Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

02. Immigratie- en Naturalisatiedienst

De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) is dé toelatingsorganisatie van Nederland die als uitvoeringsorganisatie het immigratie- en asielbeleid effectief en efficiënt uitvoert in samenwerking met de partners in de keten. Dit houdt in dat de IND de aanvragen beoordeelt van vreemdelingen die in Nederland willen verblijven of Nederlander willen worden.

Tabel 02.1 Meerjarige begroting van baten en lasten
 

Realisatie

Begroting

         
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Baten

             

Omzet moederdepartement

384.247

354.295

332.011

288.998

289.161

289.567

289.568

Omzet moederdepartement VJN

             

Omzet overige departementen

             

Omzet derden

64.750

56.360

56.360

56.360

56.360

56.360

56.360

Rentebaten

             

Vrijval voorzieningen

1.244

           

Bijzondere baten

3

           

Totaal baten

450.244

410.655

388.371

345.358

345.521

345.927

345.928

               

Lasten

             

Apparaatskosten

             

– Personele kosten

275.171

270.500

253.000

224.000

224.000

224.000

224.000

– waarvan eigen personeel

204.176

220.000

220.000

208.000

208.000

208.000

208.000

– waarvan externe inhuur

64.379

40.000

24.000

8.000

8.000

8.000

8.000

– waarvan overige personele kosten

6.616

10.500

9.000

8.000

8.000

8.000

8.000

Materiële kosten

81.400

64.800

61.000

56.500

56.500

56.500

56.500

– waarvan ICT

1.113

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

– waarvan bijdrage aan SSO’s

61.927

40.000

40.000

40.000

40.000

40.000

40.000

– waarvan overige materiële kosten

18.360

23.800

20.000

15.500

15.500

15.500

15.500

– Materiële programmakosten

58.889

57.555

56.171

46.658

46.821

47.227

47.228

Rentelasten

180

200

200

200

200

200

200

Afschrijvingskosten

17.208

17.600

18.000

18.000

18.000

18.000

18.000

– materieel

3.681

4.100

4.500

4.500

4.500

4.500

4.500

– waarvan apparaat ICT

2.300

2.500

2.500

2.500

2.500

2.500

2.500

– immaterieel

13.527

13.500

13.500

13.500

13.500

13.500

13.500

Overige kosten

10.705

0

0

0

0

0

0

– dotaties voorzieningen

10.705

           

– bijzondere lasten

             

Totaal lasten

443.553

410.655

388.371

345.358

345.521

345.927

345.928

               

Saldo van baten en lasten

6.691

0

0

0

0

0

0

Saldo baten en lasten als % totale baten

1%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

Toelichting meerjarige begroting van baten en lasten

Baten

De totale omzet is gebaseerd op de vastgestelde kostprijzen (P), de verwachte instroom- en productieaantallen (Q) en een lumpsumbekostiging voor de materiële kosten (ICT, huisvesting e.d.) en de kosten voor de staf. In tabel 02.4 doelmatigheidsindicatoren is de integrale omzet gesplitst naar hoofdproduct. De bekostiging van de IND bestaat uit een bijdrage van het moederdepartement en de opbrengsten derden.

Omzet moederdepartement

Voor 2018 is de bijdrage vanuit het moederdepartement gebaseerd op een asielinstroom van 37.000 per jaar. Hiermee is de IND in staat om de verwachte aantallen asielverzoeken te kunnen afhandelen. Vanaf 2019 wordt weer uitgegaan van een meerjarige asielinstroom van 22.500 per jaar.

Naast deze toename, is in 2018 sprake van een daling van de bijdrage die samenhangt met de efficiency- taakstelling Rutte II. Deze wordt voor een groot deel in ketenverband (samen met COA en DT&V) ingevuld en uitgevoerd.

Omzet derden

De opbrengsten derden bestaan voor het belangrijkste deel uit leges die vreemdelingen betalen voor het behandelen van aanvragen voor verblijfsvergunning regulier of verzoeken tot naturalisatie (€ 48 mln.). Daarnaast uit opbrengsten uit onderverhuur en bijdragen uit Europese subsidies (€ 8,5 mln.).

Lasten

Personele kosten

De benodigde capaciteit voor het primaire proces is opgebouwd uit ambtelijke medewerkers en externe inhuur. De inzet van uitzendkrachten in het primaire proces is een doelmatig instrument om flexibel te kunnen inspelen op wisselingen in de instroom. Daarnaast zijn in de begroting de ingehuurde ICT-deskundigen opgenomen onder externe inhuur.

Tabel 02.2 Personele kosten (x € 1.000)
 

Realisatie

Begroting

         
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Eigen personeel

             

kosten

204.176

220.000

220.000

208.000

208.000

208.000

208.000

aantal fte

2.946

3.160

3.160

3.000

3.000

3.000

3.000

               

Externe inhuur

             

kosten

64.379

40.000

24.000

8.000

8.000

8.000

8.000

               

Overige personeelskosten

6.616

10.500

9.000

8.000

8.000

8.000

8.000

               

Totale kosten

275.171

270.500

253.000

224.000

224.000

224.000

224.000

Materiële kosten

De materiële kosten houden verband met de bedrijfsvoering van de IND en betreffen onder andere huisvesting en in- en uitbesteding. De programmakosten hebben een directe relatie met de uitvoering van te leveren prestaties (tolken, proceskosten, verzorging, laboratoriumonderzoek en documenten). Ook de kosten van automatisering voor het primair proces vallen onder programmakosten.

De rentelasten hangen samen met het beroep op de leenfaciliteit. Over de aangegane leningen voor de financiering van de investeringen in de (im)materiële vaste activa wordt rente betaald.

Tabel 02.3 Kasstroomoverzicht (x € 1.000)
 

Realisatie

Begroting

         
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

1

Rekening courant RHB 1 januari + depositorekeningen

82.957

82.009

55.823

51.823

54.823

62.823

69.823

+/+ totaal ontvangsten operationele kasstroom

455.673

410.655

388.371

345.358

345.521

345.927

345.928

–/– totaal uitgaven operationele kasstroom

– 443.991

– 418.055

– 376.371

– 327.358

– 327.521

– 327.927

– 327.928

2

Totaal operationele kasstroom

11.682

– 7.400

12.000

18.000

18.000

18.000

18.000

– /– totaal investeringen

– 14.336

– 22.250

– 12.200

– 9.300

– 8.000

– 10.350

– 10.350

+/+ totaal boekwaarde desinvesteringen

5

347

         

3

Totaal investeringsstroom

– 14.331

– 21.903

– 12.200

– 9.300

– 8.000

– 10.350

– 10.350

– /– eenmalige uitkering aan moederdepartement

0

– 4.133

0

0

0

0

0

+/+ eenmalige storting door moederdepartement

0

0

0

0

0

0

0

– /– aflossingen op leningen

– 14.899

– 15.000

– 16.000

– 15.000

– 10.000

– 11.000

– 10.350

+/+ beroep op leenfaciliteit

16.600

22.250

12.200

9.300

8.000

10.350

10.350

4

Totaal financieringskasstroom

1.701

3.117

– 3.800

– 5.700

– 2.000

– 650

0

5

Rekening courant RHB 31 december + stand depositorekeningen (=1+2+3+4)

82.009

55.823

51.823

54.823

62.823

69.823

77.473

Toelichting op het kasstroomoverzicht

De investeringen hebben betrekking op gebouwen, verbouwingen (o.a. vanuit Het Nieuwe Werken), inventarissen en installaties (o.a. het uitbreiden en vervangen van meubilair en beveiligingssystemen), hard- en software (verhuizing van het Rekencentrum vanuit rijksbrede afspraken) en doorontwikkeling van het informatiesysteem INDIGO.

Doelmatigheid

Tabel 02.4 Doelmatigheidsindicatoren
 

Realisatie

Begroting

         
 

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Omschrijving generiek deel

             

IND totaal:

             

FTE-totaal (excl. externe inhuur)

2.946

3.160

3.160

3.000

3.000

3.000

3.000

Saldo van baten en lasten (% van de baten)

1,5%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

               

Asiel

             

Doorlooptijd (wettelijke termijn) in %

91

90

90

90

90

90

90

Standhouden van beslissingen in %

90

85

85

85

85

85

85

Gemiddelde kostprijs (x € 1)

3.089

2.640

3.320

3.390

3.390

3.390

3.390

Omzet (x € 1 mln.)

218

180

198

153

153

153

153

               

Regulier

             

Doorlooptijd (wettelijke termijn) in %

89

95

95

95

95

95

95

Standhouden van beslissingen in %

86

80

80

80

80

80

80

Gemiddelde kostprijs (x € 1)

744

780

785

795

795

795

795

Omzet (x € 1 mln.)

209

212

173

175

175

175

175

               

Naturalisatie

             

Doorlooptijd (wettelijke termijn) in %

95

95

95

95

95

95

95

Gemiddelde kostprijs (x € 1)

525

670

675

675

675

675

675

Omzet (x € 1 mln.)

12

19

18

18

18

18

18

Doorlooptijd

De huidige procedure voor het behandelen van een aanvraag heeft tot doel om zo snel mogelijk duidelijkheid te geven over de uitkomst, waarbij op een zorgvuldige manier wordt getoetst aan de voorwaarden voor het verkrijgen van een asielvergunning, regulier verblijf of naturalisatie.

Het streven is om het grootste deel van de asielaanvragen af te handelen in de eerste 8 dagen (AA procedure). Voor de overige asielaanvragen geldt dat de IND streeft naar een tijdigheid van minimaal 90% en 95% voor de aanvragen voor regulier verblijf en naturalisatie.

De doorlooptijd binnen de asielprocedures is sterk afhankelijk van de daadwerkelijke ontwikkelingen in de instroom en de zwaarte van de af te handelen asielverzoeken.

Standhouden beslissing

Deze indicator geeft aan in hoeveel procent van de gevallen de beslissingen van de IND standhouden voor de rechter. Dit is een (gedeeltelijke) indicatie van de kwaliteit van beslissingen die de IND neemt in vreemdelingenzaken (asiel en regulier). In de tijd tussen een beslissing en een beroep kunnen zich echter ook nieuwe feiten voordoen die van invloed zijn op de beslissing.

Kostprijs per productgroep

De kostprijzen worden jaarlijks herijkt en vastgesteld door de eigenaar. De stijging van de kostprijzen wordt verklaard door de jaarlijkse loon- en prijsbijstelling. De lagere kostprijs asiel in 2017 wordt verklaard door het groter aantal asiel nareizigers. Deze aanvragen betroffen relatief eenvoudigere handelingen, waardoor de gemiddelde kostprijs nu incidenteel lager uitvalt.

Omzet per prijsgroep

De IND wordt afgerekend op basis van output. De omzet per productgroep wordt gebaseerd op de integrale kostprijs en de verwachte aantallen af te handelen aanvragen. Voor asiel wordt uitgegaan van instroom van 41.000 voor 2017, 37.000 voor 2018 en vanaf 2019 meerjarig 22.500. De instroom van reguliere aanvragen bedraagt 200.000 (exclusief bezwaarzaken).