Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

6 EMU-SALDO

Tabel 6.1 geeft het EMU-saldo van de hele collectieve sector weer. Dit EMU-saldo (ook wel overheidssaldo genoemd) is de optelsom van alle inkomsten en uitgaven van de Rijksoverheid en de decentrale overheden. De inkomsten en uitgaven van de Rijksoverheid zijn in meer detail te vinden in respectievelijk bijlage 2 en bijlage 4. Om tot het EMU-saldo te komen moeten hier nog een paar correcties op worden toegepast: sommige uitgaven tellen niet mee voor het EMU-saldo (zie tabel 6.2) en voor sommige posten telt een ander bedrag mee voor het EMU-saldo dan in de Rijksbegroting (op kasbasis) is opgenomen (zie tabel 6.3).

Tabel 6.1 EMU-saldo
 

(in miljoenen euro, + is overschot)

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

bron

1

Belasting- en premieontvangsten

284.929

301.651

305.511

311.263

319.062

328.760

338.831

PM

2

Totale netto-uitgaven

283.024

307.847

323.209

333.683

350.011

363.187

376.254

Tabel 2.1

3

Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven

‒ 10.585

‒ 19.059

‒ 21.863

‒ 22.033

‒ 29.154

‒ 31.050

‒ 32.770

Tabel 6.2

4

Bij: Kas-transverschillen en overige posten

‒ 407

‒ 581

‒ 800

‒ 728

‒ 655

‒ 670

‒ 398

Tabel 6.3

5

Bij: EMU-saldo decentrale overheden

‒ 735

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

Tabel 6.7

6

EMU-saldo collectieve sector (1-2-3+4+5)

11.348

10.797

1.880

‒ 2.599

‒ 3.934

‒ 5.531

‒ 6.532

 

De uitgaven die wel op de Rijksbegroting staan, maar die niet meetellen voor het EMU-saldo staan vermeld in tabel 6.2. Wat er wel en niet meetelt voor het EMU-saldo is vastgesteld door Eurostat. Financiële transacties, zoals het verstrekken van (studie)leningen of het verkopen van staatsbezit, zijn meestal ook niet relevant voor het EMU-saldo. Ook de rente ontvangen op renteswaps en uit de verkoop ervan tellen niet mee. De rijksbijdrage en rente van het Rijk aan de sociale fondsen zijn niet relevant, omdat die een transactie vormen tussen twee onderdelen van de collectieve sector: de uitgave van het Rijk is een ontvangst voor de sociale fondsen. Ook de post kasbeheer is een transactie binnen de collectieve sector, deze bestaat uit de toe- of afname van het geld dat de deelnemers aan schatkistbankieren bij het Rijk aanhouden.

Tabel 6.2 Uitgaven niet-relevant voor het EMU-saldo

(in miljoenen euro, + is uitgave)

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

Rente-ontvangsten swaps

‒ 1.203

‒ 1.092

‒ 1.074

‒ 1.325

‒ 1.143

‒ 694

‒ 480

Opbrengst beëindigen renteswaps

‒ 3.335

0

0

0

0

0

0

Studieleningen

1.798

2.022

2.172

2.362

2.539

2.567

2.507

Netto-verkoop staatsbezit

350

1.074

330

330

330

330

297

Diverse leningen

74

232

‒ 23

‒ 101

‒ 139

‒ 137

‒ 137

Rijksbijdragen aan de sociale fondsen

20.602

25.839

26.639

28.297

31.696

32.669

33.245

Rente sociale fondsen

0

0

0

6

46

117

139

Kasbeheer

‒ 7.706

‒ 8.998

‒ 6.172

‒ 7.539

‒ 4.164

‒ 3.791

‒ 2.791

Overig

11

‒ 19

‒ 9

4

‒ 11

‒ 11

‒ 11

Totaal

10.585

19.059

21.863

22.033

29.154

31.050

32.770

Tabel 6.3 geeft de posten weer die wel meetellen voor het EMU-saldo, maar die niet, of niet op dezelfde manier in de Rijksbegroting staan. Voor een deel ervan geldt dat voor het EMU-saldo wordt gerekend met de uitgaven en ontvangsten op transactiebasis, terwijl de Rijkbegroting op kasbasis wordt opgesteld. Om tot het EMU-saldo te komen moet daarom bovenop de uitgave of ontvangst op kasbasis ook nog een kas-transverschil worden meegeteld. Daarnaast is er een aantal posten die niet op de Rijkbegroting staan, zoals bijvoorbeeld het positieve of negatieve saldo van agentschappen en de kosten van zorgverzekeraars.

Tabel 6.3 Kas-transverschillen en overige posten

(in miljoenen euro, + is EMU-saldoverbeterend)

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

KTV gasbaten

‒ 346

290

‒ 220

‒ 130

‒ 260

‒ 100

‒ 110

KTV EU-afdrachten

‒ 689

293

‒ 4

0

0

0

0

KTV LIV/LKV

‒ 458

0

0

0

0

0

0

KTV OV-jaarkaart

826

31

‒ 275

‒ 625

0

0

0

KTV Defensie

‒ 134

0

0

0

0

0

0

Overige kas-transverschillen

‒ 115

‒ 250

‒ 1

107

‒ 27

403

696

Mutatie begrotingsreserves

873

‒ 315

‒ 300

0

0

‒ 450

‒ 400

EMU-saldo agentschappen en rest centrale overheid

57

0

0

0

0

0

0

Overig

376

‒ 135

332

504

344

181

0

Subtotaal Rijk

389

‒ 87

‒ 467

‒ 144

56

33

186

Eigen risico dragers WGA/ZW

311

333

353

372

394

419

443

Zorgbemiddelingskosten

‒ 1.205

‒ 828

‒ 686

‒ 955

‒ 1.106

‒ 1.122

‒ 1.027

Overig

98

0

0

0

0

0

0

Subtotaal sociale fondsen

‒ 796

‒ 495

‒ 333

‒ 583

‒ 711

‒ 703

‒ 584

Totaal

‒ 407

‒ 581

‒ 800

‒ 728

‒ 655

‒ 670

‒ 398

Tabel 6.4 geeft de verdeling van het EMU-saldo over de verschillende onderdelen van de collectieve sector. In tabel 6.5 tot en met tabel 6.7 wordt het EMU-saldo per sector verder toegelicht.

Tabel 6.4 Opbouw EMU-saldo collectieve sector

(in miljoenen euro, - is tekort)

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

EMU-saldo Rijk

5.386

4.458

‒ 2.336

‒ 8.596

‒ 6.411

‒ 7.967

‒ 8.591

EMU-saldo sociale fondsen

6.697

7.824

5.700

7.480

3.961

3.920

3.543

EMU-saldo decentrale overheden

‒ 735

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

EMU-saldo collectieve sector

11.348

10.797

1.880

‒ 2.599

‒ 3.934

‒ 5.531

‒ 6.532

EMU-saldo collectieve sector (in procenten bbp)

1,5

1,3

0,2

‒ 0,3

‒ 0,4

‒ 0,6

‒ 0,7

Tabel 6.5 EMU-saldo Rijk

(in miljoenen euro, - is uitgave / tekort)

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

bron

Belastingontvangsten

178.394

193.034

193.783

193.200

202.352

206.410

210.549

 

Netto begrotingsgefinancierde uitgaven

‒ 163.380

‒ 181.709

‒ 190.876

‒ 195.381

‒ 206.231

‒ 212.674

‒ 218.715

Tabel 2.1

Af: niet EMU-saldo relevante uitgaven

10.585

19.059

21.863

22.033

29.154

31.050

32.770

Tabel 6.2

Betaalde rijksbijdrage en rente aan sociale fondsen

‒ 20.602

‒ 25.839

‒ 26.639

‒ 28.303

‒ 31.742

‒ 32.786

‒ 33.385

Tabel 6.2

Kas-transverschillen en overige posten Rijk

389

‒ 87

‒ 467

‒ 144

56

33

186

Tabel 6.3

EMU-saldo Rijk (centrale overheid )

5.386

4.458

‒ 2.336

‒ 8.596

‒ 6.411

‒ 7.967

‒ 8.591

 
Tabel 6.6 EMU-saldo sociale fondsen

(in miljoenen euro, - is uitgave / tekort)

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

bron

Premie-ontvangsten

106.535

108.617

111.728

118.063

116.710

122.350

128.282

 

Ontvangen rijksbijdragen en rente

20.602

25.839

26.639

28.303

31.742

32.786

33.385

Tabel 6.2

Premiegefinancierde uitgaven

‒ 119.643

‒ 126.138

‒ 132.334

‒ 138.302

‒ 143.780

‒ 150.513

‒ 157.539

Tabel 2.1

Eigen risico dragers WGA/ZW

311

333

353

372

394

419

443

Tabel 6.3

Zorgbemiddelingskosten

‒ 1.205

‒ 828

‒ 686

‒ 955

‒ 1.106

‒ 1.122

‒ 1.027

Tabel 6.3

Overige uitgaven

98

0

0

0

0

0

0

Tabel 6.3

EMU-saldo sociale fondsen

6.697

7.824

5.700

7.480

3.961

3.920

3.543

 
Tabel 6.7 EMU-saldo decentrale overheden

(in miljoenen euro, - is uitgave / tekort)

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

Belastinginkomsten

10.300

10.648

10.933

11.274

11.603

11.915

12.226

Rijksbijdragen

75.090

76.105

78.810

80.495

82.180

84.217

86.255

Overige inkomsten

14.775

14.972

15.348

16.336

16.591

16.820

17.048

Uitgaven decentrale overheden

‒ 100.900

‒ 103.208

‒ 106.574

‒ 109.589

‒ 111.858

‒ 114.436

‒ 117.013

EMU-saldo decentrale overheden

‒ 735

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

‒ 1.484

Het overheidssaldo komt in 2020 naar verwachting uit op een overschot van 0,2 procent van het bbp. Tabel 6.8 bevat de toelichting op dit cijfer.

Tabel 6.8 Horizontale toelichting EMU-saldo

(- is een verslechtering)

Miljarden euro

Procenten bbp

EMU-saldo 2019

10,8

1,3%

Noemereffect

 

0,0%

Belasting- en premie-inkomsten

3,9

0,5%

Uitgaven aan zorg (inclusief loon- en prijsbijstelling)

‒ 3,4

‒ 0,4%

Uitgaven aan Sociale zekerheid (inclusief loon- en prijsbijstelling)

‒ 4,3

‒ 0,5%

Loon- en prijsbijstelling Rijksbegroting

‒ 2,1

‒ 0,3%

EU-afdrachten

0,0

0,0%

Gemeentefonds, Provinciefonds en BTW-compensatiefonds

‒ 0,9

‒ 0,1%

KTV's

‒ 0,1

0,0%

Aardgasbaten

‒ 0,5

‒ 0,1%

Rente staatsschuld

0,5

0,1%

Overig

‒ 2,0

‒ 0,2%

EMU-saldo lagere overheden

0,0

0,0%

EMU-saldo 2020

1,9

0,2%

Het overschot van zowel 2019 als 2020 is bijgesteld, 2019 naar boven, 2020 naar beneden. Dit wordt zichtbaar wanneer de verandering van het overschot niet van jaar op jaar (horizontaal) wordt bekeken, maar als ontwikkeling sinds vorige Miljoenennota (verticaal). Deze verticale ontwikkeling is weergeven in tabel 6.9.

Tabel 6.9 Verticale toelichting EMU-saldo

(in procenten bbp, - is een verslechtering)

2019

2020

EMU-saldo Miljoenennota 2019

1,0%

0,5%

Noemereffect

0,0%

0,0%

Belasting- en premie-inkomsten

‒ 0,2%

‒ 0,5%

Aardgasbaten

0,0%

‒ 0,1%

Loon- en prijsbijstelling

0,1%

0,2%

Gemeentefonds, Provinciefonds en BTW-compensatiefonds

‒ 0,1%

‒ 0,1%

HGIS-uitgaven

0,0%

0,0%

EU-afdrachten

0,0%

0,1%

Overige uitgaven Rijksbegroting

0,3%

‒ 0,2%

Uitgaven aan Sociale zekerheid (exclusief loon- en prijsbijstelling)

0,0%

‒ 0,1%

Uitgaven aan zorg (exclusief loon- en prijsbijstelling)

0,2%

0,2%

Overig

0,1%

0,0%

EMU-saldo Miljoenennota 2020

1,3%

0,2%

Tabel 6.10 bevat een overzicht van de gerealiseerde EMU-saldi vanaf 2004 en de verwachte EMU-saldi tot en met het jaar 2024, uitgedrukt in zowel miljarden euro als in procenten van het bbp.

Tabel 6.10 Historisch overzicht EMU-saldo

(in miljarden euro, - is tekort)

2004

2005

2006

2007

2008

2009

2010

EMU-saldo

‒ 9,7

‒ 2,2

0,6

‒ 0,6

1,3

‒ 31,8

‒ 33,5

BBP

529

551

585

619

647

625

639

EMU-saldo (in procenten bbp)

‒ 1,8

‒ 0,4

0,1

‒ 0,1

0,2

‒ 5,1

‒ 5,2

 

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

EMU-saldo

‒ 28,8

‒ 25,6

‒ 19,3

‒ 14,5

‒ 14,0

0,1

9,3

BBP

650

653

660

672

690

708

738

EMU-saldo (in procenten bbp)

‒ 4,4

‒ 3,9

‒ 2,9

‒ 2,2

‒ 2,0

0,0

1,3

 

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

EMU-saldo

11,6

10,8

1,9

‒ 2,6

‒ 3,9

‒ 5,5

‒ 6,5

BBP

774

808

833

857

881

906

931

EMU-saldo (in procenten bbp)

1,5

1,3

0,2

‒ 0,3

‒ 0,4

‒ 0,6

‒ 0,7