Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

Bijlage 11 Monitor financiële interventies

Sinds het najaar van 2008 heeft het kabinet interventies gepleegd om het financiële stelsel gezond te houden en de rust te helpen herstellen in de financiële markten. In 2016 heeft het kabinet een aantal stappen gezet tot het afbouwen van het verworven aandeel in financiële instellingen. Zo is Propertize in september 2016 verkocht aan Lone Star/JP Morgan, is a.s.r. sinds juni weer beursgenoteerd en is er ook een 2e tranche aandelen ABN Amro naar de beurs gebracht. Daarnaast heeft het kabinet ook haar toekomstplannen voor SNS Bank bekend gemaakt. Op deze manier werkt de overheid aan een verantwoorde terugtreding uit de financiële sector.

Gevolgen van interventies financiële crisis voor de schatkist

Acht jaar overheidsinterventies in de financiële sector hebben hun sporen nagelaten in de schatkist. Er zijn tientallen miljarden euro’s uitgegeven als direct gevolg van de crisis, waarvan het merendeel in de eerste jaren na 2008. Op dit moment is de financiële sector in rustiger vaarwater gekomen, waardoor de overheidsbelangen in financiële ondernemingen kunnen worden afgebouwd. Het is daarom mogelijk om een voorlopige balans op te maken, waarin de kosten en opbrengsten van de diverse maatregelen tegen elkaar worden afgezet.

Tabel 11.1 Voorlopig resultaat interventies 2008–2016 (in mln. euro)
 

Opbrengsten

Kosten (o.a. rentekosten)

Saldo (– = negatief)

ABN AMRO

4.543

8.674

– 4.131

 

Investering (o.a. dividend)

2.517

4.800

– 2.283

 

Overbruggingskrediet

2.020

1.936

84

 

RFS

6

612

– 606

 

Resultaat beursgang

 

1.326

– 1.326

         

ASR

567

1.131

– 564

 

Investering (o.a. dividend)

567

863

– 296

 

Resultaat beursgang

 

268

– 268

         

SNS Reaal (incl. Propertize)

1.590

1.995

– 395

 

Investering (o.a. dividend)

1.208

885

323

 

Overbruggingskrediet

40

1.100

– 1.060

 

Resultaat verkoop

342

 

342

         

IJsland

58

202

– 144

         

ING

4.986

470

4.516

 

Back-up

1.455

 

1.455

 

Securities

3.531

470

3.061

         

Aegon

1.087

143

944

         

Garantiefaciliteit

1.379

– 132

1.510

         

Griekenland

244

750

– 506

         

Crisisgerelateerde winst DNB

2.333

250

2.083

         

Overige kosten

 

61

– 61

         

Totaal

16.787

13.532

3.255

Er kan worden geconcludeerd dat het voorlopige resultaat van directe financiële interventies positief is. Dit komt met name door de opbrengsten op de leningen aan Aegon en ING, de garantiefaciliteit interbancaire regelingen en de crisisgerelateerde winst van DNB. Aan de andere kant is het voorlopige resultaat op ABN Amro negatief. De rentelasten op het geld dat geleend is om de redding van ABN Amro te financieren zijn hiervan de belangrijkste oorzaak.

Het hierboven vermelde positieve resultaat van € 3,3 mld. is een tussenstand per 31 december 2016. Het uiteindelijke resultaat hangt af van de verkoopopbrengst van SNS Bank, RFS, en de opbrengst van alle resterende aandelen in ABN AMRO en ASR, alle kosten die nog gemaakt moeten worden en niet in de laatste plaats de nog te ontvangen dividenden. Daarnaast geldt dat bovenstaande rekensom geen totaaloverzicht is van de kosten en baten van de crisis. Voor alle kosten en baten voor de overheid van de veranderingen en ingrepen op de financiële markten sinds 2008 moet breder gekeken worden. Het positieve resultaat hiervoor houdt bijvoorbeeld geen rekening met de financiële steun aan Europese landen via een van de Europese steunfondsen EFSF, EFSM of ESM. Ook de voordelen van de inmiddels gestarte bankenunie zijn niet meegewogen. Verder ontbreken de kosten van de lagere economische groei, zoals gemiste belastingopbrengsten en hogere werkloosheidsuitgaven. Uiteindelijk leidt een crisis altijd tot maatschappelijk verlies.

Tabellen interventies krediet- en eurocrisis

Deze gebruikelijke bijlage geeft middels een aantal tabellen een overzicht van de verschillende interventies. Tabel 11.2 geeft de kasstromen en de garanties die met de interventies gepaard gaan en de vindplaatsen ervan in de begroting IX integraal weer. Daarnaast zijn de effecten van de maatregelen op achtereenvolgens het EMU-saldo, de EMU-schuld en de staatsschuld per thema becijferd. De kolom «telling» geeft hierbij aan welke posten bij elkaar moeten worden opgeteld. Onderaan de tabel worden de totalen van alle maatregelen geconsolideerd.

Tabel 11.2 Budgettair overzicht interventies krediet- en eurocrisis (in mln. euro)

#

Stand: JV 2016 (– = ontvangst)

Telling

2008–2014

2015

2016

Bron:

 

A. Fortis/RFS/AA

         
               

1

Aanschaf ABN AMRO Group – ASR Verzekeringen – RFS Holdings (incl. Z-share en residual N-share)

 

27.955

   

IX art.3

2

 

waarvan relevant voor het EMU saldo

 

– 3.088

   

CBS/Eurostat

3

Beursgang ABN AMRO Group N.V.

 

0

– 3.828

– 1.326

IX art.3

4

Beursgang a.s.r.

 

0

 

– 1.057

IX art.3

5

Overbruggingskrediet (voormalig) Fortis

 

3.550

– 1.800

– 950

IX art. 11

6

Renteontvangsten overbruggingskredieten (voormalig) Fortis

 

– 1.896

– 84

– 40

IX art. 11

7

Dividend ABN Amro Group

 

– 975

– 625

– 608

IX art.3

8

Dividend a.s.r.

 

– 258

– 139

– 170

IX art.3

9

Dividend RFS Holdings

 

– 6

0

0

IX art.3

11

Premieontvangsten capital relief instrument

 

– 193

   

IX art.3

12

Premieontvangsten counter indemnity

 

– 116

   

IX art.3

               
 

Verleende garanties

         

13

Capital Relief Instrument ABN-AMRO (CRI)

 

32.611

   

IX art.3

14

 

waarvan vervallen

 

– 32.611

   

IX art.3

15

Counter Indemnity ABN-AMRO

 

950

   

IX art.3

16

 

waarvan vervallen

 

– 950

   

IX art.3

               
 

Totale uitgaven minus ontvangsten

1, 3 t/m 12

28.061

– 6.476

– 4.151

 
 

Effect op EMU-saldo

2, 6 t/m 12

356

848

818

 
 

Effect op EMU-schuld

1, 3 t/m 12

27.958

– 6.476

– 4.151

 
 
Effect op staatsschuld1

1, 3 t/m 12

27.958

– 6.476

– 4.151

 
               
 

B. SNS Reaal

         
               

17

Kapitalisatie SNS Reaal Holding N.V. (SRH)

 

300

   

IX art.3

18

Kapitalisatie SNS Reaal Bank N.V.

 

1.900

   

IX art.3

19

Aankoop SNS Bank N.V.

 

0

   

IX art.3

20

 

waarvan vordering SRH

 

0

1.598

 

IX art.3

21

 

waarvan inbrenging overbruggingskrediet SRH

 

0

1.100

 

IX art.3

22

Overbruggingskrediet SRH

 

1.100

– 1.100

 

IX art.3

23

Dividend SNS Bank N.V.

 

0

 

– 100

IX art.3

24

Renteontvangsten overbruggingskrediet SRH

 

– 28

– 12

 

IX art.3

25

Resolutieheffing

 

– 1.005

     

26

Kapitalisatie Propertize

 

500

   

IX art.3

27

Verkoopopbrengst Propertize

 

0

 

– 873

IX art.3

28

Overdracht schuldtitels Propertize

 

0

 

– 2.355

IX art.3

29

Dividend Propertize

 

0

 

– 46

IX art.3

30

Premieontvangsten garantie Propertize

 

– 2

– 9

– 8

IX art.3

               
 

Verleende garanties

         

31

Garantieverlening VBO

 

4.166

   

IX art.3

32

 

waarvan vervallen

 

– 566

– 977

– 2.623

IX art.3

               
 

Totale uitgaven minus ontvangsten

17 t/m 30

2.765

– 21

– 3.382

 
 
Effect op EMU-saldo2

23, 29, 30

– 95

21

154

 
 
Effect op EMU-schuld3

17 t/m 30

6.254

– 998

– 3.382

 
 

Effect op staatsschuld

23 t/m 30

2.765

– 21

– 3.382

 
               
 

C. Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (€ 20 mld.)

         
               

33

Verstrekt kapitaal ING

 

0

   

IX art.3

34

Verstrekt kapitaal Aegon

 

0

   

IX art.3

35

Verstrekt kapitaal SNS Reaal

 

565

   

IX art.3

   

waarvan afgeboekt

 

– 565

   

IX art.3

36

Couponrente ING

 

– 839

   

IX art.3

37

Couponrente Aegon

 

– 177

   

IX art.3

38

Couponrente SNS Reaal

 

– 38

   

IX art.3

39

Repurchase fee ING

 

– 2.692

   

IX art.3

40

Repurchase fee Aegon

 

– 910

   

IX art.3

41

Repurchase fee SNS Reaal

 

0

   

IX art.3

               
 

Totale uitgaven minus ontvangsten

33 t/m 41

– 4.091

     
 

Effect op EMU-saldo

36 t/m 38

1.054

     
 

Effect op EMU-schuld

33 t/m 41

– 4.091

     
 

Effect op staatsschuld

33 t/m 41

– 4.091

     
               
 

D. Back-up faciliteit ING

         
               

42

Meerjarenverplichting aan ING

 

0

   

IX art.3

43

Alt-A-portefeuille

 

0

   

IX art.3

44

 

relevant voor de EMU-schuld

 

0

   

CBS/Eurostat

45

Back-upfaciliteit ING totaal:

 

– 1.455

   

IX art.3

a

 

waarvan funding fee (rente + aflossing)

 

21.720

   

IX art.3

b

 

waarvan management fee

 

204

   

IX art.3

c

 

waarvan portefeuilleontvangsten (rente + aflossing)

 

– 21.829

   

IX art.3

d

 

waarvan garantiefee

 

– 448

   

IX art.3

e

 

waarvan additionele garantiefee

 

– 479

   

IX art.3

f

 

waarvan additionele fee

 

– 229

   

IX art.3

g

 

waarvan verhandelbaarheidsfee

 

– 34

   

IX art.3

h

 

waarvan eenmalige uitkering

 

– 379

   

IX art.4

i

 

waarvan incidentele uitgave

 

19

   

IX art.3

               
 

Totale uitgaven minus ontvangsten

45

– 1.455

     
 

Effect op EMU-saldo

45 b, f, g

59

     
 

Effect op EMU-schuld

44, 45

– 1.455

     
 

Effect op staatsschuld

45

– 1.455

     
               
 

E. Garantiefaciliteit bancaire leningen

         
               

46

Premieontvangsten garanties bancaire leningen

 

– 1.379

   

IX art.2

47

Schade-uitkeringen

 

0

   

IX art.2

48

Garanties bancaire leningen

 

50.275

   

IX art.2

49

 

waarvan vervallen

 

– 50.275

   

IX art.2

               
 

Totale uitgaven minus ontvangsten

46, 47

– 1.379

     
 

Effect op EMU-saldo

46, 47

1.379

     
 

Effect op EMU-schuld

46, 47

– 1.379

     
 

Effect op staatsschuld

46, 47

– 1.379

     
               
 

F. IJsland

         
               

50

Vordering op IJsland

 

159

– 159

 

IX art.2

51

Tussenrekening «recovery oude topping up»

 

106

   

IX art.2

52

Uitkeringen depositogarantiestelsel Icesave

 

1.428

   

IX art.2

53

Uitvoeringskosten IJslandse DGS door DNB

 

1

   

IX art.2

54

Renteontvangsten lening IJsland

 

0

   

IX art.2

55

Aflossing hoofdsom lening IJsland

 

– 1.428

   

IX art.2

56

Schikking IJsland

 

0

– 58

   
               
 

Totale uitgaven minus ontvangsten

52 t/m 56

1

– 58

   
 

Effect op EMU-saldo

53

– 1

49

   
 

Effect op EMU-schuld

52 t/m 56

1

– 58

   
 

Effect op staatsschuld

52 t/m 56

1

– 58

   
               
 

Totaal A t/m F

         
 

Toerekenbare rentelasten

 

8.085

648

477

 
 

Effect op EMU-saldo

 

– 3.806

270

495

 
 

Effect op EMU-schuld

 

27.288

– 7.532

– 7.533

 
 

Effect op staatsschuld

 

23.799

– 6.555

– 7.533

 

Noot 1: De conversie van de op de MCN-lening opgebouwde rente (€ 103 mln.) telt wel mee in de uitgaven van 2010 maar niet in de staatsschuld.

Noot 2: Het door Eurostat toegerekende effect van de herkapitalisatie van SNS Reaal Holding en SNS Bank van € 2.200 mln. aan het EMU-saldo is € 1.130 mln.

Noot 3: Het effect van de kapitaalinjectie van € 500 mln. en de garantie op de funding fee van € 4.166 mln. van Propertize telt in totaal voor € 4.666 mln. mee in de EMU-schuld van 2013.

#

Stand: JV 2016 (– = ontvangst)

Telling

2008–2014

2015

2016

Bron:

                 
 

G. Griekenland

         
                 

57

Lening aan Griekenland

 

3.198

0

0

IX art.4

58

Rente lening Griekenland

 

– 226

– 13

– 5

IX art.4

59

Rentevergoeding Griekenland (ANFA)

 

39

0

0

IX art.4

60

Teruggave winsten SMP

 

238

0

0

IX art.4

                 
 

H. Europese instrumenten

         
                 

61

Verstrekt kapitaal EFSF

 

2

 

0

IX art.4

62

Verstrekt kapitaal ESM

 

4.573

0

0

IX art.4

63

Crisisgerelateerde winst DNB

 

– 1.659

– 552

– 122

IX art.3

64

 

waarvan relevant voor het EMU-saldo

 

1.465

482

122

IX art.3

                 
 

Garanties

         

65

Garantieplafond Nederland EFSF

 

49.640

0

– 15.486

IX art.4

   

effect verstrekte garantie op EMU-schuld:

 

11.606

– 671

0

CBS/Eurostat

     

voor Ierland

 

1.122

0

0

CBS/Eurostat

     

voor Portugal

 

1.675

0

0

CBS/Eurostat

     

voor Griekenland

 

8.809

– 671

0

CBS/Eurostat

66

Garantieverlening NL-aandeel ESM

 

35.445

0

0

IX art.4

67

Garantieverlening DNB i.v.m. ophoging middelen IMF

 

13.610

0

– 13.600

IX art.4

68

Garantieverlening DNB

 

5.700

0

0

IX art.3

69

Garantieverlening NL-aandeel EU-begroting

 

2.778

39

3

IX art.4

                 
 

Totale uitgaven minus ontvangsten

57 t/m 63

6.165

– 565

– 127

 
 

Effect op EMU-saldo

58 t/m 60, 64

1.414

495

127

 
 

Effect op EMU-schuld

57 t/m 63, 65

17.772

– 1.236

– 127

 
 

Effect op staatsschuld

57 t/m 63

6.166

– 565

– 127

 
                 
 

Totaal G t/m H

         
 

Toerekenbare rentelasten

 

502

118

104

 
 

Effect op EMU-saldo

 

912

377

23

 
 

Effect op EMU-schuld

 

17.772

– 1.236

– 127

 
 

Effect op staatsschuld

 

6.166

– 565

– 127

 

In tabel 11.3 staan de bezittingen en schulden die vanwege de interventies (kredietcrisis en europa) zijn ontstaan. Balansonderdelen zijn hierbij opgenomen tegen historische aankoopprijs, conform de bepalingen van de RBV die van toepassing zijn op het onderliggende departementale jaarverslag IX. De bezittingen zijn grotendeels gefinancierd met staatsschuld (zichtbaar in tabel 11.2). Verder is er het cumulatief saldo van kosten en opbrengsten («het resultaat») dat een deel van de bezittingen financiert (vanuit tabel 11.4).

Tabel 11.3 Balans interventies (in mln. euro)

Bezittingen

ultimo 2016

Bron:

 

Schulden

ultimo 2016

Bron:

ABN AMRO, a.s.r. en RFS

       

Staatsschuld

15.185

tabel 11.2

 

ABN AMRO (na IPO en 2e tranche)

15.183

art. 3

   

Cumulatief resultaat

3.255

tabel 11.4

 

a.s.r. (na IPO)

2.325

art. 3

   

Vordering SRH op Staat

1.598

art. 3

 

RFS

2.642

art. 3

   

Nog te betalen schuldtitels Propertize

2.386

art. 11

 

Overbruggingskrediet ABN AMRO (voormalig Fortis)

800

art. 11

         
           

Cumulatieve rente

9.934

tabel 11.4

SRH, SNS Holding en Propertize

       

Cumulatieve uitvoeringskosten

61

tabel 11.4

 

Kapitalisatie SRH

300

art. 3

         
 

Kapitalisatie SNS Bank

1.900

art. 3

         
 

Kapitalisatie Propertize (na verkoop)

0

art. 3

         
 

Aankoop SNS Bank

1.598

art. 3

         
                 

Griekenland

             
 

Lening

3.198

art. 4

         
                 

EFSF

             
 

Deelneming

2

art. 4

         
                 

ESM

             
 

Deelneming

4.573

art. 4

   

Overige kosten en technische aansluiting

101

 
                 

Totaal:

32.521

   

Totaal:

32.521

 

Tabel 11.4 geeft een overzicht van de kosten en opbrengsten van interventies. Het resultaat betreft het jaarlijkse saldo die op kasbasis gerealiseerd worden. Eventuele afwaarderingen van activa (tabel 11.3) worden eveneens in het resultaat meegenomen maar dan pas op het moment dat deze daadwerkelijk gerealiseerd zijn. Deze behandeling wijkt af van de systematiek van het EMU-saldo. Tabel 11.1 is een samenvatting van tabel 11.4.

Tabel 11.4 Overzicht toerekenbare kosten en opbrengsten (in mln. euro)

Kosten en opbrengsten

2008–2014

2015

2016

Cumulatief

ABN AMRO, a.s.r. en RFS

       
 

Dividend ABN AMRO, a.s.r. en RFS

1.239

764

778

2.781

 

Premieontvangsten Counter Indemnity ABN AMRO

116

   

116

 

Renteontvangsten overbruggingskrediet ABN AMRO

1.896

84

40

2.020

 

Premieontvangsten CRI ABN AMRO

193

   

193

 

Beursgang en tranches ABN AMRO

0

– 1.154

– 172

– 1.326

 

Beursgang en tranches a.s.r.

0

0

– 268

– 268

           

SNS Reaal

       
 

Couponrente SNS Reaal

38

   

38

 

Afboeking core-tier-1 securities

– 565

   

– 565

 

Dividend SNS Bank

0

0

100

100

 

Premieontvangsten garantie Propertize

2

9

8

19

 

Renteontvangsten overbruggingskrediet SRH

28

12

 

40

 

Afboeking overbruggingskrediet SRH

0

– 1.100

 

– 1.100

 

Resolutieheffing

1.005

   

1.005

 

Dividend Propertize

0

0

46

46

 

Verkoop Propertize

0

 

342

342

           

Aegon

       
 

Couponrente Aegon

177

   

177

 

Repurchase fee Aegon

910

   

910

           

ING

       
 

Couponrente ING

839

   

839

 

Repurchase fee ING

2.692

   

2.692

 

Resultaat ING Back-upfaciliteit

1.455

   

1.455

           
           

Griekenland

       
 

Rente en servicefee

226

13

5

244

 

Rentevergoeding Griekenland (ANFA)

– 39

0

0

– 39

 

Teruggave winsten SMP

– 238

0

0

– 238

           

IJsland

       
 

Topping up

– 106

   

– 106

 

Recovery topping up

106

   

106

 

Aangegroeide rente

159

– 159

 

0

 

Schikking IJsland

0

58

 

58

           

Europese instrumenten

       
 

Crisisgerelateerde winst DNB

1.659

552

122

2.333

           

Overige

       
 

Premieontvangsten garanties bancaire leningen

1.379

   

1.379

 

Overige kosten

– 49

– 9

– 3

– 61

 

Toerekenbare rentelasten op staatsschuld

– 8.587

– 766

– 581

– 9.934

           

Resultaat

4.535

– 1.696

417

3.255

In tabel 11.5 staan de uitstaande garanties die in het kader van de kredietcrisis en Europa verstrekt zijn. Het cumulatief saldo geeft de stand van de uitstaande garanties per einde 2016 weer.

Tabel 11.5 Garantieoverzicht (in mln. euro)

Garanties «kredietcrisis en europa»

2008–2014

2015

2016

Bron:

A. Fortis/RFS/AA

       

Capital Relief Instrument ABN-AMRO (CRI)

32.611

   

IX art.3

waarvan vervallen

– 32.611

   

IX art.3

             

Counter Indemnity ABN-AMRO

950

   

IX art.3

waarvan vervallen

– 950

   

IX art.3

             

B. SNS Reaal

       

Garantieverlening VBO

4.166

0

0

IX art.3

waarvan vervallen

– 566

– 977

– 2.623

IX art.3

             

E. Garantiefaciliteit bancaire leningen

       

Garanties bancaire leningen

50.275

   

IX art.2

waarvan vervallen

– 50.275

   

IX art.2

             

H. Europese instrumenten

       

Garantieplafond Nederland EFSF

49.640

0

– 15.486

IX art.4

 

effect verstrekte garantie op EMU-schuld:

11.606

– 671

0

CBS/Eurostat

   

voor Ierland

1.122

0

0

CBS/Eurostat

   

voor Portugal

1.675

0

0

CBS/Eurostat

   

voor Griekenland

8.809

– 671

0

CBS/Eurostat

             

Garantieverlening NL-aandeel ESM

35.445

0

0

IX art.4

Garantieverlening DNB i.v.m. ophoging middelen IMF

13.610

0

– 13.600

IX art.4

Garantieverlening DNB

5.700

0

0

IX art.3

Garantieverlening NL-aandeel EU-begroting

2.778

39

3

IX art.4

             

Totaal

110.773

– 938

– 31.706

 
             

Cumulatief

110.773

109.835

78.129