Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

3. BELEIDSARTIKELEN

Artikel 1. Wetgeving en controle Eerste Kamer

A Algemene doelstelling

De Eerste Kamer vormt samen met de Tweede Kamer de Staten-Generaal. De voorzitter van de Eerste Kamer is tevens voorzitter van de Verenigde Vergadering van de Staten-Generaal.

De kerntaken van de Eerste Kamer liggen in het, als sluitstuk van de wetgevingsketen, toetsen van voorgenomen wetgeving en het controleren van de regering. De Eerste Kamer besteedt daarbij bijzondere aandacht aan de beoordeling van de wetgevingskwaliteit. Voorts heeft de Eerste Kamer taken op het terrein van de Europese wetgeving en het Europese beleid. Deze zijn door de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon in omvang en intensiteit toegenomen.

De algemene doelstelling van de Eerste Kamer ligt op het terrein van een adequate wetgeving en controle, hetgeen verder is te operationaliseren naar een adequate toetsing van de kwaliteit van wet- en regelgeving, een adequate controle van het regeringsbeleid, transparantie over de taken en de uitvoering daarvan, en toereikende voorzieningen in een effectieve en efficiënte organisatie.

Voorts participeert de Eerste Kamer in het kader van internationale samenwerking en parlementaire diplomatie in parlementaire assemblees van internationale organisaties en onderhoudt zij contacten met parlementen en regeringen van andere staten.

B Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoordelijk voor het beheer van de begroting van de Staten-Generaal. De Colleges voeren zelf het beheer over hun begroting of hun begrotingsdeel. Over de inhoud van dit beheer bestaan afspraken (de zogenoemde beheersafspraken) tussen de Minister en de Colleges, waarin recht gedaan wordt aan hun staatsrechtelijke positie.1

De Eerste Kamer vormt de voorlaatste schakel in de keten van het wetgevingsproces. Mede-actoren in het proces zijn, voorafgaand aan de bekrachtiging van een aanvaard wetsvoorstel door het Staatshoofd, respectievelijk de ministerraad, de Raad van State en de Tweede Kamer. De controle op het regeringsbeleid voltrekt zich in interactie met de regering. Uit hoofde van het Verdrag van Lissabon is de Eerste Kamer betrokken bij de voorbereiding van Europese wetgevings- en beleidsvoorstellen. De taken van de Eerste- en Tweede Kamer op dit terrein zijn gelijk. Binnen de nationale context voert de Eerste Kamer overleg met de regering over de regeringsinzet bij de voorbereiding van Europese wetgeving.

C Beleidsconclusies

Er zijn in 2016 geen beleidswijzigingen ten aanzien van de aandachtspunten. Voor wat betreft de uitvoering en beoogde resultaten deden zich geen bijzonderheden voor.

Aandachtspunten 2016

Gegeven de algemene doelstelling worden jaarlijks accenten gelegd. Voor 2016 zag de Eerste Kamer de volgende bijzondere aandachtspunten:

  • 1.  Voortzetting viering 200 jaar Staten-Generaal/Eerste Kamer
  • 2.  Voorzitterschap Europese Unie
  • 3.  Verdere ontwikkeling digitaal parlement
  • 4.  Beheer gebouwen

Viering 200 jaar Staten-Generaal/Eerste Kamer

Het parlementaire jaar 2015–2016 stond in Nederland mede in het teken van de viering van 200 jaar parlementaire democratie. In 2015 bestonden de Staten-Generaal 200 jaar als bicameraal parlement. Daaraan werd passende aandacht besteed tijdens een Bijzondere Verenigde Vergadering der Staten-Generaal op 16 oktober 2015. Gedurende het gehele parlementaire jaar waren er activiteiten die relateren aan dit jubileum.

Europese samenwerking

Op Europees vlak vindt intensieve samenwerking plaats op het niveau van de Speakers Conference (voorzitters van nationale parlementen en het Europees parlement), de Interparlementaire Conferentie die het Gemeenschappelijke Buitenlands en Veiligheidsbeleid (GBVB) van de Europese Unie en het Gemeenschappelijk Veiligheids- en Defensiebeleid (GVDB) volgt, de interparlementaire samenwerking in het kader van het Verdrag inzake Stabiliteit, Coördinatie en Bestuur in de Economische en Monetaire Unie, de Conferentie van commissies voor Europese aangelegenheden (COSAC) en in interparlementaire samenwerking en uitwisseling van informatie op velerlei beleidsterreinen.

In 2016 bekleedde Nederland het voorzitterschap van de Europese Unie, van 1 januari tot 1 juli 2016. Samen met de Tweede Kamer gaf de Eerste Kamer invulling aan de parlementaire dimensie van dit voorzitterschap. Nederland richtte zich vooral op een innovatieve Unie, die zich tot hoofdzaken beperkt en verbindt.

Verdere ontwikkeling digitaal parlement

De Eerste Kamer is het eerste parlementaire huis ter wereld dat agenda’s en vergaderstukken in beginsel uitsluitend digitaal (via de «Eerste Kamer App») aan haar leden aanbiedt. In het content management systeem en de websites van de Kamer zijn belangrijke wijzigingen doorgevoerd.

Beheer gebouwen

Tijdens de renovatie van het Binnenhof zal de Eerste Kamer verhuizen naar het pand Lange Voorhout 34–36 / Kazernestraat. In dit pand was de Hoge Raad gehuisvest en eerder de Koninklijke Bibliotheek. De Eerste Kamer gaat een begin maken met inrichten van dit project. Rijksvastgoedbedrijf coördineert de renovatie.

D Tabel Budgettaire gevolgen van beleid

Beleidsartikel 1 Wetgeving en controle EK

Budgettaire gevolgen van beleid (bedragen x € 1.000)
 

2012

2013

2014

2015

Realisatie

2016

Vastgestelde begroting

2016

Verschil

2016

Verplichtingen:

11.632

11.844

9.915

11.047

11.732

13.061

– 1.329

 

Uitgaven:

11.701

11.807

9.938

11.017

11.771

13.061

– 1.290

 

1.1

Apparaat Eerste Kamer

7.504

6.530

6.528

7.086

8.317

9.477

– 1.160

 

1.2

Vergoeding voorzitter/leden Eerste Kamer

4.149

3.304

3.346

3.368

3.360

3.511

– 151

 

1.3

Verenigde vergadering

48

1.973

64

563

94

73

21

 

Ontvangsten:

93

204

101

213

198

79

119

E Toelichting artikelonderdeel

Personeel

In 2016 heeft er geen personeelsuitbreiding plaatsgevonden, en er is aanzienlijk minder uitgeput dan eerder begroot, doordat er tussentijds personeel vertrok en de WKR over 2015 lager uitviel dan begroot.

Materieel

In tegenstelling tot de verwachting is er in 2016 minder uitgeput dan eerder begroot. Dit geldt onder andere voor de volgende posten: Uitbesteding advisering/opdrachtverlening, Porti- en bezorgkosten, EU Voorzitterschap, Websitekosten, Technische- en bedrijfsinstallaties.

Verdere ontwikkeling digitaal parlement

De Eerste Kamer is het eerste parlementaire huis ter wereld dat agenda’s en vergaderstukken in beginsel uitsluitend digitaal (via de «Eerste Kamer App») aan haar Leden aanbiedt. In het content management systeem en de websites van de Kamer zijn belangrijke wijzigingen doorgevoerd. De digitalisering van de stukkenstroom is, ook buiten het kader van het vergadercircuit, in 2016 verder verfijnd.

Beheer gebouwen

Voor het gehele gebouw van de Eerste Kamer (inclusief het deel dat van de Raad van State is overgenomen) blijft een grootscheepse renovatie (met name ook installatietechnisch) op termijn noodzakelijk. In 2016 is besloten tot een tijdelijke uithuizing van de gehele Eerste Kamer voor de duur van de renovatie van het Binnenhofcomplex.

EU voorzitterschap 1e helft jaar 2016

Van 1 januari 2016 tot 1 juli 2016 vervulde Nederland voor de twaalfde keer het voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie. Prioriteiten waren: een strategische agenda voor de EU in tijden van verandering, banen scheppen door innovatieve groei en verbinding zoeken met maatschappelijke actoren.

Tijdens het EU-voorzitterschap zat Nederland de vergaderingen van de Raad voor en werd door Nederland het voortouw genomen bij onderhandelingen tussen de lidstaten onderling. Ook behartigde Nederland de belangen van de lidstaten bij onderhandelingen met de andere Europese instellingen over nieuwe regelgeving.

Nederland nam het stokje over van Luxemburg en gaat nauw samenwerken in een trojka met Slowakije en Malta. Slowakije nam op 1 juli 2016 het voorzitterschap van Nederland over.

Specificatie apparaatsuitgaven

Bedragen x € 1.000

Apparaat

2016

Personeel

4.267

Eigen personeel

3.976

Externe inhuur

182

Overig personeel

109

Materieel

4.050

Overig materieel

4.050

Totaal apparaat

8.317

Artikel 2. Uitgaven ten behoeve van leden en oud-leden Tweede Kamer, alsmede leden van het Europees Parlement

A. Algemene doelstelling

Onder dit artikel worden rechtspositionele uitgaven aan leden en oud-leden van de Tweede Kamer, alsmede hun nagelaten betrekkingen, evenals de schadeloosstelling aan de Nederlandse leden van het Europees Parlement verantwoord.

Activiteiten

Zorg dragen voor uitbetalingen in verband met wettelijke regelingen

De Tweede Kamer draagt ingevolge de Wet schadeloosstelling leden Tweede Kamer (Stb. 1997, 250), de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Stb. 1969, 594) en de Wet schadeloosstelling leden Europees Parlement (Stb. 1979, 379) zorg voor de uitgaven uit hoofde van:

  • –  schadeloosstelling leden Tweede Kamer (artikel 2.1);
  • –  reis- en overige kostenvergoedingen leden Tweede Kamer (artikel 2.1);
  • –  wachtgelden oud-leden Tweede Kamer (artikel 2.2);
  • –  pensioenen oud-leden en hun nabestaanden (artikel 2.2);
  • –  schadeloosstelling Nederlandse leden van het Europees Parlement (die niet door het Europees Parlement betaald worden) (artikel 2.3).

Aan deze activiteiten zijn de volgende kengetallen (aantallen gerechtigden) verbonden.

Tabel 2.1 Aantallen deelgerechtigden
 

2013

2014

2015

2016

Pensioenen oud-leden

452

455

460

455

Wachtgelden oud-leden

66

55

36

15

Totaal

518

510

496

470

In onderstaand overzicht zijn als achtergrondinformatie de gerealiseerde uitgaven en gemiddelden van de artikelonderdelen 2.1, 2.2 en 2.3 opgenomen voor de jaren 2012–2016

Tabel 2.2
 

2012

2013

2014

2015

2016

2.1 schadeloosstelling

22.107

18.700

18.801

19.305

22.583

gemiddeld per lid TK

147

125

125

129

152

2. 2 pensioenen en wachtgelden

11. 683

10.999

8.859

8.775

8.606

– totaal 1 en 2

33.790

29.699

27.660

28.080

31.189

gemiddeld per lid TK

225

198

184

187

208

2.3 schadeloosstelling leden Europarlement

192

191

144

99

103

Gemiddeld per lid EP1

96

96

96

99

103

Noot 1: Vanaf de nieuwe zittingsperiode in het voorjaar van 2009 wordt de schadeloosstelling voor het overgrote deel van de leden betaald door het Europarlement (en vanaf de verkiezingen in 2014 niet meer door de Tweede Kamer). Een lid is echter in mei 2014 herkozen en blijft daarom door de Tweede Kamer betaald worden.

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoordelijk voor het beheer van de begroting van de Staten-Generaal. De colleges voeren zelf het beheer over hun begroting of hun begrotingsdeel. Over de inhoud van dit beheer bestaan afspraken (de zogenaamde beheersafspraken) tussen de Minister en de colleges, waarin recht gedaan wordt aan hun staatsrechtelijke positie.2

C. Beleidsconclusies

Vanaf de verkiezingen voor het Europees Parlement in mei 2014 worden er geen Europarlementariërs meer betaald door de Tweede Kamer, met uitzondering van een herkozen lid. Deze blijft tot de volgende Europese Verkiezingen op de begroting van de Tweede Kamer drukken, tenzij dit lid wederom herkozen wordt.

Voor wat betreft de uitvoering en beoogde resultaten deden zich geen bijzonderheden voor.

D. Budgettaire gevolgen van beleid

Beleidsartikel 2 Uitgaven tbv van (oud) leden Tweede Kamer en leden EP

Budgettaire gevolgen van beleid (bedragen x € 1.000)
 

2012

2013

2014

2015

Realisatie

2016

Vastgestelde

begroting

2016

Verschil

2016

Verplichtingen:

33.982

29.890

27.804

28.227

31.243

29.396

1.847

 

Uitgaven:

33.982

29.890

27.804

28.178

31.292

29.396

1.896

 

2.1

Schadeloosstelling

22.107

18.700

18.801

19.304

22.583

19.561

3.022

 

2.2

Pensioenen en wachtgelden

11.683

10.999

8.859

8.775

8.606

9.735

– 1.129

 

2.3

Schadeloosstelling Europarlementariërs incl. tegemoetkoming ziektekosten

192

191

144

99

103

100

3

 

Ontvangsten:

62

86

34

51

33

86

– 53

E. Toelichting artikelonderdeel

Het getoonde verschil betreft het verschil tussen de oorspronkelijk vastgestelde begroting en de realisatie over 2016. Opgemerkt zij (dit geldt voor de gehele begroting) dat in de loop van 2016 diverse begrotingsmutaties hebben plaatsgevonden, onder andere een generieke begrotingsverhoging als gevolg van compensatie voor gestegen lonen en prijzen (loon- en prijsbijstelling 2016).

2.1 Schadeloosstelling

De overschrijding op het onderdeel 2.1 «Schadeloosstelling» is het gevolg van de eindheffing werkkostenregeling ad. € 2,4 mln.

2.2 Pensioenen en wachtgelden

De onderuitputting op dit artikelonderdeel is gelegen in het lagere aantal wachtgeldgerechtigden. De uitgaven aan pensioenen zijn vrij constant, de uitgaven aan wachtgelden zijn afhankelijk van het feit of een oud-lid nog een beroep kan doen op de regeling. Het al dan niet stoppen van het wachtgeld als gevolg van het vinden van werk is moeilijk voorspelbaar. In de periode november 2015 – november 2016 is het aantal wachtgeldgerechtigde oud-leden afgenomen van 36 naar 15.

Artikel 3: Wetgeving en controle Tweede Kamer

A. Algemene doelstelling

Als volksvertegenwoordiging heeft de Tweede Kamer twee hoofdtaken: het controleren van de regering en (mede)wetgeving. Deze taken vloeien voort uit de grondwetsartikelen 50 (vertegenwoordiging van het gehele Nederlandse volk), 65 tot en met 72 (werkwijze), 81 tot en met 87 (wetgeving), 105 (begrotingen), 137 en 138 (Grondwetgeving) en enkele andere grondwet- en wetsartikelen.

De ambtelijke diensten

De ambtelijke organisatie van de Tweede Kamer heeft als missie het ondersteunen van het constitutioneel proces. De ambtelijke organisatie wil dit verder versterken door middel van het bieden van een politiek neutrale, adequate en innovatieve ondersteuning van de Kamerleden en de fractie organisatie in alle facetten van het werk als volksvertegenwoordiger. De politieke prioriteit, zoals door de Kamer bepaald, is daarbij leidend voor de ambtelijke organisatie.

In onderstaand overzicht zijn in meerjarig perspectief (2013 – 2016) de uitgaven per artikelonderdeel binnen dit artikel als totaal en als gemiddelde per Kamerzetel opgenomen.

Tabel 3.1 Gemiddelde uitgaven per Kamerzetel
 

2013

2014

2015

2016

Apparaatskosten

64.281

61.760

68.292

68.639

Kennis en onderzoek

927

719

180

160

Publicatie officiële documenten

2.432

1.768

1.512

1.528

Fractiekosten

27.077

25.730

27.431

26.813

Uitzending leden

186

333

298

187

Enquêtes

526

2.215

1.230

115

Bijdrage ProDemos

1.672

1.867

Totaal artikel 3

95.429

92.525

100.615

99.309

Gemiddeld per zetel

636

617

671

662

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoordelijk voor het beheer van de begroting van de Staten-Generaal. De Colleges voeren zelf het beheer over hun begroting of hun begrotingsdeel. Over de inhoud van dit beheer bestaan afspraken (de zogenaamde beheersafspraken) tussen de Minister en de colleges, waarin recht gedaan wordt aan hun staatsrechtelijke positie.3

C. Beleidsconclusies

Er zijn in 2016 geen beleidswijzigingen ten aanzien van de aandachtspunten. Voor wat betreft de uitvoering en de beoogde resultaten deden zich geen bijzonderheden voor.

Aandachtspunten 2016

Als aandachtspunten voor 2016 koos het presidium de volgende onderwerpen:

  • •  Voorzitterschap EU 1e helft 2016;
  • •  Veiligheid en beveiliging, zowel fysiek als digitaal;
  • •  Verdere digitalisering primair proces;
  • •  Implementatie aanbevelingen: rapport «Voorop in Europa»;
  • •  Voorbereidingsactiviteiten rond de renovatie van het Binnenhofcomplex;
  • •  Implementatie van de besluitvorming op basis van het rapport van ABDTOPconsult;
  • •  200 jaar Staten-Generaal.

Voorzitterschap EU 1e helft 2016

De Stuurgroep van het project EU-voorzitterschap heeft na afronding van dit project de ambtelijke organisatie van beide Kamers opdracht gegeven tot een snelle, beknopte, interne procesevaluatie. Het doel van de procesevaluatie was het identificeren van aandachtspunten en trekken van lessen voor Eerste en Tweede Kamer, die nuttig kunnen zijn voor een volgend EU-voorzitterschap of voor vergelijkbare projecten. De parlementaire dimensie van het Nederlands EU-voorzitterschap is binnen budget afgerond.

Veiligheid en beveiliging, zowel fysiek als digitaal

Het bewaken en beschermen van de continuïteit van het werk van de Tweede Kamer; voor Tweede Kamerleden, bewindspersonen, gasten, bezoekers en medewerkers is een van de hoofdthema’s voor de ambtelijke organisatie.

In 2012 is een aanvang gemaakt met het verkrijgen van inzicht in risico’s van informatiebeveiliging hetgeen heeft geleid tot het opstellen van de Baseline Informatiebeveiliging TK. De baseline heeft in 2016 geleid tot een beschrijving hoe de Tweede Kamer wat betreft informatiebeveiliging op orde wenst te komen en bevat een set beheersmaatregelen.

Verdere digitalisering primair proces

Op 17 mei 2016 is de app Debat Direct geïntroduceerd. Met Debat Direct volgt de gebruiker overal live de plenaire debatten en openbare commissievergaderingen van de Tweede Kamer. Dat kan onderweg of thuis via smartphone of tablet. De app kan in combinatie met televisie ook worden gebruikt als zogenaamde «second screen app»: men kijkt het debat op tv terwijl de app de bijbehorende debat- en sprekersinformatie toont.

Implementatie aanbevelingen «Voorop in Europa» (VIE)

De aanbevelingen uit het rapport «Gericht op Europa» van de Radboud Universiteit zijn meegenomen bij de implementatie van het rapport «Voorop in Europa» (VIE; Kamerstuk 33 936).

De vaste commissie voor Europese Zaken heeft in 2016 een opzet voor een evaluatie van VIE besproken en aangehouden tot nadere bespreking begin 2017. Deze evaluatie ziet toe op de mate waarin alle aanbevelingen van VIE zijn geïmplementeerd.

Voorbereidingsactiviteiten rond de renovatie van het Binnenhofcomplex

In 2016 is besloten tot een tijdelijke uithuizing van de gehele Tweede Kamer voor de duur van de renovatie van het Binnenhofcomplex.

Implementatie van de besluitvorming op basis van het rapport van ABDTOPconsult.

In 2016 is uitvoering gegeven aan het ABD-rapport «Meer verzakelijking en verdere professionalisering».

De aanbevelingen zijn vertaald in een strategisch plan voor de ambtelijke organisatie gericht op het realiseren van meer politieke dienstbaarheid. Er is een activiteitenplan gemaakt voor verdeling van capaciteit en middelen. Er zijn dienstenplannen, die het MT en het presidium meer mogelijkheden tot sturing moeten geven. Voor de begrotingsuitvoering is een nieuwe rapportage aan het presidium in gebruik genomen. Deze biedt meer inzicht in financiën en geeft eveneens meer mogelijkheden tot sturing en bijsturing. Er is een Veiligheidsplan en een Informatiestrategie vastgesteld met kaders waarbinnen gewerkt moet worden.

In 2016 is een personeelsschouw uitgevoerd die inzicht biedt in de staat van de personele bezetting. Daarmee moet sterker kunnen worden gestuurd op de inzetbaarheid en kwaliteitsontwikkeling van de medewerkers en leidinggevenden. Dit wordt onder andere bereikt door alle leidinggevenden te laten deelnemen aan een Management Development-traject waarbinnen kwaliteitsontwikkeling en mobiliteit centraal staan.

200 jaar Staten-Generaal

Het parlementaire jaar 2015–2016 stond in Nederland mede in het teken van de viering van 200 jaar parlementaire democratie. Gedurende het gehele parlementaire jaar waren er activiteiten die relateren aan dit jubileum. Het project is afgerond. In het 4e kwartaal van 2016 zijn de laatste uitgaven verrekend met de Eerste Kamer.

D Budgettaire gevolgen van beleid

Beleidsartikel 3 Wetgeving/controle TK

Budgettaire gevolgen van beleid (bedragen x € 1.000)
 

2012

2013

2014

2015

Realisatie

2016

Vastgestelde begroting

2016

Verschil

2016

Verplichtingen:

98.521

97.690

99.047

100.320

96.927

97.421

– 494

 

Uitgaven:

100.501

95.429

92.524

100.615

99.309

97.421

1.888

 

3.1

Apparaat Tweede Kamer

69.926

64.281

61.759

68.292

68.639

67.858

781

 

3.2

Onderzoeksbudget

281

927

719

180

160

2.174

– 2.014

 

3.3

Drukwerk

3.689

2.432

1.768

1.512

1.528

1.789

– 261

 

3.4

Fractiekosten

25.597

27.077

25.730

27.431

26.813

23.248

3.565

3.5

Uitzending leden

334

186

333

298

187

432

– 245

 

3.6

Parlementaire enquêtes

673

526

2.215

1.230

115

0

115

 

3.7

Bijdrage ProDemos

0

0

0

1.672

1.867

1.920

– 53

 

Ontvangsten:

6.749

4.766

4.385

5.845

5.001

4.966

35

E Toelichting artikelonderdeel

Specificatie apparaatsuitgaven

Bedragen x € 1.000

Apparaat

2016

Personeel

44.066

Eigen personeel

36.944

Externe inhuur

6.103

Overig personeel

1.019

Materieel

24.573

Overig materieel

24.573

Totaal apparaat

68.639

3.2 Kennis en onderzoek

Dit betreft de uitgaven voor de toekomst- en onderzoeksagenda. In 2016 hebben geen parlementaire onderzoeken plaatsgevonden, hetgeen heeft geleid tot een onderuitputting van ruim € 2,0 mln.

3.3 Publicatie officiële documenten

Deze begrotingspost betreft de uitgaven voor de publicatie van de handelingen en officiële publicaties op Overheid.nl. De uitgaven in 2016 zijn lager dan begroot. In 2016 is sprake van een onderuitputting van ruim 0,2 mln.

3.4 Fractiekosten

De overschrijding op het artikel is het gevolg van de in 2015 gewijzigde systematiek van bevoorschotting van de fracties. De fracties hebben in 2015 en 2016 een 100% bevoorschotting ontvangen terwijl de begroting is gebaseerd op een bevoorschotting van 90% (het oude percentage van bevoorschotting). In de loop van 2016 is de begroting van dit artikel structureel verhoogd met een ramingsbijstelling van € 1,6 mln. (en loon- en prijsbijstelling ad € 0,74 mln.).

3.5 Uitzending Leden

Er zijn in 2016 minder reizen gemaakt dan voorzien. Dit resulteert in een onderuitputting van ca € 0,25 mln.

3.6 Parlementaire enquêtes

De uitgaven voor parlementaire enquêtes betreft uitgaven die betrekking hebben op het begrotingsjaar 2015 of eerder. De uitgaven kunnen niet met terugwerkende kracht ten laste van een afgesloten begrotingsjaar worden gebracht.

Ontvangsten

Toelichting op de ontvangsten

De daadwerkelijke ontvangsten komen nagenoeg overeen met de oorspronkelijk geraamde ontvangsten.

Artikel 4: Wetgeving en controle Eerste en Tweede Kamer

A. Algemene doelstelling

Het onder dit artikel opgenomen budget ten behoeve van wetgeving en controle Eerste en Tweede Kamer betreft de kosten van interparlementaire activiteiten.

B. Rol en verantwoordelijkheid

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoordelijk voor het beheer van de begroting van de Staten-Generaal en van de begroting van de overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten van de Gouverneurs. De Colleges voeren zelf het beheer over hun begroting of hun begrotingsdeel. Over de inhoud van dit beheer bestaan afspraken (de zogenaamde beheersafspraken) tussen de Minister en de Colleges, waarin recht gedaan wordt aan hun staatsrechtelijke positie.4

C. Beleidsconclusies

Er zijn in 2016 geen beleidswijzigingen. Voor wat betreft de uitvoering en beoogde resultaten deden zich geen bijzonderheden voor.

D. Budgettaire gevolgen van beleid

Beleidsartikel 4 Wetgeving/controle EK en TK

Budgettaire gevolgen van beleid (bedragen x € 1.000)
 

2012

2013

2014

2015

Realisatie

2016

Vastgestelde begroting

2016

Verschil

2016

Verplichtingen:

2.219

1.285

1.589

944

1.070

1.482

– 412

 

Uitgaven:

1.029

1.384

1.799

1.357

1.070

1.482

– 412

 

4.3

Interparlementaire betrekkingen

1.029

1.384

1.799

1.357

1.070

1.482

– 412

 

Ontvangsten:

0

0

0

0

0

23

– 23

E. Toelichting artikelonderdeel

Artikel 4 Wetgeving en controle Eerste en Tweede Kamer kent één artikelonderdeel, namelijk «interparlementaire betrekkingen». Dit artikelonderdeel kent een vijftal subcategorieën. Twee daarvan hebben betrekking op contributies aan internationale organisaties en één op de ontvangst van buitenlandse parlementaire delegaties en vertegenwoordigers van internationale organisaties. De twee overige categorieën betreffen reizen naar de overzeese gebiedsdelen en het reizen naar internationale organisaties.

Noot 1: Comptabiliteitswet 2001, artikel 19.

Noot 2: Comptabiliteitswet artikel 19.

Noot 3: Comptabiliteitswet artikel 19.

Noot 4: Comptabiliteitswet artikel 19.