Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
RijksbegrotingOverzichtVoorbereidingUitvoeringVerantwoording
2019
  • Begrotingsstaat
  • Najaarsnota
  • 2e suppletore
  • Financieel jaarverslag
  • Verantwoordingsbrief
  • Jaarverslag
  • Slotwet
  • Download PDF

Bijlage 6.2 Verdiepingsbijlage

In deze paragraaf wordt voor alle artikelen op de SZW-begroting de mutatie van uitgaven en ontvangsten tussen de ontwerpbegroting 2018 en de huidige ontwerpbegroting 2019 gedetailleerd toegelicht. Dit gebeurt zowel voor de begrotingsgefinancierde als voor de premiegefinancierde regelingen.

De opbouw van deze tabellen verschilt van elkaar. Bij de begrotingsgefinancierde regelingen worden, conform de RBV, de mutaties in de nota’s van wijziging als gevolg van het regeerakkoord, amendementen, de eerste suppletoire begroting (Voorjaarsnota) en de nieuwe mutaties (Miljoenennota) vermeld. Bij de premiegefinancierde regelingen is er wel een nota van wijziging maar is er geen sprake van een suppletoire wet. Voor deze regelingen worden de mutaties ten opzichte van de ontwerpbegroting 2018 uitgesplitst naar nota van wijziging regeerakkoord, ramingsbijstellingen, macromutaties, loon- en prijsmutaties, beleidsmatige mutaties, kasschuiven en overige mutaties. Bovendien wordt een onderverdeling in standen aangebracht in reëel en nominaal.

De maatregelen uit het regeerakoord zijn voor het grootste deel via de nota van wijziging regeerakkoord (Tweede Kamer, 2017–2018, 34 775 XV, nr. 7) in de begroting verwerkt. Hierin is de wijziging van de begrotingsstaat 2018 voor de begrotingsgefinancierde uitgaven opgenomen. Verder is de meerjarige doorwerking op de uitgaven weergegeven van zowel begrotingsgefinancierde als premiegefinancierde uitgaven. De maatregelen die later aan de SZW-begroting zijn toegevoegd zijn:

  • •  via een extra nota van wijziging: maatregel I89 (extra budget voor Inspectie SZW: intensivering handhaving en fraudebestrijding);
  • •  via de 1e suppletoire begroting: maatregel I80 (meer face-to-face UWV voor werkloosheid), maatregel I81 (meer face-to-face UWV-arbeidsongeschiktheid), maatregel I92 (bestrijden van schulden en armoede bij gezinnen met kinderen);
  • •  bij ontwerpbegroting 2019: maatregel I93 (taalles bij integratie).

1. Arbeidsmarkt

Tabel 6.2.1.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 1 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

509.873

950.123

905.525

905.525

905.525

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

0

629

1.762

2.895

3.902

 

Mutaties Voorjaarsnota

– 19.937

805

500

500

500

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

941

1.461

1.461

1.461

61

 

2. Overboekingen met departementen

– 417

1.500

0

0

0

 

3. Budgettair neutrale herschikkingen

– 255

– 300

– 275

– 125

0

 

4. Definitieve beschikking LIV

6.300

0

0

0

0

 

5. Kasschuif subsidies

– 750

750

0

0

0

 

6. LKV Banenafspraak en LIV

0

– 5.000

– 5.000

– 5.000

– 10.000

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

495.755

949.968

903.973

905.256

899.988

895.686

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Dit betreft onder andere een bijdrage voor 2019 van het Ministerie van OCW ten behoeve van Leven Lang Ontwikkelen. Het betreft in totaal € 2,9 miljoen waarvan € 1,5 miljoen naar artikel 1 en € 1,4 miljoen naar artikel 11 ten behoeve van het UWV is overgeboekt.
  • 3.  Budgettair neutrale herschikkingen binnen de SZW-begroting.
  • 4.  Op basis van de definitieve beschikkingen van het UWV zijn voor de afrekening van het Lage-inkomensvoordeel (LIV) over 2017 meer middelen nodig dan bij de voorlopige beschikkingen was voorzien.
  • 5.  Om beter aan te sluiten bij het kasritme worden er middelen van de subsidies doorgeschoven van 2018 naar 2019.
  • 6.  Er zijn meerdere mutaties op het terrein van het Lage-inkomensvoordeel (LIV) en het Loonkostenvoordeel (LKV) voor de Banenafspraak. Ten eerste vallen de verwachte uitgaven aan het LKV Banenafspraak € 5 miljoen lager uit dan oorspronkelijk gedacht, vanwege een lagere volumeraming. Ten tweede wordt het LKV Banenafspraak een structureel instrument zolang men aan de voorwaarden voldoet. Bovendien wordt de horizonbepaling in 2021 geschrapt. Deze beleidswijzigingen verhogen de uitgaven aan het LKV Banenafspraak en verlagen de LIV-uitgaven. Dit laatste komt doordat LKV en LIV niet mogen samenlopen. Tot slot staat er nog een daling van de LIV-uitgaven in de boeken vanwege de in het regeerakkoord opgenomen invoering van loondispensatie. Inmiddels heeft het kabinet besloten loondispensatie niet door te voeren. Dit zal budgettair worden verwerkt in de SZW-begroting na uitwerking van de alternatieve maatregelen.
Tabel 6.2.1.2 Ontvangsten begrotingsgefinancierd artikel 1 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

24.000

24.000

24.000

24.000

24.000

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

24.000

24.000

24.000

24.000

24.000

0

2 Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet

Tabel 6.2.2.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 2 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

6.810.888

6.977.917

7.229.656

7.420.596

7.554.707

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

– 56.145

– 194.850

– 254.515

– 195.674

– 100.128

 

Amendement

– 30.500

0

0

0

0

 

Mutaties Voorjaarsnota

350.325

228.300

108.374

53.659

– 24.580

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

83.137

83.035

84.024

86.551

88.478

 

2. Macromutaties

– 15.882

– 17.542

– 12.055

– 12.300

– 11.990

 

3. Overboekingen met departementen

– 113

0

0

0

0

 

4. Budgettair neutrale herschikkingen

95

175

121

0

0

 

5. Kasschuiven

– 4.797

2.097

600

1.565

535

 

6. Ramingsbijstelling

6.197

335

– 3.514

2.124

3.131

 

7. Uitstel Regeerakkoord I94 met een jaar

0

– 3.000

– 8.000

– 6.000

– 5.000

 

8. Uitstel Regeerakkoord I83 met een jaar

0

0

0

– 1.000

0

 

9. Ramingsbijstelling CN

– 395

– 684

– 978

– 1.273

– 1.286

 

10. Intensivering CN agv kabinetsreactie

0

588

3.243

3.259

3.337

 

11. Uitdeling Regeerakkoord Armoede

3.000

2.775

2.775

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

7.145.810

7.079.146

7.149.731

7.351.507

7.507.204

7.631.337

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op het loon- en prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  De raming van het macrobudget participatiewetuitkeringen is aangepast op basis van de laatste ontwikkelingen in de werkloosheid.
  • 3.  Overboeking naar het Gemeentefonds voor de decentralisatie-uitkering «Matchen op werk» en een overboeking naar het Ministerie van BZK voor een bijdrage aan het project Voortgezet Speciaal Onderwijs banenafspraak arbeidsbeperkten.
  • 4.  Budgettair neutrale herschikkingen binnen de SZW-begroting.
  • 5.  De hier verwerkte kasschuiven hebben betrekking op aanpassing van het kasritme in de uitvoering van subsidies, zoals de Regeling armoedeschulden.
  • 6.  De mutatie betreft een samenstelling van doorwerkingen van uitvoeringsgegevens op het terrein van onder andere de Toeslagenwet en het Besluit bijstandverlening zelfstandigen.
  • 7.  De aanscherping van de WIA-claimbeoordeling (regeerakkoordmaatregel I94) is met 1 jaar uitgesteld. Hierdoor treedt ook de weglek naar de Participatiewet later op.
  • 8.  Het inkorten van de premiedifferentiatie WGA van 10 naar 5 jaar (regeerakkoordmaatregel I83) is 1 jaar uitgesteld. Hierdoor treedt ook de weglek naar de TW later op.
  • 9.  De ramingsbijstelling is een gevolg van meevallende realisaties en een wisselkoerseffect.
  • 10.  Vanaf 2019 zijn additionele middelen beschikbaar gesteld die voortkomen uit de kabinetsreactie op het onderzoek naar een ijkpunt voor het bestaansminimum op de BES-eilanden.
  • 11.  Van artikel 99 zijn middelen van het regeerakkoord voor de bestrijding van schulden en armoede bij gezinnen met kinderen overgeboekt naar opdrachten artikel 2.
Tabel 6.2.2.2 Ontvangsten begrotingsgefinancierd artikel 2 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

2.572

2.572

0

0

0

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Afrekening 2017

15.139

0

0

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

17.711

2.572

0

0

0

0

  • 1.  De ontvangsten komen voort uit de afrekeningen over 2017 van het UWV (€ 2,6 miljoen) en de SVB (€ 0,2 miljoen). Verder is het te hoge voorschot Rijksvergoeding Bijstand Zelfstandigen (€ 12,4 miljoen) terugontvangen.

3 Arbeidsongeschiktheid

Tabel 6.2.3.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 3 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

824

847

883

918

953

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

14

15

16

16

17

 

2. Ramingsbijstelling CN

– 48

– 63

– 84

– 102

– 122

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

790

799

815

832

848

865

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  De ramingsbijstelling is een gevolg van meevallende realisaties en een wisselkoerseffect.
Tabel 6.2.3.2 Uitgaven premiegefinancierd artikel 3 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018 reëel

9.663.112

9.793.590

9.943.110

10.076.477

10.212.224

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

0

– 6.000

– 19.000

– 27.000

– 26.000

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Uitstel Regeerakkoord I83 met een jaar

0

– 6.000

– 10.000

– 10.000

– 10.000

 

2. Uitstel Regeerakkoord I94 met een jaar

0

12.000

28.000

24.000

21.000

 

3. Loon- en prijsbijstelling 2018

176.484

179.960

183.297

186.155

189.172

 

4. Ramingsbijstelling

– 42.030

– 4.819

33.564

69.409

102.309

 

5. Inkoop re/ integratie trajecten en voorzieningen

– 19.350

0

0

0

0

 

6. Overige mutaties

0

46

92

92

92

 

Stand ontwerpbegroting 2019 reëel

9.778.216

9.968.777

10.159.063

10.319.133

10.488.797

10.569.418

             

Stand ontwerpbegroting 2018 nominaal

180.271

415.489

681.927

965.030

1.266.073

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

6.906

100.218

208.486

295.199

382.425

 
             

Nieuwe mutaties:

           

7. Bijstellingen grondslag en indexatiepercentages

– 10.693

– 67.218

– 128.357

– 178.630

– 226.525

 

8. Overheveling loon/  en prijsbijstelling 2018

– 176.484

– 179.960

– 183.297

– 186.155

– 189.172

 

Stand ontwerpbegroting 2019 nominaal

0

268.529

578.759

895.444

1.232.801

1.581.258

             

Stand ontwerpbegroting 2019

9.778.216

10.237.306

10.737.822

11.214.577

11.721.598

12.150.676

  • 1.  Het regeerakkoord bevat enkele maatregelen op het gebied van ziekte en arbeidsongeschiktheid. De budgettaire effecten zijn in de begroting 2019 verwerkt, de maatregelen I83 en I94 die in 2019 in zouden gaan, zijn met een jaar uitgesteld. De sociale partners voeren overleg over maatregelen die het draagvlak voor het stelsel van ziekte en arbeidsongeschiktheid verbeteren. De Tweede Kamer wordt nader geïnformeerd over de uitwerking van de regeerakkoordmaatregelen met betrekking tot ziekte en arbeidsongeschiktheid.
  • 2.  Zie mutatie nr. 1.
  • 3.  De loon en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 4.  Op basis van uitvoeringsinformatie van het UWV zijn de geraamde uitgaven aan de arbeidsongeschiktheidsregelingen bijgesteld. Voor alle regelingen geldt dat nu rekening gehouden wordt met verhaal van uitkeringen, wat leidt tot lagere uitgaven. De IVA-uitgaven zijn naar boven bijgesteld, vooral doordat er minder mensen uitstromen uit de uitkering. Dit effect wordt enigszins gemitigeerd doordat de doorstroom van WGA naar IVA lager is dan verwacht. De WGA-uitgaven zijn voor de jaren 2018 tot en met 2020 naar beneden bijgesteld en voor de jaren 2021 en 2022 naar boven. In de eerste jaren is het aantal WGA-uitkeringen neerwaarts bijgesteld, terwijl in latere jaren het effect van een lagere doorstroom naar de IVA groter is waardoor meer mensen in de WGA blijven. De WAO-uitgaven zijn naar boven bijgesteld door een hoger gemiddelde jaaruitkering en doordat er minder personen uitstromen dan verwacht.
  • 5.  Op basis van uitvoeringsinformatie van het UWV is in 2018 naar verwachting minder budget nodig voor de inkoop van re-integratietrajecten en voorzieningen. Het budget voor 2018 is daarom met € 19,4 miljoen verlaagd.
  • 6.  Het wetsvoorstel waarmee het WIA-claimcriterium wordt aangepast voor mensen die met loonkostensubsidie werken, is nog niet afgerond. Uitstel met een jaar levert een besparingsverlies in de IVA en WGA op.
  • 7.  Nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaande mutaties van de uitkeringen (grondslag) en als gevolg van aanpassing van de indexcijfers.
  • 8.  Zie mutatie nr. 3.

4 Jonggehandicapten

Tabel 6.2.4.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 4 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

3.298.349

3.346.584

3.393.928

3.430.587

3.409.460

 

Mutaties Voorjaarsnota

– 72.203

– 45.526

– 41.324

– 37.581

– 36.126

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

57.190

58.622

60.105

60.681

60.206

 

2. Ramingsbijstelling Wajong

– 1.426

– 452

– 1.526

– 2.517

– 3.382

 

3. Afrekening 2017

392

0

0

0

0

 

4. Motie Siderius

0

0

14.387

14.387

14.387

 

5. Loonaanvullingsregels

0

0

14.800

4.625

0

 

6. Overboeking Gemeentefonds

0

150

200

300

350

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

3.282.302

3.359.378

3.440.570

3.470.482

3.444.895

3.460.007

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Op basis van de juninota van het UWV is de raming van de uitgaven van de uitkeringslasten Wajong naar beneden bijgesteld.
  • 3.  Op basis van de realisatiegegevens tegemoetkomingen Wajong van het UWV over 2017 is het voorschot te laag geweest. In 2018 wordt het tekort aan middelen uitbetaald aan het UWV.
  • 4.  De motie Siderius vraagt een voorziening te treffen waarmee ernstig meervoudig beperkte leerlingen tijdens hun studie aanspraak kunnen maken op een uitkering op basis van de Wajong2015. Hier wordt invulling aan gegeven door vanaf 2020 studie als uitsluitingsgrond voor toegang tot de Wajong2015 te schrappen.
  • 5.  De uitkeringslasten van de Wajong stijgen in 2020 en 2021 als gevolg van het harmoniseren van de loonaanvullingsregels in de Wajong.
  • 6.  Vanuit het Gemeentefonds worden vanaf 2019 structureel middelen toegevoegd aan het re-integratiebudget voor de centralisering van de doventolkvoorziening.
Tabel 6.2.4.2 Ontvangsten begrotingsgefinacierd artikel 4 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2017

0

0

0

0

0

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Afrekening 2017

25.625

0

0

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2018

25.625

0

0

0

0

0

  • 1.  De ontvangstenmutatie heeft betrekking op terugbetaling door het UWV van te hoge voorschotten in 2017 inzake uitkeringslasten Wajong (€ 22,0 miljoen) en re-integratie Wajong (€ 3,6 miljoen).

5 Werkloosheid

Tabel 6.2.5.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 5 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

156.490

103.119

114.267

143.183

137.636

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

0

0

0

0

17.500

 

Mutaties Voorjaarsnota

2.384

9.524

10.165

– 16.447

– 20.195

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

1.137

1.685

2.028

2.250

2.404

 

2. Ramingsbijstelling

4.713

996

1.196

1.296

1.196

 

3. Compensatie WW na 104 weken ziekte

– 9.000

0

0

0

0

 

4. Kasschuiven

– 41.700

41.700

0

0

0

 

5. Budgettair neutrale herschikkingen

550

80

310

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

114.574

157.104

127.966

130.282

138.541

148.688

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Op basis van uitvoeringsinformatie van het UWV is de gemiddelde jaaruitkering voor de IOW meerjarig opwaarts bijgesteld. De terugontvangsten in 2018 over het jaar 2017 waren per abuis zowel onder de ontvangsten (+) als onder de uitgaven (-) geboekt. Dit is gecorrigeerd door de uitgaven opwaarts bij te stellen (met € 4 miljoen).
  • 3.  Op basis van uitvoeringsinformatie zijn de uitgaven aan de tijdelijke regeling tegemoetkoming dagloonbesluit WW na 104 weken ziekte met € 9,0 miljoen neerwaarts bijgesteld. Het aantal mensen dat zich tot nu toe voor de regeling heeft aangemeld, ligt lager dan waar in de oorspronkelijke raming rekening mee werd gehouden.
  • 4.  Er zijn twee kasschuiven. Voor de subsidieregeling Ontwikkeladvies 45-plussers loopt het gebruik achter bij de verwachting. Naar verwachting neemt het gebruik nog wel toe, daarom wordt € 9,2 miljoen doorgeschoven van 2018 naar 2019. Verder is er een kasschuif voor de Tijdelijke regeling tegemoetkoming Dagloonbesluit. Omdat een deel van de doelgroep pas in 2019 wordt gecompenseerd wordt er € 32,5 miljoen van 2018 naar 2019 doorgeschoven.
  • 5.  Budgettair neutrale herschikkingen binnen de SZW-begroting. De belangrijkste herschikking betreft de uitvoeringskosten van het amendement scholing WW, deze vallen cumulatief € 0,49 miljoen lager uit. Dit bedrag wordt overgeheveld naar de programmakosten (artikel 5 begrotingsgefinancierd).
Tabel 6.2.5.2 Ontvangsten begrotingsgefinancierd artikel 5 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

0

0

0

0

0

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Afrekening 2017

3.397

0

0

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

3.397

0

0

0

0

0

  • 1.  De ontvangstenmutatie heeft betrekking op terugontvangsten over het jaar 2017 met betrekking tot IOW (€ 3,2 miljoen) en tegemoetkoming dagloonbesluit WW (€ 0,2 miljoen).
Tabel 6.2.5.3 Uitgaven premiegefinancierd artikel 5 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018 reëel

4.383.375

3.999.624

3.821.062

3.786.926

3.836.672

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

– 152.407

– 394.545

– 517.319

– 441.960

– 277.027

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

117.019

96.089

86.001

85.732

88.921

 

2. Macromutaties

– 58.964

– 97.536

– 41.645

– 72.398

– 157.170

 

3. Diverse mutaties

1.150

150

150

150

150

 

Stand ontwerpbegroting 2019 reëel

4.290.173

3.603.782

3.348.249

3.358.450

3.491.546

3.628.717

             

Stand OB 2018 nominaal

142.009

259.526

376.203

504.005

647.971

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

6.272

27.259

33.786

54.514

105.450

 
             

Nieuwe mutaties:

           

4. Bijstellingen grondslag en indexatiepercentages

– 31.262

– 54.903

– 73.929

– 100.381

– 159.016

 

5. Overheveling loon- en prijsbijstelling 2018

– 117.019

– 96.089

– 86.001

– 85.732

– 88.921

 

Stand ontwerpbegroting 2019 nominaal

0

135.793

250.059

372.406

505.484

652.030

             

Stand ontwerpbegroting 2019

4.290.173

3.739.575

3.598.308

3.730.856

3.997.030

4.280.747

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • De raming voor 2018 is op basis van realisatiecijfers per saldo neerwaarts bijgesteld. Het WW-volume ligt in 2018 lager dan geraamd, terwijl de prijs juist iets hoger ligt dan bij de begroting 2018 werd verwacht. Meerjarig is het WW-volume neerwaarts bijgesteld, met name vanwege de neerwaarts bijgestelde werkloosheidsramingen van het CPB.
  • 3.  De afschaffing van de sollicitatieplicht 1 jaar voor de AOW gerechtigde leeftijd leidt tot extra WW-uitkeringslasten (€ 0,15 miljoen structureel). Daarnaast is er in 2018 sprake van een besparingsverlies van € 1 miljoen vanwege vertraging in de invoering van de calamiteitenregeling WW.
  • 4.  Nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaande mutaties van de uitkeringen (grondslag) en als gevolg van aanpassing van de indexcijfers.
  • 5.  Zie mutatie nr. 1.
Tabel 6.2.5.4 Ontvangsten premiegefinancierd artikel 5 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018 reëel

358.150

358.150

358.150

358.150

358.150

 
Nota van Wijziging Regeerakkoord/Startnota1

– 46.000

– 46.000

– 46.000

– 46.000

– 46.000

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

8.934

8.934

8.934

8.934

8.934

 

2. Ramingsbijstelling

1.916

– 22.100

– 22.100

– 22.100

– 22.100

 

Stand ontwerpbegroting 2019 reëel

323.000

298.984

298.984

298.984

298.984

298.984

             

Stand ontwerpbegroting 2018 nominaal

11.741

23.527

35.697

48.254

61.212

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord/Startnota1

0

950

5.263

9.250

12.238

 
             

Nieuwe mutaties:

           

3. Bijstellingen grondslag en indexatiepercentages

– 2.807

– 4.234

– 9.579

– 15.228

– 21.001

 

4. Overheveling loon- en prijsbijstelling 2018

– 8.934

– 8.934

– 8.934

– 8.934

– 8.934

 

Stand ontwerpbegroting 2019 nominaal

0

11.309

22.447

33.342

43.515

54.002

             

Stand ontwerpbegroting 2019

323.000

310.293

321.431

332.326

342.499

352.986

Noot 1: per abuis zijn de mutaties van de premiegefinancierde ontvangsten alleen in de Startnota weergegeven.

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de ontvangsten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Overheidswerkgevers zijn eigenrisicodragers voor de WW. De WW-uitgaven worden door het UWV verhaald op deze werkgevers. De raming van de ontvangsten uit verhaal is vanaf 2019 structureel naar beneden bijgesteld op grond van uitvoeringsinformatie van het UWV.
  • 3.  Nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaande mutaties van de uitkeringen (grondslag) en als gevolg van aanpassing van de indexcijfers.
  • 4.  Zie mutatie nr. 1.

6 Ziekte en zwangerschap

Tabel 6.2.6.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 6 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

8.118

8.221

8.374

8.527

8.682

 

Amendement

500

0

0

0

0

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

79

80

82

85

88

 

2. Ramingsbijstelling CN

– 833

– 874

– 964

– 1.058

– 1.152

 

3. Kasschuif

– 100

100

0

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

7.764

7.527

7.492

7.554

7.618

7.611

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  De ramingsbijstelling is een gevolg van meevallende realisaties en een wisselkoerseffect.
  • 3.  Om beter aan te sluiten bij het kasritme worden middelen van de subsidieregeling kanker en werk doorgeschoven van 2018 naar 2019.
Tabel 6.2.6.2 Uitgaven premiegefinancierd artikel 6 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018 reëel

2.717.956

3.320.126

3.410.387

2.987.629

2.991.789

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

0

– 58.311

21.897

102.127

101.312

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

75.399

76.156

96.918

90.285

85.202

 

2. Ramingsbijstelling

804

– 39.035

– 73.173

– 75.041

– 55.372

 

3. Meer eigen risicodragers ZW

– 14.714

– 17.138

– 17.390

– 17.390

– 17.390

 

4. Deels achteraf betalen kraamverlof

0

0

– 20.000

0

0

 

5. Compensatieregeling zwangere zelfstandigen

0

55.000

0

0

0

 

6. Kasschuif en vrijval Transitievergoeding

0

– 542.190

126.190

208.000

0

 

Stand ontwerpbegroting 2019 reëel

2.779.445

2.794.608

3.544.829

3.295.610

3.105.541

3.142.503

             

Stand ontwerpbegroting 2018 nominaal

88.399

217.024

338.425

400.329

508.531

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

7.463

44.679

91.760

120.590

152.090

 
             

Nieuwe mutaties:

           

7. Bijstellingen grondslag en indexatiepercentages

– 20.463

– 80.880

– 66.741

– 63.386

– 121.152

 

8. Overheveling loon- en prijsbijstelling 2018

– 75.399

– 76.156

– 96.918

– 90.285

– 85.202

 

Stand ontwerpbegroting 2019 nominaal

0

104.667

266.526

367.248

454.267

566.728

             

Stand ontwerpbegroting 2019

2.779.445

2.899.275

3.811.355

3.662.858

3.559.808

3.709.231

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Zowel bij de ZW als de WAZO hebben zich meevallers voorgedaan. Bij de ZW is sprake van een lager volume van zieke werklozen als gevolg van de gedaalde verwachtingen rond het WW-volume. Dit leidt tot een neerwaartse bijstelling van het ZW-volume. De uitgaven aan de WAZO zijn bijgesteld op basis van geboortecijfers.
  • 3.  De raming voor de uitgaven aan de ZW wordt neerwaarts bijgesteld op basis van de uitvoeringsinformatie van het UWV over de uittreding van eigenrisicodragers bij het UWV. Voor uitzendkrachten en eindedienstverbanders kan een werkgever kiezen zich bij het UWV te verzekeren of eigenrisicodrager te worden. Op basis van de uitvoeringsinformatie van het UWV verwachten we dat meer werkgevers eigenrisicodrager zijn en minder werkgevers verzekerd zullen zijn bij het UWV dan eerder verondersteld.
  • 4.  De raming voor de uitgaven geboorteverlof wordt voor 2020 neerwaarts bijgesteld. In de raming bij regeerakkoord (I87) was ervan uit gegaan dat de werkgever de aanvraag voor verlof altijd voor aanvang van het verlof zou doen. In de uitwerking is ervoor gekozen dat de werkgever het verlof zowel vooraf als achteraf kan aanvragen. Dit leidt tot minder uitgaven in 2020.
  • 5.  Van 2005 tot 2008 ontvingen zwangere zelfstandigen geen uitkering. Na een gerechtelijke uitspraak is besloten een compensatieregeling te ontwikkelen voor zwangere zelfstandigen uit deze periode. Dit leidt eenmalig tot extra uitkeringslasten van € 55 miljoen in 2019.
  • 6.  Het wetsvoorstel compensatie transitievergoeding bij (langdurige) arbeidsongeschiktheid treedt later in werking (1 april 2020) dan eerder voorzien (1 januari 2019). De uitgaven zijn daarom in de tijd naar achteren geschoven. Daarnaast is de raming voor 2020 en 2021 met cumulatief circa € 200 miljoen neerwaarts bijgesteld. In deze jaren vindt compensatie van werkgevers met terugwerkende kracht tot 1 juli 2015 plaats. De kans is kleiner dat alle werkgevers zich melden voor compensatie, nu de periode waarop terugwerkende kracht van toepassing is langer is geworden. De raming is hierop aangepast.
  • 7.  Nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaande mutaties van de uitkeringen (grondslag) en als gevolg van aanpassing van de indexcijfers.
  • 8.  Zie mutatie nr. 1.

7 Kinderopvang

Tabel 6.2.7.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 7 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

2.831.198

2.842.597

2.856.384

2.868.078

2.881.306

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

22.000

225.000

240.000

250.000

250.000

 

Mutaties Voorjaarsnota

60.990

126.273

111.700

99.306

91.860

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

80.400

88.364

88.750

89.007

89.167

 

2. Ramingsbijstelling

– 12.854

24.631

37.740

41.360

42.362

 

3. Kasschuiven

– 11.480

4.680

2.400

2.400

1.000

 

4. Budgettair neutrale herschikkingen

– 252

528

0

0

0

 

5. Bijstelling intensivering Regeerakkoord M137

– 5.865

– 27.833

6.158

25.141

29.822

 

6. Kwaliteitsimpuls kinderopvang CN

645

2.500

3.000

3.000

3.000

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

2.964.782

3.286.740

3.346.132

3.378.292

3.388.517

3.402.946

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Het gebruik van kinderopvang is in de eerste maanden van 2018 hoger uitgekomen dan verwacht, wat meerjarig leidt tot hogere uitgaven. Daarnaast spelen in 2018 nog enkele specifieke factoren. De Belastingdienst betaalt gedurende het toeslagjaar altijd meer aan voorschotten kinderopvangtoeslag uit dan waar ouders uiteindelijk recht op hebben. Deze «overfinanciering» wordt in de jaren erna teruggevorderd. De verwachte overfinanciering voor 2018 is naar beneden bijgesteld, hetgeen leidt tot lagere uitgaven. Daarnaast vinden in 2018 naar verwachting minder nabetalingen plaats over eerdere jaren, met lagere uitgaven als gevolg. Per saldo is er in 2018 sprake van een meevaller.
  • 3.  In april 2018 is besloten om de directe financiering stop te zetten (Tweede Kamer, 2017–2018, 31 322 XV, nr. 361). Hierdoor zijn er in 2018 minder middelen nodig voor directe financiering bij DUO. Deze middelen worden doorgeschoven naar latere jaren. DUO voert ook het personenregister kinderopvang uit. Door het stopzetten van directe financiering nemen de kosten voor het personenregister kinderopvang toe in volgende jaren. Daarnaast wordt een deel van de middelen gereserveerd voor eventuele aanvullende verbeteringen kinderopvangtoeslag.
  • 4.  Budgettair neutrale herschikkingen binnen de SZW-begroting.
  • 5.  Oorspronkelijk waren alle effecten van de intensivering uit het regeerakkoord (regeerakkoordmaatregel M137) als uitgaven verwerkt. Verdere uitwerking van de intensivering leidt tot een nadere verdeling tussen uitgaven en ontvangsten (zie bij de ontvangsten mutatie nr. 3). Daarnaast verloopt de stijging van het gebruik van kinderopvang als gevolg van de intensivering iets geleidelijker dan waarmee eerder rekening is gehouden.
  • 6.  Vanaf 2018 stelt het kabinet additionele middelen beschikbaar voor de verbetering van de kwaliteit en toegankelijkheid van kinderopvang in Caribisch Nederland die voortkomen uit de kabinetsreactie op het onderzoek naar een ijkpunt voor de bestaanszekerheid voor Caribisch Nederland.
Tabel 6.2.7.2 Ontvangsten begrotingsgefinancierd artikel 7 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

1.548.224

1.542.941

1.571.605

1.590.383

1.595.911

 

Mutaties Voorjaarsnota

– 23.101

– 3.652

7.049

14.367

13.610

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling

26.000

26.254

26.543

26.837

26.837

 

2. Ramingsbijstelling

– 14.302

11.714

3.556

5.982

5.616

 

3. Bijstelling intensivering Regeerakkoord M137

0

3.171

13.375

24.253

29.803

 

4. Werkgeversbijdrage

– 4.862

166

4.629

– 379

6.654

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

1.531.959

1.580.594

1.626.757

1.661.443

1.678.431

1.682.590

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de te ontvangen werkgeversbijdragen kinderopvang op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  De hogere uitgaven aan kinderopvangtoeslag (zie ook onder uitgaven mutatie nr. 2) leiden meerjarig tot hogere terugontvangsten. Specifiek voor 2018 zijn de ontvangsten lager als gevolg van minder terugontvangsten in 2018 over de toeslagjaren 2012 en 2016.
  • 3.  Oorspronkelijk waren alle effecten van de intensivering uit het regeerakkoord (regeerakkoordmaatregel M137) als uitgaven verwerkt. Vedere uitwerking van de intensivering leidt tot een nadere verdeling tussen de uitgaven en de ontvangsten (zie bij de uitgaven mutatie nr. 5).
  • 4.  De te ontvangen werkgeversbijdrage kinderopvang is aan de hand van de raming van het CPB bijgesteld.

8 Oudedagsvoorziening

Tabel 6.2.8.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 8 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

24.447

25.304

25.276

26.312

27.135

 

Mutaties Voorjaarsnota

703

1.250

1.183

1.272

1.273

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

424

438

437

454

467

 

2. Ramingsbijstelling

– 1.850

– 1.892

– 1.871

– 1.943

– 1.987

 

3. Intensivering CN agv kabinetsreactie

0

957

967

977

1.013

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

23.724

26.057

25.992

27.072

27.901

26.682

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  De ramingsbijstelling is een gevolg van meevallende realisaties en een wisselkoerseffect.
  • 3.  Vanaf 2019 zijn additionele middelen beschikbaar gesteld die voortkomen uit de kabinetsreactie op het onderzoek naar een ijkpunt voor het bestaansminimum op de BES-eilanden.
Tabel 6.2.8.2 Uitgaven premiegefinancierd artikel 8 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018 reëel

37.635.424

37.719.900

37.754.638

37.793.619

37.981.353

 

Mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

632.670

633.890

633.714

634.528

637.851

 

2. Ramingsbijstelling

– 95.450

– 103.405

– 144.578

– 130.179

– 118.940

 

Stand ontwerpbegroting 2019 reëel

38.172.644

38.250.385

38.243.774

38.297.968

38.500.264

39.283.474

             

Stand ontwerpbegroting 2018 nominaal

630.011

1.404.894

2.338.585

3.243.437

4.200.343

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

35.404

620.205

1.153.741

1.707.851

1.966.385

 
             

Nieuwe mutaties:

           

3. Bijstellingen grondslag en indexatiepercentages

– 32.745

– 37.763

– 265.614

– 534.321

– 583.561

 

4. Overheveling loon- en prijsbijstelling 2018

– 632.670

– 633.890

– 633.714

– 634.528

– 637.851

 

Stand ontwerpbegroting 2019 nominaal

0

1.353.446

2.592.998

3.782.439

4.945.316

6.294.208

             

Stand ontwerpbegroting 2019

38.172.644

39.603.831

40.836.772

42.080.407

43.445.580

45.577.682

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  De ramingen van de uitkeringslasten AOW en de inkomensondersteuning AOW (IOAOW) zijn op basis van realisatiecijfers meerjarig naar beneden bijgesteld. De verwachting van het aantal AOW-gerechtigden, de uitgaven aan AOW-partnertoeslag, de gemiddelde AOW-opbouw en het aandeel alleenstaanden (die recht hebben op een hogere AOW-uitkering) zijn naar beneden bijgesteld.
  • 3.  Nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaande mutaties van de uitkeringen (grondslag) en als gevolg van aanpassing van de indexcijfers.
  • 4.  Zie mutatie nr. 1.

9 Nabestaanden

Tabel 6.2.9.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 9 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

1.348

1.384

1.439

1.493

1.549

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

24

24

25

26

27

 

2. Ramingsbijstelling CN

– 184

– 267

– 301

– 335

– 371

 

3. Intensivering CN agv kabinetsreactie

0

56

55

55

55

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

1.188

1.197

1.218

1.239

1.260

1.282

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 208 te brengen.
  • 2.  De ramingsbijstelling is een gevolg van meevallende realisaties en een wisselkoerseffect.
  • 3.  Vanaf 2019 zijn additionele middelen beschikbaar gesteld die voortkomen uit de kabinetsreactie op het onderzoek naar een ijkpunt voor het bestaansminimum op de BES-eilanden.
Tabel 6.2.9.2 Uitgaven premiegefinancierd artikel 9 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018 reëel

365.607

348.210

335.344

327.740

321.467

 

Mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

3.729

3.583

3.471

3.380

3.284

 

2. Ramingsbijstelling

7.314

5.089

7.024

5.859

3.108

 

Stand ontwerpbegroting 2019 reëel

376.650

356.882

345.839

336.979

327.859

311.425

             

Stand ontwerpbegroting 2018 nominaal

3.938

8.307

12.838

17.217

21.587

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

346

4.907

9.123

12.789

14.907

 
             

3. Bijstellingen grondslag en indexatiepercentages

– 555

– 1.406

– 2.765

– 4.400

– 5.355

 

4. Overheveling loon- en prijsbijstelling 2018

– 3.729

– 3.583

– 3.471

– 3.380

– 3.284

 

Stand ontwerpbegroting 2019 nominaal

0

8.225

15.725

22.226

27.855

32.620

             

Stand ontwerpbegroting 2019

376.650

365.107

361.564

359.205

355.714

344.045

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Op basis van de uitvoeringsinformatie van de SVB is de raming meerjarig opwaarts bijgesteld. De bijstelling wordt voornamelijk veroorzaakt door een hoger volume.
  • 3.  Nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaande mutaties van de uitkeringen (grondslag) en als gevolg van aanpassing van de indexcijfers.
  • 4.  Zie mutatie nr. 1.

10 Tegemoetkoming ouders

Tabel 6.2.10.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 10 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

5.599.200

5.547.681

5.500.656

5.458.760

5.429.108

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

5.000

303.000

749.000

751.000

740.000

 

Mutaties Voorjaarsnota

– 114.907

– 130.867

– 127.758

– 129.171

– 136.488

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

46.249

44.582

49.159

48.826

48.372

 

2. Bijstelling Regeerakkoord M136 WKB

0

– 510

4.619

25.677

32.779

 

3. Bijstelling Regeerakkoord M138 AKW

0

– 270

– 1.292

– 2.613

– 3.463

 

4. Afrekening AKW 2017

9.189

0

0

0

0

 

5. Ramingsbijstelling WKB

– 34.800

– 42.974

– 41.037

– 41.046

– 40.329

 

6. Ramingbijstelling CN

78

– 33

– 144

– 148

– 152

 

7. Intensivering CN agv kabinetsreactie

0

889

1.000

1.000

1.000

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

5.510.009

5.721.498

6.134.203

6.112.285

6.070.827

6.048.115

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Oorspronkelijk waren alle effecten van de regeerakkoordmaatregel M136 (Kindgebonden budget later afbouwen voor paren) als uitgaven verwerkt. Verdere uitwerking leidt onder andere tot een nadere verdeling tussen uitgaven en ontvangsten (zie bij de ontvangsten mutatie nr. 3).
  • 3.  De definitieve doorrekening van regeerakkoordmaatregel M138 (Verhogen kinderbijslag) komt op basis van nieuwe demografische ontwikkelingen wat lager uit dan de raming bij het regeerakkoord.
  • 4.  In 2017 is er € 9 miljoen te weinig bevoorschot voor de uitkeringslasten AKW. Dit bedrag is in 2018 met de SVB verrekend.
  • 5.  Op grond van realisatiegegevens van de Belastingdienst over definitieve toekenning van beschikkingen zijn de uitgaven meerjarig verlaagd. Ook het niveau van nabetalingen is op basis van realisatiegegevens naar beneden bijgesteld.
  • 6.  De ramingsbijstelling is een gevolg van meevallende realisaties en een wisselkoerseffect.
  • 7.  Vanaf 2019 zijn additionele middelen beschikbaar gesteld die voortkomen uit de kabinetsreactie op het onderzoek naar een ijkpunt voor het bestaansminimum op de BES-eilanden.
Tabel 6.2.10.2 Ontvangsten begrotingsgefinancierd artikel 10 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

272.478

287.514

299.361

272.804

270.069

 

Mutaties Voorjaarsnota

– 40.250

– 42.303

– 41.259

– 39.060

– 37.880

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

2.564

2.707

2.849

2.581

2.563

 

2. Ramingsbijstelling

1.504

0

0

0

0

 

3. Bijstelling Regeerakkoord M136 WKB

0

0

5.653

31.400

50.378

 

4. Ramingsbijstelling WKB

– 4.206

– 24.589

– 39.900

– 18.108

– 7.817

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

232.090

223.329

226.704

249.617

277.313

287.585

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de ontvangsten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  In 2017 is er € 1,5 miljoen te veel bevoorschot voor de uitkeringslasten WKB buitenland. Dit bedrag wordt in 2018 terugbetaald door de SVB.
  • 3.  Oorspronkelijk waren alle effecten van de regeerakkoordmaatregel M136 (Kindgebonden budget later afbouwen voor paren) als uitgaven verwerkt. Verdere uitwerking leidt tot een nadere verdeling tussen uitgaven en ontvangsten (zie bij de uitgaven mutatie nr. 2).
  • 4.  De ontvangsten zijn meerjarig neerwaarts bijgesteld. Het niveau van terugvorderingen is vanaf 2017 neerwaarts bijgesteld op grond van realisaties van de Belastingdienst. Deze bijstelling leidt met enige vertraging tot lagere ontvangsten. Daarnaast treden verschuivingen op in ontvangsten die samenhangen met uitstel in de stroomlijning rood/blauw bij de Belastingdienst. Dit leidt in 2019 en 2020 tot lagere ontvangsten en in 2022 juist tot hogere ontvangsten.

11 Uitvoering

Tabel 6.2.11.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 11 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

468.574

388.492

371.349

373.190

371.452

 

Nota van Wijziging regeerakkoord

0

0

0

0

900

 

Amendement

30.000

0

0

0

0

 

Mutaties Voorjaarsnota

14.450

33.123

45.778

46.647

43.699

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

2.895

9.523

9.105

9.145

9.106

 

2. Ramingsbijstelling

0

2.274

2.670

2.245

1.993

 

3. Amendement scholing WW

– 100

– 80

– 310

0

0

 

4. Motie Siderius

0

0

803

803

803

 

5. Overboeking departementen

165

1.465

24

24

0

 

6. Kasschuif

– 22.000

11.000

11.000

0

0

 

7. Budgettair neutrale herschikkingen

300

300

275

125

0

 

8. Herschikkingen begroting en premie

12.215

100

100

100

100

 

9. Wet Digitale Overheid van premiegefinancierd

0

1.847

1.902

1.959

2.018

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

506.499

448.044

442.696

434.238

430.071

429.653

  • 1.  Ontvangen loon- en prijsbijstelling ten behoeve van de begrotingsgefinancierde uitvoeringsbudgetten van de ZBO’s.
  • 2.  De raming is bijgesteld op basis van volumeontwikkelingen van de verschillende regelingen die worden uitgevoerd door het UWV en de SVB. Bij het UWV is er met name een kleine stijging van de Wajong-aanvragen. Bij de SVB is er sprake van een volumestijging bij de Aanvullende Inkomensvoerziening Ouderen.
  • 3.  De uitvoeringskosten van het amendement scholing WW vallen cumulatief € 0,49 miljoen lager uit. Dit bedrag wordt overgeheveld naar de programmakosten (artikel 5 begrotingsgefinancierd).
  • 4.  Naar aanleiding van de motie Siderius (artikel 4) zijn meer middelen beschikbaar gesteld ten behoeve van de uitvoeringskosten van het UWV.
  • 5.  Dit betreft onder andere een bijdrage voor 2019 van het Ministerie van OCW ten behoeve van Leven Lang Ontwikkelen. Het betreft in totaal € 2,9 miljoen waarvan € 1,5 miljoen naar artikel 1 en € 1,4 miljoen naar artikel 11 ten behoeve van het UWV is overgeboekt.
  • 6.  De middelen betreffende het amendement scholingstrajecten naar kansberoepen worden conform amendement meerjarig verdeeld.
  • 7.  Budgettair neutrale herschikkingen binnen de SZW-begroting.
  • 8.  De verdeling tussen begrotings- en premiegefinancierde uitvoeringskosten wordt gedurende het jaar aangepast op basis van informatie van het UWV en de SVB. De herschikking bij begrotingsgefinancierd is grotendeels opgenomen in de eerste suppletoire begroting. De reeksen in deze bijlage bij begrotingsgefinancierde en premiegefinancierde uitgaven komen dan ook niet overeen (zie de algemene opmerkingen aan het begin van deze bijlage).
  • 9.  Het betreft een reservering voor de doorbelasting Wet Digitale Overheid aan de uitvoeringsorganisaties. Deze reeks betreft de reservering voor de SVB en wordt overgeboekt van premiegefinancierd. Zie bij premiegefinancierd artikel 11 mutatie nr 10 en bij artikel 96 mutatie nr 5.
Tabel 6.2.11.2 Ontvangsten begrotingsgefinancierd artikel 11 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

0

0

0

0

0

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Afrekening 2017

9.642

0

0

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

9.642

0

0

0

0

0

  • 1.  Het betreft de afrekeningen van het UWV en de SVB over het jaar 2017. In 2018 is € 6,2 miljoen terugontvangen van de SVB en € 3,4 miljoen terugontvangen van het UWV. In 2017 is er € 2,0 miljoen te veel bevoorschot aan het UWV voor de uitvoeringskosten Wajong en € 1,4 miljoen te veel bevoorschot voor de uitvoeringskosten Wajong re-integratie.
Tabel 6.2.11.3 Uitgaven premiegefinancierd artikel 11 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018 reëel

1.444.738

1.482.966

1.491.709

1.489.955

1.499.219

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

3.000

– 26.073

– 11.448

4.227

25.306

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Uitstel Regeerakkoord I83 met een jaar

– 1.000

– 1.000

0

– 1.000

0

 

2. Uitstel Regeerakkoord I94 met een jaar

– 3.000

3.000

1.000

0

0

 

3. Regeerakkoord I80 en I81 Meer face-to-face contact UWV

0

41.870

33.520

38.670

41.020

 

4. Loon- en prijsbijstelling 2018

4.403

38.086

40.357

40.870

42.641

 

5. Macromutaties

0

– 1.327

3.600

– 3.028

– 8.961

 

6. Ramingsbijstelling

0

– 186

– 959

– 556

1.476

 

7. Kosten AVG

17.264

8.150

8.150

8.150

8.150

 

8. Herschikkingen begroting/premie

– 28.254

– 11.303

– 19.408

– 15.527

– 14.929

 

9. Wet Digitale Overheid

11.744

13.200

13.600

12.900

13.700

 

10. Wet Digitale Overheid naar begrotingsgefinancierd

0

– 5.357

– 5.532

– 5.689

– 5.748

 

11. EESSI

6.827

6.500

6.200

6.200

6.200

 

12. Diverse kasschuiven

– 4.900

– 33.800

17.700

5.200

7.900

 

13. Informatiebeveiliging SVB

10.000

15.000

20.000

0

1

 

14. Uitvoeringskosten compensatie transitievergoeding

0

– 1.200

– 30.000

– 5.000

– 5.500

 

15. Overige mutaties

2.500

1.700

0

0

0

 

Stand ontwerpbegroting 2019 reëel

1.463.322

1.530.226

1.568.489

1.575.372

1.610.475

1.619.989

             

Stand ontwerpbegroting 2018 nominaal

31.991

70.591

110.088

148.825

191.348

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

5.122

17.074

33.113

43.480

57.916

 
             

Nieuwe mutaties:

           

16. Bijstellingen grondslag en indexatiepercentages

– 32.710

– 876

– 4.394

– 10.473

– 15.687

 

17. Overheveling loon- en prijsbijstelling 2018

– 4.403

– 38.086

– 40.357

– 40.870

– 42.641

 

Stand ontwerpbegroting 2019 nominaal

0

48.703

98.450

140.962

190.936

236.429

             

Stand ontwerpbegroting 2019

1.463.322

1.578.929

1.666.939

1.716.334

1.801.411

1.856.418

  • 1.  Het regeerakkoord bevat enkele maatregelen op het gebied van ziekte en arbeidsongeschiktheid. De budgettaire effecten zijn in de begroting 2019 verwerkt. De maatregelen I83 en I94 die in 2019 in zouden gaan, zijn met een jaar uitgesteld. De sociale partners voeren overleg over maatregelen die het draagvlak voor het stelsel van ziekte en arbeidsongeschiktheid verbeteren. De Tweede Kamer wordt nader geïnformeerd over de uitwerking van de regeerakkoordmaatregelen met betrekking tot ziekte en arbeidsongeschiktheid. Het UWV heeft voor alle bovenstaande maatregelen uit het regeerakkoord middelen ontvangen voor de uitvoeringskosten van deze maatregelen. Voor de maatregelen I83 en I94, waarvan de invoering een jaar doorschuift, zijn de middelen ook doorgeschoven.
  • 2.  Zie mutatie nr. 1.
  • 3.  Met maatregel I80 en I81 van het regeerakkoord wordt geregeld dat het UWV met face-to-face dienstverlening meer mensen aan een baan kan helpen. Het gaat om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in de WW, WGA en Wajong. In totaal is er in het regeerakkoord vanaf 2019 € 70 miljoen per jaar opgenomen voor maatregel I80 en I81. Dit valt uiteen in het premie gefinancierde deel bij mutatie nr. 9 opgenomen (onderdeel WW en WGA) en een begrotingsfinancierde deel (onderdeel Wajong) voor de rest van de € 70 miljoen vanaf 2019. Het begrotingsgefinancierde deel is bij de eerste suppletoire begroting toegelicht.
  • 4.  De loon- en prijsbijstelling ten behoeve van de premiegefinancierde uitvoeringsbudgetten van de ZBO’s.
  • 5.  De raming is aangepast aan de ontwikkelingen in de werkloosheid.
  • 6.  De raming is bijgesteld op basis van de volumenontwikkeling van de verschillende regelingen die worden uitgevoerd door het UWV en de SVB.
  • 7.  Bij het UWV en de SVB is de raming aangepast voor de implementatie van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Deze implementatie vergt incidentele en structurele aanpassingen van de systemen en processen om de gegevensbescherming te laten voldoen aan deze verordening.
  • 8.  De verdeling tussen begrotings- en premiegefinancierde uitvoeringskosten wordt gedurende het jaar aangepast op basis van informatie van het UWV en de SVB. De herschikking bij begrotingsgefinancierd is grotendeels opgenomen in de eerste suppletoire begroting. De reeksen in deze bijlage bij begrotingsgefinancierde en premiegefinancierde uitgaven komen dan ook niet overeen (zie de algemene opmerkingen aan het begin van deze bijlage).
  • 9.  Betreft een reservering voor de implementatie van de Wet Digitale Overheid bij de ZBO’s.
  • 10.  Het betreft twee reeksen van doorbelasting Wet Digitale Overheid die van premiegefinancierd worden overgeboekt naar begrotingsgefinancierd. De eerste reeks betreft een reservering voor de doorbelasting Wet Digitale Overheid aan de uitvoeringsorganisaties. Deze reeks betreft de reservering voor de SVB. Zie bij begrotingsgefinancierd artikel 11 mutatie nr 9. De tweede reeks betreft de doorbelasting van Wet Digitale Overheid doordat stelselvoorzieningen, samenwerkende catalogi, PKI overheid en Digitoegankelijkheid worden doorbelast naar departementen op basis van een verdeelsleutel. De rekening voor deze voorzieningen wordt betaald door SZW en niet uit de uitvoeringskosten van het UWV. Daarom is de overboeking van artikel 11 premiegefinancierd naar artikel 96 (mutatie nr 5) gemaakt.
  • 11.  Betreft een reservering voor de implementatie van het Electronic Exchange of Social Security Information (EESSI) bij de ZBO’s.
  • 12.  Er zijn drie kasschuiven. De kasschuif quotumregeling Belastingdienst: om beter aan de sluiten bij het kasritme van de voorlopige kostenopgaaf van de Belastingdienst voor het uitvoeren van de quotumregeling uit de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten, worden middelen doorgeschoven van 2019 naar de jaren 2020 tot en met 2023. De kasschuif compensatie transitievergoeding (TV): de maatregel compensatie TV bij langdurige arbeidsongeschiktheid wordt van 1 juli 2019 uitgesteld tot 1 april 2020. De uitvoeringskosten worden doorgeschoven van 2019 naar 2020. De kasschuif beslagvrije voet: de incidentele kosten voor de aanpassingen aan de beslagvrije voet zullen niet in 2018 maar in 2019 worden gemaakt.
  • 13.  De SVB krijgt voor de jaren 2018 tot en met 2020 extra middelen voor de uitvoering van het IT-plan 2018–2020 en voor de informatiebeveiliging.
  • 14.  De uitvoeringskosten voor de compensatieregeling voor transitievergoeding bij langdurig arbeidsongeschiktheid vallen een stuk lager uit dan in de raming was opgenomen. Hierdoor vallen middelen vrij voor de jaren 2019 tot en met 2023.
  • 15.  Voor de kosten voor het uitvoeren van de verordening van het Europees netwerk van diensten voor arbeidsvoorziening (EURES) is € 1,7 miljoen beschikbaar gesteld voor de jaren 2018 en 2019. Voor het uitvoeren van de compensatieregeling zwangere zelfstandigen (zie artikel 6, mutatie nr. 7) is voor 2018 € 0,87 miljoen aan middelen beschikbaar gesteld.
  • 16.  Nominale ontwikkeling als gevolg van bovenstaande mutaties van de uitkeringen (grondslag) en als gevolg van aanpassing van de indexcijfers.
  • 17.  Zie mutatie nr. 4.

12 Rijksbijdragen

Tabel 6.2.12.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 12 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

11.668.318

11.704.249

11.562.136

11.509.415

11.612.307

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

– 71.600

– 106.711

– 202.903

– 248.773

– 295.288

 

Mutaties Voorjaarsnota

2.239.818

1.057.193

1.110.466

1.166.882

1.223.723

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

1.173

1.187

2.308

1.816

1.540

 

2. Macromutaties

9.036

1.633.876

1.497.186

1.395.190

1.340.967

 

3. Afrekening 2017

3.862

0

0

0

0

 

4. Kasschuif en vrijval Transitievergoeding

0

– 43.840

28.496

10.412

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

13.850.607

14.245.954

13.997.689

13.834.942

13.883.249

14.542.030

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  De ramingen van de rijksbijdragen zijn op basis van uitvoeringsgegevens en van macro-economische gegevens van het CPB bijgesteld.
  • 3.  In 2017 is de bevoorschotting voor de uitkeringslasten Tegemoetkoming Arbeidsongeschiktheid (WAO en WGA) te laag geweest. In 2018 is € 3,7 miljoen betaald aan het UWV. In 2017 is de bevoorschotting voor de uitvoeringskosten van de regeling Zelfstandig en Zwanger (ZEZ) te laag geweest. In 2018 is € 122.000 aan het UWV betaald.
  • 4.  Het wetsvoorstel compensatie transitievergoeding bij (langdurige) arbeidsongeschiktheid treedt later in werking (1 april 2020) dan eerder voorzien (1 januari 2019). De uitgaven zijn daarom in de tijd naar achteren geschoven. Daarnaast is de raming voor 2020 en 2021 met cumulatief circa € 5 miljoen neerwaarts bijgesteld.
Tabel 6.2.12.2 Ontvangsten begrotingsgefinancierd artikel 12 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

0

0

0

0

0

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Afrekening 2017

2.472

0

0

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

2.472

0

0

0

0

0

  • 1.  Het betreft de afrekeningen van het UWV over het jaar 2017. In 2017 is € 2,2 miljoen te veel bevoorschot aan het UWV voor de uitkeringslasten Tegemoetkoming Arbeidsongeschiktheid (IVA en WAZ). In 2017 is er € 250.000 te veel bevoorschot aan het UWV voor de uitkeringslasten van de regeling ZEZ. Beide bedragen zijn in 2018 terugontvangen.

13 Integratie en maatschappelijke samenhang

Tabel 6.2.13.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 13 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

317.108

269.597

232.264

208.665

192.090

 

Mutaties Voorjaarsnota

– 12.280

29.562

8.235

– 929

4.563

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

2.114

1.756

1.526

1.525

1.517

 

2. Uitbreiding examen capaciteit DUO

5.500

5.500

0

0

0

 

3. Overboekingen met departementen

– 55

30

30

0

0

 

4. Ramingsbijstelling leningen

21.177

0

0

0

0

 

5. Budgettair neutrale herschikkingen

49

0

0

175

0

 

6. Kasschuiven

– 10.138

5.579

4.559

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

323.475

312.024

246.614

209.436

198.170

195.522

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitkeringslasten op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Voor de uitbreiding van de examenlokaties van DUO in verband met de toename van het aantal af te leggen examens zijn voor 2018 en 2019 extra middelen beschikbaar gesteld.
  • 3.  Dit betreft onder andere een overboeking van het Ministerie van OCW ten behoeve van de bijdrage aan het CBS voor de monitoring informatievoorziening rond asielcohorten 2017–2020.
  • 4.  De raming is opwaarts bijgesteld op grond van de uitvoeringsinformatie van DUO.
  • 5.  Budgettair neutrale herschikkingen binnen de SZW-begroting.
  • 6.  Er zijn twee kasschuiven. De middelen voor het COA worden als gevolg van verminderde instroom in 2018 doorgeschoven naar 2019 en 2020. Verder wordt de periode voor de subsidie screening en matching verlengd. Hierdoor worden middelen doorgeschoven van 2018 naar 2019.
Tabel 6.2.13.2 Ontvangsten begrotingsgefinancierd artikel 13 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

1.200

1.000

1.000

1.000

1.000

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Afrekening 2017

368

0

0

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

1.568

1.000

1.000

1.000

1.000

1.000

  • 1.  In 2017 is € 0,4 miljoen te veel bevoorschot voor de uitkeringslasten van de Remigratiewet. Dit bedrag is in 2018 terugbetaald door de SVB.

96 Apparaat

Tabel 6.2.96.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 96 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

295.856

313.923

312.417

311.339

309.550

 

Nota van Wijziging Regeerakkoord

13.000

25.000

31.000

38.000

50.000

 

Mutaties Voorjaarsnota

137

– 20.186

– 9.294

3.537

3.222

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

5.752

5.868

5.951

6.128

6.335

 

2. Overboekingen met departementen

1.806

2.871

2.653

2.653

2.652

 

3. Budgettair neutrale herschikkingen

– 413

– 1.636

– 1.929

– 1.853

– 1.500

 

4. Kasschuiven

– 1.976

799

537

434

424

 

5. Wet Digitale Overheid

0

3.510

3.630

3.730

3.730

 

6. Dienstverlening

349

1.914

1.272

315

1.248

 

7. Diversen

870

0

0

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

315.381

332.063

346.237

364.283

375.661

372.945

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitgaven op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Diverse overboekingen met andere departementen, waarvan de grootste betrekking hebben op ontvangen vergoedingen voor de departementale samenwerking van het FDC (Financieel Diensten Centrum) en LOP (Leer- en Ontwikkelplein).
  • 3.  Budgettair neutrale herschikkingen binnen de SZW-begroting.
  • 4.  Er zijn diverse kasschuiven geweest om de beschikbaarheid van middelen aan te passen aan de behoefte.
  • 5.  Een deel van de uitgaven voor de Wet Digitale Overheid voor de rijksoverheid komt voor rekening van het departement SZW en een deel voor rekening van de ZBO (artikel 11). Het gaat hierbij onder andere om stelselvoorzieningen en digitoegankelijkheid. Zie bij premiegefinancierd artikel 11 mutatie nr 10.
  • 6.  De raming van de uitgaven en ontvangsten van de uitvoeringsdirecties Rijksschoonmaakorganisatie en Uitvoering van Beleid (uitvoerder van subsidies als opvolger van het Agentschap SZW) is aangepast aan nieuwe inzichten van dienstverlening.
  • 7.  Diverse mutaties: een aanvulling van middelen wegens overlopende betalingen uit 2017 van het voormalige Agentschap SZW; een aanvullende betaling voor het gebruik van softwarelicenties en compensatie van kosten van detachering van medewerkers in Europa.
Tabel 6.2.96.2 Ontvangsten begrotingsgefinancierd artikel 96 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

36.655

60.217

60.969

60.982

60.996

 

Mutaties Voorjaarsnota

– 7.252

– 23.064

– 14.833

– 5

– 299

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Vergoeding detachering

281

0

0

0

0

 

2. Dienstverlening

349

1.914

1.272

315

1.248

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

30.033

39.067

47.408

61.292

61.945

61.374

  • 1.  Van het Ministerie van Buitenlandse Zaken is een vergoeding ontvangen voor detachering van medewerkers in Europa.
  • 2.  Zie uitgavenmutatie nr. 6.

98 Algemeen

Tabel 6.2.98.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 98 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

31.084

31.460

24.657

24.677

24.614

 

Mutaties Voorjaarsnota

2.797

135

– 110

250

250

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Loon- en prijsbijstelling 2018

142

144

137

128

128

 

2. Overboekingen met departementen

– 61

0

0

0

0

 

3. Budgettair neutrale herschikkingen

– 227

2.325

2.963

3.084

3.084

 

4. Kasschuiven

– 830

330

0

0

500

 

5. Agentschap SZW

63

0

0

0

0

 

6. Intensivering CN agv kabinetsreactie

0

377

129

129

129

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

32.968

34.771

27.776

28.268

28.705

28.555

  • 1.  De loon- en prijsbijstelling 2018 is overgeheveld om de uitgaven op prijspeil 2018 te brengen.
  • 2.  Er zijn twee overboekingen met andere departementen verwerkt. Er is een bijdrage aan het Ministerie van EZK gegeven voor asbestonderzoek en er is een bijdrage ontvangen van het Ministerie van EZK voor impactmeting sociaal ondernemerschap.
  • 3.  Budgettair neutrale herschikkingen binnen de SZW-begroting.
  • 4.  Er zijn diverse kasschuiven verwerkt: nadere uitwerking van het verbeterplan RCN-unit Caribisch Nederland en verlenging van de subsidieperiode LSI.
  • 5.  Eindafrekening van het voormalige Agentschap SZW.
  • 6.  Voor de uitvoeringskosten Caribisch Nederland zijn vanaf 2019 additionele middelen beschikbaar gesteld die voortkomen uit de kabinetsreactie op het onderzoek naar een ijkpunt voor het bestaansminimum op de BES-eilanden.
Tabel 6.2.98.2 Ontvangsten begrotingsgefinacierd artikel 98 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

412

387

0

0

0

 

Mutaties Voorjaarsnota

0

0

0

0

0

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

412

387

0

0

0

0

99 Nominaal en onvoorzien

Tabel 6.2.99.1 Uitgaven begrotingsgefinancierd artikel 99 (x € 1.000)
 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Stand ontwerpbegroting 2018

68.718

65.689

64.061

68.347

85.161

 

Nota van Wijziging regeerakkoord

0

0

1.000

203.000

272.600

 

Mutaties Voorjaarsnota

115.758

– 78.007

– 65.010

– 45.053

– 28.515

 
             

Nieuwe mutaties:

           

1. Verdeling loon- en prijsbijstelling 2018

– 10.925

– 15.330

– 14.336

– 14.717

– 13.215

 

2. Budgettair neutrale herschikkingen

0

– 564

– 1.155

– 1.231

– 1.584

 

3. Diverse reserveringen/uitdelingen

29.466

43.993

44.051

25.636

39.394

 

4. Kasschuiven

– 179.867

107.798

54.002

29.806

– 3.083

 

5. Regeerakkoord I93 Taalles bij Integratie

0

50.000

60.000

70.000

70.000

 
             

Stand ontwerpbegroting 2019

23.150

173.579

142.613

335.788

420.758

452.856

  • Toedeling van de loon- en prijsbijstelling 2018 naar de begrotingsartikelen om de budgetten op prijspeil 2018 te brengen.
  • Budgettair neutrale herschikkingen binnen de SZW-begroting.
  • Diverse reserveringen en uitdelingen binnen de SZW-begroting, waaronder € 35 miljoen voor 2019 en 2020 voor het versterken van de werkgeversdienstverlening en € 5 miljoen in 2019 voor een regionaal ondersteuningstraject ten behoeve van «Matchen op Werk».
  • Dit betreffen verschillende kasschuiven waaronder een kasschuif ter dekking van beleidsmatige reeksen op de SZW-begroting (onder andere middelen voor het versterken van werkgeversdienstverlening en middelen voor een regionaal ondersteuningstraject ten behoeve van «Matchen op werk») en een kasschuif op de uitbetaling van de compensatieregeling zwangerschaps- en bevallingsuitkering zelfstandigen (ZEZ). De uitbetaling hiervan is een jaar uitgesteld en vindt plaats in 2019.
  • Van de aanvullende post bij het Ministerie van Financiën zijn de middelen voor regeerakkoordmaatregel I93 Taalles bij Integratie overgeboekt naar de SZW-begroting.