daar waar mogelijk en zinvol, per begrotingsartikel bij de algemene of bij de operationele doelstelling effectgegevens worden gepresenteerd. In mijn brief aan de Tweede Kamer (Kamerstukken II 2005/2006, 48) heb ik aangegeven waarom het bij bepaalde artikelen niet mogelijk is om effectinformatie op te nemen.

informatie over nalevingniveaus

De nalevingsniveaus bij de in artikelen 30 t/m 33 opgenomen sociale zekerheidsregelingen worden gemeten bij een tweejaarlijks onderzoek. De meest recente resultaten hebben betrekking op het jaar 2004. Door de bij dit onderzoek gehanteerde Randomized Response-methode is er sprake van grote betrouwbaarheidsmarges. In verband hiermee worden alternatieven voor de meting van nalevingsniveaus in de komende jaren onderzocht. In afwachting van de conclusies van deze afweging wordt het Porosz-onderzoek voor de werknemersverzekeringen en de WWB in 2006 herhaald, waarbij wordt ingezet op verbetering van de steekproef. Van een herhaling van het Porosz-onderzoek in de Volksverzekeringen in 2006 wordt, mede gezien de hoge nalevingsniveaus in 2004, vooralsnog afgezien. In overleg met de SVB wordt bezien in hoeverre langs andere weg (administratieve gegevens, aselecte controles) voldoende informatie beschikbaar kan komen.