Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
RijksbegrotingOverzichtVoorbereidingUitvoeringVerantwoording
2019
  • Begrotingsstaat
  • Financieel jaarverslag
  • Verantwoordingsbrief
  • Jaarverslag
  • Slotwet
  • Download PDF

Agentschap Rijkswaterstaat

Introductie

Rijkswaterstaat (RWS) is de uitvoeringsorganisatie van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. RWS beheert en ontwikkelt de rijkswegen, -vaarwegen en -wateren en zet in op een duurzame leefomgeving.

Samen met anderen werkt RWS aan een land dat beschermd is tegen overstromingen, waar voldoende groen is en voldoende en schoon water. En waar je vlot en veilig van A naar B kunt. Samenwerken aan een veilig, leefbaar en bereikbaar Nederland. Dat is Rijkswaterstaat.

Het Ministerie van IenW kent een scheiding tussen beleid, toezicht en uitvoering. RWS fungeert hierbij als uitvoeringsorganisatie van het ministerie. Het formuleren van beleid is belegd bij de beleidsdirectoraten-generaal. Dit betekent dat de doelstellingen van het agentschap afhankelijk zijn van de (veelal lange termijn-) beleidsdoelstellingen en kaders die door IenW worden aangegeven. Deze beleidsdoelen zijn geformuleerd in de beleidsartikelen van de beleidsbegroting Hoofdstuk XII.

Producten en diensten

RWS treedt op als manager van het gebruik van een aantal hoofdinfrastructuurnetwerken (hoofdwegennet, hoofdvaarwegennet, hoofdwatersystemen), als beheerder van die netwerken, als realisator van uitbreidingen van deze netwerken en als adviseur voor het ten aanzien hiervan te voeren beleid. RWS voert deze taken uit vanuit een netwerkbenadering. Belangrijkste producten zijn:

  • •  Verkeersmanagement: het inzetten van instrumenten en hulpmiddelen om vraag en aanbod op elk moment zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen en om het verkeersaanbod zo goed mogelijk af te wikkelen. Het betreft vooral bediening van objecten als bruggen en sluizen, verstrekken van route-informatie en incidentmanagement.
  • •  Watermanagement: reguleren van de hoeveelheden water in het hoofdwatersysteem en van de kwaliteit daarvan, door het hanteren van de te onderscheiden categorieën «vasthouden/bergen/afvoeren» en «schoonhouden/scheiden/zuiveren».
  • •  Beheer, onderhoud en vervanging: instandhouding van objecten en areaal op een vooruitstrevende, toekomstgerichte manier, gericht op het ook in technische zin steeds verder ontwikkelen van het netwerk of systeem.
  • •  Aanleg: dit betreft investeringen om de functionaliteit van het netwerk te vergroten. Nieuwe verbindingen of verbreding van bestaande. Sleutelwoord: capaciteitsvergroting.
  • •  Beleidsondersteuning en -advisering: het uitvoeren van studies of het leveren van bijdragen daaraan, adviezen met betrekking tot beleidsnota’s en de uitvoerbaarheid van beleid.
  • •  Leveren van kennis en expertise: ten behoeve van beleidsondersteuning en -advisering, milieu en leefomgeving, grote (aanleg)projecten en aansturing projecten en uitvoeringsorganisaties, het verstrekken van subsidies en basisinformatie.
Begroting van baten-lastenagentschap voor het jaar 2019 (bedragen x € 1.000)
 

Realisatie 2017

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Baten

             

Omzet moederdepartement

2.212.833

2.359.296

2.238.924

2.140.710

2.099.918

1.942.878

1.958.896

Omzet nog uit te voeren werkzaamheden

 

368.508

         

Omzet overige departementen

38.677

42.203

31.251

30.253

29.344

29.344

29.344

Omzet derden

179.317

184.222

184.657

184.622

184.622

184.622

184.622

Rentebaten

     

100

200

300

400

Vrijval voorzieningen

3.324

           

Bijzondere baten

2.348

3.000

3.000

3.000

3.000

3.000

3.000

Totaal baten

2.436.499

2.957.229

2.457.832

2.358.685

2.317.084

2.160.144

2.176.262

               

Lasten

             

Apparaatskosten

1.031.132

1.058.322

1.060.001

1.062.551

1.032.412

999.671

996.276

– personele kosten

827.364

816.435

818.108

818.954

790.540

758.194

755.249

– waarvan eigen personeel

744.871

737.920

752.691

765.845

737.430

708.084

705.139

– waarvan externe inhuur

82.493

77.015

63.917

51.609

51.610

48.610

48.610

– waarvan overige p-kosten

 

1.500

1.500

1.500

1.500

1.500

1.500

– materiële kosten

203.768

241.887

241.893

243.597

241.872

241.477

241.027

– waarvan apparaat ICT

29.730

30.000

30.000

30.000

30.000

30.000

30.000

– waarvan bijdrage aan SSO's

49.337

56.000

56.000

56.000

56.000

56.000

56.000

– waarvan overige M-kosten

124.701

155.887

155.893

157.597

155.872

155.477

155.027

Onderhoud

1.321.514

1.841.412

1.342.978

1.241.013

1.229.296

1.104.868

1.124.159

Rentelasten

3.707

8.520

5.878

6.146

6.401

6.630

6.852

Afschrijvingskosten

29.085

39.975

39.975

39.975

39.975

39.975

39.975

– materieel

27.652

38.500

38.500

38.500

38.500

38.500

38.500

– waarvan apparaat ICT

2.657

6.000

6.000

6.000

6.000

6.000

6.000

– immaterieel

1.433

1.475

1.475

1.475

1.475

1.475

1.475

Overige kosten

23.177

           

– dotaties voorzieningen

12.449

           

– bijzondere lasten

10.728

           

Totaal lasten

2.408.615

2.948.229

2.448.832

2.349.685

2.308.084

2.151.144

2.167.262

               

Saldo van baten en lasten

27.884

9.000

9.000

9.000

9.000

9.000

9.000

Dotatie aan reserve Rijksrederij

8.305

9.000

9.000

9.000

9.000

9.000

9.000

Te verdelen resultaat

19.579

0

0

0

0

0

0

Toelichting

Baten

Omzet moederdepartement

De omzet moederdepartement betreft de omzet voor activiteiten (en de daarmee samenhangende producten) die RWS verricht voor IenW, zoals:

  • •  het beheer en onderhoud van de infrastructuur en waterkwaliteit;
  • •  de apparaatskosten (personeel en materieel) van RWS die verband houden met de aanleg, verkeers- en watermanagement en onderhoud van infrastructuur;
  • •  de capaciteit die RWS levert in het kader van zijn kennis- en adviestaken en de activiteiten in het kader van Leefomgeving.
Specificatie omzet moederdepartement (bedragen x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Deltafonds

452.114

440.879

421.404

406.218

396.902

419.918

Artikel 1

Investeren in waterveiligheid

226

256

526

526

412

412

Artikel 3

Beheer Onderhoud en Vervanging

152.276

143.427

103.461

115.096

116.957

139.525

Artikel 5

Netwerkgebonden kosten en overig

298.800

296.407

295.924

290.596

279.533

279.981

Artikel 7

Waterkwaliteit

812

789

21.493

0

0

0

Infrastructuurfonds

1.853.621

1.750.530

1.674.886

1.650.933

1.503.055

1.495.256

Artikel 12

Hoofdwegennet

1.265.399

1.157.960

1.086.193

1.146.727

990.797

985.351

Artikel 15

Hoofdvaarwegennet

588.221

592.570

588.693

504.206

512.258

509.905

Hoofdstuk XII

53.562

47.515

44.420

42.767

42.921

43.722

Artikel 11

Waterkwaliteit

14.541

14.440

14.448

14.448

14.956

14.956

Artikel 13

Bodem en Ondergrond

7.057

5.926

5.002

3.566

3.567

3.567

Artikel 14

Wegen en Verkeersveiligheid

7.812

8.155

7.159

7.154

7.162

7.158

Artikel 16

Spoor

891

894

895

796

798

1.047

Artikel 17

Luchtvaart

4.509

1.640

435

435

50

50

Artikel 18

Scheepvaart en Havens

1.175

988

999

999

1.000

1.479

Artikel 19

Uitvoering milieubeleid en Internationaal

333

205

205

101

101

168

Artikel 20

Lucht en Geluid

921

1.530

1.539

1.527

1.546

1.556

Artikel 21

Duurzaamheid

9.349

7.247

7.247

7.247

7.247

7.247

Artikel 22

Externe veiligheid en risico's

4.343

3.858

3.858

3.858

3.858

3.858

Artikel 97

Algemeen departement

2.631

2.632

2.633

2.636

2.636

2.636

Totaal

2.359.296

2.238.924

2.140.710

2.099.918

1.942.878

1.958.896

Van totaal omzet IenW

           

*apparaats- en afschrijvingskosten en rentelasten

1.026.091

1.035.646

1.039.396

1.010.322

977.709

974.437

*programma

1.333.205

1.203.278

1.101.313

1.089.596

965.168

984.459

Omzet nog uit te voeren werkzaamheden

Dit betreffen middelen die RWS in 2017 van het moederdepartement heeft ontvangen en bestemd waren voor werkzaamheden die gepland waren in 2017, maar waarvan de uitvoering doorloopt in 2018 (€ 368,5 miljoen). In de instandhoudingsbijlage van de Infrastructuurfonds en Deltafondsbegroting 2019 is de opbouw van de nog uit te voeren werkzaamheden per ultimo 2017 weergegeven.

Omzet overige departementen

De omzet overige departementen heeft met name betrekking op van andere ministeries ontvangen vergoedingen voor het gebruik van vaartuigen van de Rijksrederij. Daarnaast betreft het vergoedingen voor de capaciteit die RWS levert in het kader van Beleidsondersteuning en Advisering en de werkzaamheden voor de Omgevingswet. Dit als gevolg van de departementale herindeling met betrekking tot klimaat, de ruimtelijke ontwikkeling en de Omgevingswet.

Specificatie omzet overige departementen (bedragen x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Ministerie van Defensie

14.740

14.740

14.740

14.740

14.740

14.740

Ministerie van Financiën

2.474

2.474

2.474

2.474

2.474

2.474

Ministerie van Economische zaken en Klimaat

8.874

8.822

8.824

8.822

8.822

8.822

Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

16.114

5.214

4.214

3.307

3.307

3.307

Totaal

42.203

31.251

30.253

29.344

29.344

29.344

Omzet derden

De omzet derden heeft betrekking op vergoedingen van onder meer provincies, gemeenten en de Europese Unie in het kader van het beheer en onderhoud van de infrastructuur en de kennis- en adviesfunctie. Daarnaast bevat deze post de verwachte opbrengsten uit schaderijdingen en schadevaringen ter dekking van de kosten van reparatiewerkzaamheden, opbrengsten uit vergunningverlening, beheeropbrengsten op het areaal, opbrengsten voor de Nationale Bewegwijzeringsdienst en opbrengsten in het kader van Werken voor en met Anderen.

Specificatie omzet derden (bedragen x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Vergoeding provincies etc.

38.000

38.000

38.000

38.000

38.000

38.000

Schaderijdingen/schadevaringen

26.400

26.400

26.400

26.400

26.400

26.400

Vergunningen WVO

17.500

17.500

17.500

17.500

17.500

17.500

Beheeropbrengsten areaal

54.000

54.000

54.000

54.000

54.000

54.000

Nationale Bewegwijzeringsdienst

22.250

22.685

22.650

22.650

22.650

22.650

Overige opbrengsten derden

26.072

26.072

26.072

26.072

26.072

26.072

Totaal

184.222

184.657

184.622

184.622

184.622

184.622

Bijzondere baten

De geraamde bijzondere baten betreffen voornamelijk verwachte boekwinst op de verkoop van vaste activa.

Lasten

Personele kosten

Specificatie personele kosten
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Aantal FTE

8.785

8.845

8.866

8.528

8.246

8.240

Eigen Personele kosten (x € 1.000)

737.920

752.691

765.845

737.430

708.084

705.139

Inhuur (x € 1.000)

77.015

63.917

51.609

51.610

48.610

48.610

Het aantal FTE is ten opzichte van de begroting 2018 gewijzigd als gevolg van onderstaande twee ontwikkelingen:

Strategisch Capaciteitsmanagement

  • –  Om een betere relatie te leggen tussen de gevraagde productie en de daarvoor benodigde capaciteit is binnen IenW voor RWS het instrument Strategisch Capaciteitsmanagement ontwikkeld. Daarbij wordt jaarlijks op basis van vastgestelde normen, rekenregels en tarieven voor alle werkprocessen van RWS doorgerekend wat de benodigde capaciteit voor de komende 5 jaar is op basis van de huidige verwachte producten en prestatieopgaven. Op basis van de uitkomsten van de berekening voor de begroting 2019 is besloten om RWS de komende jaren voor regulier onderhoud, M-fase DBFM, Vervanging en Renovatie en de uitvoering van het Regeerakkoord extra capaciteit te kennen. Dit betekent een verhoging van de capaciteit met 254 FTE in 2019 en 321 FTE in 2020 aflopend naar 119 FTE in 2023.

Herverkaveling Regeerakkoord.

  • –  Een overdracht van circa 7 FTE naar het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties als gevolg van de departementale herindeling met betrekking tot de Omgevingswet.

Eigen personeel

De kracht van Rijkswaterstaat ligt in de zakelijke en professionele wijze waarop het zijn kerntaken uitvoert. Om daarop te kunnen sturen is gedefinieerd welke taken RWS met eigen mensen uitvoert (de kerntaken) en welke taken aan de markt worden overgelaten (de niet-kerntaken).

De kosten van externe inhuur betreffen de inzet van derden op de kerntaken van RWS.

Daarnaast vindt er inzet van derden plaats op taken die RWS van de markt betrekt (niet-kerntaken). In de beleidsbegroting en verantwoording van lenW wordt de (externe) inhuur transparant inzichtelijk gemaakt in de baten-lastenparagraaf van het agentschap Rijkswaterstaat.

Inhuur apparaat (kerntaken)

RWS streeft ernaar om de inhuur van externen op kerntaken zoveel mogelijk te beperken vanuit het basisprincipe dat Rijkswaterstaat op kerntaken eigen mensen inzet, ter vermindering van de kwetsbaarheid en het verkleinen van de afhankelijkheid van externen. Inhuur op kerntaken vindt in beginsel alleen plaats als er sprake is van piekbelasting in de directe productie of in geval van onderbezetting, ziekte of vervanging. Inhuur op kerntaken kan ook een keuze zijn als vanuit de arbeidsmarkt hele specifieke kennis/specialisme niet kan worden aangetrokken.

Door een aantal maatregelen daalt de inhuur op kerntaken de komende jaren:

  • •  extra inzet op het werven van voldoende gekwalificeerd eigen personeel en versnelling van het wervingsproces om vacatures zo snel mogelijk in te vullen;
  • •  een flexibele interne pool om snel interne inzet te kunnen organiseren;
  • •  versterking van cruciale kennis binnen de organisatie is geborgd met interne loopbaanontwikkeling.

Inhuur programma (niet-kerntaken)

Gelet op de omvang van de productieopgave van RWS blijft de inhuur op taken die bij de markt zijn belegd (de niet-kerntaken) substantieel, maar wordt er een dalende trend verwacht. Voor het betrekken van externe capaciteit op niet-kerntaken geldt dat deze zoveel mogelijk op basis van op productafspraken gebaseerde contracten zal worden gedaan, tenzij dat om inhoudelijke of aansturingsredenen niet doelmatig is. Hierdoor daalt de inhuur geleidelijk.

De inhuur op niet-kerntaken in het primaire proces wordt met name onder de posten onderhoud en aanleg op het Infrastructuurfonds en het Deltafonds verantwoord.

Specificatie inhuur (bedragen x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Apparaat (kerntaken)

77.015

63.917

51.609

51.610

48.610

48.610

Programma (niet-kerntaken)

106.835

96.385

86.835

86.835

86.835

86.835

Totaal

183.850

160.302

138.444

138.445

135.445

135.445

Materiële kosten

De materiële kosten omvatten onder andere ICT, huisvesting, bureaukosten en communicatie.

Onderhoud

De kosten beheer en onderhoud hebben betrekking op de kosten die in rekening worden gebracht door derden (met name aannemers en ingenieursbureaus). Deze voeren werkzaamheden uit die direct bijdragen aan het beheer en de instandhouding van de infrastructuur.

Kasstroomoverzicht over het jaar 2019 (bedragen x € 1.000)
   

Realisatie 2017

2018

2019

2020

2021

2022

2023

1.

Rekening-courant RHB 1 januari + depositorekeningen

601.934

676.570

303.413

304.573

326.844

349.937

375.407

 

+/+ totaal ontvangsten operationele kasstroom

2.447.062

2.588.721

2.457.832

2.358.685

2.317.084

2.160.144

2.176.262

 

–/– totaal uitgaven operationele kasstroom

– 2.311.790

– 2.908.254

– 2.408.857

– 2.309.710

– 2.268.109

– 2.111.169

– 2.127.287

2

Totaal operationele kasstroom

135.272

– 319.533

48.975

48.975

48.975

48.975

48.975

 

–/– totaal investeringen

– 19.743

– 54.106

– 108.110

– 122.646

– 69.979

– 59.484

– 59.484

 

+/+ totaal boekwaarde desinvesteringen

4.390

           

3.

Totaal investeringskasstroom

– 15.353

– 54.106

– 108.110

– 122.646

– 69.979

– 59.484

– 59.484

 

–/– eenmalige uitkering aan moederdepartement

– 32.507

– 12.380

         
 

+/+ eenmalige storting door moederdepartement

14.200

6.000

8.600

8.600

8.600

8.500

8.500

 

–/– aflossingen op leningen

– 30.276

– 19.500

– 19.686

– 20.336

– 22.197

– 20.255

– 21.205

 

+/+ beroep op leenfaciliteit

3.300

26.362

71.381

107.679

57.693

47.734

47.734

4.

Totaal financieringskasstroom

– 45.283

482

60.295

95.943

44.096

35.979

35.028

5.

Rekening-courant RHB 31 december + stand depositorekeningen (=1+2+3+4)

676.570

303.413

304.573

326.844

349.937

375.407

399.926

 

(noot: maximale roodstand 0,5 miljoen euro)

             

Toelichting

Operationele kasstroom

Hieronder vallen de inkomsten en uitgaven uit de reguliere bedrijfsvoering. Meerjarig wordt gestreefd naar een stabiel saldo van baten en lasten.

Investeringskasstroom

Hieronder vallen de verkopen van activa en de nieuwe investeringen. De nieuwe investeringen hebben betrekking op het in stand houden van de activa van RWS. De hogere investeringen in 2019 en 2020 worden veroorzaakt door het vlootvervangingsprogramma van de Rijksrederij.

Financieringskasstroom

Hieronder vallen alle geldstromen die gerelateerd zijn aan de financiering van het agentschap. RWS doet een beroep op de leenfaciliteit bij het Ministerie van Financiën ter financiering van de investeringen. Het beroep op de leenfaciliteit ligt lager dan het totaal van de investeringen omdat de investeringen in de vaartuigen van de Rijksrederij in 2018 volledig en vanaf 2019 deels worden gefinancierd uit de bestemmingsreserve. Daarnaast wordt in de begroting van het agentschap rekening gehouden met aflossing op deze leenfaciliteit. De storting door moederdepartement betreft de aflossing van de langlopende vordering die RWS heeft op het moederdepartement. In 2018 is het surplus Eigen Vermogen (€ 12,4 miljoen) teruggestort naar het Moederdepartement

Overzicht doelmatigheidsindicatoren

Omschrijving

Realisatie 20171

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Apparaatskosten per eenheid areaal (bedragen x € 1)

             

Hoofdwegennet

26.270

26.707

27.189

26.899

26.030

23.793

24.627

Hoofdvaarwegennet

25.960

26.376

26.562

26.466

26.279

25.123

25.492

Hoofdwatersystemen

1.180

1.262

1.261

1.260

1.242

1.190

1.207

               

% Apparaatskosten ten opzichte van de omzet

             

% Apparaatskosten ten opzichte van de omzet

24%

21%

19%

20%

21%

21%

21%

               

Tarief per FTE (bedragen x € 1)

             

Tarief per FTE

121.645

123.805

122.856

122.883

124.241

124.547

124.253

               

Omzet agentschap per product (bedragen x € 1.000)

             

Hoofdwatersystemen

476.810

452.114

440.879

421.404

406.218

396.902

419.918

Hoofdwegennet

1.125.493

1.265.399

1.157.960

1.086.193

1.146.727

990.797

985.351

Hoofdvaarwegennet

557.416

588.221

592.570

588.693

504.206

512.258

509.905

Overig

53.114

53.562

47.515

44.420

42.767

42.921

43.722

TOTAAL

2.212.833

2.359.196

2.238.824

2.140.610

2.099.658

1.942.578

1.958.596

               

Bezetting

             

FTE totaal (excl. externe inhuur)

8.797

8.785

8.845

8.866

8.528

8.246

8.240

% overhead

14,43%

13%

13%

13%

13%

13%

13%

               

Exploitatiesaldo (% van de omzet)

             

Exploitatiesaldo (% van de omzet)

1,3%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

               

Gebruikerstevredenheid

             

Publieksgerichtheid

 

70%

70%

70%

70%

70%

70%

Gebruikerstevredenheid HWS

 

70%

70%

70%

70%

70%

70%

Gebruikerstevredenheid HWN

85%

80%

80%

80%

80%

80%

80%

Gebruikerstevredenheid HVWN

69%

75%

75%

75%

75%

75%

75%

               

Ontwikkeling PIN-waarden

             

Hoofdwatersystemen

100

100

100

100

100

100

100

Hoofdwegennet

100

100

100

100

100

100

100

Hoofdvaarwegennet

100

100

100

100

100

100

100

Noot 1: Voor het jaar 2017 is de bezetting opgenomen.

Apparaatskosten per eenheid areaal

Deze indicator geeft informatie over hoe de kosten die het apparaat van RWS maakt voor verkeersmanagement en beheer en onderhoud zich ontwikkelen ten opzichte van het areaal. Een dalende trend van de kosten per eenheid areaal geeft een indicatie van een toename in de efficiëntie van de organisatie op het gebied van Beheer en Onderhoud en Verkeersmanagement.

Percentage apparaatskosten ten opzichte van de omzet

Deze indicator geeft de verhouding weer tussen de kosten van het apparaat en de totale omzet (deze omzet bestaat uit BLS en GVKA realisatie en planstudie) van RWS. De daling van het percentage ten opzichte van 2017 wordt met name veroorzaakt door de stijging van de totale omzet.

Tarief per FTE

Deze indicator geeft de ontwikkeling weer van de kosten (apparaats- en afschrijvingskosten en rentelasten gecorrigeerd voor kosten t.b.v. Werken voor en met Anderen) per formatieve ambtelijke FTE. De stijging van het tarief ten opzichte van de realisatie 2017 wordt met name veroorzaakt door de loon- en prijsbijstelling.

Omzet agentschap per productgroep

In de tabel is de Omzet IenW uitgesplitst naar de verschillende netwerken. Deze daling wordt veroorzaakt door de meerjarige begrotingsstanden.

Bezetting

FTE totaal: deze voorgeschreven indicator geeft aan hoe de ambtelijke bezetting van RWS zich ontwikkelt.

Percentage overhead: deze indicator geeft aan welk deel van het ambtelijke personeel (in FTE) binnen RWS zich bezighoudt met de bedrijfsvoering. Bedrijfsvoering bevat alle processen die ondersteunend zijn aan de organisatie. Het streven is daarbij voortdurend een optimale kwalitatieve en kwantitatieve omvang van de bedrijfsvoering.

Exploitatiesaldo (% van de omzet)

Deze voorgeschreven indicator toont de ontwikkeling van het exploitatiesaldo als percentage van de omzet.

Gebruikerstevredenheid

Publieksgerichtheid: deze indicator geeft aan hoe tevreden onze gebruikers en partners over RWS zijn als publieke dienstverlenende organisatie. Dan gaat het over zaken als «luisteren; verwachtingenmanagement; aanspreekbaarheid; houding en gedrag en de wijze waarop wij communiceren».

Gebruikerstevredenheid (per netwerk): deze indicator geeft aan hoe tevreden onze gebruikers over de kwaliteit van de drie netwerken zijn. Denk daarbij aan veiligheid, doorstroming; kwaliteit infrastructuur en tijdige en betrouwbare informatievoorziening (gekoppeld aan de netwerken).

Ontwikkeling PIN-waarden

De ontwikkeling van de PIN-waarden (prestatie-indicatorwaarden) geeft een beeld hoe de ontwikkeling is in de toestand van het door RWS beheerde areaal. Het weergegeven cijfer betreft een index ten opzichte van het jaar 2015. De bijlage instandhouding bij de begrotingen van het Infrastructuurfonds en het Deltafonds biedt inzicht in instandhouding en de gehanteerde PIN-waarden.