Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

2.2 De belasting- en premieontvangsten in 2015

In tabel 2.2.1 wordt de nieuwe raming voor 2015 vergeleken met de stand bij Voorjaarsnota 2015. De nieuwe raming over 2015 is gebaseerd op het economisch beeld conform de MEV 2016 en de gerealiseerde belasting- en premieontvangsten tot en met juli 2015. Ten opzichte van de Voorjaarsnota 2015 is de raming voor de totale belasting- en premieontvangsten op EMU-basis met 0,7 miljard euro opwaarts bijgesteld.

Tabel 2.2.1 Raming belasting- en premieontvangsten 2015 op EMU-basis (in miljoenen euro's)
   

Voorjaarsnota 2015

Vermoedelijke uitkomsten 2015

Verschil

Indirecte belastingen

74.908

75.056

147

Invoerrechten

2.646

2.916

270

Omzetbelasting

44.410

44.589

180

Belasting op personenauto's en motorrijwielen

1.344

1.344

0

Accijnzen

11.236

11.074

– 162

Overdrachtsbelasting

1.691

1.791

100

Assurantiebelasting

2.383

2.399

17

Motorrijtuigenbelasting

3.995

4.009

14

Belastingen op een milieugrondslag

4.994

4.719

– 275

Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.

223

225

2

Belasting op zware motorrijtuigen

140

141

1

Verhuurderheffing

1.394

1.394

0

Bankbelasting

453

453

0

       

Directe belastingen en premies volksverzekeringen

111.006

111.411

405

Loon- en inkomensheffing

90.103

90.866

763

Dividendbelasting

3.222

3.125

– 97

Kansspelbelasting

449

450

1

Vennootschapsbelasting

15.625

15.353

– 272

Successierechten

1.607

1.616

9

       

Overige belastingontvangsten

224

224

0

       

Totaal belastingen en premies volksverzekeringen

186.138

186.691

552

       

Premies werknemersverzekeringen

53.144

53.265

121

 

wv zorgpremies

34.701

34.739

38

       

Totaal belasting- en premieontvangsten (EMU-basis)

239.282

239.955

673

De raming bij Voorjaarsnota 2015 was gebaseerd op het economisch beeld conform het CEP 2015 van het CPB. Ten opzichte van het CEP 2015 is de verwachte waardeontwikkeling van het bbp in 2015 met 0,1 procent opwaarts bijgesteld. Daarbij kennen de macro-economische indicatoren die ten grondslag liggen aan het bbp en relevant zijn voor de ontwikkeling van de belasting- en premieontvangsten, uiteenlopende mutaties. Zo is de groei van de investeringen in woningen in 2015 en de volumeontwikkeling van de verkoop van bestaande woningen fors bijgesteld, met 14 procent respectievelijk 7 procent. Ook de ontwikkeling van de lonen (+ 0,3 procent), de particuliere consumptie (+ 0,6 procent) en de huizenprijzen (+ 1,7 procent) zijn opwaarts bijgesteld. De verwachte winstontwikkeling is licht neerwaarts bijgesteld met – 0,4 procent. De verwachting voor de andere voor de inkomsten relevante macro-economische indicatoren, waaronder de werkgelegenheid, is nauwelijks gewijzigd.

De raming van de totale indirecte belastingen is per saldo met 0,1 miljard euro opwaarts bijgesteld ten opzichte van de Voorjaarsnota 2015. De ontvangsten uit de invoerrechten zijn met 0,3 miljard euro opwaarts bijgesteld. Dit betreft grotendeels een boekhoudkundige aanpassing. De landbouwheffing wordt sinds deze Miljoenennota bij de belasting- en premieontvangsten geboekt als onderdeel van de invoerrechten. Hiervoor werd deze post op de Rijksbegroting geboekt als niet-belastingmiddel aan de uitgavenkant. Deze boekhoudkundige verschuiving heeft geen gevolgen voor het EMU-saldo. De raming van de btw-ontvangsten is met 0,2 miljard euro opwaarts bijgesteld, vooral als gevolg van een forse aanpassing van de groei van de investeringen in woningen. Op basis van de gerealiseerde ontvangsten over het eerste half jaar van 2015 is de raming van de accijnzen met – 0,2 miljard aangepast. De neerwaartse aanpassing betreft met name de tabaksaccijns. Een gunstiger ontwikkeling van het verwachte aantal verkopen van bestaande woningen gecombineerd met een hogere prijsontwikkeling leidt tot een bijstelling van de ontvangsten uit de overdrachtsbelasting met 0,1 miljard. De ontvangsten uit de belastingen op een milieugrondslag, met name de energiebelasting, zijn met – 0,3 miljard euro bijgesteld. Deze bijstelling volgt in zijn geheel uit de gerealiseerde ontvangsten tot en met juli 2015.

De ontvangsten uit de directe belastingen zijn per saldo met 0,4 miljard euro omhoog bijgesteld ten opzichte van de Voorjaarsnota 2015. De raming van de loon- en inkomensheffing is met 0,8 miljard euro opwaarts aangepast. Deze positieve bijstelling volgt met name uit de gerealiseerde ontvangsten over de eerste helft van het jaar en is in lijn met een positievere loonontwikkeling over 2015 dan bij Voorjaarsnota werd verwacht. De neerwaartse bijstelling van 0,3 miljard euro bij de vpb volgt deels uit een minder positieve winstontwikkeling van bedrijven dan eerder verwacht en deels uit lagere vpb-ontvangsten over de winning en verkoop van aardgas. Dit beeld wordt bevestigd door de gerealiseerde vpb-ontvangsten over 2015 tot en met juli. Ook bij de dividendbelasting geven de realisaties over het eerste half jaar van 2015 aanleiding tot een neerwaartse aanpassing van de raming.

De ontvangsten uit de premies werknemersverzekeringen ten slotte komen 0,1 miljard euro hoger uit, wat samenhangt met de positievere loonontwikkeling dan eerder verwacht.