Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
RijksbegrotingOverzichtVoorbereidingUitvoeringVerantwoording
2019
  • Begrotingsstaat
  • Najaarsnota
  • 2e suppletore
  • Financieel jaarverslag
  • Verantwoordingsbrief
  • Jaarverslag
  • Slotwet
  • Download PDF

10. Tegemoetkoming ouders

Algemene doelstelling

De overheid biedt een financiële tegemoetkoming aan ouders of verzorgers voor de kosten van kinderen.

De overheid biedt ouders of verzorgers een financiële tegemoetkoming voor de kosten voor verzorging en opvoeding van kinderen op grond van de Algemene kinderbijslagwet (AKW) en de kinderbijslagvoorziening BES (Caribisch Nederland). Gezinnen met een laag of middeninkomen komen daarnaast in aanmerking voor een tegemoetkoming op grond van de Wet op het kindgebonden budget (WKB).

Rol en verantwoordelijkheid

De Minister financiert de tegemoetkoming met uitkeringsregelingen. Hij is in deze rol verantwoordelijk voor:

  • •  De vormgeving, het onderhoud en de werking van het stelsel van wet- en regelgeving;
  • •  De vaststelling van het niveau van de tegemoetkoming op grond van de AKW, de WKB en de kinderbijslagvoorziening BES;
  • •  De sturing van en het toezicht op de rechtmatige, doelmatige en doeltreffende uitvoering van de AKW door de SVB;
  • •  De organisatie van de eigen uitvoering binnen het verband van de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN).

De Minister van Financiën is verantwoordelijk voor de rechtmatige, doelmatige en doeltreffende uitvoering van de WKB door de Belastingdienst.

Beleidswijzigingen

Verhoging kinderbijslag

In het regeerakkoord is overeengekomen om gezinnen extra te ondersteunen, om zodoende de inkomenspositie van gezinnen structureel te verbeteren. Per 1 januari 2019 wordt daartoe de basiskinderbijslag met € 88,75 per jaar verhoogd. Daarnaast wordt ook de extra tegemoetkoming AKW verhoogd met € 88,75 per jaar. Dit extra bedrag aan kinderbijslag wordt toegekend aan ouders met een thuiswonend gehandicapt kind die tevens alleenstaande of alleenverdienende ouder zijn.

Aanpassing voorwaarde voor extra tegemoetkoming AKW

In de Verzamelwet SZW 2019 (Tweede Kamer, 2017–2018, 34 977, nr. 2 en 3) wordt voorgesteld om per 1 januari 2019 de voorwaarden aan te passen om in aanmerking te kunnen komen voor de extra tegemoetkoming AKW bij thuiswonende kinderen met ziekte of handicap. De definitie van alleenstaande wordt aangepast, zodat ook de betrokkene die gedurende een gedeelte van het jaar alleenstaand is, recht kan verkrijgen op het extra bedrag aan kinderbijslag zonder dat sprake is van een toets van het inkomen.

Hogere inkomensgrens voor afbouw kindgebonden budget

Het inkomensbeleid was de afgelopen jaren vooral gericht op het ondersteunen van de laagste inkomens (Terugblik inkomensbeleid 2012–2017, bijlage bij Tweede Kamer, 2016–2017, 34 550 XV, nr. 12). Om ouders met middeninkomens extra te ondersteunen wordt, conform regeerakkoord, per 2020 de inkomensgrens waar de afbouw van het kindgebonden budget begint voor paren verhoogd met € 16.500; meer paren krijgen hierdoor recht op een (hoger) kindgebonden budget. In december 2019 zal de Belastingdienst de eerste (aangepaste) voorschotten voor 2020 verstrekken.

Verhoging kinderbijslagvoorziening Caribisch Nederland

In reactie op het onderzoek naar een ijkpunt voor de bestaanszekerheid voor Caribisch Nederland (Tweede Kamer, 2017–2018, 34 775 IV, nr. 45) heeft het kabinet besloten de kinderbijslagvoorziening BES per 1-1-2019 met 50% te verhogen om een bijdrage te leveren aan de verbetering van de leefomstandigheden in Caribisch Nederland.

Budgettaire gevolgen van beleid

Tabel 3.10.1 Begrotingsgefinancierde uitgaven en ontvangsten artikel 10 (x € 1.000)

Artikelonderdeel

Realisatie 2017

Raming 2018

Raming 2019

Raming 2020

Raming 2021

Raming 2022

Raming 2023

Verplichtingen

5.441.004

5.510.009

5.721.498

6.134.203

6.112.285

6.070.827

6.048.115

Uitgaven

5.441.004

5.510.009

5.721.498

6.134.203

6.112.285

6.070.827

6.048.115

waarvan juridisch verplicht (%)

   

100%

       
               

Inkomensoverdrachten

5.441.004

5.510.009

5.721.498

6.134.203

6.112.285

6.070.827

6.048.115

AKW

3.320.400

3.349.955

3.567.596

3.539.371

3.514.503

3.495.733

3.486.822

Kinderbijslagvoorziening BES

2.050

1.982

2.871

2.982

2.978

2.974

2.971

WKB

2.118.554

2.158.072

2.151.031

2.591.850

2.594.804

2.572.120

2.558.322

               

Ontvangsten

244.399

232.090

223.329

226.704

249.617

277.313

287.585

Budgetflexibiliteit

Inkomensoverdrachten:

De inkomensoverdrachten zijn gebaseerd op huidige wet- en regelgeving en derhalve voor 100% juridisch verplicht. Het betreft uitkeringslasten AKW, kinderbijslagvoorziening BES en WKB.

Toelichting op de financiële instrumenten

A. Inkomensoverdrachten

A1. Algemene Kinderbijslag Wet (AKW)

De AKW biedt ouders of verzorgers een tegemoetkoming in de kosten die het opvoeden en verzorgen van kinderen onder de 18 jaar met zich mee brengt. De AKW wordt uitgevoerd door de SVB.

Wie komt er voor in aanmerking?

Ouders van kinderen tot 18 jaar hebben recht op kinderbijslag.

Hoe hoog is de kinderbijslag?

De hoogte van de kinderbijslag hangt af van de leeftijd van het kind. De kinderbijslagbedragen worden per 1 januari en 1 juli geïndexeerd. Bij ziekte of handicap, of omdat het kind niet thuis woont om onderwijsredenen, kan onder nadere voorwaarden sprake zijn van dubbele kinderbijslag. Alleenstaande en alleenverdienende ouders van thuiswonende kinderen met ziekte of handicap kunnen onder voorwaarden in aanmerking komen voor een extra tegemoetkoming.

Tabel 3.10.2 AKW, netto bedragen per kwartaal (in €)
 

1 juli 2018

Voor kinderen van:

 

0 t/m 5 jaar

202,23

6 t/m 11 jaar

245,57

12 t/m 17 jaar

288,90

Extra tegemoetkoming AKW (jaarbedrag 2018)

2.040,19

Budgettaire ontwikkelingen

Het budgettaire beslag van de AKW neemt in 2019 toe als gevolg van de intensivering uit het regeerakkoord. In latere jaren dalen de uitgaven omdat het aantal kinderen licht daalt.

Beleidsrelevante kerncijfers

Zowel het aantal kinderen als het aantal gezinnen met AKW daalt licht.

Tabel 3.10.3 Kerncijfers AKW
 
Realisatie 20171

Raming 2018

Raming 2019

Aantal gezinnen AKW (x 1.000, jaargemiddelde)

1.907

1.891

1.876

Aantal telkinderen AKW (x 1.000, jaargemiddelde)

3.386

3.360

3.333

Noot 1: SVB, administratie.

Handhaving

De kerncijfers op het gebied van handhaving vertonen grosso modo een stabiel beeld door de jaren heen.

Tabel 3.10.4 Kerncijfers AKW (fraude en handhaving)
 

Realisatie 2015

Realisatie 2016

Realisatie 2017

Preventie1
     

Gepercipieerde detectiekans (%)

74

71

70

Kennis van de verplichtingen (%)

76

77

71

       
Opsporing2
     
Aantal geconstateerde overtredingen met financiële benadeling (x 1.000)3

1,5

1,2

1,3

Totaal benadelingbedrag (x € 1 mln)

1,2

1,0

1,0

       

Terugvordering

     

Incassoratio cohort 2013 (%)

76

79

80

Incassoratio cohort 2014 (%)

69

74

76

Incassoratio cohort 2015 (%)

50

69

75

Incassoratio cohort 2016 (%)

4

54

75

Incassoratio cohort 2017 (%)

49

Noot 1: Ipsos «Kennis der verplichtingen en detectiekans 2017».

Noot 2: SVB, Jaarverslag.

Noot 3: Cijfers betreffen alle verwijtbare overtredingen van de inlichtingenplicht met financiële benadeling. In voorgaande verantwoordingsstukken werd alleen gerapporteerd over het aantal overtredingen van de inlichtingenplicht dat tot een boete of aangifte leidde.

Noot 4: Deze cijfers komen niet voor.

A2. Wet kinderbijslagvoorziening BES

De kinderbijslagvoorziening BES biedt ouders of verzorgers die op Bonaire, Sint Eustatius en Saba wonen een tegemoetkoming voor de kosten van opvoeding en verzorging van kinderen die nog geen 18 jaar zijn. De kinderbijslagvoorziening BES wordt uitgevoerd door de RCN-unit SZW namens de Minister van SZW.

Wie komt er voor in aanmerking?

Ouders of verzorgers van kinderen tot 18 jaar die ingezetene zijn van Bonaire, St. Eustatius en Saba.

Hoe hoog is de kinderbijslagvoorziening BES?

De hoogte van het bedrag bedraagt in 2018 40 USD op Bonaire en 42 USD op St. Eustatius en Saba per kind per maand. Als gevolg van de in het onderdeel beleidswijzigingen toegelichte verhoging van de kinderbijslagvoorziening BES, neemt dit bedrag in 2019 toe tot circa 60 USD op Bonaire en 63 USD op St. Eustatius en Saba per kind per maand (het definitieve bedrag wordt mede aan de hand van de ontwikkeling van het consumentenprijsindexcijfer bepaald).

Budgettaire ontwikkelingen

Als gevolg van de verhoging van de kinderbijslagvoorziening BES in Caribisch Nederland nemen de uitkeringslasten in 2019 met bijna € 1 miljoen toe.

Beleidsrelevante kerncijfers

Tabel 3.10.5 Kerncijfers Wet kinderbijslagvoorziening BES
 
Realisatie 20171

Raming 2018

Raming 2019

Aantal kinderen kinderbijslagvoorziening BES (x 1.000, jaargemiddelde)

4,3

4,3

4,3

Noot 1: SZW-unit RCN.

A3. Wet op het Kindgebonden Budget (WKB)

Het kindgebonden budget is een inkomensafhankelijke tegemoetkoming van de overheid in de kosten van kinderen voor gezinnen tot een bepaald inkomen en vermogen. De WKB wordt uitgevoerd door de Belastingdienst/Toeslagen. Indien sprake is van een aanvulling op buitenlandse gezinstoeslagen, is de SVB verantwoordelijk voor de uitbetaling van de WKB.

Wie komt er voor in aanmerking?

Ouders of verzorgers van kinderen tot 18 jaar, die in aanmerking komen voor kinderbijslag, kunnen het kindgebonden budget krijgen, afhankelijk van de hoogte van het inkomen en vermogen.

Hoe hoog is het kindgebonden budget?

De hoogte van het kindgebonden budget hangt af van het aantal kinderen, de leeftijd van de kinderen, het (gezamenlijke) inkomen en vermogen van de ouders en de leefvorm van de ouder die het kindgebonden budget ontvangt. Als het (gezamenlijke) inkomen hoger is dan € 20.451 (bedrag 2018) wordt het kindgebonden budget geleidelijk minder. Voor iedere € 100 boven dit inkomen, wordt het kindgebonden budget € 6,75 lager. De bedragen van het kindgebonden budget worden per 1 januari aangepast aan de prijsontwikkelingen.

Tabel 3.10.6 WKB, netto maximum bedragen per jaar (in €)
 

1 januari 2018

Een gezin met:

 

1 kind

1.152

   

Verhoging 2e kind (extra bedrag per jaar)

977

Verhoging 3e kind (extra bedrag per jaar)

288

Verhoging ieder volgend kind (extra bedrag per jaar)

288

   
Extra verhoging 12–15-jarigen1

236

Extra verhoging 16–17-jarigen

421

Extra verhoging alleenstaande ouder

3.101

Noot 1: Ten opzichte van de bovengenoemde bedragen.

Budgettaire ontwikkelingen

De uitgaven WKB nemen in 2020 toe als gevolg van de intensivering uit het regeerakkoord. In latere jaren dalen de uitgaven. Door een stijgende inkomensontwikkeling en een licht dalend aantal kinderen onder de 18 jaar komen minder gezinnen in aanmerking voor kindgebonden budget.

Beleidsrelevante kerncijfers

Het aantal huishoudens met kindgebonden budget en het aantal kinderen in de regeling nemen naar verwachting af in 2019. Deze daling komt geheel voor rekening van paren en hangt samen met de stijgende inkomensontwikkeling en een licht dalend aantal minderjarige kinderen in de bevolking. Het aantal eenouderhuishoudens met WKB blijft vrijwel stabiel omdat het aantal eenouderhuishoudens in de bevolking naar verwachting toeneemt.

Tabel 3.10.7 Kerncijfers WKB
 
Realisatie 20171

Raming 2018

Raming 2019

Aantal huishoudens WKB (x 1.000, jaargemiddelde)

726

676

653

Aantal kinderen WKB (x 1.000, jaargemiddelde)

1.332

1.225

1.184

Aantal alleenstaande ouders WKB (x 1.000, jaargemiddelde)

324

323

324

Noot 1: Ministerie van Financiën, Belastingdienst/Toeslagen. De realisatiecijfers van 2017 zijn gebaseerd op de opgaven van aanvragers die nog kunnen wijzigen bij het definitief vaststellen van het recht op toeslag.

B. Ontvangsten

De ontvangsten betreffen grotendeels de ontvangsten ten gevolge van terugvorderingen van het kindgebonden budget. Nadat de toeslagen definitief zijn toegekend worden terugvorderingen ingesteld bij de huishoudens die meer hebben ontvangen dan waar ze recht op hadden op basis van hun vastgestelde inkomen. Omdat de definitieve afrekening achteraf plaatsvindt, zijn de ontvangsten in een bepaald jaar veelal gebaseerd op definitieve afrekeningen van eerdere jaren. Naar verwachting hoeft er minder teruggevorderd te worden bij definitieve afrekening, waardoor ontvangsten vanaf 2018 lager uitkomen. De ontvangsten nemen vanaf 2021 toe als gevolg van de intensivering uit het regeerakkoord. Hogere uitgaven leiden met een vertraging van één tot twee jaar ook tot hogere ontvangsten.

Artikel