Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

Najaarsnota 2015

34350 1 Brief van de minister van financiën

Vergaderjaar 2015-2016

Nr. 1

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 27 november 2015

Inleiding

Deze Najaarsnota actualiseert de ontwikkeling van de inkomsten en uitgaven in het begrotingsjaar 2015. De stand Miljoenennota 2016 is daarbij het uitgangspunt en mutaties worden ten opzichte van die stand gepresenteerd. Tegelijk met de Najaarsnota worden de hiermee samenhangende tweede suppletoire begrotingswetten aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal aangeboden. De tweede suppletoire wetten zijn de laatste reguliere mogelijkheid voor het kabinet om voor het lopende begrotingsjaar nog mutaties van beleidsmatige aard aan uw Kamer voor te leggen. Mocht na de Najaarsnota nog sprake zijn van een voorstel tot een beleidsmatige wijziging van de begroting, dan zal dit door de betreffende Minister door middel van een aparte brief aan uw Kamer worden gemeld. In deze najaarsnota vindt u tevens een integraal beeld van maatregelen die het Kabinet heeft genomen op het terrein van migratie.

Uitgaven

Aan de uitgavenzijde van de begroting doen zich onder de deelkaders verschillende mee- en tegenvallers voor. De extra instroom van vluchtelingen heeft in 2015 budgettaire consequenties die worden meegenomen in het uitgavenkader. Het totale uitgavenkader wordt niet overschreden. Onderliggend laat het deelkader RBG-eng een overschrijding zien. Deze overschrijding wordt gecompenseerd door een onderschrijding van zowel het kader SZA als het kader BKZ. De kadertoetsing en de mutaties sinds de Miljoenennota 2016 worden toegelicht in paragraaf 2.

Inkomsten

De raming van de totale belasting- en premieontvangsten 2015 is ongewijzigd ten opzichte van de Miljoenennota 2016. Onderliggend doet zich een enkele kleine mee- en tegenvaller voor. Deze worden toegelicht in paragraaf 3.

EMU-saldo en EMU-schuld

De mutaties onder het uitgavenkader leiden tot een bijstelling van het geraamde EMU-tekort in 2015. Het EMU-tekort komt in 2015 naar verwachting uit op – 2,3 procent bbp. Dit is een verslechtering van 0,1 procentpunt ten opzichte van de raming ten tijde van Miljoenennota 2016. De EMU-schuld bedraagt eind 2015 naar verwachting 66,8 procent bbp. De EMU-schuld komt hiermee 0,4 procentpunt lager uit dan waar in de Miljoenennota 2016 rekening mee is gehouden. Het gemiddelde EMU-saldo van de Eurozone voor 2015 wordt geraamd op – 2,0 procent bbp; de gemiddelde EMU-schuld wordt geraamd op 94,0 procent bbp. Paragraaf 4 gaat hier verder op in.

Bijlage 1 geeft een overzicht van de budgettaire kerngegevens. Bijlage 2 bevat de Verticale Toelichting. Bijlage 3 bevat het integrale beeld op het terrein van migratie.

Het uitgavenbeeld

Na verwerking van alle uitgavenmutaties laat het totale uitgavenkader een sluitend beeld zien. Dit was ook ten tijde van de Miljoenennota 2016 het geval. Dit is weergegeven in tabel 2.1.

Tabel 2.1 Kadertoetsing (in miljarden euro; -/- is onderschrijding)
 

2015

Totaalkader Miljoenennota 2016

0,0

Totaalkader mutatie Najaarsnota 2015

0,0

Totaalkader Najaarsnota 2015

0,0

   

Rijksbegroting in enge zin Miljoenennota 2016

0,7

Rijksbegroting in enge zin mutatie Najaarsnota 2015

0,5

Rijksbegroting in enge zin Najaarsnota 2015

1,2

   

Sociale Zekerheid en Arbeidsmarktbeleid Miljoenennota 2016

– 0,4

Sociale Zekerheid mutatie Najaarsnota 2015

– 0,3

Sociale Zekerheid en Arbeidsmarktbeleid Najaarsnota 2015

– 0,7

   

Budgettair Kader Zorg Miljoenennota 2016

– 0,2

Budgettair Kader Zorg mutatie Najaarsnota 2015

– 0,3

Budgettair Kader Zorg Najaarsnota 2015

– 0,5

De mutaties onder de verschillende deelkaders worden toegelicht bij de respectievelijke kadertoetsen.

Rijksbegroting in enge zin (RBG-eng)

Tabel 2.2 geeft de uitgavenontwikkeling onder het kader RBG-eng weer sinds Miljoenennota 2016. Onder het kader RBG-eng is de overschrijding met 0,5 miljard euro toegenomen. Het totaal aan uitgaven ligt 1,2 miljard euro hoger dan de vastgestelde hoogte van het uitgavenkader.

Tabel 2.2 Kadertoetsing RBG-eng (in miljarden euro; -/- is onderschrijding)
 

2015

Miljoenennota 2016

0,7

EU-afdrachten

0,9

Vrijval reservering EU-afdrachten

– 0,6

Migratie

0,4

Huwelijksportretten Rembrandt van Rhijn

0,1

Onderuitputting diverse begrotingen (inclusief HGIS)

– 0,6

Invullen taakstelling CAO Rijk

0,4

Invullen in=uit taakstelling

0,3

Kasschuiven

– 0,2

Overig

– 0,1

Najaarsnota 2015

1,2

Bij de EU-afdrachten is de bijstelling van 0,9 miljard euro onder te verdelen in een drietal posten. Ten eerste een bruto nabetaling van 512 miljoen euro, die het gevolg is van een per saldo opwaartse bijstelling van de btw- en bni-grondslagen voor de Nederlandse afdrachten aan de EU-begroting. Deze opwaartse bijstellingen van de grondslagen vloeien voort uit de bronnenrevisie die in 2014 plaatsvond en uit een nieuwe herziening door het CBS in samenwerking met DNB, waardoor de nationale rekeningen en de betalingsbalans beter op elkaar aansluiten.

Daarnaast heeft de aanname van de achtste aanvullende begroting (DAB8) in het Europees Parlement niet tijdig genoeg plaatsgevonden, waardoor de tweede terugbetaling van de naheffing over 2014 (252 miljoen euro), alsmede de andere restituties, niet meer in 2015 verwerkt kunnen worden. De terugbetaling schuift door naar 2016 en leidt daarmee tot een tegenvaller in 2015. Tegelijkertijd wordt de terugbetaling in 2016 door valuta-effecten (samenhangend met de wisselkoers van het Britse Pond) verhoogd naar 269 miljoen euro. Nadere informatie over de aanvullende begroting is terug te vinden in de brief aan de Kamer van 20 oktober.1

Tot slot heeft de EU de raming voor de invoerrechten voor 2015 verhoogd. Dit leidt voor Nederland tot een verwachte extra afdracht van netto 96 miljoen euro.

Bij Miljoenennota 2015 en 2016 is een reservering aangemaakt voor de gevolgen van verschillende bni-revisies op de EU-afdrachten. Voor het begrotingsjaar 2015 kan deze reservering, ten behoeve van de reeds genoemde bronnenrevisie uit 2014 en de herziening door het CBS in samenwerking met DNB en ter hoogte van 612 miljoen euro, nu vrijvallen.

Vanwege de, sinds augustus 2015, verhoogde vluchtelingeninstroom wordt de instroomraming op de begroting van Veiligheid en Justitie bijgesteld naar 58.000 voor 2015. De verhoogde raming heeft gevolgen voor de bekostiging van de opvang van de vluchtelingen. Voor 2015 wordt er 350 miljoen euro additioneel beschikbaar gesteld voor de opvang. In bijlage 3 vindt u een integraal beeld van de genomen maatregelen rond migratie en de budgettaire consequenties.

Voor de aanschaf van de door Rembrandt van Rhijn geschilderde huwelijksportretten van Maerten Soolmans en Oopjen Coppit is 80 miljoen euro beschikbaar gesteld. Hiervan wordt 30 miljoen euro gefinancierd als ontvangst op de OCW begroting vanuit het museaal aankoopfonds. Deze mutaties zijn toegelicht in een incidentele suppletoire begroting 2015 voor de begroting van OCW2. De andere 50 miljoen euro wordt gefinancierd uit de hogere dividendontvangsten van staatsdeelnemingen in 2016. De bijstelling van de dividendontvangsten is via een nota van wijziging op de ontwerpbegroting 2016 van Financiën en Nationale Schuld aan de Tweede Kamer gemeld3. Deze middelen uit 2016 komen via een kasschuif op de begroting van Financiën beschikbaar in 2015. De kasschuif wordt in tabel 2.2. verantwoord onder de post «kasschuiven» en de ontvangst van het museaal aankoopfonds onder «overig».

Op diverse begrotingen vindt onderuitputting plaats. Tabel 2.3 geeft inzicht in de verdeling hiervan over de verschillende departementale begrotingen onder het kader RBG-eng. Bij de begrotingen van Wonen & Rijksdienst en van Veiligheid en Justitie is er per saldo sprake van een overschrijding. Dit komt door tegenvallers bij bijvoorbeeld de huurtoeslag, waar sprake is van een hoger aantal aanvragen dan geraamd en een snellere vaststelling van de definitieve bijdragen dan verwacht, en bij de boeteontvangsten die gedaald zijn door de coulance acties van de politie. De Verticale Toelichting (VT) in bijlage 2 geeft per begrotingshoofdstuk meer gedetailleerde informatie over de mutaties die hebben plaatsgevonden.

Tabel 2.3 Onderuitputting per begrotingshoofdstuk (in miljoenen euro)

Begroting

Bedrag

Defensie

– 196

Infrastructuur en Milieu (incl. Delta- en Infrafonds)

– 193

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

– 123

HGIS

– 88

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

– 37

Financiën

– 49

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

– 29

Algemene Zaken

– 1

Veiligheid en Justitie

56

Wonen en Rijksdienst

110

Totaal

– 550

Van de opgetreden onderuitputting wordt 400 miljoen euro ingezet voor het financieren van de CAO afspraken Rijk.

Departementen mogen in het algemeen onderuitputting tot maximaal 1 procent van hun gecorrigeerde begrotingstotaal in het volgende jaar tot besteding laten komen via de zogenoemde eindejaarsmarge. Daarbij wordt de technische veronderstelling gehanteerd dat in het volgende jaar een gelijk bedrag aan onderuitputting zal optreden. Deze technische veronderstelling wordt geboekt als in=uittaakstelling. Door het alvast inboeken van deze taakstelling zorgt het doorschuiven van uitgaven naar het volgende jaar niet voor een verbetering of verslechtering van het EMU-saldo.

Bij Voorjaarsnota 2015 is, tegelijkertijd met de eindejaarsmarge van 2014, de in=uittaakstelling voor 2015 geboekt. De nog in te vullen taakstelling bedraagt 0,9 miljard euro. Daarvan wordt in deze Najaarsnota 0,3 miljard euro ingevuld met de opgetreden onderuitputting bij de departementen en de kaders SZA en BKZ. De resterende in=uittaakstelling ter grootte van 0,6 miljard euro moet nog worden ingevuld.

De post kasschuiven bestaat uit meerdere mutaties. In de meeste gevallen worden budgetten verschoven van 2015 naar 2016, bijvoorbeeld omdat voorgenomen beleidsmaatregelen (deels) niet meer in 2015 plaatsvinden. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij het Revolverend Fonds Energiebesparing III (35 miljoen euro), bij de investeringsagenda van de Belastingdienst (38 miljoen euro) en bij de beschikbare middelen voor de CAO’s (62 miljoen euro). Ook op andere begrotingen vinden (kleine) kasschuiven plaats.

De post «overig» bevat een aantal kleinere mutaties op diverse begrotingen. De grootste mutaties zijn het aflossen van een lening die onderdeel is van het project vervanging F-16 op de begroting van Defensie en lagere renteontvangsten bij de studiefinanciering op de begroting van OCW doordat de rentetarieven lager zijn dan eerder geraamd. Het totaal aan overige mutaties leidt tot een kleine meevaller onder het kader RBG-eng.

Sociale zekerheid en arbeidsmarktbeleid (SZA)

Tabel 2.4 geeft de uitgavenontwikkeling onder het SZA-kader weer sinds Miljoenennota 2016. De onderschrijding van het SZA-kader is met 0,3 miljard euro toegenomen tot 0,7 miljard euro.

Tabel 2.4 Kadertoetsing SZA (in miljarden euro; -/- is onderschrijding)
 

2015

Miljoenennota 2016

– 0,4

WW

– 0,2

Kinderopvangtoeslag

– 0,1

Overig

– 0,0

Najaarsnota 2015

– 0,7

Er is een aantal bijstellingen, voornamelijk op basis van uitvoeringsinformatie over de realisaties van het UWV. De grootste bijstelling betreft een meevaller op de WW. Daarnaast is er een neerwaartse bijstelling op de kinderopvangtoeslag. Dit is het saldo van meer kinderen in de opvang en een gemiddeld lager aantal uren in de opvang per kind, waarbij het laatste effect groter is. De post overig bestaat uit verschillende bijstellingen, waaronder het saldo van meevallers op de arbeidsongeschiktheidsregelingen, de invulling van de in=uittaakstelling SZA en verrekeningen in de bijstand en de Wajong.

Budgettair Kader Zorg

Tabel 2.5 geeft de uitgavenontwikkeling onder het Budgettair Kader Zorg (BKZ) weer sinds Miljoenennota 2016. De onderschrijding van het BKZ is met 0,3 miljard euro toegenomen tot 0,5 miljard euro. De belangrijkste mutaties worden hieronder toegelicht.

Tabel 2.5 Kadertoetsing BKZ (in miljarden euro; -/- is onderschrijding)
 

2015

Miljoenennota 2016

– 0,2

Actualisering zorguitgaven

– 0,3

Erasmus MC

0,1

Overig

0,0

Najaarsnota 2015

– 0,5

Op basis van voorlopige gegevens van het Zorginstituut Nederland (ZiNL) over de eerste helft van 2015 is de raming van de zorguitgaven in 2015 geactualiseerd. Dit leidt tot een neerwaartse bijstelling van de uitgaven die vallen onder de Zorgverzekeringswet (Zvw) van 335 miljoen euro. Deze geraamde onderschrijding kan nog wijzigen op grond van de realisatiecijfers over geheel 2015, die worden meegenomen in het jaarverslag 2015.

In een bindend advies is de schadevergoeding die VWS aan Erasmus MC moet betalen vanwege het niet nakomen van twee toezeggingen uit 2009 vastgesteld op 235,9 miljoen euro (per ultimo 2014). VWS betaalt het Erasmus MC in 2015 en 2016 een bedrag van 85 miljoen euro en het restant in 2017.

De saldopost «overig» bevat een beperkt aantal mutaties. Er is onder andere onderuitputting bij de transitieregeling medisch specialisten (– 9,0 miljoen euro) en de regeling Wtcg (– 7,5 miljoen euro). Daarnaast zijn er meerkosten voor de PGB-trekkingsrechten (7,7 miljoen euro).

Inkomsten

De raming van de totale belasting- en premieontvangsten 2015 is per saldo ongewijzigd ten opzichte van de Miljoenennota 2016.

Tabel 3.1 Mutatie van de belasting- en premieontvangsten 2015 op EMU-basis (in miljarden euro)
 

Stand

MN 2016

Stand NJN 2015

Mutatie

Totaal belastingen en premies op EMU-basis

240,0

240,0

0,0

waarvan belastingen en premies volksverzekeringen

186,7

186,7

0,0

waarvan premies werknemersverzekeringen

53,3

53,3

0,0

De Najaarsnotaraming is vrijwel geheel gebaseerd op de gerealiseerde ontvangsten over 2015 tot en met de maand oktober. Deze realisaties passen in de jongste cijfers van het CBS over de economische groei in het derde kwartaal 2015 die in lijn is met het economisch beeld van de MEV 2016 waarop de Miljoenennota 2016 is gebaseerd.

De raming van de ontvangsten van de grootste drie belastingsoorten, te weten de loon- en inkomensheffing, de omzetbelasting (btw) en de vennootschapsbelasting (vpb) is ongewijzigd, net als de raming van de ontvangsten uit de premies werknemersverzekeringen (inclusief de zorgpremies). De gerealiseerde kasontvangsten uit deze belastingen zijn volledig in lijn met de Miljoenennotaraming.

Bij een aantal verschillende kleinere belastingsoorten is er sprake van relatief kleine mutaties. Zo geven de realisaties aanleiding de ontvangsten uit de belastingen op milieugrondslag neerwaarts bij te stellen met – 0,1 miljard euro. Het gaat hier met name om de energiebelasting. Daar staat een meevaller in de vorm van hogere invoerrechten (0,1 miljard euro) tegenover. Binnen de categorie accijnzen zijn de ontvangsten uit de accijns op lichte olie opwaarts bijgesteld (0,1 miljard euro). Deze bijstelling valt per saldo weg tegen een neerwaartse bijstelling van de ontvangsten uit de tabaksaccijns.

Tabel 3.2 Mutatie belasting- en premieontvangsten 2015 op EMU-basis uitgesplitst (in miljarden euro)
 

Mutatie

Kostprijsverhogende belastingen

0,0

Omzetbelasting

0,0

Accijnzen

0,0

Overdrachtsbelasting

0,0

Assurantiebelasting

0,0

Belastingen op milieugrondslag

– 0,1

BPM/MRB

0,0

Bankbelasting

0,0

Verhuurderheffing

0,0

Invoerrechten

0,1

Overige kostprijsverhogende belastingen

0,0

Belastingen en premies volksverzekeringen op inkomen, winst en vermogen

0,0

Loon- en inkomensheffing

0,0

Dividendbelasting

0,0

Vennootschapsbelasting

0,0

Schenk- en erfbelasting

0,0

Overige belastingen op inkomen, winst, vermogen

0,0

Overige belastingontvangsten

0,0

Totaal belastingen en premies volkverzekeringen

0,0

Premies werknemersverzekeringen

0,0

Totaal belastingen en premies

0,0

EMU-saldo en EMU-schuld

Naar de huidige inzichten komt het EMU-saldo in 2015 uit op – 2,3 procent van het bbp. Het geraamde tekort is daarmee 0,1 procentpunt groter dan werd verwacht in de Miljoenennota 2016. De onderliggende mutaties worden toegelicht in tabel 4.1.

Tabel 4.1 Ontwikkeling EMU-saldo sinds Miljoenennota 2016 (in procent bbp)
 

2015

EMU-saldo Miljoenennota 2016

– 2,2%

EU-afdrachten

0,0%

Migratie

– 0,1%

Aardgasbaten

– 0,1%

Overig

0,0%

EMU-saldo Najaarsnota 2015

– 2,3%

De hogere uitgaven aan EU-afdrachten, zoals toegelicht in paragraaf 2, zorgen voor een groter geraamd tekort in 2015, maar door het vrijvallen van de gemaakte reservering is het totale effect op het EMU-saldo beperkt. De additioneel beschikbaar gestelde middelen voor migratie verslechteren het EMU-saldo met afgerond 0,1 procent bbp. De geraamde aardgasbaten voor 2015 zijn sinds de Miljoenennota licht naar beneden bijgesteld in verband met iets lager dan geraamde prijzen. De post overig bevat de mutaties onder de uitgavenkaders die per saldo dekking leveren voor de hogere uitgaven aan EU afdrachten en migratie (zie paragraaf 2). Ook bevat deze post de mutaties van uitgaven die niet onder de uitgavenkaders vallen, zoals de rentelasten op de staatsschuld die nu iets lager worden geraamd dan ten tijde van de Miljoenennota 2016.

De EMU-schuld komt in 2015 naar verwachting uit op 66,8 procent bbp. Dit is een verbetering ten opzichte van de raming in de Miljoenennota 2016, toen de schuld geraamd werd op 67,2 procent bbp. De veranderingen in de EMU-schuld worden toegelicht in tabel 4.2.

Tabel 4.2 Ontwikkeling EMU-schuld sinds Miljoenennota 2016 (in procent bbp)
 

2015

EMU-schuld Miljoenennota 2016

67,2%

EMU-saldo

0,1%

Bijstelling EMU-schuld CBS

0,3%

Aan- en verkoop staatsbezit

– 0,5%

Schatkistbankieren

– 0,3%

Overig

0,0%

EMU-schuld Najaarsnota 2015

66,8%

Het EMU-saldo is ten opzichte van de raming in de Miljoenennota 2016 licht verslechterd. Dit grotere tekort in 2015 werkt door in een hogere EMU-schuld.

In oktober heeft het CBS de EMU-schuld voor de jaren van 2011 tot en met 2015 opwaarts bijgesteld met 0,3 tot 0,4 procentpunt bbp4. Deze bijstelling wordt onder meer veroorzaakt doordat het CBS nu meer instellingen rekent tot de sector overheid. Omdat het begrip EMU-schuld de schulden van alle instellingen binnen de sector overheid bevat stijgt hierdoor de EMU-schuld.

De beursgang van ABN Amro heeft een verlagend effect op de EMU-schuld van 0,5 procent bbp. Het aan- en verkopen van staatsbezit heeft geen invloed op het EMU-saldo omdat het een financiële transactie betreft. De ontvangsten van 3,3 miljard euro uit het verkopen van de eerste tranche aandelen ABN Amro zorgen echter wel voor een lagere overheidsschuld.

Ook het schatkistbankieren draagt in 2015 bij aan een lagere EMU-schuld. Bij schatkistbankieren houden partijen zoals agentschappen en rechtspersonen met een wettelijke taak hun overtollige middelen aan bij het Rijk. Sinds eind 2013 zijn ook decentrale overheden verplicht deelnemer aan schatkistbankieren. Voor de EMU-schuld tellen onderlinge schulden tussen partijen binnen de overheid niet mee. Onder andere de decentrale overheden zijn gedurende 2015 meer middelen in de schatkist gaan aanhouden. Hierdoor daalt in 2015 de EMU-schuld meer dan in de Miljoenennota werd geraamd.

EMU-saldo en EMU-schuld op Europees niveau

Figuur 4.1 geeft het EMU-saldo en de EMU-schuld 2015 weer voor de landen van de Eurozone op basis van de Najaarsvoorspellingen van de Europese Commissie. Voor Nederland bevat de figuur de recentere raming uit deze Najaarsnota.

Figuur 4.1 EMU-saldo en EMU-schuld in de eurozone in 2015 (in procenten bbp)

Het EMU-tekort van de Eurozone is naar verwachting gemiddeld – 2,0 procent bbp in 2015. Dit is ongewijzigd ten opzichte van de voorjaarsramingen. Het nu geraamde tekort voor de Eurozone in 2015 is een verbetering van 0,6 procentpunt ten opzichte van 2014. Het in deze Najaarsnota geraamde Nederlandse EMU-tekort is 2,3 procent bbp en dus iets groter dan het gemiddelde in de Eurozone.

De EMU-schuld in de eurozone is gemiddeld 94,0 procent bbp in 2015. Ook deze raming is ongewijzigd ten opzichte van de voorjaarsraming en een lichte verbetering ten opzichte van het schuldniveau in 2014 (94,5 procent bbp). De Nederlandse schuld ligt met een raming van 66,8 procentpunt bbp meer dan 27 procentpunt lager dan het gemiddelde voor de Eurozone. Dit neemt niet weg dat de Nederlandse schuld momenteel hoger is dan de Europese grenswaarde van 60 procent bbp.

De Minister van Financiën,
J.R.V.A. Dijsselbloem

Bijlage 1: Budgettaire kerngegevens

Tabel 1 Budgettaire kerngegevens (in miljarden euro)
 

2015

Inkomsten (belastingen en sociale premies)

240,0

   

Netto-uitgaven onder het uitgavenkader

248,0

Rijksbegroting in enge zin

107,2

Sociale Zekerheid en Arbeidsmarktbeleid

75,6

Budgettair Kader Zorg

65,2

Overige netto-uitgaven

5,8

Gasbaten

– 6,8

Rentelasten

7,8

Zorgtoeslag

4,0

Overig

0,7

Totale netto-uitgaven

253,8

   

EMU-saldo centrale overheid

– 13,9

   

EMU-saldo decentrale overheden

– 2,1

   

Feitelijk EMU-saldo

– 16,0

Feitelijk EMU-saldo (in procenten bbp)

– 2,3%

   

EMU-schuld

455

EMU-schuld (in procenten bbp)

66,8%

   

Bruto binnenlands product (bbp)

681

Bijlage 2: Verticale Toelichting Najaarsnota 2015

De Verticale Toelichting geeft voor alle begrotingen een overzicht van- en een toelichting op de belangrijkste mutaties sinds Miljoenennota 2016. Voor een meer gedetailleerde toelichting op wordt verwezen naar de tweede suppletoire begrotingswetten.

Leeswijzer

De mutaties zijn gesplitst in drie categorieën:

  • 1)  Mee- en tegenvallers;
  • 2)  Beleidsmatige mutaties;
  • 3)  Technische mutaties.

De laatste categorie omvat alle overboekingen, desalderingen, statistische correcties en mutaties die niet onder een ijklijn vallen. Mutaties worden toegelicht indien ze een bepaalde ondergrens overschrijden. De ondergrens is afhankelijk van de omvang van de begroting en verschilt voor de verschillende categorieën mutaties. De post diversen bevat de mutaties die onder de ondergrens vallen en wordt in principe alleen toegelicht indien zich bijzonderheden voordoen.

De totalen per begroting worden in eerste instantie gepresenteerd exclusief de bedragen die onder de Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS) vallen. Door middel van een aansluitregel wordt het deel van de begroting dat onder de HGIS valt zichtbaar gemaakt. De laatste regel geeft per begroting de totaalstand inclusief HGIS aan. De mutaties die optreden binnen het HGIS-deel van de begroting worden gepresenteerd en toegelicht in de Verticale Toelichting van alle HGIS uitgaven.

De bedragen in de tabellen zijn in miljoenen euro’s. Door afrondingen kan het totaal afwijken van de som der onderdelen.

Samenvattend overzicht mutaties per Najaarsnota 2015
 

Bedragen in miljoenen euro’s

Mutaties uitgaven

Mutaties ontvangsten

Departementale begrotingen

I

De Koning

0,2

0,0

IIA

Staten Generaal

– 0,3

0,1

IIB

Hoge Colleges van Staat

1,5

1,4

III

Algemene Zaken

– 2,7

0,2

IV

Koninkrijksrelaties

– 2,0

0,5

V

Buitenlandse Zaken

909,0

49,5

VI

Veiligheid en Justitie

393,6

– 67,3

VII

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

– 1,6

– 36,8

VIII

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

286,1

20,8

IXA

Nationale Schuld

437,4

1.930,5

IXB

Financiën

1.016,0

4.419,4

X

Defensie

– 201,8

37,7

XII

Infrastructuur en Milieu

– 34,9

15,0

XIII

Economische Zaken

– 37,8

– 139,5

XV

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

– 64,8

62,4

XVI

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

22,9

60,5

XVII

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

0,0

0,0

XVIII

Wonen en Rijksdienst

474,4

386,4

Overig

 

Sociale Zekerheid

– 251,4

67,7

 

Budgettair kader Zorg

– 260,2

0,0

 

Gemeentefonds

61,4

0,0

 

Provinciefonds

37,2

0,0

 

Infrastructuurfonds

– 119,6

6,4

 

Diergezondheidsfonds

19,6

19,6

 

Accres Gemeentefonds

0,0

0,0

 

Accres Provinciefonds

0,0

0,0

 

BES fonds

8,5

0,0

 

Deltafonds

– 48,3

1,7

 

Prijsbijstelling

0,0

0,0

 

Arbeidsvoorwaarden

0,0

0,0

 

Koppeling Uitkeringen

0,0

0,0

 

Aanvullende Post Algemeen

– 294,4

0,0

 

Homogene Groep Internationale Samenwerking

– 60,8

31,1

De Koning

I DE KONING: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

40,9

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

0,0

     

0,0

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

0,2

     

0,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,2

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

41,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

41,0

       

I DE KONING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,1

Diversen (Technische mutaties)

Dit betreft de aanvullende middelen ten behoeve van de uitvoering van de loonruimteovereenkomst publieke sector.

Staten-Generaal

IIA STATEN-GENERAAL: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

143,7

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 1,5

     

– 1,5

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

1,1

     

1,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 0,3

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

143,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

143,4

       

IIA STATEN-GENERAAL: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

5,2

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

0,1

     

0,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,1

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

5,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

5,2

Diversen (Beleidsmatige mutaties – uitgaven)

De Tweede Kamer had voor 2015 een aantal projecten voorzien, waaronder de doorontwikkeling van Parlis en de koppeling met andere primaire parlementaire systemen. De uitvoering van deze projecten is vertraagd.

Hoge Colleges van Staat en Kabinetten

IIB OVERIGE HOGE COLLEGES VAN STAAT EN KABINETTEN: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

114,3

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 2,1

     

– 2,1

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

0,8

     

0,8

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

2,9

     

2,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

1,5

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

115,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

115,8

       

IIB OVERIGE HOGE COLLEGES VAN STAAT EN KABINETTEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

5,7

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

0,4

     

0,4

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

1,1

     

1,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

1,4

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

7,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

7,2

Diversen (Mee- en tegenvallers – uitgaven)

De Vreemdelingenkamer van de Raad van State doet in 2015 minder hoger beroepszaken af dan voorzien.

Algemene Zaken

III ALGEMENE ZAKEN: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

64,6

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 0,7

     

– 0,7

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 2,0

     

– 2,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 2,7

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

61,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

61,9

       

III ALGEMENE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

7,1

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

0,0

     

0,0

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

0,1

     

0,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,2

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

7,3

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

7,3

Diversen (Beleidsmatige mutaties – uitgaven)

Dit betreft de eindejaarsmarge van AZ.

Diversen (Technische mutaties – uitgaven)

Dit betreft met name een overboeking naar Financiën ten behoeve van categorisatiemanagement.

Diversen (Technische mutaties – niet-belastingontvangsten)

Dit betreft de aanvullende middelen ten behoeve van de uitvoering van de loonruimteovereenkomst publieke sector.

Koninkrijksrelaties

IV KONINKRIJKSRELATIES: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

392,6

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 2,0

     

– 2,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 2,0

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

390,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

390,5

       

IV KONINKRIJKSRELATIES: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

48,6

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

0,5

     

0,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,5

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

49,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

49,1

Diversen (uitgaven)

Dit betreft een bijdrage van Koninkrijksrelaties aan het BES-fonds ter opvang van wisselkoersverschillen.

Buitenlandse Zaken

V BUITENLANDSE ZAKEN: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

8.069,7

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Bruto nacalculatie

512,4

   

Invoerrechten

145,1

   

Tweede terugbetaling naheffing 2014

251,6

     

909,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

909,0

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

8.978,8

Totaal Internationale samenwerking

1.370,3

Stand Najaarsnota 2015

10.349,0

       

V BUITENLANDSE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

695,1

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Perceptiekostenvergoedingen

49,5

     

49,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

49,5

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

744,6

Totaal Internationale samenwerking

80,2

Stand Najaarsnota 2015

824,8

Een overzicht van de bruto mutaties van de EU-afdrachten sinds de Miljoenennota 2016 treft u aan in de tabel hierboven. Nadere informatie over de mutaties is terug te vinden in brieven aan de Kamer van 75 en 206 oktober j.l.

Sinds de Miljoenennota 2016 zijn twee aanvullende Europese begrotingen (DAB7 en DAB8) ingediend door de Europese Commissie. DAB8 wordt niet tijdig genoeg aangenomen in het Europees Parlement, waardoor de restituties behorende bij de nacalculatie niet meer in 2015 verwerkt kunnen worden. De uitbetaling van de restituties vindt nu plaats in 2016, dit resulteert voor 2015 in een aanvullende netto-afdracht van 859,6 mln., waarvoor 612 mln. reeds gereserveerd was op de aanvullende post (H86). Zie daarvoor de VT van hoofdstuk 86. In onderstaand tabel is schematisch weergegeven wat het effect van de EU-afdrachten en de reservering op het kader is.

x mln.

2015

Mutaties Bruto uitgaven EU-afdrachten

909,1

waarvan bruto nacalculatie

512,4

waarvan 2e nabetaling naheffing 2014

251,6

waarvan invoerrechten

145,1

Mutatie Bruto ontvangsten EU-afdrachten

– 49,5

waarvan perceptiekostenvergoedingen

– 49,5

Netto mutatie uitgaven EU-afdrachten

859,6

Reeds gereserveerde middelenaanvullende post

– 612,0

Netto effect EU-afdrachten op kader NJN

247,6

Bruto nacalculatie

De bruto nacalculatie van 512,4 mln. is het gevolg van enkele opwaartse bijstelling van de BTW- en BNI-grondslagen voor de Nederlandse afdrachten aan de EU-begroting. De opwaartse bijstellingen van de grondslagen vloeien voort uit de bronnenrevisie die in 2014 plaatsvond en uit een nieuwe herziening door het CBS en in samenwerking met DNB, waardoor de nationale rekeningen en de betalingsbalans beter op elkaar aansluiten.

Invoerrechten en perceptiekostenvergoedingen

De EU heeft de raming voor de invoerrechten voor 2015 verhoogd. Dit leidt voor Nederland tot een verwachte extra afdracht van per saldo ca. 95,6 mln. (145,1 mln. aanvullende uitgaven en daaraan gekoppeld 49,5 mln. hogere perceptiekostenvergoedingen).

Tweede terugbetaling naheffing 2014

De tweede terugbetaling van de naheffing over 2014 (251,6 mln.) zal, door de vertraging van de aanname van de DAB8 door het Europees Parlement, in 2016 plaatsvinden. Door valuta-effecten (samenhangend met de wisselkoers van de Britse Pond) wordt de restitutie verhoogd naar 269 mln. Nu blijkt dat deze ontvangst pas in 2016 zal plaatsvinden, moet er voor 2015 de eerder ingeboekte 251,6 mln. weer worden afgeboekt.

Veiligheid en Justitie

VI VEILIGHEID EN JUSTITIE: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

12.294,5

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Aanpassen bijdrage dji

– 44,1

   

Cao politie

– 49,4

   

Overboeking bhos asiel

350,0

   

Problematiek ind/nidos

26,5

   

Diversen

22,6

     

305,6

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Loonbijstelling bovensectorale loonruimte deal

71,2

   

Diversen

16,7

     

87,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

393,6

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

12.688,1

Totaal Internationale samenwerking

40,9

Stand Najaarsnota 2015

12.729,0

       

VI VEILIGHEID EN JUSTITIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

1.454,2

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Tegenvaller b&t

– 51,3

   

Tegenvaller lagere griffie ontvangsten

– 25,8

   

Diversen

– 2,2

     

– 79,3

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

12,0

     

12,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 67,3

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

1.386,9

Totaal Internationale samenwerking

2,2

Stand Najaarsnota 2015

1.389,1

Aanpassen bijdrage dji

De kasbijdrage aan DJI is bijgesteld omdat de geraamde uitgaven voor o.a. planmatig onderhoud, Van Werk Naar Werk-budgetten en de transitiekosten voor Veldzicht niet in 2015, maar in latere jaren besteed zullen worden. Bij 1e suppletoire begroting 2016 zal de meerjarige bijdrage aan DJI binnen de begroting van VenJ in lijn worden gebracht met het actuele ritme van deze bestedingen.

Cao politie

De beschikbare middelen voor de Politie-CAO komen niet tot uitbetaling in 2015. Daarom worden deze middelen d.m.v. een kasschuif doorgeschoven naar 2016.

Overboeking bhos asiel

De raming voor de asielinstroom is naar boven bijgesteld. Dit leidt tot hogere opvangkosten bij het COA voor de opvang van asielzoekers in 2015 en 2016, immers de opvangkosten lopen door na de jaargrens. De kosten voor de eerstejaarsopvang van asielzoekers uit DAC-landen worden toegerekend aan ODA. Door de verhoogde raming van de asielinstroom neemt de toerekening aan ODA in 2015 toe.

Problematiek IND/NIDOS

De raming voor de asielinstroom is bijgesteld. Dit leidt tot hogere kosten bij de IND en NIDOS voor het in procedure nemen van asielzoekers en de begeleiding en opvang van minderjarige vreemdelingen (niet ODA). Onderuitputting op verschillende begrotingen wordt ingezet als dekking voor deze problematiek. Deze middelen zullen niet tot besteding komen in 2015 en worden d.m.v. de asielreserve doorgeschoven naar 2016.

Diversen (Beleidsmatige mutaties)

De post diversen is een optelling van verschillende mee- en tegenvallers, waaronder extra uitgaven van 9 mln. ter dekking van de CAO-deal voor de kabinetssectoren en een intensivering van 6,6 mln. bij de Raad voor de Kinderbescherming. Dit betreft een bijdrage aan de verbetering van inkoop, financieel beheer en ICT-beheer bij de Raad voor de Kinderbescherming.

Loonbijstelling bovensectorale loonruimte deal

Dit betreft de aanvullende middelen ten behoeve van de uitvoering van de loonruimteovereenkomst publieke sector.

Diversen (Technische mutaties)

Deze post is een optelling van verschillende mutaties, waaronder een desaldering van 16,2 mln. bij JustID. Naast reguliere taken voert JustID ook een aantal opdrachten uit voor derden, zoals het beheer van systemen. De vergoedingen voor deze opdrachten worden door middel van een desaldering toegevoegd aan de uitgaven (zie ook ontvangsten – diversen).

Tegenvaller B&T

Door een terugloop in de ontvangsten uit boetes en transacties is een nieuwe tegenvaller ontstaan op de VenJ-begroting. Op basis van de huidige realisatiecijfers wordt vooralsnog uitgegaan van een tekort van 51 mln. in 2015, grotendeels het gevolg van de coulance acties van de politie.

Tegenvaller lagere griffieontvangsten

Als gevolg van een daling van het aantal zaken bij de Raad voor de Rechtspraak dalen ook de griffieontvangsten op de VenJ begroting.

Diversen (Technische mutaties)

De post diversen is een optelling van verschillende mee- en tegenvallers, waaronder een desaldering van 16,2 mln. bij JustID (zie ook uitgaven – diversen).

Binnenlandse Zaken

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

803,0

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 0,6

     

– 0,6

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 1,0

     

– 1,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 1,6

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

801,4

Totaal Internationale samenwerking

0,2

Stand Najaarsnota 2015

801,6

       

VII BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

920,7

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 1,4

     

– 1,4

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

14,6

 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Herziening vut-fonds

– 50,0

     

– 35,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 36,8

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

884,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

884,0

Diversen (Technische mutaties – uitgaven en niet-belastingontvangsten)

Zowel ontvangsten als uitgaven zijn opgehoogd in verband met additionele ontvangsten voor dienstverleningsafspraken (DVA). De ontvangsten en uitgaven die voortvloeien uit de DVA betreft de dienstverlening tussen de baten-en-lastenagentschappen die via het kerndepartement worden verrekend. Hiernaast is er bij de uitgaven sprake van onderuitputting op het budget voor de generieke digitale infrastructuur (GDI). Dit betreft het deel dat bij Voorjaarsnota aan BZK is uitgekeerd vanaf de Aanvullende Post. Het resterende budget vloeit terug naar de Aanvullende Post en schuift door naar 2016.

Herziening VUT-fonds ontvangsten

De raming van de ontvangsten voor 2015 uit rente en aflossing van de lening aan het VUT-fonds wordt ten opzichte van de raming bij Voorjaarsnota 2015 bijgesteld op basis van de meest actuele inzichten in de liquiditeitsplanning van het fonds.

Onderwijs, Cultuur en wetenschap

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

36.086,6

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Bijstellling autonome raming studiefinanciering

– 25,0

   

Uitputting lerarenbeurs

– 31,5

   

Diversen

– 11,7

     

– 68,2

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Intertemporele compensatie

– 40,2

   

Isb 2015 inzake verwerving kunstwerk

50,0

   

Diversen

0,0

     

9,8

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Loonbijstelling bovensectorale loonruimte deal

231,4

   

Diversen

43,1

 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Niet relevant bijstelling autonome raming

70,0

     

344,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

286,1

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

36.372,6

Totaal Internationale samenwerking

61,4

Stand Najaarsnota 2015

36.434,0

       

VIII ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

1.274,6

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Rente ontvangsten

– 40,0

   

Diversen

14,3

     

– 25,7

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

46,5

     

46,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

20,8

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

1.295,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

1.295,4

Bijstelling autonome raming studiefinanciering

De laatste realisatiegegevens van DUO laten zien dat er minder uitgaven aan studiefinanciering zijn dan eerder geraamd, voornamelijk bij de basis- en aanvullende beurs in de beroeps opleidende leerweg van het mbo.

Uitputting lerarenbeurs

Bij de lerarenbeurs zijn minder aanvragen dan voorzien. Dit leidt tot onderuitputting.

Intertemporele compensatie

Dit betreft het totaal van overlopende verplichtingen die niet in 2015 maar in 2016 worden gedaan, wegens vertragingen. De belangrijkste hierbij zijn uitgaven aan het lerarenregister en uitgaven voor flexibel hoger onderwijs voor volwassenen.

ISB 2015 inzake verwerving kunstwerk

Dit betreft 50 mln. van de 80 mln. die beschikbaar is gesteld voor de aanschaf van de door Rembrandt van Rhijn geschilderde huwelijksportretten van Maerten Soolmans en Oopjen Coppit. Zie voor het overige budget de toelichting onder de post diversen (technische mutaties).

Loonbijstelling bovensectorale loonruimte deal

Dit betreft de aanvullende middelen ten behoeve van de uitvoering van de loonruimteovereenkomst publieke sector.

Diversen (technische mutaties)

Hieronder valt de 30 mln. uit het museaal aankoopfonds die via een desaldering beschikbaar is gekomen voor de aanschaf van de door Rembrandt van Rhijn geschilderde huwelijksportretten van Maerten Soolmans en Oopjen Coppit. Daarnaast betreft deze post een aantal kleine desalderingen en overboekingen met andere departementen.

Niet relevant bijstelling autonome raming

Het aantal studenten dat een studielening afsluit bij DUO is hoger dan geraamd. Dit leidt tot deze niet-kaderrelevante bijstelling.

Diversen rente-ontvangsten

Uit de laatste realisaties blijkt dat er minder rente-ontvangsten zijn dan eerder bij Miljoenennota 2015 geraamd. Dit komt door de lage rentestand.

Diversen (mee- en tegenvallers)

Er is een aantal ontvangstenmeevallers, voornamelijk door hogere lesgeldontvangsten in het mbo.

Diversen (technische mutaties)

Dit betreft vier desalderingen. De grootste zijn de desaldering voor de aanschaf van de door Rembrandt van Rhijn geschilderde huwelijksportretten van Maerten Soolmans en Oopjen Coppit en de terugstorting aan het Participatiefonds als gevolg van correcties op declaraties van wachtgeldkosten.

Nationale Schuld

IXA NATIONALE SCHULD (TRANSACTIEBASIS): UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

15.122,3

Technische mutaties

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Mutatie in rekening-courant en deposito

– 159,4

   

Rente vlottende schuld

– 52,0

   

Verstrekte leningen

682,8

   

Diversen

– 34,0

     

437,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

437,4

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

15.559,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

15.559,7

       

IXA NATIONALE SCHULD (TRANSACTIEBASIS): NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

9.371,8

Technische mutaties

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Aflossingen op leningen

192,4

   

Mutatie in rekening-courant en deposito

2.708,6

   

Rente vaste schuld

– 1.015,0

   

Diversen

44,5

     

1.930,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

1.930,5

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

11.302,3

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

11.302,3

Mutatie in rekening-courant en deposito

De inleg van de sociale fondsen is gewijzigd als gevolg van mutaties in de premieontvangsten en de premiegefinancierde uitgaven.

Rente vlottende schuld

De realisatie van de rentelasten vlottende schuld wijkt af van de raming als gevolg van bijstellingen van de rentetarieven en de financieringsbehoefte.

Versterkte leningen

Gewijzigde inzichten in het leengedrag van agentschappen en RWT’s (Rechtspersonen met een wettelijke taak) leiden tot een aanpassing van de voorziene uitgaven.

Diversen

Dit betreft een restpost met onder andere rentelasten van RWT’s en decentrale overheden.

Aflossingen op leningen

Gewijzigde inzichten in het leengedrag van agentschappen en Rechtspersonen met een wettelijke taak leiden tot een aanpassing van de voorziene ontvangsten.

Mutatie in rekening-courant en deposito

RWT’s en Decentrale Overheden hebben de in de schatkist aangehouden middelen vergroot. Dit wordt geboekt als ontvangst op de begroting van Nationale Schuld.

Rente vaste schuld

De rentebaten op de vaste schuld bestaan (nagenoeg volledig) uit baten op afgesloten swaps. Doordat swaps met een lange looptijd vroegtijdig worden afgewikkeld vallen de ontvangsten lager uit.

Diversen

Dit betreft een restpost met onder andere rentebaten van RWT’s.

Financiën

IXB FINANCIEN: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

6.656,9

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
 

Bijstelling bir

– 86,6

   

Onderuitputting eigen personeel

– 31,0

   

Schade-uitkering ekv

25,1

   

Diversen

– 31,8

     

– 124,3

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

25,1

 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Aankoop sns bank zie kamerbrief van 28 augustus

1.100,0

   

Diversen

15,2

     

1.140,3

       

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

1.016,0

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

7.672,9

Totaal Internationale samenwerking

359,3

Stand Najaarsnota 2015

8.032,2

       

IXB FINANCIEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

       
       

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

3.808,9

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Bijstelling bir

– 90,0

   

Exportkredietverzekering

55,0

   

Ontvangsten boetes en schikkingen

16,0

   

Schaderestituties

– 28,0

   

Diversen

3,4

     

– 43,6

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 15,3

 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Ontvangsten ijsland

58,5

   

Verkoop eerste tranche ABN AMRO

3.337,0

   

Verrekening overbruggingskrediet ivm aankoop sns bank

1.100,0

   

Diversen

– 17,1

     

4.463,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

4.419,4

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

8.228,4

Totaal Internationale samenwerking

4,8

Stand Najaarsnota 2015

8.233,2

Bijstelling BIR (uitgaven en ontvangsten)

De uitgaven belasting- en invorderingsrente worden met 86,6 mln. naar beneden bijgesteld. Omdat de grondslag voor de BIR lager is dan de oorspronkelijke raming hoeft de belastingdienst minder rente te vergoeden bij het vaststellen van definitieve aanslagen.

Onderuitputting eigen personeel

De onderuitputting is onder andere te verklaren doordat personele instroom bij de Belastingdienst later op gang is gekomen en uitstroom hoger is dan verwacht.

Schade-uitkering EKV

De raming op de schade-uitgaven wordt naar boven bijgesteld door een grote verwachte schade-uitkering eind 2015.

Diversen (Beleidsmatige – rijksbegroting in enge zin)

Dit betreft onder andere een onderuitputting van 6 mln. bij de Douane. Het budget voor sancties Rusland is pas halverwege het jaar uitgekeerd, waarna werving van personeel in gang kon worden gezet. Hierdoor is er geen volledig jaar aan personele kosten gemaakt. Verder betreft dit een kasschuif in verband met ICT-uitgaven die in 2016 in plaats van 2015 plaatsvinden.

Diversen (Technische mutatie – rijksbegroting in enge zin)

Dit betreft vooral de aanvullende middelen ten behoeve van de uitvoering van de loonruimteovereenkomst publieke sector.

Aankoop SNS Bank zie kamerbrief van 28 augustus

In verband met de verplaatsing van SNS Bank heeft de staat de aandelen SNS Bank van SNS REAAL gekocht, zie ook Kamerstuk 33 532, nr. 47. Hierbij is de eerder aan SNS REAAL verstrekte overbruggingslening van 1,1 mld. verrekend met de aankoopprijs. Bij de uitgaven is daarom een betaling van 1,1 mld. opgenomen. Aan de ontvangstenkant is hetzelfde bedrag opgenomen voor de verrekening met het overbruggingskrediet.

Diversen (niet tot een ijklijn behorend)

De uitvoeringskosten voor de staatsdeelnemingen zijn voornamelijk verhoogd in verband met de verkoop van ABN AMRO. Het grootste deel van de mutatie ziet op de vergoeding aan de zakenbanken voor de verkoop van aandelen (9,5 mln.).

Bijstelling BIR

De ontvangsten uit belasting- en invorderingsrente worden met 90 mln. naar beneden bijgesteld. Dit wordt met name veroorzaakt doordat aangiften sneller worden ontvangen (onder andere als gevolg van de vooraf ingevulde aangifte) en aanslagen hierdoor sneller kunnen worden opgelegd waardoor burgers en bedrijven minder rente hoeven te betalen dan eerder geraamd. Daarnaast is sprake van lagere renteontvangsten omdat veel bedrijven kiezen voor het betalen van een hogere voorlopige belastingaanslag, waardoor bij de vaststelling van de definitieve aanslag minder rente verschuldigd is.

Exportkredietverzekering

Door enkele grote exporttransacties zijn de premie-inkomsten hoger dan geraamd. De raming wordt daarom naar boven bijgesteld. Het saldo van mee- en tegenvallers binnen de EKV wordt ultimo boekjaar gestort in de begrotingsreserve.

Ontvangsten boetes en schikkingen

De ontvangsten van boetes zijn 16 mln. hoger dan geraamd. Dit wordt vooral veroorzaakt door hogere ontvangsten boetes motorrijtuigenbelasting.

Schaderestituties

De schaderestituties uit hoofde van terugbetalingsregelingen zijn lager dan geraamd. De raming wordt daarom naar beneden bijgesteld.

Diversen (Beleidsmatige mutaties – rijksbegroting in enge zin)

Voor de Staatloterij was rekening gehouden met het risico dat er een tegenvaller zou zijn op de afdrachten. Dit risico heeft zich in mindere mate gematerialiseerd, waardoor de raming naar boven kon worden bijgesteld.

Diversen (Technische mutaties – rijksbegroting in enge zin)

De ontvangsten van de doorberekende tarieven Kostenwet (de kosten vervolging) blijven licht achter bij de raming.

Ontvangsten IJsland

Het dossier Ice Save is na zeven jaar gesloten. Met het IJslandse DGS is een schikking overeengekomen. Dit zijn niet-geraamde ontvangsten als gevolg van de afwikkeling van de vordering inzake Ice Save.

Verkoop eerste tranche ABN AMRO

Dit zijn de opbrengsten van de verkoop van de eerste tranche van aandelen van ABN AMRO.

Verrekening overbruggingskrediet i.v.m. SNS Bank

In verband met de verplaatsing van SNS Bank heeft de staat de aandelen SNS Bank van SNS REAAL gekocht, zie ook Kamerstuk 33 532, nr. 47. Hierbij is de eerder aan SNS REAAL verstrekte overbruggingslening van 1,1 mld. verrekend met de aankoopprijs. Bij de uitgaven is daarom een betaling van 1,1 mld. opgenomen. Aan de ontvangstenkant is hetzelfde bedrag opgenomen voor de verrekening met het overbruggingskrediet.

Diversen (Technische mutaties – niet tot een ijklijn behorend)

Dit betreft met name lagere renteontvangsten van SNS REAAL als gevolg van het het verrekenen van de overbruggingslening met de aankoop van SNS Bank (zie ook Kamerstuk 31 789, nr. 77). Daarnaast zorgt de lage Euriborrente voor lagere renteontvangsten van Griekenland. Per saldo leidt dit tot een tegenvaller van 19 mln.

Defensie

X DEFENSIE: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

7.657,4

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

8,0

     

8,0

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Aflossing sdd-emu lening project vervanging f-16

– 62,6

   

Bijstelling investeringen

– 142,4

   

Doorwerking ontvangsten

16,9

   

Overloop naar 2016 wettelijke betalingen

– 53,6

   

Diversen

– 6,5

     

– 248,2

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Loonbijstelling bovensectorale loonruimte deal

39,8

   

Diversen

3,8

 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Diversen

– 5,3

     

38,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 201,8

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

7.455,5

Totaal Internationale samenwerking

302,6

Stand Najaarsnota 2015

7.758,1

       

X DEFENSIE: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

353,4

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Bijstellen ontvangsten

16,9

     

16,9

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

5,8

 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Diversen

15,0

     

20,8

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

37,7

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

391,1

Totaal Internationale samenwerking

20,9

Stand Najaarsnota 2015

412,0

Aflossing sdd-emu lening project vervanging f-16

Dit betreft de aflossing van de lening voor de SDD (System Development and Demonstration) fase, die onderdeel is van de financiering van het project vervanging F-16.

Bijstelling investeringen

Een gedeelte van de geplande uitgaven uit het investeringsbudget komt in 2015 niet tot besteding en wordt doorgeschoven naar 2016. Deze middelen worden meegenomen via de eindejaarsmarge.

Bijstellen en doorwerking ontvangsten

De ontvangsten voor 2015 worden o.a. aangepast door vervroegde ontvangsten uit de verkoop van tanks aan Finland en lagere opbrengsten van verkoop van onroerend goed door vertraging in de introductie van de werkwijze Kader Overname Rijksvastgoed (KORV). De uitgaven worden navenant bijgesteld.

Overloop naar 2016 wettelijke betalingen

De uitgaven voor risico-inventarisaties en evaluaties (RI&E), veteranenuitkeringen en de participatiewet komen niet in 2015 maar in 2016 tot uitbetaling. Deze middelen worden meegenomen via de eindejaarsmarge.

Loonbijstelling bovensectorale loonruimte deal

Dit betreft de aanvullende middelen ten behoeve van de uitvoering van de loonruimteovereenkomst publieke sector.

Diversen (uitgaven en niet-belastingontvangsten)

De uitgaven- en ontvangstenmutaties in de categorie diversen bestaan vooral uit diverse kleinere mutaties, waaronder een herallocatie van middelen van artikel 12 Nominaal en Onvoorzien naar verschillende beleidsartikelen, ter dekking van tekorten op formatie, informatievoorziening en transport. Daarnaast betreft het bijstelling van het leenbedrag aan ABP 2015 voor het kapitaaldekkingstelsel militaire ouderdomspensioenen en de aflossing van eenzelfde lening uit 2005. Tot slot gaat het om ontvangsten van de Stichting Defensiemusea.

Infrastructuur en Milieu

XII INFRASTRUCTUUR EN MILIEU: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

8.728,8

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 15,7

     

– 15,7

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 19,3

     

– 19,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 34,9

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

8.693,9

Totaal Internationale samenwerking

25,5

Stand Najaarsnota 2015

8.719,3

       

XII INFRASTRUCTUUR EN MILIEU: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

271,9

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

3,4

     

3,4

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

11,6

     

11,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

15,0

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

286,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

286,9

Diversen (Beleidsmatige mutaties – uitgaven)

De drie grootste mutaties binnen deze post zijn (1) een overboeking van 3,9 mln. naar het BES-fonds om de drink- en afvalwatervoorzieningen in Caribisch Nederland op een aanvaardbaar voorzieningenniveau te brengen; (2) hogere uitgaven van per saldo 8 mln. ten behoeve van de uitvoering van de loonruimteovereenkomst publieke sector; (3) onderuitputting van 9 mln. binnen de subsidieregeling Beheersing GSM-R interferentie. Deze subsidie komt tegemoet in de kosten die spoorvervoerders moeten maken voor het vervangen van bestaande radioapparatuur in spoorvoertuigen. Van de onderuitputting wordt 1,3 mln. gebruikt voor het dekken van de onverwachte hogere uitgaven in het kader van de klimaatconferentie in Parijs en het SER-Energieakkoord.

Diversen (Technische mutaties – uitgaven)

De drie grootste mutaties binnen deze post zijn (1) een overboeking van 8 mln. naar het GF in het kader van het Meerjarenprogramma Bodem. Dit bedrag is bestemd voor de bodemsanering van gasfabrieken en de Volgermeerpolder in Amsterdam; (2) hogere ontvangsten van 9,1 mln. van het Rijksvastgoedbedrijf als gevolg van een tariefsverlaging. Deze ontvangsten hebben betrekking op de agentschappen RWS, KNMI en de ILT; (3) verdeling van 11 mln. aan aanvullende middelen ten behoeve van de uitvoering van de loonruimteovereenkomst publieke sector.

Diversen (beleidsmatige mutaties – niet-belastingontvangsten)

Deze post bestaat onder andere uit 4,3 mln. aan hogere ontvangsten van het Rijksvastgoedbedrijf m.b.t. de Bestuurskern en SSC-ICT. De hogere ontvangsten zijn het gevolg van de hierboven genoemde tariefsverlaging en van niet-geraamde ontvangst van een openstaande vordering uit 2010.

Diversen (Technische mutaties – niet- belastingontvangsten)

Deze post bestaat onder andere uit de post Rijkshuisvesting agentschappen en betreft 9,1 mln. als gevolg van een tariefsverlaging van het Rijksvastgoedbedrijf. Deze ontvangsten hebben betrekking op de agentschappen RWS, KNMI en de ILT.

Economische Zaken

XIII ECONOMISCHE ZAKEN: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

5.011,7

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Ets-compensatie

– 24,0

   

Diversen

2,6

     

– 21,4

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

1,1

     

1,1

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

13,2

 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Diversen

– 30,8

     

– 17,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 37,8

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

4.973,9

Totaal Internationale samenwerking

54,4

Stand Najaarsnota 2015

5.028,2

       

XIII ECONOMISCHE ZAKEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

7.790,6

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

2,6

     

2,6

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

2,3

     

2,3

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

34,4

 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Aardgasbaten

– 100,0

   

Liof

– 32,0

   

Ontvangsten sde+

– 41,0

   

Diversen

– 5,8

     

– 144,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 139,5

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

7.651,1

Totaal Internationale samenwerking

0,4

Stand Najaarsnota 2015

7.651,5

ETS-compensatie

Door lagere prijzen voor de ETS-rechten was het beroep op de regeling Compensatie Energie-intensieve bedrijven lager dan het bedrag dat voor de regeling beschikbaar was.

Diversen (niet tot een ijklijn behorend)

Rekkof Aircraft N.V. heeft in 2015 geen gebruik gemaakt van de luchtvaartkredietfaciliteit (ruim 20 mln.). Daarnaast vraagt ECN/NRG de overeengekomen lening minder snel op dan eerder geraamd (ruim 10 mln.).

Aardgasbaten

De raming van de aardgasbaten is naar beneden bijgesteld door lager dan geraamde prijzen.

LIOF

Een deel van de aandelen die het Rijk houdt in de Limburgse Ontwikkelings- en Investeringsmaatschappij (LIOF) wordt verkocht aan de Provincie Limburg. Naar verwachting zal de verkoopovereenkomst niet meer in 2015 door de provinciale staten worden bekrachtigd.

Ontvangsten SDE+

Het kabinet zal naar verwachting in 2015 minder opbrengsten uit de opslag duurzame energie (ODE) realiseren dan geraamd mede onder invloed van de gemiddeld hogere temperatuur.

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

31.445,6

Mee- en tegenvallers

 
 

Sociale zekerheid

 
   

Bijstand

23,8

   

Kinderopvangtoeslag

– 45,0

   

Diversen

10,3

     

– 10,9

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 28,9

 

Sociale zekerheid

 
   

Diversen

1,3

     

– 27,6

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Bijdrage sociale werkplaatsen

– 30,0

   

Diversen

1,8

 

Sociale zekerheid

 
   

Diversen

– 0,5

 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Diversen

2,3

     

– 26,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 64,8

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

31.380,8

Totaal Internationale samenwerking

0,5

Stand Najaarsnota 2015

31.381,3

       

XV SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

1.849,4

Mee- en tegenvallers

 
 

Sociale zekerheid

 
   

Kinderopvangtoeslag

17,0

   

Nadere afrekening bijstand

19,5

   

Nadere afrekening wajong

34,1

   

Diversen

– 8,5

     

62,1

Beleidsmatige mutaties

 
 

Sociale zekerheid

 
   

Diversen

– 1,4

     

– 1,4

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

1,7

     

1,7

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

62,4

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

1.911,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

1.911,7

Bijstand

Een correctie op de oorspronkelijk gehanteerde verdeling over de gemeenten leidt tot hogere uitgaven dan oorspronkelijk geraamd. Gemeenten die voordeel hebben van deze correctie krijgen hierdoor in 2015 een hoger budget. Tegelijkertijd zal geen enkele gemeente als gevolg van deze correctie budgetnadeel ontvangen dan bij het voorlopig budget in september 2014 is vastgesteld.

Kinderopvangtoeslag (uitgaven en ontvangsten)

Op basis van recente realisatiecijfers van de Belastingdienst is de raming van de uitgaven aan de kinderopvang naar beneden bijgesteld. Dit is het saldo van meer kinderen in de opvang en een lager gemiddeld aantal uren opvang per kind, waarbij het laatste effect groter is.

Verder zijn de terugvorderingen over recente toeslagjaren hoger dan geraamd. Daarnaast verloopt het proces van definitief afrekenen bij de Belastingdienst steeds sneller waardoor ontvangsten eerder binnenkomen.

Diversen (beleidsmatige mutaties – rbg-eng)

Deze post bevat onderuitputting op diverse onderdelen van de begroting van SZW. De grootste betreft onderuitputting op het budget van de sectorplannen voor 2015 (7 mln.).

Uitvoering motie Kerstens (herstructurering sociale werkplaatsen)

Dit betreft een overboeking naar het Gemeentefonds ten behoeve van een decentralisatie-uitkering in verband met de door de Tweede Kamer aangenomen motie Kerstens voor de herstructurering van de sociale werkvoorziening via een landelijk sectorplan.

Nadere afrekening bijstand

De restituties komen vooral voort uit de terugontvangsten in verband met vaststellingen van rijksbijdragen over oudere verantwoordingsjaren voor de Wet Participatiebudget, de Toeslagenwet en boedelverdeling SVB-Nederlandse Antillen.

Nadere afrekening wajong

De restituties hebben betrekking op verrekeningen in verband met betaalde rijksvergoedingen Wajong en Re-integratie Wajong in 2014.

Sociale Zekerheid

SOCIALE ZEKERHEID: UITGAVEN

     

2015

Stand Miljoenennota 2016

77.041,9

Mee- en tegenvallers

 
 

Sociale zekerheid

 
   

Kinderopvangtoeslag

– 45,0

   

Wazo

– 27,0

   

Ww

– 215,3

   

Diversen

– 9,5

     

– 296,8

Beleidsmatige mutaties

 
 

Sociale zekerheid

 
   

Invullen in=uit taakstelling

48,5

   

Diversen

– 6,6

     

41,9

Technische mutaties

 
 

Sociale zekerheid

 
   

Diversen

3,5

     

3,5

       

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 251,4

Stand Najaarsnota 2015

76.790,5

       

SOCIALE ZEKERHEID: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

     

2015

Stand Miljoenennota 2016

1.136,5

Mee- en tegenvallers

 
 

Sociale zekerheid

 
   

Nadere afrekening wajong

34,1

   

Diversen

35,0

     

69,1

Beleidsmatige mutaties

 
 

Sociale zekerheid

 
   

Diversen

– 1,4

     

– 1,4

       

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

67,7

Stand Najaarsnota 2015

1.204,1

Kinderopvangtoeslag

Op basis van recente realisatiecijfers van de Belastingdienst is de raming van de uitgaven aan de kinderopvang naar beneden bijgesteld. Dit is het saldo van meer kinderen in de opvang en een lager gemiddeld aantal uren opvang per kind, waarbij het laatste effect groter is.

Wazo

Een meevaller bij de Wazo komt door een lager aantal uitkeringen als gevolg van een dalend aantal geboorten.

Ww

Op basis van uitvoeringsinformatie van het UWV worden de uitgaven aan de WW naar beneden bijgesteld. Deze meevaller is het saldo van verschillende posten. De gemiddelde jaaruitkering komt lager uit dan verwacht omdat het aantal uitkeringen in sectoren met een hoge gemiddelde uitkering lager uitkomst dan geraamd. Daarnaast is het aantal uitkeringsjaren neerwaarts bijgesteld en komen de overige lasten WW lager uit, onder meer door sterkere daling van de faillissementsuitkeringen.

Nadere afrekening Wajong

De restituties hebben betrekking op verrekeningen inzake betaalde rijksvergoedingen Wajong en Re-integratie Wajong in 2014.

Diversen (niet-belastingontvangsten – SZA)

Deze post bevat voornamelijk terugvorderingen bij de kinderopvangtoeslag (zie VT H15).

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

14.700,0

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Backpay

20,0

   

Subsidie transitie jeugd

– 73,0

   

Taakstellende onderuitputting

48,0

   

Diversen

– 49,8

 

Zorg

 
   

Diversen

– 18,5

     

– 73,3

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

8,6

 

Zorg

 
   

Schadeloosstelling erasmus mc

85,0

   

Diversen

2,1

 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Diversen

0,4

     

96,1

   

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

22,9

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

14.722,9

Totaal Internationale samenwerking

5,3

Stand Najaarsnota 2015

14.728,2

       

XVI VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

113,0

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Ontvangsten wanbetalers

22,9

   

Diversen

32,5

     

55,4

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

5,1

     

5,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

60,5

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

173,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

173,4

Backpay

Dit zijn de kosten voor de financiële regeling die is getroffen voor de «backpay». Dit betreft de genoegdoening voor de niet uitbetaalde salarissen aan ambtenaren en militairen die in dienst waren van het Nederlands-Indisch Gouvernement gedurende de Japanse bezetting en nu zelf nog in leven zijn.

Subsidie transitie jeugd

In de jeugdzorg zijn subsidies op grond van de subsidieregeling bijzondere transitiekosten Jeugd lager uitgevallen dan geraamd. Er zijn minder instellingen dan verwacht in de financiële problemen gekomen. In 2015 hebben instellingen ingeteerd op hun eigen vermogen, daarnaast is het overgangsrecht voor cliënten in 2016 niet meer toepassing. Dit leidt tot de verwachting dat vanaf 2016 meer instellingen in de problemen kunnen komen en er zodoende een groter beroep op de subsidieregeling gedaan zal worden. Daarom worden de niet-bestede middelen in 2015 via een kasschuif doorgeschoven naar 2016.

Taakstellende onderuitputting

Dit betreft de oningevulde taakstelling op de begroting van VWS. Deze wordt ingevuld met de bij de 2e suppletoire begrotingswet gepresenteerde onderuitputting.

Diversen (beleidsmatige rbg-eng)

Het betreft het saldo van een aantal mutaties waaronder lagere uitgaven aan regelingen op het gebied van toegankelijkheid en kwaliteit langdurige zorg (– 9,9 mln.), lagere uitgaven aan regelingen op gebied van jeugd (– 7,0 mln.), lagere uitgaven bij uitkeringen en pensioenen ingevolge WOII (– 6,0 mln.) en lagere uitvoeringskosten bij regelingen voor wanbetalers, onverzekerden en onverzekerbare vreemdelingen (– 5,5 mln.).

Diversen (beleidsmatig zorg)

Het betreft het saldo van een aantal mutaties waaronder onderuitputting bij de transitieregeling medisch-specialistische zorg (– 9,0 mln.) en lagere uitgaven in het kader van de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (– 7,5 mln.).

Schadeloosstelling Erasmus MC

In een bindend advies is de schadevergoeding die VWS aan Erasmus MC moet betalen vanwege het niet nakomen van twee toezeggingen uit 2009 vastgesteld op 235,9 mln. (per ultimo 2014). VWS betaalt in 2015 en 2016 een bedrag van 85 mln. en het restant in 2017. De middelen zijn naar Hoofdstuk XVI overgeboekt, maar blijven behoren tot het BKZ (begrotingsgefinancierde BKZ-uitgaven).

Diversen (technisch niet tot een ijklijn behorend)

Het betreft het saldo van de afrekening rijksbijdrage abortusklinieken over 2013/2014 (1,2 mln.) en de bijdrage in uitvoeringskosten van Tegemoetkoming Specifieke Zorgkosten (– 0,9 mln.).

Ontvangsten wanbetalers

De ontvangsten in het kader van de wanbetalersregeling vallen hoger uit door een hoger dan verwacht inningspercentage.

Diversen (beleidsmatig rbg-eng)

Het betreft het saldo van een aantal mutaties waaronder de terugvordering van de overlooppost van ZonMw (13,5 mln.), terugontvangst van te veel ontvangen voorschotten CIBG (6,8 mln.), taakstellende ontvangstenmeevaller (– 5,4 mln.) en hogere ontvangsten die samenhangen met lagere uitvoeringskosten bij regelingen voor wanbetalers, onverzekerden en onverzekerbare vreemdelingen (5,2 mln.).

Budgettair Kader Zorg

ZORG: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016

70.612,1

Mee- en tegenvallers

 
 

Zorg

 
   

Actualisering zorguitgaven

– 335,0

     

– 335,0

Beleidsmatige mutaties

 
 

Zorg

 
   

Schadeloosstelling erasmus mc

81,0

   

Diversen

– 8,6

     

72,4

Technische mutaties

 
 

Zorg

 
   

Diversen

2,4

     

2,4

       

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 260,2

Stand Najaarsnota 2015

70.351,9

       

ZORG: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016

5.109,0

       

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

Stand Najaarsnota 2015

5.109,0

Actualisering zorguitgaven

Op basis van voorlopige gegevens over het eerste half jaar van 2015 van het Zorginstituut Nederland (ZiNL) zijn de ramingen van de zorguitgaven 2015 geactualiseerd. Binnen de Zvw tekent zich een onderschrijding af van circa € 0,3 miljard. Deze geraamde onderschrijding kan nog wijzigen op grond van de realisatiecijfers over geheel 2015. Daarover wordt in het jaarverslag 2015 nader gerapporteerd.

Diversen (beleidsmatig zorg)

Dit betreft het saldo van diverse mutaties waaronder ruimte bij de transitieregeling medische specialisten (– 9,0 mln.) en de Wtcg (– 7,5 mln.) en meerkosten voor de PGB-trekkingsrechten (7,7 mln).

Schadeloosstelling Erasmus MC

In een bindend advies is de schadevergoeding die VWS aan Erasmus MC moet betalen vanwege het niet nakomen van twee toezeggingen uit 2009 vastgesteld op 235,9 mln. (per ultimo 2014). VWS betaalt in 2015 en 2016 een bedrag van 85 mln. en het restant in 2017. Voor de betaling in 2015 wordt via een kasschuif 81 mln. toegevoegd aan de 4 mln. die voor 2015 was gereserveerd.

Diversen (technisch zorg)

Dit betreft het saldo van een aantal ijklijnmutaties.

Buitenlandse Handel & Ontwikkelingssamenwerking

XVII BUITENLANDSE HANDEL & ONTWIKKELINGSSAMENWERKING: UITGAVEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

2.783,3

Stand Najaarsnota 2015

2.783,3

   

XVII BUITENLANDSE HANDEL & ONTWIKKELINGSSAMENWERKING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

20,9

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

20,9

Totaal Internationale samenwerking

71,9

Stand Najaarsnota 2015

92,8

Wonen & Rijksdienst

XVIII WONEN & RIJKSDIENST: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

3.888,2

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Huurtoeslag 2015

154,0

     

154,0

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Kasschuif rfe iii

– 35,0

     

– 35,0

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Reserve saneringssteun

294,1

   

Saneringsbijdrage wsg

51,9

   

Diversen

9,4

     

355,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

474,4

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

4.362,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

4.362,6

       

XVIII WONEN & RIJKSDIENST: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

603,0

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Ontvangsten huurtoeslag 2015

44,0

   

Diversen

– 1,0

     

43,0

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Reserve saneringssteun

294,1

   

Saneringsbijdrage wsg

51,9

   

Diversen

– 2,5

     

343,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

386,4

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

989,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

989,4

Huurtoeslag 2015 (uitgaven en niet-belastingontvangsten)

Bij de Huurtoeslag is op basis van de huidige verwachtingen in 2015 per saldo sprake van een overschrijding. De uitgaven aan voorschotten liggen hoger door een hoger aantal aanvragen dan geraamd. De ontvangsten liggen hoger door een snellere vaststelling van de definitieve bijdragen dan verwacht, waardoor er in de loop van het jaar meer vorderingen zijn ingesteld. De definitieve hoogte van de overschrijding zal blijken bij Slotwet. Het tekort wordt betrokken bij de besluitvorming over de begroting 2017.

Kasschuif RFE III

Het Revolverend Fonds Energiebesparing III voor Verenigingen van Eigenaren gaat in 2015 niet meer van start. De beschikbare middelen uit 2015 worden doorgeschoven naar 2016. In het voorjaar wordt nader bezien of deze middelen eventueel (deels) kunnen worden ingezet voor een mogelijk op te richten fonds funderingsherstel.

Begrotingsreserve sanerings- en projectsteun woningcorporaties en saneringsbijdrage WSG (uitgaven en niet belastingontvangsten)

Per 1 juli 2015 is de saneringstaak en de reguliere projectsteun van het Centraal Fonds Volkshuisvesting (CFV) overgegaan naar het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. De middelen verbonden aan de saneringstaak en de projectsteun worden via de begroting van WenR ondergebracht in een begrotingsreserve. De initiële storting in de reserve bedraagt 294,1 mln. Hiernaast wordt een bijdrage geleverd aan de sanering van de Woningstichting Geertruidenberg (WSG).

Gemeentefonds

B GEMEENTEFONDS: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

27.246,5

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Uitvoering motie kerstens (herstructurering sociale werkplaatsen)

30,0

   

Diversen

19,2

 

Zorg

 
   

Diversen

12,2

     

61,4

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

61,4

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

27.307,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

27.307,9

   

B GEMEENTEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,1

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,1

Uitvoering motie Kerstens (herstructurering sociale werkplaatsen)

Dit betreft een overboeking naar het Gemeentefonds ten behoeve van een decentralisatie-uitkering in verband met de door de Tweede Kamer aangenomen motie Kerstens voor de herstructurering van de sociale werkvoorziening via een landelijk sectorplan.

Provinciefonds

C PROVINCIEFONDS: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

1.077,4

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Mkb innovatie topsectoren

15,0

   

Diversen

22,2

     

37,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

37,2

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

1.114,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

1.114,6

       

C PROVINCIEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

MKB innovatie topsectoren

In het kader van de Samenwerkingsagenda Rijk-regio wordt voor de uitvoering van de regeling MKB Innovatiestimulering Topsectoren budget overgemaakt naar het Provinciefonds.

Infrastructuurfonds

A INFRASTRUCTUURFONDS: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

5.946,7

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Saldo 2015 hoofdvaarwegennet

– 29,6

   

Saldo 2015 hoofdwegennet

155,4

   

Saldo 2015 megaprojecten verkeer en vervoer

– 36,7

   

Saldo 2015 spoorwegen

– 240,5

   

Diversen

– 4,5

     

– 155,9

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Vaststelling bov-subsidie 2014

35,1

   

Diversen

1,2

     

36,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 119,6

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

5.827,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

5.827,1

       

A INFRASTRUCTUURFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

5.946,7

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Saldo 2015 hoofdvaarwegennet

15,9

   

Saldo 2015 hoofdwegennet

– 46,9

   

Diversen

1,0

     

– 30,0

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Vaststelling bov-subsidie 2014

35,1

   

Diversen

1,2

     

36,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

6,4

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

5.953,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

5.953,1

Saldo 2015 Hoofdvaarwegennet

Per saldo is op het artikel hoofdvaarwegennet een onderuitputting van 29,6 mln. Dit bedrag bestaat uit drie componenten.

  • •  Op aanleg is er voor 66,1 mln. minder gerealiseerd dan geprogrammeerd. Deze lagere realisatie wordt met name veroorzaakt door lagere uitgaven binnen de projecten Dynamisch verkeersmanagement vaarwegen (12,5 mln.), Capaciteitsuitbreiding ligplaatsen Beneden-Lek (9,5mln.), Lichteren buitenhaven IJmuiden (8,0 mln.), Capaciteitsuitbreiding sluis Eefde (6,1 mln.) en Beter Benutten (5,4 mln.). Omdat op aanleg in 2015 wordt gewerkt met een overprogrammering van 35,0 mln. leidt de onderrealisatie van 66,1 mln. tot een onderuitputting op het budget van 31,1 mln.
  • •  Op beheer, onderhoud en vervanging is er een overschrijding van 5,1 mln. Voor het project «Impuls Groot Onderhoud» is 11,4 mln. meer uitgegeven. Hier tegenover staan lagere uitgaven op de Vervanging en Renovatie projecten volgend uit Risico Inventarisatie Natte Kunstwerken (4,8 mln.). Daarnaast is op de overdracht van vaarwegen in het kader van Brokx-Nat 1,5 mln. minder uitgegeven.
  • •  Op de geïntegreerde contractvormen is een onderuitputting van 3,5 mln. De oorzaak hiervan is dat een deel van de kosten voor het project Sluis Limmel nog ten laste van aanleg komen en de uitgaven in 2015 lager uitvallen.

Saldo 2015 Hoofdwegennet

Per saldo is op het artikel hoofdwegennet een overschrijding van 155,4 mln. Dit bedrag bestaat uit vier componenten.

  • •  Op aanleg is voor 18,8 mln. minder gerealiseerd dan geprogrammeerd. De lagere realisatie wordt met name veroorzaakt door lagere uitgaven binnen de projecten N35 Wijthmen–Nijverdal (15,1 mln.), Beter Benutten (14,4 mln.), ZSM Spoedwet Wegverbreding (11,0 mln.), programma 130 km/h (9,8 mln.), N18 Varsseveld–Enschede (8,3 mln.), en A7 Zuidelijke Ringweg Groningen (7,7mln.) Een aantal projecten kent hogere uitgaven: o.a. Delft–Schiedam (18,4 mln.), A9 Badhoevedorp (17,3 mln.) en A1/A6/A9 Schiphol–Amsterdam–Almere (16,4 mln.). Omdat op aanleg in 2015 wordt gewerkt met een overprogrammering van 145,0 mln. leidt de onderrealisatie van 18,8 mln. tot een overschrijding van 126,2 mln.
  • •  Op beheer, onderhoud en vervanging is een overschrijding van 55,6 mln. De overschrijding wordt veroorzaakt door hogere uitgaven voor de brug bij Ewijk, de Galecopperbrug, de Velsertunnel en de Stichtse Brug binnen het programma Vervanging en Renovatie.
  • •  Op de geïntegreerde contractvormen is een onderuitputting van 23,9 mln. als gevolg van lagere uitgaven binnen het project N33 Assen-Zuidbroek.
  • •  De toevoeging aan de investeringsruimte Hoofdwegennet als gevolg van een grondopbrengst van 2,5 mln. in het kader van het IODS (Integrale Ontwikkeling tussen Delft en Schiedam) convenant wordt naar 2016 geschoven.

Saldo 2015 Megaprojecten verkeer en vervoer

Per saldo is op het artikel megaprojecten verkeer en vervoer een onderuitputting van 36,7 mln. De onderuitputting wordt veroorzaakt door vijf megaprojecten.

  • •  Binnen het project Betuweroute is 2,5 mln. minder uitgeven doordat de plasbrandverkleinende maatregelen voor het grootste deel pas in 2016 worden uitgevoerd.
  • •  Binnen het project HSL is 19,5 mln. minder uitgegeven als gevolg van uitgestelde besluitvorming over de te nemen geluidsmaatregelen vanwege inspraak van belanghebbenden. Daarnaast zijn de onderzoeken naar de zettingsproblematiek nog niet afgerond.
  • •  Binnen het project Mainportontwikkeling Rotterdam is 1,8 mln. meer uitgegeven als gevolg van een aanvulling op de uitwerkingsovereenkomst met het Havenbedrijf Rotterdam vanwege de verbreding van het Breeddiep.
  • •  Binnen het programma ERTMS is 12,7 mln. minder uitgegeven door het later op gang komen van de inhoudelijke werkzaamheden en daardoor ook van de specifieke werkzaamheden bij ProRail, NS en externe expertise.
  • •  Voor het project Zuidasdok zijn de budgetten overgeheveld van de planstudie naar de realisatiefase. Hiertoe is het kasritme in lijn gebracht met de uitvoeringsplanning, met als gevolg dat 3,7 mln. van 2015 naar 2016 wordt geschoven.

Saldo 2015 spoorwegen

Per saldo is op het artikel spoorwegen een onderuitputting van 240,5 mln. Dit bedrag bestaat uit vier componenten.

  • •  Op aanleg is voor 62,5 mln. minder gerealiseerd dan geprogrammeerd. De lagere realisatie wordt met name veroorzaakt door lagere uitgaven binnen de projecten PHS (31,5 mln.), OV SAAL (17,2 mln.) en het programma Kleine Functiewijzingen (8,7 mln.). Omdat op aanleg in 2015 wordt gewerkt met een onderprogrammering van 108,0 mln. leidt de lagere realisatie van 62,5 mln. tot een onderuitputting van 170,5 mln.
  • •  Op beheer, onderhoud en vervanging (BOV) is 4,4 mln. minder uitgegeven doordat de aanvullende BOV-subsidie voor Prorail in 2015 niet nodig is.
  • •  Op de geïntegreerde contractvormen is een onderuitputting van 11,9 mln. Dit komt deels door de hedging adjustment die heeft plaatsgevonden op de beschikbaarheidsvergoeding van Infraspeed. In de beschikbaarheidsvergoeding die Infraspeed van IenM ontvangt is rekening gehouden met 4,25%-rente op de lening waarvoor het renterisico bij de Staat ligt. Per halfjaar vindt verrekening plaats tussen deze 4,25%-rente en het op dat moment geldende Euribor-percentage. Dit zijn de zgn. hedging adjustments. Na herfinanciering van de lening zou deze adjustments niet langer nodig zijn. Het herfinancieringsproces heeft echter vertraging opgelopen. Hierdoor is er ook een hedging adjustment geweest voor de periode 1 april – 1 oktober 2015. Daarnaast schuiven werkzaamheden van Infraspeed voor geluidsmaatregelen en zettingsproblematiek vanwege uitgestelde besluitvorming door naar 2016. 4) de toevoeging aan de investeringsruimte Spoorwegen als gevolg van de terugbetaling van ProRail op basis van de vaststelling van de BOV-subsidie 2014 (35,1 mln.) wordt naar 2016 geschoven. Daarnaast wordt er in 2015 geen nieuwe dekking meer vanuit de investeringsruimte Spoorwegen voorzien, waardoor de resterende middelen ook naar 2016 schuiven (18,6 mln.).

Vaststelling BOV-subsidie 2014 (uitgaven & niet-belastingonvangsten)

Uit de vaststelling van de BOV-subsidie 2014 blijkt dat Prorail 35,1 mln. aan IenM zal terugbetalen in verband met vervallen maatregelen. Dit bedrag is aan de investeringsruimte spoorwegen toegevoegd en wordt via het saldo 2015 doorgeschoven naar 2016. (zie toelichting bij Saldo 2015 Spoorwegen).

Saldo 2015 Hoofdvaarwegennet

Het saldo van de niet-belastingontvangsten op het artikel hoofdvaarwegennet toont hogere ontvangsten van 15,9 mln. De ontvangsten bij het project Berging Baltic Ace (12,2 mln.) zijn een jaar eerder binnengekomen dan verwacht. Ook worden de hogere ontvangsten veroorzaakt door het Verkeersbegeleidingstarief (4,7 mln.) en het project Quick Wins Binnenhavens (1,4 mln.). Hier tegenover staan lagere ontvangsten op het programma Impuls dynamisch verkeersmanagement vaarwegen (2,5 mln.).

Saldo 2015 Hoofdwegennet

Het saldo van de niet-belastingontvangsten op het artikel hoofdwegennet toont lagere ontvangsten van 46,9 mln. Dit wordt met name veroorzaakt door de projecten A1/A6/A9 Schiphol–Amsterdam–Almere (14,0 mln.), N33 Assen–Zuidbroek (12,0 mln.), N35 Wijthem–Nijverdal (10,0 mln.) en A7 Zuidelijke Ringweg Groningen (6,2 mln.).

Diergezondheidsfonds

F DIERGEZONDHEIDSFONDS: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

42,8

Technische mutaties

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Diversen

19,6

     

19,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

19,6

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

62,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

62,4

       

F DIERGEZONDHEIDSFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

42,8

Technische mutaties

 
 

Niet tot een ijklijn behorend

 
   

Saldo

12,0

   

Diversen

7,6

     

19,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

19,6

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

62,4

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

62,4

Diversen (uitgaven)

In 2015 heeft overheveling plaatsgevonden van monitoringskosten (9,8 mln.) naar het DGF, deels uit de EZ-begroting en deels vanuit de sector. De kosten voor de bestrijding van dierziekten vallen 9,8 mln. hoger uit in verband met een aantal uitbraken eind 2014.

Saldo

Door hogere uitgaven (19,6 mln.) en hogere ontvangsten (7,6 mln. zie volgende post) ontstaat een saldo van 12 mln. Het saldo ontstaat deels doordat 9,3 mln. die in 2015 zou worden ontvangen van de productschappen Zuivel en Pluimvee en eieren al in 2014 is ontvangen (in verband met opheffing van de productschappen eind 2014), deels doordat de EU-ontvangsten voor salmonella van 2,7 mln. niet in 2015 zullen worden ontvangen.

Diversen (niet-belastingontvangsten)

De ontvangsten voor de bewaking (preventie) van dierziekten waren 9,8 mln. hoger dan verwacht. Dit betreft een overheveling van middelen naar het DGF, deels uit de EZ-begroting en deels vanuit de sector (hiertegenover staan hogere uitgaven van dezelfde omvang, zie toelichting onder uitgaven). De ontvangsten voor de bestrijding van dierziekten waren 2,2 mln. lager dan verwacht doordat een deel van de ontvangsten reeds in 2014 is gerealiseerd. Dit leidt per saldo tot 7,6 mln. hogere ontvangsten.

Accres Gemeentefonds

ACCRES GEMEENTEFONDS: UITGAVEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

3,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

3,3

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

3,3

   

ACCRES GEMEENTEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

Accres Provinciefonds

ACCRES PROVINCIEFONDS: UITGAVEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

– 3,3

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

– 3,3

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

– 3,3

   

ACCRES PROVINCIEFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

BES-fonds

H BES-FONDS: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

34,0

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

8,5

     

8,5

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

8,5

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

42,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

42,5

       

H BES-FONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

Diversen (uitgaven)

Dit betreffen een bijdrage van Koninkrijksrelaties ter opvang van wisselkoersverschillen en een bijdrage van I&M ter verbetering van de kwaliteit van het drinkwater op Bonaire, Saba en Sint Eustatius.

Deltafonds

J DELTAFONDS: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

1.219,5

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Saldo 2015: waterveiligheid

– 20,5

   

Diversen

– 29,5

     

– 50,0

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

1,6

     

1,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 48,3

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

1.171,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

1.171,2

       

J DELTAFONDS: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

1.219,5

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

0,0

     

0,0

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

1,6

     

1,6

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

1,7

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

1.221,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

1.221,2

Saldo 2015: waterveiligheid

Per saldo is op het artikel waterveiligheid een onderuitputting van 20,5 mln. Dit bedrag bestaat uit drie componenten:

  • •  Op een aantal deelprojecten binnen het Hoogwaterbeschermingsprogramma is voor 38,5 mln. minder uitgegeven dan begroot. Er is onderuitputting doordat van twee projecten de maximale subsidiegrens is benaderd. Het maximale subsidiebedrag 2015 is een percentage van de hoofdsom. Die hoofdsom is lager uitgevallen dan begroot. Derhalve is het in 2015 uit te betalen subsidiebedrag lager dan voorzien. De onderuitputting werd verder versterkt door opgelopen vertraging binnen een derde project.
  • •  Op het artikelonderdeel overige projecten is sprake van een overschrijding van 19,8 mln. Dit is het gevolg van hogere uitgaven binnen de Project Overstijgende Verkenning Macrostabiliteit (17 mln.), de projecten Opijnen-Ophemert (5 mln.), Fort Vuren-Waardenburg (2,5 mln.) en diverse kleinere projecten (10 mln.). Tegelijkertijd zorgen vertragingen bij het project Steenbestorting Westerschelde (7 mln.) en onderprogrammering (7 mln.) voor lagere uitgaven;
  • •  Op het artikelonderdeel studie- en onderzoekskosten is 1,8 mln. minder uitgegeven. Dit komt met name door vertragingen in diverse kleinere onderzoeken.

Diversen (beleidsmatige mutaties)

Deze post bestaat onder andere uit de volgende mutaties.

  • •  Saldo 2015 BOV: De onderuitputting van 5,9 mln. op dit artikel wordt enerzijds veroorzaakt door lagere uitgaven binnen het project Stroomlijn vanwege vertraging en scope-aanpassingen (11 mln.) en anderzijds door hogere uitgaven van het project Renovatie Stuwensemble Nederrijn vanwege eerdere gunning van het project (5 mln.).
  • •  Saldo 2015 overige uitgaven: Dit betreft een kasschuif van een ontvangst van het Ministerie van EZ naar 2016. IenM heeft 3,6 mln. uitgegeven voor de aankoop van gronden binnen het project de Kier. Ter compensatie van deze uitgave heeft IenM 3,6 mln. ontvangen van EZ. Deze gelden vloeien terug naar de programmaruimte waaruit de grondaankopen zijn voorgefinancierd en worden vervolgens doorgeschoven naar 2016.
  • •  Saldo 2015 waterkwaliteit: De onderuitputting van 14 mln. op dit artikel kent twee oorzaken. Bij projecten binnen de Kaderrichtlijn Water is 12 mln. aan uitgaven uitgesteld als gevolg van vertraagde vergunningverlening en door het naar achteren verschuiven van een aantal werkzaamheden. De tweede oorzaak voor de onderuitputting is het doorschuiven van de reservering B&O Moeras naar 2016 en een lagere reservering voor wijzigingsovereenkomsten (1,8 mln.).
  • •  Saldo 2015 zoetwatervoorziening: Per saldo bedraagt de onderuitputting op dit artikel 5,1 mln. Dit bedrag bestaat uit de volgende componenten. De uitgaven binnen het project Haringvliet de Kier zijn 1,6 mln. hoger dan verwacht vanwege het eerder uitkeren van nadeelcompensatie. Er is 5 mln. minder uitgegeven voor de subsidieregeling Innovatie Kaderrichtlijn Water en heeft het project Luwtemaatregelen Hoornse Hop een onderuitputting van 1,6 mln.

Diversen (technische mutaties – uitgaven)

Deze post bestaat onder andere uit de volgende mutaties.

  • •  Project de Kier: Dit betreft een kasschuif van een ontvangst van het Ministerie van EZ naar 2016. IenM heeft 3,6 mln. uitgegeven voor de aankoop van gronden binnen het project de Kier. Ter compensatie van deze uitgave heeft IenM 3,6 mln. ontvangen van EZ. Deze gelden vloeien terug naar de programmaruimte waaruit de grondaankopen zijn voorgefinancierd en worden vervolgens doorgeschoven naar 2016.
  • •  Provinciefonds Ooijen-Wanssum: Dit betreft een overboeking van 2,7 mln. naar het Provinciefonds voor de rijksbijdrage aan het project Ooijen-Wanssum.

Diversen (technische mutaties – niet-belastingontvangsten)

Deze post bestaat onder andere uit de volgende mutaties.

  • •  Project de Kier: Dit betreft een kasschuif van een ontvangst van het Ministerie van EZ naar 2016. IenM heeft 3,6 mln. uitgegeven voor de aankoop van gronden binnen het project de Kier. Ter compensatie van deze uitgave heeft IenM 3,6 mln. ontvangen van EZ. Deze gelden vloeien terug naar de programmaruimte waaruit de grondaankopen zijn voorgefinancierd en worden vervolgens doorgeschoven naar 2016.
  • •  Provinciefonds Ooijen-Wanssum: Dit betreft een overboeking van 2,7 mln. naar het Provinciefonds voor de rijksbijdrage aan het project Ooijen-Wanssum.
Prijsbijstelling

PRIJSBIJSTELLING: UITGAVEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

   

PRIJSBIJSTELLING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

Arbeidsvoorwaarden

ARBEIDSVOORWAARDEN: UITGAVEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

   

ARBEIDSVOORWAARDEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

Koppeling Uitkeringen

KOPPELING UITKERINGEN: UITGAVEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

   

KOPPELING UITKERINGEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
 

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

   

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

Aanvullende Post Algemeen

ALGEMEEN: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

– 310,7

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Afboeking eu reservering

– 612,0

   

Dekking middelen cao

400,0

   

Invullen in=uit taakstelling

309,0

   

Kasschuif belastingdienst

– 38,0

   

Diversen

– 7,7

   

Sociale zekerheid

 
   

Invullen in=uit taakstelling

48,5

     

99,8

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Uitkeren cao middelen

– 400,0

   

Diversen

5,8

     

– 394,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 294,4

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

– 605,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

– 605,1

       

ALGEMEEN: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016 (excl. IS)

0,0

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

0,0

       

Stand Najaarsnota 2015 (subtotaal)

0,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

Stand Najaarsnota 2015

0,0

Afboeking EU reservering

Op maandag 19 oktober presenteerde de Europese Commissie de achtste aanvullende begroting voor 2015. In deze aanvullende begroting is de jaarlijkse nacalculatie van de grondslagen voor de btw- en bni-afdrachten opgenomen. Voor de budgettaire effecten van de nacalculatie was een reservering opgenomen op de Aanvullende Post bij het Ministerie van Financiën. Deze reservering valt nu vrij. Zie voor een nadere toelichting van de effecten van de EU-afdrachten de toelichting bij hoofdstuk 5 Buitenlandse Zaken.

Dekking middelen CAO & Uitkeren CAO middelen

Dit betreft de uitkering van de aanvullende middelen ten behoeve van de uitvoering van de loonruimteovereenkomst publieke sector van de Aanvullende Post naar de departementale begrotingen. Deze middelen zijn gedekt met onderuitputting op de departementale begrotingen.

Invullen in=uit taakstelling (Rbg-eng & SZA)

Departementen mogen onderuitputting tot maximaal 1 procent van hun gecorrigeerde begrotingstotaal meenemen naar volgend jaar (via de zogenoemde eindejaarsmarge). Daarbij wordt de technische veronderstelling gehanteerd dat in het volgende jaar een gelijk bedrag aan onderuitputting zal optreden (in=uit taakstelling). Hiermee leidt de systematiek van de eindejaarsmarge niet tot EMU-saldobelasting. Bij Najaarsnota wordt een deel van de in=uittaakstelling voor 2015 ingevuld.

Kasschuif belastingdienst

De middelen voor de Investeringsagenda Belastingdienst worden doorgeschoven naar 2016. De investeringen in de eerste noodzakelijke randvoorwaarden voor de uitvoering van de investeringsagenda waren voorzien voor 2015 en 2016. Het merendeel van deze middelen zal in 2016 tot besteding komen. Dit houdt onder meer verband met de verplichting en wens te voldoen aan regels ten behoeve van aanbesteding.

Homogene Groep Internationale Samenwerking

HOMOGENE GROEP INTERNATIONALE SAMENWERKING: UITGAVEN

 
     

2015

Stand Miljoenennota 2016

5.064,3

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

– 3,0

     

– 3,0

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Asielproblematiek 2015 uit onderuitputting

350,0

   

Dggf

– 73,6

   

Infrastructuurontwikkeling

– 32,8

   

Overboeking v&j asiel

– 350,0

   

Overig armoedebeleid

172,4

   

Rechtstaatontwikkeling, wederopbouw, vrede

– 20,9

   

Vn crisisbeheersingsoperaties

– 24,0

   

Vrijgave ontvangsten minusma

– 17,5

   

Diversen

– 75,6

     

– 72,0

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

14,2

     

14,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

– 60,8

Stand Najaarsnota 2015

5.003,5

       

HOMOGENE GROEP INTERNATIONALE SAMENWERKING: NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

     

2015

Stand Miljoenennota 2016

149,3

Mee- en tegenvallers

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

0,0

     

0,0

Beleidsmatige mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

16,9

     

16,9

Technische mutaties

 
 

Rijksbegroting in enge zin

 
   

Diversen

14,2

     

14,2

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2016

31,1

Stand Najaarsnota 2015

180,5

Asielproblematiek 2015 uit onderuitputting & Overboeking V&J asiel

De raming voor de asielinstroom is naar boven bijgesteld. Dit leidt tot hogere opvangkosten bij het COA voor de opvang van asielzoekers. De kosten voor de eerstejaarsopvang van asielzoekers uit DAC-laden worden toegerekend aan ODA. Door de verhoogde raming van de asielinstroom neemt de toerekening aan ODA in 2015 toe. Onderuitputting op verschillende begrotingen wordt ingezet als dekking.

DGGF

Het Dutch Good Growth Fund (DGGF) heeft als doel het bevorderen van handel en investeringen van het MKB in ontwikkelingslanden en Nederlandse bedrijven die in ontwikkelingslanden willen investeren. Tussen de jaren 2014–2017 is 700 mln. beschikbaar om het fonds te voeden, waarna het DGGF moet revolveren. Een deel van de middelen beschikbaar voor het jaar 2015 is niet volledig uitgeput, dit budget wordt meegenomen naar volgende jaren.

Infrastructuurontwikkeling

De programma’s ORIO en DRIVE hebben als doel publieke infrastructuurprojecten in ontwikkelingslanden te stimuleren. Vanwege de opstartfase is een deel van de middelen niet volledig uitgeput, dit budget wordt meegenomen naar volgende jaren.

Overig armoedebeleid

De omvang van ODA is gekoppeld aan de omvang van de economie (het BNI). In het verleden zijn de negatieve BNI-aanpassingen als gevolg van de krimpende economie in eerste instantie geparkeerd op artikel 5 (parkeer- en verdeelartikel begroting BHOS), en vervolgens verdeeld over andere artikelen van de BHOS-begroting. Deze mutatie is het resultaat van de invulling van deze zogenaamde BNI-korting op het ODA-budget op de verschillende artikelen van de BHOS-begroting. De minregel op artikel 5 wordt daarmee kleiner.

Rechtstaatontwikkeling, wederopbouw, vrede

Het UNICEF-programma Education and Peacebuilding heeft minder budget nodig dan gepland.

VN crisisbeheersingsoperaties

De verlaging van het budget is het gevolg van een vertraging van een deel van de Nederlandse contributie aan VN-crisisbeheersingsoperaties. Deze uitgaven vinden plaats na afroep door de VN en zijn gebaseerd op de kosten van de verschillende operaties, de geldende afspraken over het Nederlandse aandeel in de totale kosten, en de liquiditeitsbehoefte in enig jaar.

Vrijgave ontvangsten MINUSMA

De Verenigde Naties hanteren een vergoedingensysteem voor landen die een bijdrage leveren aan VN-missies, zoals MINUSMA. Ontvangsten die voor volgend jaar verwacht werden zijn dit jaar reeds binnengekomen. Met de vrijgave wordt voorgesteld deze ontvangsten via de eindejaarsmarge mee te nemen naar 2016.

Diversen (Beleidsmatige mutaties – uitgaven)

De post bevat een aantal mutaties waarvan de belangrijkste zich voordoen op de begrotingen van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en Veiligheid en Justitie. De apparaatuitgaven van het Ministerie van Buitenlandse Zaken worden per saldo verlaagd omdat een deel van de uitgaven op het terrein van ICT en huisvesting pas begin 2016 gerealiseerd wordt. Daarnaast dalen de HGIS-uitgaven op de begroting van Veiligheid en Justitie omdat in 2015 de bijdrage aan Eurojust lager is uitgevallen. Een deel hiervan wordt in 2016 verwacht. Ten slotte dalen de uitgaven, op de begroting van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking voor programma’s op het terrein van handelsbevordering (art. 1.2), vanwege een lagere liquiditeitsbehoefte bij uitvoerder RVO.

Diversen (Beleidsmatige mutaties – niet-belastingontvangsten)

Deze post bevat verschillende mutaties, waarvan de belangrijkste zich voordoet op het apparaatartikel van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. In 2015 zijn enkele panden in het buitenland verkocht, deze onroerend goed ontvangsten worden door het Ministerie van Buitenlandse Zaken gereserveerd. Hiermee kunnen de jaarlijks geplande investeringen van de huisvesting in het buitenland gefinancierd worden, met als doel de huisvestingsportefuille te rationaliseren en in lijn te brengen met de nieuwe behoeften. Daarbij zijn de sleutelwoorden: soberder, functioneler en mogelijke samenwerking met andere landen door middel van co-locaties. Op deze wijze is Buitenlandse Zaken in staat om de taakstelling op het apparaat en postennet te realiseren.

Bijlage 3: Migratie

Aanleiding

Sinds het opstellen van de ontwerpbegroting 2016 is de instroom van vluchtelingen verder toegenomen. Deze bijlage van de Najaarsnota bevat de directe budgettaire gevolgen van de hogere instroom voor het COA, de IND en het Nidos (opvang van minderjarige vreemdelingen). Verder zijn de budgettaire gevolgen van de bestuurlijke afspraken tussen gemeenten en Rijk opgenomen.

De gevolgen voor de begroting 2015 zijn verwerkt in de hoofdtekst van de Najaarsnota. Deze bijlage bevat het meerjarige overzicht.

Naast de directe effecten van de hogere instroom van vluchtelingen worden de begrotingen ook op andere manieren geraakt, omdat deze mensen op termijn recht zullen hebben op maatschappelijke voorzieningen. Het gaat dan om kosten die automatisch tot stand komen en waarvoor een wettelijke verplichting vanuit de rijksoverheid bestaat. Deze effecten zullen over het algemeen met vertraging optreden omdat het recht op deze voorzieningen ontstaat op het moment dat de vluchteling een status heeft gekregen en dus vanuit het COA naar de gemeenten uitstroomt. De uiteindelijke ramingen van de kosten zullen conform reguliere systematiek in het voorjaar worden vastgesteld en worden ingepast in de departementale begrotingen.

De nieuwe instroomcijfers

In de begroting 2016 zijn extra middelen vrijgemaakt voor opvang in Nederland. Het kabinet ging in de begroting uit van een instroom van 40.000 mensen in 2015 en 26.000 mensen in 2016.

Op basis van de huidige inzichten wordt de instroomraming voor 2015 en 2016 bijgesteld naar 58.000 mensen (zie tabel 1). Vooralsnog wordt de instroomraming voor 2017 en verder niet aangepast, omdat deze te ongewis is om nu besluitvorming op te baseren. Conform gebruikelijke systematiek zal ook in 2016 de instroom tweejaarlijks worden geactualiseerd (Voorjaars- en Najaarsnota).

Tabel 1: Instroom vluchtelingen op verschillende ramingsmomenten, aantal mensen
 

2015

2016

2017

Begroting 2015

21.000

18.000

18.000

Ontwerpbegroting 2016

40.000

26.000

26.000

Nieuwe ramingen

58.000

58.000

26.000

De directe budgettaire gevolgen van de nieuwe instroomcijfers

Tabel 2: directe kosten en dekking, mln. euro, – = opbrengst
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

1.

COA

350

400

235

     

2.

IND

 

50

       

3.

Nidos

 

11

       
 

Totaal intensiveringen

350

461

235

     
               

4.

Onderuitputting 2015

– 377

         

5.

ODA (BNI-bijstelling)

 

– 87

– 140

– 136

– 136

– 136

6.

Helft vergoeding EU voor verdeling vluchtelingen

 

– 27

       

7.

Problematiek IND/Nidos

27

– 27

       

8.

Doelmatigheidskorting IND

 

– 7

       

9.

In te passen kasschuif

 

– 313

– 95

136

136

136

 

Totaal dekking

– 350

– 461

– 235

0

0

0

               
 

Totaal

0

0

0

0

0

0

Intensiveringen

1. COA

De raming voor 2015 wordt t.o.v. de ontwerpbegroting met 18.000 mensen naar boven bijgesteld. De additionele kosten voor het COA bedragen 350 mln. en worden volledig geboekt in 2015. Dit is de som van de kosten die voor deze groep wordt gemaakt in de jaren 2015 en 2016.

De raming voor 2016 wordt t.o.v. de ontwerpbegroting met 32.000 mensen naar boven bijgesteld. De additionele kosten voor het COA bedragen 635 mln. Eerder is afgesproken dat de bevoorschottingssystematiek van het COA vanaf 2016 wordt aangepast. Dat betekent dat de kosten die ontstaan als gevolg van hogere instroom 2016 worden geboekt in het jaar waarin de kosten daadwerkelijk worden gemaakt. Daarom bedraagt de tegenvaller door de verhoogde asielinstroom in 2016 voor het jaar 2016 400 mln. en voor 2017 235 mln.

2. IND

Het budget voor de IND wordt opgehoogd met 50 mln.

3. Nidos

Het budget voor het Nidos wordt opgehoogd met 11 mln.

4. Onderuitputting 2015

Een deel van de onderuitputting 2015 wordt ingezet voor het asieldossier.

Dekking

5. ODA (BNI-bijstelling)

De kosten voor eerstejaarsopvang van asielzoekers in 2016 en 2017 worden conform de OESO DAC-systematiek aan ODA toegerekend. Binnen het ODA-budget is nog vrije ruimte beschikbaar die het gevolg is van hogere economische groei (BNI-bijstelling). Hierdoor worden lopende programma’s ontzien.

6. Helft vergoeding EU voor verdeling vluchtelingen

De Europese vergoeding voor de relocatie van vluchtelingen levert Nederland naar verwachting 54 mln. op. De helft van deze middelen wordt nu ingezet als dekking. De andere helft komt komend voorjaar ten goede van de begroting van BHOS.

7. Problematiek IND/Nidos

Onderuitputting op verschillende begrotingen wordt ingezet als dekking voor de IND/Nidos problematiek. Deze middelen zullen niet tot besteding komen in 2015 en worden d.m.v. de asielreserve doorgeschoven naar 2016.

8. Doelmatigheidskorting IND

De doelmatigheidskorting zal de IND invullen door verbeteringen en versnellingen in het asielproces.

9. In te passen kasschuif

Het totale budgettaire beeld sluit in de meerjarenperiode. Om de middelen in de juiste jaren te krijgen is een kasschuif nodig. Deze kasschuif zal in het voorjaar worden ingepast.

Budgettaire gevolgen van het overleg met medeoverheden

Door het bestuursakkoord wordt er in 2016 187 mln. vrijgemaakt voor gemeenten en woningcorporaties (zie tabel 3). De instroom van asielzoekers blijft ook na deze bestuursafspraken onderwerp van gesprek tussen het kabinet en medeoverheden. De voorjaarsbesluitvorming van het kabinet is het moment waarop de (financiële) aspecten van aanvullende afspraken bezien worden.

Tabel 3: budgettaire gevolgen van het overleg met medeoverheden, mln. euro, – = opbrengst
   

2015

2016

2017

2018

2019

2020

1

Crisisnoodopvang

17

         

2

Verhoging vergoeding maatschappelijke begeleiding/ participatieverklaring

 

85

20

     

3

Gemeentelijk versnellingsarrangement

 

40

77

32

   
 

wv gemeenten

 

16

24

8

   
 

wv Rijk

 

24

53

24

   

4

Intertemporele tegemoetkoming kosten in de participatiewet

 

50

 

– 50

   

5

Huisvestingsvoorziening

 

26

38

28

   

6

BRP-straten

 

10

       
 

Totaal intensiveringen

17

211

135

10

   
 

wv gemeenten/woningcorporaties

17

187

82

– 14

   
 

wv Rijk

0

24

53

24

   
               

7

COA-budget

– 17

         

8

Inzet reservering tbv stimuleren doorstroming

 

– 20

– 20

     

9

Huurtoeslag

 

– 3

– 11

– 18

– 21

– 39

10

Voorjaarsbesluitvorming

 

– 112

– 112

     

11

In te passen kasschuif

 

– 76

7

8

21

39

 

Totaal dekking

– 17

– 211

– 135

– 10

0

0

               
 

Totaal

0

0

0

0

0

0

Intensivering

1. Crisisnoodopvang

In 2015 wordt de crisisnoodopvang afgebouwd, wat mogelijk wordt gemaakt door de opbouw van noodopvang. Ter compensatie van de gemeenten die in 2015 hebben bijgedragen aan de crisisnoodopvang wordt de vergoeding die gemeenten daarvoor ontvangen verhoogd van 40 euro naar 100 euro per nacht per bed.

2. Verhoging vergoeding maatschappelijke begeleiding / participatieverklaring

De middelen die aan gemeenten ter beschikking worden gesteld voor maatschappelijke begeleiding (inclusief de uitvoering van de participatieverklaring) stijgen van 1.000 euro naar 2.370 euro per vergunninghouder in 2016 en 2017.

3. Gemeentelijk versnellingsarrangement

Het gemeentelijk versnellingsarrangement (GVA) is inzetbaar door gemeenten als individuele, tijdelijke huisvestingsoplossing als permanente huisvesting niet mogelijk is. De maximale termijn van de voorliggende voorziening in het COA (gerekend vanaf het moment van vergunningverlening) en GVA samen bedraagt maximaal 24 maanden. De instroom van de GVA-regeling wordt begrensd op maximaal 10.000 vergunninghouders. De totale kosten bedragen 40 mln. in 2016, hiervan is 16 mln. beschikbaar voor de huisvestingsvergoeding voor gemeenten (50 euro per week per volwassene en 25 euro per week per kind).

4. Intertemporele tegemoetkoming kosten in de participatiewet

Het Rijk komt gemeenten intertemporeel tegemoet in de voorfinanciering van kosten in de participatiewet door de hogere instroom van vergunninghouders ten opzichte van het voorgaande jaar. Hiervoor is 50 mln. beschikbaar gesteld. Voor de verdeling van dit budget over de gemeenten zal gewerkt worden met een specifieke verdeelsystematiek, buiten het bestaande verdeelmodel, die nader zal worden uitgewerkt in overleg tussen Rijk en gemeenten.

5. Huisvestingsvoorziening

Het Rijk en de gemeenten zetten daarom in op het realiseren van huisvestingsvoorzieningen voor 14.000 vergunninghouders, bovenop de bestaande woningvoorraad. In deze reeks zijn de uitvoeringskosten meegenomen.

6. BRP-straten

In 2016 stelt het Rijk 10 mln. beschikbaar voor het mogelijk maken van de BRP-straten en uitbreiding van het BRP-team dat achterstanden wegwerkt. Vanaf 2017 nemen gemeenten de financiering hiervan over.

Dekking

7. COA-budget

De intensivering bij de crisisnoodopvang wordt gefinancierd uit het bestaande COA-budget.

8. Inzet reservering tbv stimuleren doorstroming

De reservering op de BHOS-begroting ten behoeve van doorstroming wordt ingezet als dekking.

9. Huurtoeslag

Mensen in de huisvestingsvoorziening hebben geen recht op de huurtoeslag.

10. Voorjaarsbesluitvorming

Ter dekking van de intensiveringen wordt 112 mln. in 2016 en 2017 ingevuld bij Voorjaarsnota.

11. In te passen kasschuif

Het totale budgettaire beeld sluit in de meerjarenperiode. Om de middelen in de juiste jaren te krijgen is een kasschuif nodig. Deze kasschuif zal in het voorjaar worden ingepast.

Noot 1: Kamerstuk 21 501-03, nr. 91

Noot 2: Kamerstuk 34 285, nr. 2

Noot 3: Kamerstuk 34 300 IX, nr. 5

Noot 4: CBS, «Overheidsschuld bijgesteld», 21 oktober 2015

Noot 5: Brief Zevende aanvullende EU-begroting voor 2015; Kamerstuk 21 501-03, nr. 89

Noot 6: Brief Achtste aanvullende EU-begroting voor 2015; Kamerstuk 21 501-03, nr. 91