Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

B. ALGEMENE TOELICHTING BIJ DE BEGROTING

1. Inleiding

Bij wet van 21 december 1995 is het Fonds economische structuurversterking (Fes) ingesteld ( Wet Fonds economische structuurversterking, Stb. 1996, 51 en 52). Het fonds is een begrotingsfonds conform de Comptabiliteitswet 2001 en heeft als doel het financieren van investeringsprojecten van nationaal belang waarmee beoogd wordt de economische structuur te versterken. Er wordt naar gestreefd om Fes-meevallers ten opzichte van de Voorjaarsnota 2005, voor ongeveer 50% te bestemmen voor kennis- en innovatieprojecten en voor ongeveer 50% voor investeringen in de ruimtelijke economische structuur. Hiertoe worden vanuit het fonds bijdragen toegekend aan andere begrotingshoofdstukken ter financiering van dergelijke projecten. Het Fes is dus een verdeelfonds, de feitelijke projectuitgaven worden onderbouwd, geraamd en verantwoord op de andere begrotingshoofdstukken.

Nieuwe indeling van de Fes-begroting

In het verleden kende de begrotingsindeling van het Fes twee invalshoeken: een thematische en een chronologische. De thematische artikelen waren verkeer en vervoer (artikel 01.01), bodemsanering (artikel 01.02), kennisinfrastructuur (artikel 01.03) en overige projecten (01.04). De chronologische artikelen waren de investeringsimpuls 1998 (artikel 01.08), 2001 (artikel 01.09), 2004 (artikel 01.05) en 2005 (artikel 01.10).


De inzichtelijkheid van de bestemming van Fes-middelen kan aanzienlijk worden vergroot door de begroting van het Fes volledig thematisch in te delen. Een thematische indeling sluit ook goed aan op de uitkomsten van de Tijdelijke Commissie Infrastructuurprojecten (TCI). In haar reactie op het rapport van de TCI ( Kamerstukken II 2004–2005, 29 283, nr. 22) heeft het kabinet voorgesteld een aantal verbeteringen aan te brengen in de wijze waarop informatie wordt verschaft over de bestemming van middelen uit het Fes. Dit betreft een verbetering in de presentatie van Fesmiddelen en ruimere aandacht voor de wijze waarop de keuze voor clusters van investeringsmaatregelen wordt verantwoord. In de ontwerpbegroting 2006 van het Fes is al belangrijke vooruitgang geboekt bij met name het laatste element. Door de Fes-begroting nu ook thematisch in te delen, wordt bij de ontwerpbegroting 2007 een verdere verbeterslag gemaakt.


In de Ontwerpbegroting 2007 van het Fes zal de volgende, volledig thematische indeling van de uitgaven worden gehanteerd:


De uitgavenartikelen worden:

• artikel 11 verkeer en vervoer;

• artikel 12 milieu en duurzaamheid;

• artikel 13 kennis en innovatie;

• artikel 14 ruimtelijke ordening;

• artikel 15 projecten in voorbereiding;


De ontvangstenartikelen worden:

• artikel 21 ontvangsten uit aardgasbaten;

• artikel 22 voeding uit incidentele baten;


Artikel 31 geeft het voordelige saldo weer (voordelig eindsaldo en voordelig beginsaldo).


De Tweede Kamer is hierover geïnformeerd in de brief van 28 juni 2006 ( Kamerstukken II 2005–2006, 29 949, nr. 50).

Advies van de Studiegroep Begrotingsruimte

De recente snelle stijging van de gasbaten heeft geleid tot druk op de besluitvorming in het Fes. Dit is aanleiding geweest om de Studiegroep Begrotingsruimte (SBR) te vragen in te gaan op het Fes ten principale en de beheerstructuur van het Fes. De SBR stelt voor om het Fes te behouden met enkele aanpassingen. Zo adviseert de SBR een vaste voeding voor het Fes te bepalen, mede op basis van meerjarige investeringsagenda’s op het gebied van kennis, innovatie en onderzoek en ruimtelijk economische gebied, die het uitgangspunt voor de Fes-uitgaven moeten zijn. De studiegroep adviseert om de huidige beleidslijn, dat uit het Fes alleen in de tijd begrensde projecten gefinancierd mogen worden, te continueren. Alle Fes-uitgaven zouden een uitgebreide KBA moeten doorlopen. Voorts zou de Fes-brug moeten worden afgeschaft en de beheersstructuur gestroomlijnd.

Het advies van de SBR betreft de volgende kabinetsperiode. Het is aan het volgende kabinet om hierover een kabinetsstandpunt in te nemen.

2. Uitgaven

In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van alle uitgaven die reeds uit het Fes zijn gefinancierd of waarvoor middelen zijn geraamd binnen het Fes. In paragraaf 2.1 (Besluitvorming) wordt kort ingegaan op alle besluitvorming die heeft plaatsgevonden over Fesuitgaven. In paragraaf 2.2 (Toezeggingen) en in de bijlage bij deze begroting wordt ingegaan op alle formele toezeggingen die tot nu toe door de Fesbeheerders zijn gedaan voor een bijdrage uit het Fes aan een departementale begroting, aansluitend bij de besluitvorming.

2.1 Besluitvorming

2.1.1 Besluitvorming tot 2006

Voor de Investeringsimpuls 1994 is binnen het Fes in totaal € 3 119 mln geraamd en gerealiseerd. Daarvan heeft € 2 777 mln betrekking op verkeer en vervoer, € 229 mln op bodemsanering en € 113 mln op kennisinfrastructuur. Aan deze impuls is later het investeringsplan voor het Maritiem Research Instituut Nederland (MARIN) toegevoegd, dat ook geheel is afgerond (€ 45 mln).


Voor de Betuweroute en de Hogesnelheidslijn is binnen het Fes op artikel 11 Verkeer en vervoer in totaal € 4 525 mln geraamd. Daarnaast is als onderdeel van de reeks Bereikbaarheid/voorfinanciering, Investeringsimpuls 1998, € 1 784 mln aan voorfinanciering en gemaximeerde prijsbijstelling geraamd voor de Betuweroute en de Hogesnelheidslijn. Van de hiervoor op artikel 11 geraamde middelen is tot en met 2005 € 4 426 mln gerealiseerd.


Het project Samen Werken Aan Bereikbaarheid (SWAB) is ultimo 2000 geheel afgerond. Hieraan is € 549 mln bijgedragen uit het Fes.


Voor de extra impuls voor de ruimtelijk-economische structuur uit 1998 is in totaal € 899 mln geraamd in het Fes ten behoeve van een aantal verkeer- en vervoerprojecten. Daarvan is tot en met 2005 € 863 mln gerealiseerd.


Voor de Investeringsimpuls 1998, die voor een groot deel uit het Fes is gefinancierd, is in totaal € 6 353 mln binnen het Fes gereserveerd voor de periode tot en met 2011 (op het artikel 11 Verkeer en vervoer is als onderdeel van de reeks Bereikbaarheid/voorfinanciering € 1 784 mln aan voorfinanciering geraamd voor de Betuweroute en de Hogesnelheidslijn). Tot en met 2005 is op dit artikel in totaal € 2 989 mln gerealiseerd.


Voor de Hubertustunnel is vanuit het Fes € 11,4 mln beschikbaar gesteld en gerealiseerd. Het gaat hierbij om gemaakte kosten voor de Industriële Tunnelbouw-Methode (ITM), die uiteindelijk niet is toegepast bij de ondertunneling van het Hubertusduin.


Voor de Investeringsimpuls 2001 is binnen het Fes in totaal € 5 635 mln gereserveerd voor investeringen in de clusters Bereikbaarheid, Natuur, Milieu en vitaliteit steden en Kennis voor de periode tot en met 2011. Hiervan is tot en met 2005 € 3 370 mln gerealiseerd.


Via de zogenaamde Fes-brug worden Fes-waardige projecten in het Infrastructuurfonds die voorheen werden gefinancierd uit de reguliere Rijksbegroting, voortaan gefinancierd uit het Fes. Hierdoor valt ruimte vrij op de reguliere Rijksbegroting. Het gaat in totaal om € 2 740 mln in de jaren 2000 tot en met 2011 waarvan t/m 2005 € 1 265 mln is gerealiseerd.


Voor het project Kenniswijk is € 45,7 mln beschikbaar gesteld binnen het Fes. Hiervan is tot en met 2005 € 21,4 mln gerealiseerd.


In het kader van het Fileplan Zichtbaar, Slim en Meetbaar (ZSM) zijn extra middelen uitgetrokken voor mobiliteit en bereikbaarheid. Hiervan is 60% gereserveerd binnen het Fes (€ 1 722 mln). Hiervan is tot en met 2005 € 246 mln gerealiseerd.


Voor het Besluit subsidies investeringen kennisinfrastructuur (Bsik) is binnen het Fes in totaal € 800 mln gereserveerd voor de periode tot en met 2011. Daarvan is tot en met 2005 € 149 mln gerealiseerd.


Binnen het Fes is voor de periode tot en met 2011 een bedrag van € 644 mln gereserveerd voor voeding van het Waddenfonds.


De uitgaven waarvoor reserveringen zijn opgenomen op artikel 15 Projecten in voorbereiding, worden nog niet op departementale begrotingen verantwoord. Omdat deze uitgaven daardoor prijsbijstelling zouden mislopen, is hiervoor een reservering voor prijsbijstelling opgenomen.


Voor de Investeringsimpuls 2005 is binnen het Fes in totaal € 2 330 mln gereserveerd (inclusief reservering prijscompensatie). Daarvan is tot en met 2005 € 98,5 mln gerealiseerd.

Daarnaast is er in 2005 besloten bepaalde investeringen voor duurzame energie (bijvoorbeeld windmolens op zee) te financieren uit het Fes (MEP). Het gaat om een bedrag van in totaal ca. € 1 miljard aan investeringen.

2.1.2 Investeringsimpuls 2006 en besluitvormingstraject

Aanvankelijk had het Kabinet besloten dat in de zomer van 2006 een Fes-impuls van € 1,4 miljard zou plaatsvinden. Daarna zijn in de zomer van 2006 echter de aardgasbaten als gevolg van de aanhoudend hogere olieprijs aangepast. Voor het Fes betekent deze aanpassing een stijging van de voeding met circa € 1,5 miljard ten opzichte van eerdere ramingen. Het kabinet heeft besloten om de nieuwe Fes-meevaller nu niet geheel te bestemmen. Alleen de extra aardgasbaten die samenhangen met een hogere olieprijs in 2006 zullen thans met uitgaven worden belegd. Het gaat dan om € 0,5 miljard extra. Voor de Fes-impuls 2006 is op deze manier in totaal € 1,9 miljard beschikbaar gekomen.


Ten behoeve van de invulling van deze Fes-impuls zijn projectvoorstellen door de departementen ingebracht. De voorstellen voor het ruimtelijk economische en het kennisdomein zijn na een selectie (o.a. een toets op Fes-waardigheid) door respectievelijk de ICRE en CWTI getoetst door het CPB en – in het geval van innovatievoorstellen – ook door een Commissie van Wijzen. Vervolgens hebben de CWTI en het ICRE de Fes-beheerders geadviseerd over deze projectvoorstellen. De projecten in het onderwijsdomein zijn geselecteerd door de ministeries van OCW, EZ en Financiën en getoetst door het CPB. Vervolgens hebben de ministeries van OCW, EZ en Financiën de Fes-beheerders geadviseerd.


Voor de projecten die door het CPB en – in het geval van de innovatievoorstellen – door de Commissie van Wijzen als «gunstig» zijn beoordeeld stelt het Kabinet – eventueel onder nadere voorwaarden – Fes-middelen ter beschikking. Innovatievoorstellen waarover het CPB en de Commissie van Wijzen verschillend oordeelden (maar één van de twee is gunstig) zijn na aanpassing en onder voorwaarden opgenomen. Bij de voorstellen voor onderwijs is aangesloten bij het oordeel van het CPB. De door het CPB als gunstig beoordeelde voorstellen zijn gehonoreerd. Onderwijsvoorstellen die gemengd zijn beoordeeld door het CPB zijn in gewijzigde en afgeslankte vorm opgenomen. Bij de ruimtelijk economische investeringen zal het gemengde voorstel luchtkwaliteit pas definitief worden goedgekeurd na een hernieuwde beoordeling door het CPB en na advisering door de ICRE. Voorstellen die negatief scoorden zijn in alle gevallen niet gehonoreerd.


Omdat de als goed beoordeelde projecten van de departementen niet leiden tot een volledige invulling van de Fes-impuls van € 1,9 miljard, heeft het kabinet besloten om een deel van de Fes-impuls te bestemmen voor de versnelling van aanleg en onderhoud infrastructuur. Na 2010 komen deze middelen weer geheel ten gunste aan Fes-waardige projecten.

2.2 Toezeggingen

De fondsbeheerders kunnen ten laste van het fonds toezeggingen doen voor bijdragen aan begrotingshoofdstukken. In de hiertoe opgestelde toezeggingsbrieven is aangegeven onder welke voorwaarden de bijdrage beschikbaar wordt gesteld en hoe de verantwoording dient te geschieden. Tot nu toe zijn op deze wijze voor een totaalbedrag van ongeveer € 21,6 mrd toezeggingen geformaliseerd. In Bijlage I bij deze begroting vindt u de afzonderlijke toezeggingen.

3. Ontvangsten

De voeding van het fonds bestaat uit een vast percentage van de niet-belastingmiddelen uit aardgasbaten (voorheen 41,5%, 42,0% in het jaar 2006, 40,9% in 2007 en latere jaren). Het voedingspercentage 2007 wordt wettelijk vastgesteld in het Belastingplan 2007. Bij Voorjaarsnota is een beperking van de voeding van het Fes in 2007 en 2008 met € 1 mld per jaar verwerkt. Deze beperking van de voeding met € 1 mld voor het jaar 2007 wordt in het Belastingplan 2007 geregeld. Dit ten behoeve van de voorfinanciering van lastenverlichting.


Daarnaast bestaat de voeding van het fonds uit de opbrengsten uit hoofde van de structureel bespaarde rentelasten die het gevolg zijn van het in mindering brengen op de staatsschuld van common area baten en vervreemdingen van staatsdeelnemingen. Op de structureel bespaarde rentelasten bij vervreemdingen van staatsdeelnemingen wordt de daarmee samenhangende structurele derving van dividendontvangsten in mindering gebracht. Daarnaast wordt het Fes gevoed uit een annuïteit op basis van de opbrengsten van geveilde rechten (zoals frequenties) met een looptijd gelijk aan de looptijd van de geveilde rechten.


Voor de meerjarige raming van ontvangsten uit hoofde van aardgasbaten en rentebesparingen zijn technische aannames gehanteerd. Uitgegaan is van behoedzame veronderstellingen ten aanzien van zowel olieprijs en dollarkoers als verkoop staatsdeelnemingen, veilingen en rente (rekening houdend met eventuele dividendderving). Voor de gehanteerde olieprijzen en dollarkoersen wordt verwezen naar de toelichting bij artikel 21 Ontvangsten uit aardgasbaten.

4. Totaaloverzicht van het fonds

(x € 1,0 mln)t/m 2005200620072008200920102011Totaal
Investeringsimpuls 1994 (incl. Marin)3 164      3 164
BR en HSL4 42699     4 525
SWAB549      549
Extra impuls 1998863315    899
Impuls 1998 (incl. voorfinanc. BR HSL)2 9896291 3031 0231 1041 089 8 137
Impuls 20013 370651433379334449215 635
Bruggetje RA 19981 2652752952852261942002 740
Fileplan Zichtbaar, Slim en Meetbaar2462462462462462462461 722
Waddenfonds i.o.   343434542644
Impuls 2004 (Bsik)149182154126173153800
Impuls 2005 (inclusief prijscompensatie tranche 2006)9959860033723526092 138
Overig (Voorfinanciering GIS, Hubertustunnel, Kenniswijk, Prijsbijstelling, Reserveringen 2011)2017714128651051 5162 106
MEP 33673101576205994
Impuls 2006 273244494053443701 919
Innovatieve energie  10206060 150
Totale uitgaven17 3212 8183 4213 1002 9823 3713 11236 124
ONTVANGSTEN:        
Aardgasbaten11 1993 4023 1312 1491 7791 4111 39124 462
Rentebaten2 2835135646156356645845 858
Staatsdeelnemingen (eenmalig)3 267      3 267
Overig vermogen600      600
Common area1 137      1 137
Extra export gas1 352      1 352
Totale ontvangsten19 8373 9153 6952 7642 4142 0751 97536 676
Jaarsaldo 1 097274– 336– 568– 1 296– 1 137 
         
Cumulatief saldo2 5173 6133 8883 5522 9841 688551 

Het jaarsaldo is het batig (nadelig) saldo van uitgaven en ontvangsten over het betreffende begrotingsjaar. Het cumulatief saldo is het batig (nadelig) saldo tot en met het betreffende begrotingsjaar. Dit laatste saldo is als batig (nadelig) saldo opgenomen in de saldi artikelen van de Fesbegroting.


Uit de meerjarige doorkijk in bovenstaande tabel blijkt dat het fonds bij deze ramingsveronderstellingen in 2011 een cumulatief saldo heeft van € 551 mln.


De totale geraamde fondsuitgaven in enig jaar mogen niet hoger zijn dan de totale voor dat jaar geraamde ontvangsten, minus 10% van de voor dat jaar geraamde ontvangsten uit de aardgasbaten (de zogenaamde buffer), plus het cumulatief eindsaldo van het jaar ervoor. Dit is het zogenaamde kasplafond. In onderstaande tabel worden de in deze ontwerpbegroting opgenomen uitgaven geconfronteerd met het kasplafond.

(x € mln)200620072008200920102011
Geraamde uitgaven2 8183 4213 1002 9823 3713 112
Kasplafond6 0916 9956 4375 7884 9183 524