Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

3.5 Zorg

De uitdagingen in de gezondheidszorg logen er de afgelopen jaren niet om: de wachttijden waren opgelopen tot onacceptabele hoogten en organisaties in de zorg gingen gebukt onder bureaucratie en een dichtgereguleerde omgeving, waardoor ze inefficiënt werkten. Er moest een oplossing komen voor deze problemen en tegelijkertijd een einde worden gemaakt aan de onbeheerste stijging van de zorgkosten. Daarvoor was het nodig om meer vrijheid en verantwoordelijkheid te creëren voor de ziekenhuizen, verzekeraars en patiënten. Daarnaast was meer preventieve zorg gewenst om ongezond gedrag terug te dringen.

Speerpunten op het gebied van zorg

• Herziening van het zorgstelsel, met als fundament de nieuwe basisverzekering (Zorgverzekeringswet)

• Beheersing van de groei van de zorguitgaven

• Kortere, aanvaardbare wachttijden

• Invoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO)


Om mensen betaalbare, kwalitatief hoogwaardige en toegankelijke zorg te bieden, is de herziening van het zorgstelsel op gang gekomen. Een belangrijke stap hierin was de invoering van de basisverzekering, die een einde maakte aan het onderscheid tussen particulier verzekerden en ziekenfondsverzekerden. Ongeveer 18 procent van alle verzekerden maakte vervolgens gebruik van de mogelijkheid om over te stappen van verzekeraar, wat bewijst dat het bieden van vrije keuze werkt. Uit de relatief lage premies die verzekeraars vroegen voor de basisverzekering (de premie lag bij veel verzekeraars duidelijk lager dan voorzien), wordt ook duidelijk dat concurrentie werkt. De eerste signalen over de werking van het nieuwe stelsel zijn dus positief. Ook de consument kan nu al profiteren van betere prikkels in het zorgverzekeringssysteem.


Voor verzekeraars en ziekenhuizen is de invoering van de basisverzekering nog maar het begin; tot nu toe onderhandelen zij nog maar over een beperkt assortiment behandelingen, zoals heup- en staaroperaties. Momenteel wordt bekeken op welke manier een verdere stap kan worden gezet op het gebied van prijsliberalisering. Door verdere liberalisering en het verminderen van regels in de financiering en bekostiging van ziekenhuizen neemt op termijn de doelmatigheid van de zorg duidelijk toe en zullen de patiënten hiervan profiteren. Tegelijk is met de invoering van de Wet marktordening gezondheidszorg werk gemaakt van het verbeteren van het wettelijke toezichtkader in de zorg. Een goed systeem is immers gebaat bij goed toezicht en heldere verantwoording op de geleverde prestaties.


De toegankelijkheid en de kwaliteit van de zorg zijn zichtbaar verbeterd. De gemiddelde wachttijden in poliklinieken en bij dagopnames zijn met 17 procent gedaald. Zij passen nu binnen de normen.

Aan de hand van de kwaliteitsprogramma’s in de zorg, zoals «Sneller Beter», en door meer gebruik van ICT-toepassingen blijkt het mogelijk resultaten te boeken: behalve genoemde kortere wachttijden op behandeling in de poliklinieken hebben patiënten minder doorligwonden en worden ze sneller behandeld door een slimmere manier van organisatie van de zorg.


Het wegwerken van de wachtlijsten ging samen met het afremmen van de zorguitgaven. In 2002 bedroeg de toename nog 13 procent ten opzichte van het jaar daarvoor; in 2005 waren de uitgaven nog maar 2,8 procent hoger dan het jaar ervoor. Dit heeft het kabinet tot stand gebracht door verkleining van het verplicht verzekerde pakket, de introductie van een eigenbijdrageregeling («no-claim»), afspraken over kostenbeheersing met de brancheorganisaties van zorgverleners, farmaceutische bedrijven en zorgverzekeraars en budgetmaatregelen in de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ).


Uiteraard is het ook belangrijk om in eerste instantie te voorkómen dat mensen ziek worden. Preventief beleid kan een bijdrage leveren aan het beperken van de problemen in de toekomst. Het percentage rokers is gedaald van 30 procent in 2002 tot 27,7 procent in 2005. Het aantal mensen dat voldoet aan de norm «Gezond bewegen» stijgt langzaam maar gestaag, tot inmiddels meer dan de helft van de bevolking.


De uitgaven voor AWBZ-zorg zullen door de vergrijzing en de toenemende welvaart blijven stijgen. Om de kwaliteit en betaalbaarheid van de collectief gefinancierde zorg op lange termijn te kunnen garanderen is een modernisering van het stelsel noodzakelijk.


Ten eerste is de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) voorbereid, die op 1 januari 2007 wordt ingevoerd. De voorzieningen voor onder meer ouderen en gehandicapten worden hierdoor beter gestroomlijnd: mensen hoeven nog maar langs één loket voor de ondersteuning die zij nodig hebben om actief deel te kunnen blijven nemen aan de maatschappij. De wet is een verbetering omdat gemeenten – als lokale partij – een grotere invloed hebben en beter kunnen inspelen op lokale omstandigheden en voorkeuren. Doordat gemeenten wat betreft hun doelmatigheid worden vergeleken – met de best presterende gemeente – mag verwacht worden dat de WMO ook in financieel opzicht een verbetering is.


Ten tweede verandert ook de organisatie van de AWBZ-zorg. De kortdurende geestelijke gezondheidszorg wordt per 1 januari 2008 overgeheveld van de AWBZ naar de basisverzekering. In 2007 wordt de huidige overgangssituatie voortgezet. Een andere verbetering treedt op als de AWBZ-zorg specifieker wordt omschreven en van een (maximum)prijs wordt voorzien. Dit zal in 2007 gebeuren met de introductie van 46 zogeheten «zorgzwaartepakketten».