Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
Rijksbegroting Overzicht Voorbereiding Uitvoering Verantwoording
2017
  • Begrotingsstaat
  • Download PDF

Artikel 3: Doorbelaste uitgaven van andere begrotingen

Op dit begrotingsartikel worden de uitgaven geraamd die niet via de Dienst van het Koninklijk Huis lopen, maar wel deel uitmaken van de uitgaven die functioneel samenhangen met het koningschap. Het gaat om de uitgaven in het kader van de voorlichting (Rijksvoorlichtingsdienst), het Militaire Huis als onderdeel van de Dienst van het Koninklijk Huis en de uitgaven van het Kabinet van de Koning. Deze uitgaven ontstaan (en worden betaald) onder de verantwoordelijkheid van de desbetreffende Minister. De uitgaven worden primair geraamd en verantwoord ten laste van desbetreffende begrotingen en zullen vervolgens door de Minister (rechtstreeks) worden doorbelast aan de begroting van de Koning, die daarvoor een raming bevat. Daartegenover ontstaat dan een ontvangstenraming op desbetreffende begroting.

Opbouw verplichtingen/uitgaven (bedragen x € 1.000)
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Stand ontwerpbegroting 2016

 

5.704

5.687

5.670

5.671

5.673

 
               

Mutatie eerste suppletoire begroting 2016

 

94

41

40

40

41

41

Nieuwe mutaties:

             

1. Extrapolatie

           

5.673

Stand ontwerpbegroting 2017

5.726

5.798

5.728

5.710

5.711

5.714

5.714

Opbouw ontvangsten (bedragen x € 1.000)
 

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2020

Stand ontwerpbegroting 2016

 

0

0

0

0

0

0

               

Mutatie eerste suppletoire begroting 2016

 

15

         
               

Stand ontwerpbegroting 2017

58

15

0

0

0

0

0

In onderstaande tabel wordt inzicht gegeven in de verschillende onderdelen binnen begrotingsartikel 3 over 2017. Het begrotingsartikel bestaat uit een personele en een materiële component.

Raming over 2017 (bedragen x € 1.000)
 

2017

Doorbelaste personele uitgaven

4.283

Doorbelaste materiële uitgaven

1.445

Totaal

5.728

w.v. RVD

1.520

w.v. Militaire Huis

1.818

w.v. Kabinet van de Koning

2.390

Rijksvoorlichtingsdienst

De Rijksvoorlichtingsdienst (RVD) verzorgt de communicatie over de Koning en de leden van het Koninklijk Huis. Het betreft jaarlijks de volgende activiteiten:

  • a.  mediabegeleiding van circa 250 publieke optredens in binnen- en buitenland, zoals evenementen en staatsbezoeken;
  • b.  woordvoering en beantwoording van mediavragen en afhandeling van interviewverzoeken;
  • c.  uitgeven van ruim 300 persberichten over de activiteiten en werkzaamheden;
  • d.  inhoudelijk beheer van de online communicatieactiviteiten zoals Facebook, Twitter, YouTube en de website.

Bij de uitvoering van deze activiteiten wordt zorg gedragen voor een goed evenwicht tussen tijdige en feitelijke voorlichting enerzijds en bescherming van de persoonlijke levenssfeer anderzijds. De personele inzet voor de uitvoering van deze taken bedraagt 12,5 fte.

Militaire Huis

Het Militaire Huis is een integraal onderdeel van de Dienst van het Koninklijk Huis (DKH). De activiteiten van het Militaire Huis betreffen onder meer:

  • a.  het (mede-)organiseren van evenementen voor en begeleiding van de Koning en de leden van het Koninklijk Huis;
  • b.  het coördineren van veiligheidsaspecten binnen de DKH en namens DKH met externe partners in de veiligheidsketen;
  • c.  het onderhouden van de niet-politieke contacten tussen het Koninklijk Huis en het Ministerie van Defensie;
  • d.  het verzorgen van het militaire ceremonieel aan het hof.

De geraamde personele inzet voor 2017 betreft 15 fte.

Kabinet van de Koning

Het Kabinet van de Koning ondersteunt als kleine, eigenstandige overheidsorganisatie de Koning ten behoeve van de uitoefening van diens constitutionele taken en fungeert als schakel tussen de Koning en de overige leden van de regering en bestuurlijke autoriteiten. Het Kabinet van de Koning valt onder de ministeriële verantwoordelijkheid van de Minister-President. De taken van het Kabinet van de Koning omvatten met name:

  • a.  Informeren van de Koning ten behoeve van zijn gesprekken met binnenlandse en buitenlandse hoogwaardigheidsbekleders, staats- en andere buitenlandse bezoeken, bezoeken aan andere landen van het koninkrijk en werkbezoeken. Voorbeelden van ontvangsten zijn het aanbieden van geloofsbrieven door ambassadeurs van andere landen en het beëdigen van hoge functionarissen waarvoor in de wet is vastgelegd dat dit geschiedt ten overstaan van de Koning. Bezoeken van de Koning omvatten, naast de genoemde buitenlandse bezoeken, onder meer werkbezoeken met ministers en staatssecretarissen en streekbezoeken.
  • b.  Tijdig en in correcte vorm aan de Koning ter tekening voorleggen van alle door de ministeries en de Staten-Generaal aangeboden stukken en het verzorgen van de daarbij behorende correspondentie.
  • c.  Opstellen en overbrengen van boodschappen aan andere staatshoofden en aan internationale autoriteiten.
  • d.  Behandelen en doorgeleiden van aan de Koning gerichte verzoekschriften. Deze brieven worden op het Kabinet aan de hand van een analyse van de onderhavige problematiek overgedragen aan de bewindspersoon die verantwoordelijk is voor het beleidsterrein.
  • e.  Registreren, bewaren en aan het Nationaal Archief overdragen van wetten en koninklijke besluiten.

De personele inzet voor de uitvoering van deze taken bedraagt 25,5 fte.