Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (XI) voor het jaar 2005

29 800 XI BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER

Vergaderjaar 2004-2005

Nr. 75

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal


Den Haag, 30 november 2004


Hierbij bied ik u het rapport «Bestrijding van onrechtmatige bewoning (waarom en hoe), Achtergronden, instrumenten, best-practices» aan1. Ik heb in november 2003 bij de aanbieding van het rapport«Monitor onrechtmatige bewoning 2002» (VROM 030800) aangekondigd dat de VROM-Inspectie als onderdeel van het project «Onderzoek onrechtmatige bewoning 2003» onder andere specifieke toezichtacties zou uitvoeren, gericht op gemeenten die achterblijven bij de bestrijding van onrechtmatige bewoning. Op basis van de analyse van de situatie bij de bezochte gemeenten heb ik ter ondersteuning van de gemeenten praktijkinformatie over het opsporen en bestrijden van onrechtmatige bewoning in kaart laten brengen. Het bijgaande rapport is een weerslag van dit onderzoek in 2003 en 2004.

Achtergronden

Op 22 mei 2001 heeft de Staatssecretaris van VROM een brief verzonden aan alle gemeenten waarin hij de gemeenten informeert over de mogelijkheden van bestrijding van onrechtmatige bewoning en hen oproept om deze bestrijding daadkrachtig op te pakken. Hij heeft aangekondigd dit te monitoren. Het rapport «Monitor onrechtmatige bewoning 2002» is met mijn brief van 3 november 2003, kenmerk VROM 030800, aangeboden aan uw Kamer.

Voorts is van belang dat het Kabinet in het voorjaar van 2004 de Illegalennota aan de Tweede Kamer heeft aangeboden (Kamerstukken II 2003–2004, 29 537, nr. 2). Eén van de speerpunten in die nota is de bestrijding van de bewoning door en de verhuur van woonruimte aan personen die illegaal in Nederland verblijven.

Belangrijkste conclusies

Op basis van bijgaand rapport kan de conclusie getrokken worden dat onrechtmatige bewoning vooral geconstateerd wordt in (middel)grote gemeenten. Belangrijke factoren zijn verder de omvang van de (sociale) huurwoningenmarkt en de druk op deze markt. Gemeenten hebben behoefte aan praktische ideeën voor een, op hun situatie toegesneden, efficiënte en effectieve aanpak van onrechtmatige bewoning. Zij geven aan de daadwerkelijke aanpak een lastig, traag en stroperig proces te vinden.

De opsporing en handhaving is arbeids- en kostenintensief en de bewijslast is vaak moeilijk te leveren.

Het rapport voorziet daarin, door het beschrijven van de aanpak bij 13 grote en middelgrote gemeenten.

Er wordt een overzicht gegeven van vormen van onrechtmatige bewoning met daarbij behorende maatregelen. Daarmee kunnen gemeenten zich een beeld vormen van de aanpak van onrechtmatige bewoning in hun specifieke, lokale praktijksituatie.


Tijdens het onderzoek van de VROM-Inspectie is duidelijk geworden dat een aanpak van gemeenten, die alleen gericht is op het bestrijden van onrechtmatige bewoning niet afdoende werkt.

Om onrechtmatige bewoning efficiënt aan te pakken heeft een integrale benadering van de problematiek de voorkeur: een gerichte aanpak waarbij diverse soorten van overlast, onveiligheid, sociale fraude, criminaliteit en aanwezigheid van illegalen worden tegengegaan. Deze aanpak vergt om die reden samenwerking tussen diverse gemeentelijke diensten, politie en brandweer, maar ook met uitkerings-instanties, fiscus en corporaties.


Op basis van voortschrijdend inzicht in de politiek-maatschappelijke discussie heeft het tegengaan van het bieden van woonruimte aan illegalen een zwaarder accent gekregen. Dit vormt één element van de problemen rondom onrechtmatige bewoning. In het rapport worden diverse vormen van gemeentelijk beleid gepresenteerd en praktische ideeën aangereikt om een effectieve aanpak van onrechtmatige bewoning mogelijk te maken, onder andere als middel voor het bestrijden van de bewoning door en de verhuur van woonruimte aan illegalen in Nederland.

Communicatie

Het actief stimuleren en ondersteunen van gemeenten en andere relevante actoren op het gebied van onrechtmatige bewoning past in mijn sturingsfilosofie. Dit rapport, waarin met name de huidige situatie in beeld wordt gebracht speelt daarin een belangrijke rol.

Verder heb ik de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV) verzocht de diverse instrumentele mogelijkheden van de aanpak van onrechtmatige bewoning te bundelen. Met de VNG zal ik mij buigen over de beste wijze waarop vorm gegeven kan worden aan het stimuleren en ondersteunen van relevante actoren.

Nadere maatregelen

Recentelijk heeft de ministerraad ingestemd met een wetsvoorstel dat als doel heeft het vestigings- en investeringsklimaat in Rotterdam te versterken en de woonproblematiek aan te pakken. Onderdeel hiervan is het verruimen van de wet Victor (artikel 16a Woningwet), zodat huisjesmelkers meer effectief kunnen worden aangepakt. Het betreft een uitbreiding van de wettelijke gronden om specifieke panden te sluiten en het beheer over te nemen en dit onder te brengen bij een bonafide beheerder. Het gaat om panden die de leefbaarheid van de buurt aantasten en/of een gevaar opleveren voor de veiligheid of de gezondheid.

Handhaving door de VROM-Inspectie

Naast ondersteunen en stimuleren is er vanzelfsprekend toezicht op de naleving van relevante wet- en regelgeving. Voor onrechtmatige bewoning betreft dit met name de Huisvestingswet, de Woningwet en het Bouwbesluit alsmede de Huursubsidiewet. De uitvoering van de vigerende Huisvestingswet is sterk gedecentraliseerd. Gemeenten zijn wettelijk niet verplicht een huisvestingsverordening vast te stellen.

Het toezicht van het Ministerie van VROM richt zich in beginsel op een correcte uitvoering van door gemeenten vastgestelde verordeningen. Met het rapport krijgen gemeenten en organisaties echter instrumenten en best-practices aangereikt om onrechtmatige bewoning aan te pakken. Daarmee kunnen zij weloverwogen besluiten om de situatie in beeld te brengen, en vervolgens besluiten handhavingsbeleid te ontwikkelen én uit te voeren. De VROM-Inspectie zal desgevraagd gemeenten pro-actief en concreet adviseren over de ontwikkeling van dat handhavingsbeleid.


Het tweedelijns toezicht op de uitvoering van de Woningwet en het Bouwbesluit zijn onderdeel van de periodieke integrale gemeenteonderzoeken van de VROM-Inspectie. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de adequate toepassing van het aanschrijvingsbeleid. Het Ministerie van VROM, met name de VROM-Inlichtingen- en Opsporingsdienst (VROM-IOD), doet onderzoek naar huursubsidiefraude, als onderdeel van de nalevingstrategie van VROM.


De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
S. M. Dekker

1  Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.