Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

Vergaderjaar 2016-2017

Nr. 320

Voorgesteld 29 juni 2017

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat de wettelijk verplichte, schriftelijke onderwijsovereenkomst in het mbo nadelig kan werken voor studenten en dat deze voor instellingen extra administratieve belasting betekent;

constaterende dat een schriftelijke overeenkomst tussen deelnemer en instelling niet noodzakelijk is voor het regelen van een goede rechtspositie van deelnemers, zoals blijkt uit de regeling van de geneeskundige behandelingsovereenkomst;

verzoekt de regering, in het kader van de toegezegde uiteenzetting over de onderwijsovereenkomst in het mbo te onderzoeken in hoeverre de belangen van deelnemers en instellingen gediend zijn met het vervallen van het vereiste dat de overeenkomst schriftelijk moet worden aangegaan en als alternatief te kiezen voor een wettelijk model waaraan deelnemers basale waarborgen kunnen ontlenen;

en gaat over tot de orde van de dag.

Bisschop

Van der Molen

Diertens