Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

Vergaderjaar 2017-2018

Nr. 606

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 21 augustus 2018

Op 7 oktober 2017 heeft mijn voorganger uw Kamer geïnformeerd over de uitspraak van het scheidsgerecht in de arbitragezaak tussen de SVB en Capgemini betreffende het Multi-regelingen-systeem (MRS).1 Op grond van het arbitraal vonnis is Capgemini (na verrekening van haar terugvordering en de wettelijke rente) gehouden om een bedrag van € 27,02 miljoen aan de SVB te voldoen. Op 9 november 2017 heb ik uw Kamer ingelicht over het feit dat Capgemini in hoger beroep is gegaan tegen dit arbitraal vonnis.2 In hoger beroep wordt de zaak opnieuw beoordeeld, het eindoordeel is daarmee voor beide partijen onzeker.

Op 21 augustus jl. zijn Capgemini en de SVB tot een schikkingsovereenkomst gekomen, met als resultaat dat Capgemini een bedrag van € 20,2 miljoen zal voldoen aan de SVB. De SVB heeft de schikking juridisch laten toetsen door de advocaat die de SVB direct bijstaat in deze procedure alsmede nog door een advocaat van een ander kantoor. Op basis van een analyse van de nog te verwachten proceskosten en een zorgvuldige afweging van de procesrisico’s, is de SVB tot de conclusie gekomen dat een schikking van deze omvang de voorkeur geniet boven het voortzetten van de hoger beroep procedure. Hiermee wordt voorkomen dat de SVB nog geruime tijd in dit arbitrageproces blijft verwikkeld (met bijbehorende kosten) en dat het systeem in stand moet worden gehouden (mogelijk zelfs weer deels moet worden opgebouwd). Met deze schikking heeft de SVB een passende oplossing gevonden, zodat dit proces kan worden afgehecht.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
T. van Ark

Noot 1: Kamerstuk 26 448, nr. 597

Noot 2: Kamerstuk 26 448, nr. 598